Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
overigStaatscourant 2020, 1238Bekendmakingen aan de scheepvaart

Aanwijzingsbesluit seinvoering tijdens bunkeren

De Havenmeester van Rotterdam,

gelet op:

  • artikel 8.8 van de Havenverordening Rotterdam 2020, Havenverordening Vlaardingen 2019, Havenverordening Schiedam 2020, Havenverordening Dordrecht 2020, Havenverordening Papendrecht 2020 en Havenverordening gemeente Zwijndrecht;

  • Rotterdam: artikel 11.7 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2016;

  • Vlaardingen: artikel III van het Mandaatbesluit Havenmeester Rotterdam 2013;

  • Schiedam: artikel 3 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging havenmeester 2012;

  • Dordrecht; artikel 4 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging havenmeester;

  • Zwijndrecht: artikel 4 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging havenmeester 2011;

  • Papendrecht: artikel 4 van het Mandaatbesluit, volmacht en machtiging havenmeester 2011;

overwegende dat:

  • het college voor het bunkeren van andere brandstoffen of energiebronnen dan LNG voorschriften voor de seinvoering vast kan stellen;

  • de eigenschappen van andere brandstoffen of energiebronnen aanleiding kunnen geven tot het nemen van aanvullende maatregelen;

besluit vast te stellen:

Aanwijzingsbesluit seinvoering tijdens bunkeren

Artikel 1 Seinvoering bij bunkeren

Tijdens het bunkeren van ammoniak, waterstof of waterstofdragers voert het zeeschip dat gebunkerd wordt of het zeeschip dat de bunkers levert als bijkomend teken tussen zonsopgang en zonsondergang de internationale seinvlag “B” en tussen zonsondergang en zonsopgang een rood helder rondom schijnend licht.

Artikel 2 Inwerkingtreding

Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant en treedt in werking op 6 januari 2020.

Artikel 3 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit seinvoering tijdens bunkeren.

Aldus vastgesteld op 24 december 2019.

De colleges van burgemeester en wethouders van Rotterdam, Vlaardingen, Schiedam, Dordrecht, Zwijndrecht en Papendrecht. Namens dezen de Havenmeester van Rotterdam, R.J. de Vries

Ingevolge de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende binnen zes weken na bekendmaking bezwaar maken tegen dit besluit door het indienen van een bezwaarschrift. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeente waar dit besluit van toepassing is.

Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:

  • naam en adres van de indiener;

  • datum bezwaarschrift;

  • de gronden van het bezwaar;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.

U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college van Rotterdam, Schiedam of Vlaardingen heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:

Rechtbank Rotterdam, sector Bestuursrecht, Postbus 50951, 3007 BM te Rotterdam.

Voor een dergelijk verzoek is griffierecht verschuldigd.

Indien u een bezwaarschrift bij het college van Dordrecht, Papendrecht of Zwijndrecht heeft ingediend, kunt u een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:

Rechtbank Dordrecht, sector Bestuursrecht, Postbus 7003, 3300 GC Dordrecht.

Voor een dergelijk verzoek is griffierecht verschuldigd.

Correspondentieadres:

Havenbedrijf Rotterdam N.V.

Divisie Havenmeester

Haven Coördinatie Centrum

tel: 010-252 1000

fax: 010-252 1600

vhf: Kanaal 14

HCC@portofrotterdam.com

World Port Center

Bezoekadres: Wilhelminakade 909 / Havennummer 1247

Postadres: Postbus 6622, 3002 AP Rotterdam

Toelichting op deze aanwijzing:

Bij het bunkeren van een zeeschip kan, afhankelijk van de brandstof of energiebron, risico ontstaan voor andere vaarweg gebruikers. In dit besluit wordt een aantal brandstoffen als zodanig aangewezen. Door in de seinvoering aan te sluiten bij de gangbare seinvoering op basis van het Binnenvaartpolitiereglement, worden deze andere vaartuigen gewaarschuwd en moeten zij zich aan de afstand eisen houden die vermeld staan in het Binnenvaartpolitiereglement.