Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Economische Zaken en KlimaatStaatscourant 2019, 8650Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 13 februari 2019, nr. WJZ/18249889, tot wijziging van bijlage 10 van de Activiteitenregeling milieubeheer ter actualisatie van de daar opgenomen maatregelen

De Minister van Economische Zaken en Klimaat,

Gelet op artikel 1.7, eerste lid, onderdeel a, van het Activiteitenbesluit milieubeheer;

Besluit:

ARTIKEL I

Bijlage 10 van de Activiteitenregeling milieubeheer wordt vervangen door de bijlage bij deze regeling.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2019.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 13 februari 2019

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes

BIJLAGE 10 BEHORENDE BIJ ARTIKEL 2.16 VAN DE ACTIVITEITENREGELING MILIEUBEHEER

Metalelektro en mkb-metaal

Inrichtingen voor vervaardiging van metalen in primaire vorm en/of metaalproducten met machines en apparaten (ook elektrische en elektronische). Denk aan giet-, wals-, smelt- of smeedprocessen, evenals (spaanloze, verspanende en thermische) mechanische bewerking en/of eindbewerking van metalen. Oppervlaktebehandeling (via procesbaden, stralen of coaten) en het verbinden van metalen of legeringen (zoals lassen en solderen) zijn ook kenmerkend. Het gaat ook om inrichtingen waar reparatie en installatie van machines en apparaten plaatsvindt. Ter indicatie een aantal SBI-codes dat voor de indeling van deze bedrijven veelal worden gebruikt: 24, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 32 en 33. In de bedrijfstak ‘metalektro en mkb-metaal’ zijn erkende maatregelen aangemerkt voor de in tabel 1 genoemde activiteiten.

Erkende maatregelen voor energiebesparing

Tabel 1. Erkende maatregelen voor energiebesparing in de metalelektro en mkb-metaal.

Activiteiten

Nummers

Gebouw (G)

 

A. Isoleren van de gebouwschil

GA1 en GA2

B. Ventileren van een ruimte

GB1 t/m GB4

C. Verwarmen van een ruimte

GC1 t/m GC4

D. In werking hebben van ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

GD1 t/m GD9

Faciliteiten (F)

 

A. In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

FA1 t/m FA4

B. In werking hebben van een persluchtinstallatie

FB1 t/m FB4

C. In werking hebben van een liftinstallatie

FC1

D. Gebruiken van informatie- en communicatietechnologie

FD1

E. In werking hebben van elektromotoren

FE1

F. In werking hebben van pompen

FF1

Processen (P)

 

A. Gebruiken van een spuitcabine

PA1

B. Reinigen, lijmen of coaten van metalen

PB1 t/m PB7

C. Drogen van metalen

PC1 t/m PC3

D. In werking hebben van een oven

PD1

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GA1

Omschrijving maatregel

Warmte- en koudeverlies via buitenmuur beperken van de kantoorruimte beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Spouwmuren isoleren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie in spouwmuren ontbreekt.

Gebouw wordt verwarmd en/of gekoeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen. Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GA2

Omschrijving maatregel

Warmte- en/of koudeverlies via openstaande deuren in de gevels beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Snelsluitende en/of automatische bedrijfsdeuren toepassen.

b) Loopdeuren toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Handmatig bediende bedrijfsdeuren zijn aanwezig.

b) Voor personendoorgang vanuit verwarmde ruimten (anders dan vorstvrij houden) naar buiten.

Personendoorgang waarbij de gehele rol-, sectionaal- en/of kanteldeuren worden geopend.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Handmatig bediende deur is per werkdag 1 uur extra te sluiten.

b) Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB1

Omschrijving maatregel

Onnodig draaien afzuigventilator voorkomen door frequentie gestuurde afzuigventilator.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Frequentie gestuurde afzuigventilator, op basis van het benodigde debiet.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Er is een centraal ongeregeld afzuigsysteem aanwezig, waarbij er decentraal kleppen aanwezig zijn.

Technische randvoorwaarden

Bezinking van stof of snippers is aandachtspunt. Luchtsnelheid mag niet te ver afnemen, waardoor stof en snippers bezinken en er verstoppingen kunnen ontstaan.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB2

Omschrijving maatregel

Warmteverlies ventilatiekanalen beperken in ruimten waar geen warmteafgifte nodig is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie om ventilatiekanalen aanbrengen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om ventilatiekanalen ontbreekt.

Luchttoevoerkanalen en/of afzuigkanalen zijn verbonden met een recirculatie- of warmteterugwinsystemen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Jaarlijks elektriciteitsverbruik van de inrichting is minder dan 10 miljoen kWh.

Bedrijfstijd ventilatie is minimaal 1.500 uur per jaar.

Temperatuur kanaal is minimaal 10°C hoger dan omgevingstemperatuur.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd ventilatie minimaal 2.700 uur is.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB3

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ventilatie buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Tijdschakelaar (met of zonder overwerktimer) toepassen.

b) Tijdschakelaar met weekschakeling (met of zonder overwerktimer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB4

Omschrijving maatregel

Onnodig draaien van centrale ventilatoren voorkomen in verwarmde hal.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Gerichte puntafzuigingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

- Een verwarmde hal wordt (deels of geheel) extra geventileerd om vervuilde lucht af te voeren.

- Ventilatievoud van de bestaande installatie is minimaal 4 keer per uur.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Ventilatievoud wordt verlaagd naar 1 keer per uur met bestaande installatie.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC1

Omschrijving maatregel

Warmte in hoge hal actief verdelen naar werkplekken met warmtevraag om verwarming met aardgas te beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ondersteuningsventilatoren toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Voorzieningen voor luchtcirculatie ontbreken in de bedrijfshallen waar werkplekken zijn met een warmtevraag.

Technische randvoorwaarden

- Geen vervuilende gassen (zoals lasdampen, lijmdampen of uitlaatgassen) zijn substantieel aanwezig.

- Hoogte bedrijfshallen en/of showrooms is ≥ 8 meter.

- Kraanbanen en ondersteuningsventilatoren hinderen elkaar niet.

Economische randvoorwaarden

- Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

- Ruimtetemperatuur ≥ 15°C.

- Temperatuur boven in de hoge ruimtes is minimaal 4 °C hoger dan temperatuur op werkplekken.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC2

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via warmwaterleidingen en -appendages beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om leidingen en appendages.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen en appendages ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

In verwarmde ruimten alleen de ringleiding isoleren.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Bedrijfstijd van installatie behorende bij leidingen en appendages is minimaal 1.250 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC3

Omschrijving maatregel

Debiet cv-pomp automatisch regelen op basis van warmtebehoefte.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

CV-pompen met frequentieregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Frequentieregeling op cv-pomp bedrijfshal ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Warmteopwekkings- en afgiftesysteem laat een variërend debiet toe.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC4

Omschrijving maatregel

Temperatuur per ruimte naregelen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Thermostatische radiatorkranen of ruimtethermostaten toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Individuele naregeling in ruimten bedrijfshal ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD1

Omschrijving maatregel

Binnenverlichting automatisch beperken op basis van daglichttoetreding door ramen en daklichten.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Daglichtafhankelijke regelingen voor dimmen van verlichting toepassen.

b) Daglichtafhankelijke schakelingen voor schakelen van verlichting toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Daglichtafhankelijke schakelingen of -regelingen ontbreken.

a) Hoogfrequente (HF) armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) (niet retrofit) zijn aanwezig in bedrijfshal

b) Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Verlichting is apart schakelbaar langs ramen en/of onder daglichtopeningen.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen per verlichtingsgroep is minimaal 0,7 kW.

Daglichtoppervlak in dak is minimaal 10% van dakoppervlak of daglichtoppervlak in gevel is minimaal 30% van vloeroppervlak.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD 2

Omschrijving maatregel

Branden van verlichting in magazijnen en opslagruimten beperken bij wisselend ruimtegebruik.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Aanwezigheidsschakelingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Aanwezigheidsschakeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Verlichting is apart schakelbaar per (deel van de) ruimte.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen per verlichtingsgroep is minimaal 0,42 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD3

Omschrijving maatregel

Bedrijfshal geïnstalleerd vermogen basisbinnenverlichting beperken

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in nieuwe opbouwarmaturen toepassen

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig in bedrijfshal.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Aantal branduren is minimaal 3.500 uur per jaar

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD4

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van buitenverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer- en tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Buitenverlichting (niet zijnde reclame- of noodverlichting) is overdag en / of ‘s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Buitenverlichting is in de nacht minimaal 6 uur uit.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD5

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van reclameverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer-, en/of tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Reclameverlichting is overdag en ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Reclameverlichting kan in de nacht minimaal 6 uur worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD6

Omschrijving maatregel

Kantoor: Geïnstalleerd vermogen basisbinnenverlichting beperken

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele inbouwarmaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig in kantoor.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing

Economische randvoorwaarden

Aantal branduren is minimaal 5.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD7

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen reclameverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Gloei-, halogeen- en/of neonlampen zijn aanwezig.

b) Conventionele langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van de bestaande armaturen is volgens de installateur voldoende.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD8

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen buitenverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande en/of nieuwe armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Halogeenlampen zijn en/of halogeen breedstralers zijn aanwezig.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD9

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen verlichting vluchtwegaanduiding beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Nieuwe armaturen met ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA1

Omschrijving maatregel

Aanvoertemperatuur cv-water automatisch regelen op basis van buitentemperatuur.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Weersafhankelijke regelingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Weersafhankelijke regeling ontbreekt op cv-groepen met hogetemperatuurverwarming voor kantoor.

Technische randvoorwaarden

Weersafhankelijke regeling toepassen op cv-groepen als dit op ketels onmogelijk is door warmtapwatervoorzieningen.

Economische randvoorwaarden

Meerdere verblijfsruimten met totaal bruto vloeroppervlakte van minimaal 150 m2 met verschillende warmtebehoefte.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA2

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Hoogrendementsketel 107 (HR107-ketel) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) of verbeterdrendementsketel (VR-ketel) is aanwezig voor basislast kantoor (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar).

b) Hoogrendementsketel 100 (HR100-ketel) is aanwezig voor basislast kantoor (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar).

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing.

b) Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja, als aardgasverbruik minder is dan 170.000 m3 per jaar.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA3

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ruimteverwarming buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

b) Tijdschakelaars (met of zonder overwerktimer) toepassen.

a) Tijdschakelaars met weekschakeling (met of zonder overwerktimer toepassen).

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA4

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Hoogrendementsketel 100, 104 of 107 (HR 100-, HR 104-, of HR 107-ketels) toepassen.

b) Hoogrendementsluchtverhitters (HR- luchtverhitter) toepassen.

c) Gasgestookte donkerstralers toepassen

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) of verbeterdrendementsketel (VR-ketel) zijn aanwezig voor basislast (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar) in bedrijfshal.

b) Conventionele luchtverhitters zijn aanwezig in bedrijfshal.

c) Conventionele luchtverhitters zijn aanwezig in de bedrijfshal

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

 

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB1

Omschrijving maatregel

Nullasturen persluchtcompressoren beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Persluchtcompressoren met frequentieregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Vollast/nullast- of vollast/nullast/uitschakelingen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Bij meerdere compressoren uitvoeren bij leidende compressor en rest op basis van aan/uitschakeling.

Economische randvoorwaarden

Aantal nullasturen is minimaal 1.100 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB2

Omschrijving maatregel

Energiezuinig perslucht maken door koude lucht te gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Luchtkanaal toepassen voor aanzuigen van buitenlucht of van binnenlucht uit een onverwarmde ruimte.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressoren zuigen door zichzelf opgewarmde warme lucht of warme proceslucht aan.

Technische randvoorwaarden

Opening in gevel is mogelijk binnen een afstand van 3 meter.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik compressor is minimaal 65.000 kWh per jaar. Elektriciteitsverbruik van de inrichting is minder dan 10 miljoen kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB3

Omschrijving maatregel

Onnodig aanstaan persluchtsysteem voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Bij drukvat groepsafsluiter en tijdschakelaar toepassen.

b) Tijdschakelaar met overwerktimer toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Schroef- of zuigercompressor is alleen handmatig uit te schakelen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Energieverbruik compressor is minimaal 18.000 kWh per jaar.

Elektriciteitsverbruik is minder dan 10 miljoen kWh per jaar.

b) Energieverbruik compressor is minimaal 9.500 kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB4

Omschrijving maatregel

Perslucht voor blazen voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Decentrale blower toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Blazen gebeurt met perslucht van circa 7 bar(o).

Technische randvoorwaarden

Blazen met circa 1 bar(o) is mogelijk.

Geen aanpassingen aan proces voor blazen met groter volume lucht.

Blower is dichtbij de toepassing te plaatsen.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als het jaarlijks elektriciteitsverbruik minder dan 10 miljoen kWh bedraagt.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een liftinstallatie

Nummer maatregel

FC1

Omschrijving maatregel

Energieverbruik voor verlichting en ventilatie voorkomen als lift niet in gebruik is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Stand-by schakeling op liftbesturing toepassen.

b) Aanwezigheidsdetectie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Verlichting en ventilatie cabine zijn continu in gebruik.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig moment of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van informatie- en communicatietechnologie

Nummer maatregel

FD1

Omschrijving maatregel

Pas energiezuinig printen en/of kopiëren op de werkplek toe.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Centraal printen en kopiëren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Minimaal 10 lokale printers en/of kopieermachines zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van elektromotoren

Nummer maatregel

FE1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige motoren toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

IE4-motoren toepassen of beter.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Motoren met vermogen minder dan 375 kW en meer dan 4 kW en met rendementsklasse IE1, IE2 of lager zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

De motor heeft minimaal 4.500 bedrijfsuren per jaar

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van pompen

Nummer maatregel

FF1

Omschrijving maatregel

Energieverbruik van pompen beperken door vermogen vraag gestuurd te regelen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Pomp met toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Pomp wordt geregeld met smoorregeling.

Technische randvoorwaarden

Variabel debiet is inpasbaar in installatie.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd pomp is minimaal 1.400 uur per jaar.

Elektriciteitsverbruik van de inrichting is minder dan 10 miljoen kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een spuitcabine

Nummer maatregel

PA1

Omschrijving maatregel

Voorkomen van onnodig aanstaan spuitcabineverlichting.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatisch schakelen van verlichting in spuitcabines door middel van bewegingsmelder.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

De verlichting wordt handmatig aan- en uitgeschakeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

De verlichting kan per dag minimaal 1 uur extra worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB1

Omschrijving maatregel

Aanstaan van werpstralers (werpwielen, straalmiddeltransport, rollenbaan en afzuiging) tijdens productie-onderbreking voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Bewegingsmelders op transportbanen (signaal aandrijfmotoren) of loadcellen aan straaljukken toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Bewegingsmelders of loadcellen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Vermogen motor werpstralers is minimaal 20 kW.

Takttijd is meer dan 25% van bedrijfstijd van werpstralers.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB2

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ventilatie van handspuitcabine of handspuitwand voor poedercoaten beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatische schakeling (verbreekcontact) van afzuigingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische schakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Cabines kunnen op onderdruk blijven.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar. Het te vermijden ventilatielucht is minimaal 600.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB3

Omschrijving maatregel

Vollasturen ventilatoren van moffelovens beperken door automatisch regelen op basis van bezettingsgraad.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Toerenregeling met bezettingsgraaddetectie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Toerenregeling of bezettingsgraaddetectie ontbreekt op doorloopoven.

b) Toerenregeling of bezettingsgraaddetectie ontbreekt op batchoven.

Technische randvoorwaarden

Toerenregeling dusdanig instellen dat er geen doorverwarming van elektromotor mogelijk is.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd moffeloven is meer dan 2.500 uur per jaar.

a) Vermogen ventilator is meer dan 8 kW.

Ovenbezetting is meer dan 25% en oven is meer dan 75% van bedrijfstijd niet maximaal bezet.

b) Vermogen ventilator is meer dan 12 kW.

Ovenbezetting is meer dan 50%.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteiten

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB4

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via distributieleidingen van procesbaden beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om distributieleidingen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Energieverbruik verwarming procesbad is minimaal 100.000 kWhthermisch per jaar.

Temperatuur distributieleiding is meer dan 40oC.

Lengte ongeïsoleerde distributieleiding is meer dan 4 meter.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB5

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via badoppervlak van procesbaden beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolerende drijflichamen van inerte materialen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolerende voorzieningen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Contact drijflichamen en product is toegestaan.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Energieverbruik procesbad is minimaal 24.000 kWh per jaar.

Temperatuur procesbad is tussen 70 en 100oC.

Oppervlakte van procesbad is meer dan 2 m2.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB6

Omschrijving maatregel

Pompen voor badagitatie toepassen in procesbaden.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Beluchtingspompen en/of dompelpompen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Perslucht wordt gebruikt voor badagitatie.

Technische randvoorwaarden

Blowerlucht moet schoon zijn, zodat kwaliteit niet wordt beïnvloed.

Economische randvoorwaarden

Debiet is minimaal 3.000 m3 per jaar.

Persluchtdruk is meer dan 2 bar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PB7

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking van procesbaden toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketel) met warmtewisselaar (voor) toepassen.

b) Hoogrendementsketel 100, 104 of 107 (HR 100-, HR 104-, of HR 107-ketels) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Elektrische warmteopwekking is aanwezig.

b) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) is aanwezig voor bad met retourtemperatuur lager dan 55°C.

Technische randvoorwaarden

a) Aansluitmogelijkheid voor cv-ketel(s) met voldoende capaciteit.

Aansluiting aardgas, rookgasafvoer en condensafvoer zijn eenvoudig realiseerbaar.

Baden zijn geschikt voor ombouw (warmtewisselaar in bad of plaats voor externe warmtewisselaar met pompen).

b) Condensafvoer is eenvoudig realiseerbaar.

Economische randvoorwaarden

a) Energieverbruik van de warmteopwekking is minimaal 100.000 kWh per jaar.

b) Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Drogen van metalen

Nummer maatregel

PC1

Omschrijving maatregel

Warmte uit uitgaande drogerlucht gebruiken voor voorverwarmen ingaande drogerlucht.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Platenwarmtewisselaars (met rendement van minimaal 65%) toepassen.

b) Twincoilsysteem (met rendement van minimaal 65%) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Debiet drooglucht is meer dan 12 miljoen m3 per jaar.

Temperatuurverschil tussen ingaande en uitgaande drogerlucht is minimaal 85°C.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Drogen van metalen

Nummer maatregel

PC2

Omschrijving maatregel

Energiezuinige voorverwarming van metalen bij moffelovens toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Infrarood voorverwarming toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Voorverwarmen met warme lucht.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Bedrijfstijd moffeloven is meer dan 3.300 uur per jaar.

Temperatuur moffelovens is meer dan 220°C.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Drogen van metalen

Nummer maatregel

PC3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige branderpijpen bij doorloopgloeioven toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Hoogrendementsbranderpijpen (HR-branderpijpen) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele branderpijpen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

het gasverbruik van de branders is minimaal 6.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een oven

Nummer maatregel

PD1

Omschrijving maatregel

Debiet koelwaterpompen voor ovenwandkoeling van kroesoven automatisch regelen op basis van koudebehoefte.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Toerenregeling op koelwaterpompen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Parallel systeem met twee toerenregelaars is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Het energieverbruik dat is te besparen door de toerengeregelde koelwaterpomp(en) is minimaal 25.000 kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

2. Autoschadeherstelbedrijven

Inrichtingen voor het herstel van onderdelen van motorvoertuigen (met carrosserieherstel), motorfietsen, caravans/campers en aanhangwagens. Denk aan (spaanloze, verspanende en thermische) mechanische bewerking en/of eindbewerking van metalen. Oppervlaktebehandeling via coatprocessen en het verbinden van metalen of legeringen (zoals lassen en solderen) zijn ook kenmerkend. Ter indicatie hierbij een aantal SBI-codes dat voor de indeling van deze inrichtingen veelal wordt gebruikt: 45.20.4, 45.11.2, 45.19.1, 45.19.2, 45.20.3, 45.20.5. Voor de mobiliteitsbranche (waarvoor veelal de SBI-codes 45.11, 45.19, 45.20.2, 45.3, 45.4 en 77 worden gebruikt) geldt een ander pakket met erkende maatregelen. Als binnen de mobiliteitsbranche sprake is van een herstelwerkplaats, dan geldt daarvoor echter het onderliggende pakket voor de bedrijfstak autoschadeherstelbedrijven.

In de bedrijfstak ‘autoschadeherstelbedrijven’ zijn erkende maatregelen aangemerkt voor de in tabel 2 genoemde activiteiten.

Erkende maatregelen voor energiebesparing

Tabel 2. Erkende maatregelen voor energiebesparing bij de autoschadeherstelbedrijven

Activiteiten

Nummers

Gebouw (G)

 

A. Isoleren van de gebouwschil

GA1 t/m GA3

B. Ventileren van een ruimte

GB1 t/m GB4

C. Verwarmen van een ruimte

GC1 t/m GC4

D. In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

GD1 t/m GD10

Faciliteiten (F)

 

A. In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

FA1 t/m FA3

B. In werking hebben van een persluchtinstallatie

FB1 t/m FB3

C. In werking hebben van elektromotoren

FC1

Processen (P)

 

A. Reinigen, lijmen of coaten van metalen

PA1 t/m PA3

B. Gebruiken van een spuitcabine

PB1

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GA1

Omschrijving maatregel

Warmte- en koudeverlies via buitenmuur beperken van de kantoorruimte beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Spouwmuren isoleren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie in spouwmuren ontbreekt.

Gebouw wordt verwarmd en/of gekoeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen. Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GA2

Omschrijving maatregel

Warmte- en/of koudeverlies door openstaande deuren in de gevels beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Snelsluitende en/of automatische bedrijfsdeuren toepassen.

b) Loopdeuren toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Handmatige bediende bedrijfsdeuren zijn aanwezig.

b) Voor personendoorgang vanuit verwarmde ruimten (anders dan vorstvrij houden) naar buiten.

Personendoorgang waarbij de gehele rol-, sectionaal- en/of kanteldeuren worden geopend.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Deur is per werkdag 1 uur extra te sluiten.

b) Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GA3

Omschrijving maatregel

Warmte- en/of koudeverlies via transportdeur voor laden en lossen beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Geïsoleerde transportdeuren toepassen.

b) Luchtkussens toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Ongeïsoleerde transportdeuren zijn aanwezig.

b) Transportdeuren met ontbrekende luchtkussens zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Hal wordt verwarmd tot boven de 10 °C.

Economische randvoorwaarden

a) Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 1 miljoen m3 per jaar.

b) Deur is dagelijks minimaal 4 uur open door het laden en lossen.

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 1 miljoen m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB1

Omschrijving maatregel

Onnodig draaien van centrale ventilatoren voorkomen in verwarmde hal.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Gerichte puntafzuigingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

- Een verwarmde hal wordt (deels of geheel) extra geventileerd om vervuilde lucht af te voeren.

- Ventilatievoud van de bestaande installatie is minimaal 4 keer per uur.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Ventilatievoud wordt verlaagd naar 1 keer per uur met bestaande installatie.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB2

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ventilatie buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Tijdschakelaar (met of zonder overwerktimer).

b) Tijdschakelaar met weekschakeling (met of zonder overwerktimer).

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB3

Omschrijving maatregel

Warmteverlies ventilatiekanalen beperken in ruimten waar geen warmteafgifte nodig is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie om ventilatiekanalen aanbrengen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

- Isolatie om ventilatiekanalen ontbreekt.

- Luchttoevoerkanalen en/of afzuigkanalen zijn verbonden met een recirculatie- of warmteterugwinsystemen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Temperatuur kanaal is minimaal 10°C hoger dan omgevingstemperatuur.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 2.700 uur is.

Natuurlijk moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 1.500 uur is.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GB4

Omschrijving maatregel

Debiet centrale stofafzuiging beperken door lager toerental van ventilatoren.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Toerenregeling op ventilatoren toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Toerenregeling op ventlatoren ontbreekt en gebruikers kunnen afzuigingen op de werkplek dichtzetten.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

 

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC1

Omschrijving maatregel

Warmte in hoge hal actief verdelen naar werkplekken met warmtevraag om verwarming met aardgas te beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ondersteuningsventilatoren toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Voorzieningen voor luchtcirculatie ontbreken in de bedrijfshallen waar werkplekken zijn met een warmtevraag.

Technische randvoorwaarden

- Geen vervuilende gassen (zoals lasdampen, lijmdampen of uitlaatgassen) zijn substantieel aanwezig.

- Hoogte bedrijfshallen en/of showrooms is ≥ 8 meter.

- Kraanbanen en ondersteuningsventilatoren hinderen elkaar niet.

Economische randvoorwaarden

- Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

- Ruimtetemperatuur ≥ 15°C.

- Temperatuur boven in de hoge ruimtes is minimaal 4 °C hoger dan temperatuur op werkplekken.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC2

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via warmwaterleidingen en -appendages beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om leidingen en appendages.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen en appendages ontbreekt in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

In verwarmde ruimten alleen de ringleiding isoleren.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Bedrijfstijd van installatie behorende bij leidingen en appendages is minimaal 1.250 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC3

Omschrijving maatregel

Debiet cv-pompen automatisch regelen op basis van warmtebehoefte.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Cv-pomp met frequentieregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Toeren- of frequentieregeling op cv-pomp ontbreekt in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GC4

Omschrijving maatregel

Temperatuur per ruimte naregelen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Thermostatische radiatorkranen of ruimtethermostaten toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Individuele naregeling in ruimten ontbreekt in bedrijfshal

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD1

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen verlichting vluchtwegaanduiding beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Nieuwe armaturen met ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD2

Omschrijving maatregel

Kantoor/werkplaats: Geïnstalleerd vermogen basisbinnenverlichting beperken

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Ledlampen in nieuwe inbouwarmaturen toepassen.

b) Ledlampen in nieuwe opbouwarmaturen toepassen

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneel inbouwarmaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig in kantoor

b) Conventionele TL montagebalken zijn aanwezig in de werkplaats

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Aantal branduren is minimaal 5.000 uur per jaar.

b) Aantal branduren is minimaal 3.500 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD3

Omschrijving maatregel

Binnenverlichting automatisch beperken op basis van daglichttoetreding door ramen en daklichten.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Daglichtafhankelijke regelingen voor dimmen van verlichting toepassen.

b) Daglichtafhankelijke schakelingen voor schakelen van verlichting toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Daglichtafhankelijke schakeling of regeling ontbreekt in bedrijfshal.

a) Hoogfrequente (HF) armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) (niet retrofit) zijn aanwezig in bedrijfshal

b) Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig in bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Verlichting is apart schakelbaar langs ramen en/of onder daglichtopeningen.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen per verlichtingsgroep is minimaal 0,7 kW.

Daglichtoppervlak in dak is minimaal 10% van dakoppervlak of daglichtoppervlak in gevel is minimaal 30% van vloeroppervlak.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD4

Omschrijving maatregel

Branden van verlichting in beperken bij beperkte aanwezigheid.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Aanwezigheidsschakelingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Aanwezigheidschakelingen ontbreken in magazijnen en opslagruimten.

Technische randvoorwaarden

Verlichting is apart schakelbaar per (deel van de) ruimte.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen per verlichtingsgroep is minimaal 0,42 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD5

Omschrijving maatregel

Branden van hefbrugverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schakelaar toepassen die verlichting automatisch uitschakelt zodra hefbrug in laagste stand staat.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische schakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Hefbrugverlichting is apart schakelbaar.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen is minimaal 0,22 kW.

Hefbrugverlichting is minimaal 750 uur per jaar onnodig aan.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD6

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van buitenverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer- en tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Buitenverlichting (niet zijnde reclame- of noodverlichting) is overdag en / of ‘s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Buitenverlichting is in de nacht minimaal 6 uur uit.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD7

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen buitenverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande en/of nieuwe armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Halogeenlampen zijn en/of halogeen breedstralers zijn aanwezig.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD8

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van reclameverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer-, en/of tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Reclameverlichting is overdag en ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Reclameverlichting kan in de nacht minimaal 6 uur worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD9

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen reclameverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen toepassen in bestaande armaturen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Gloei-, halogeen- en/of neonlampen zijn aanwezig.

b) Conventionele langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van het bestaande armaturen is voldoende.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GD10

Omschrijving maatregel

Voorkomen van onnodig aanstaan spuitcabineverlichting.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatisch schakelen van verlichting in spuitcabines door middel van bewegingsmelder.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

De verlichting wordt handmatig aan- en uitgeschakeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

De verlichting kan per dag minimaal 1 uur extra worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA1

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ruimteverwarming buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Tijdschakelaars (met of zonder overwerktimer) toepassen.

b) Tijdschakelaars met weekschakeling (met of zonder overwerktimer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken in de bedrijfshal.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA2

Omschrijving maatregel

Aanvoertemperatuur cv-water automatisch regelen op basis van buitentemperatuur.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Weersafhankelijke regelingen toepassen op groepen of direct op de cv-ketel.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Weersafhankelijke regeling ontbreekt op cv-groepen of op cv-ketel met hogetemperatuurverwarming in kantoor.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Meerdere verblijfsruimten met totaal bruto vloeroppervlakte van minimaal 150 m2 met verschillende warmtebehoefte.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketels) toepassen.

b) Hoogrendementsluchtverhitter (HR-luchtverhitter) toepassen.

c) Gasgestookte donker stralers toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) of verbeterdrendementsketel (VR-ketel) is aanwezig voor basislast (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar).

b) Conventionele luchtverhitters zijn aanwezig.

c) Conventionele luchtverhitters zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB1

Omschrijving maatregel

Nullasturen persluchtcompressoren beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Persluchtcompressoren met frequentie- of toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressor heeft vollast/nullast- of vollast/nullast/uitschakeling.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB2

Omschrijving maatregel

Energiezuinig perslucht maken door koude lucht te gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Luchtkanaal toepassen voor aanzuigen van buitenlucht of van binnenlucht uit een onverwarmde ruimte.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressoren zuigen door zichzelf opgewarmde warme lucht of warme proceslucht aan.

Technische randvoorwaarden

Opening in gevel is mogelijk binnen een afstand van 3 meter.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik compressor is minimaal 65.000 kWh per jaar. Elektriciteitsverbruik van de inrichting is minder dan 10 miljoen kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FB3

Omschrijving maatregel

Warmte van persluchtcompressoren nuttig gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Warmte gebruiken voor ruimteverwarming.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmte van compressoren wordt naar buiten afgevoerd.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Afstand tot te verwarmen ruimte is minder dan 3 meter.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van elektromotoren

Nummer maatregel

FC1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige motoren toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

IE4-motoren toepassen of beter.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Motoren met vermogen minder dan 375 kW en meer dan 4 kW en met rendementsklasse IE1, IE2 of lager zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

De motor heeft minimaal 4.500 bedrijfsuren per jaar

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PA1

Omschrijving maatregel

Energieverbruik van spuitcabine beperken door automatisch over te schakelen van ventilatiestand naar circulatiestand.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatische omschakeling op basis van persluchtafname toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatisch omschakelmodule op basis van persluchtverbruik ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Voldoende afvoer van vervuilde lucht alvorens over schakelen naar circulatiestand.

Economische randvoorwaarden

Debiet tijdens ventilatie dat gecirculeerd kan worden in plaats van geventileerd is minimaal 1,2 miljoen m3 per jaar.

Temperatuurverschil tussen ingaande en uitgaande ventilatielucht is minimaal 20°C.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PA2

Omschrijving maatregel

Energiezuinig open brandersysteem bij spuitcabine toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Open brandersysteem toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventioneel brandersysteem is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Aardgasverbruik spuitcabine is minimaal 13.500 m3 per jaar.

Verschil tussen ruimte- en droogtemperatuur is minimaal 20°C.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Reinigen, lijmen of coaten van metalen

Nummer maatregel

PA3

Omschrijving maatregel

Energiezuinig droogsysteem toepassen voor spotreparaties.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Infrarood droogsysteem (IR-A) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Spuitcabine wordt gebruikt voor spotreparaties.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik van de inrichting is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Aardgasverbruik spuitcabine is minimaal 16.000 m3 per jaar.

Minimaal 50% van uitgevoerde reparaties zijn spotreparaties.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een spuitcabine

Nummer maatregel

PB1

Omschrijving maatregel

In werking hebben van een verf- en laksysteem

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Toepassen van verfspuiten die werken zonder perslucht (Airless).

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Er wordt een perslucht gedreven verf- of lakspuit toegepast.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Er wordt minimaal 200 uur per jaar gebruik gemaakt van deze spuit.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja

Natuurlijk moment: Ja

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing

3. Gezondheidszorg- en welzijnszorginstellingen

Inrichtingen voor medische en tandheelkundige behandeling, verzorging, verpleging en/of genezende behandelingen, veterinaire dienstverlening (laboratoria) (SBI 75), keurings- en controlediensten (laboratoria) (SBI 71.2), penitentiaire inrichtingen, ((jeugd)gevangenissen, TBS instellingen (84.23.2), woonfuncties in de zorg (SBI 87). Het gaat om inrichtingen met een gezondheidszorgfunctie zoals aangehaald in het Bouwbesluit 2012. Denk aan een ziekenhuis, psychiatrische inrichting, medisch centrum, polikliniek, praktijkruimten voor een huisarts en/of een fysiotherapeut of een tandartspraktijk. Ook inrichtingen met een woon- en verblijffunctie voor het aanbieden van intramurale zorg vallen onder de reikwijdte van onderliggend pakket met erkende maatregelen. Ter indicatie de SBI-code die voor de indeling van instellingen veelal wordt gebruikt: 86.

In de bedrijfstak ‘gezondheidszorg- en welzijnszorginstellingen' zijn erkende maatregelen aangemerkt voor de in tabel 3 genoemde activiteiten.

Erkende maatregelen voor energiebesparing

Tabel 3. Erkende maatregelen voor energiebesparing bij de gezondheidszorg- en welzijnszorginstellingen

Activiteiten

Nummers

Gebouw (G)

 

A. Gebruiken van een energieregistratie- en bewakingssysteem

GA1

B. Isoleren van een gebouw

GB1 t/m GB5

C. Ventileren van een ruimte

GC1 t/m GC8

D. Verwarmen van een ruimte

GD1 t/m GD3

E. In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

GE1 t/m GE8

Faciliteiten (A)

 

A. In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

FA1 t/m FA11

B. In werking hebben van een koelinstallatie

FB1

C. In werking hebben van productkoeling

FC1 t/m FC3

D. Bereiden van voedingsmiddelen

FD1 t/m FD2

E. In werking hebben van een persluchtinstallatie

FE1 t/m FE5

F. In werking hebben van een stoominstallatie, niet zijnde stookinstallatie

FF1 t/m FF3

G. In werking hebben van een liftinstallatie

FG1 t/m FG3

H. In werking hebben van een roltrapsysteem

FH1

I. Gebruiken van informatie en communicatietechnologie

FI1

J. In werking hebben van een serverruimte

FJ1 t/m FJ6

K. In werking hebben van een noodstroomvoorziening

FK1

L. In werking hebben van een zwembassin

FL1 t/m FL4

M. In werking hebben van elektromotoren

FM1

Activiteit

Gebruiken van een energieregistratie- en -bewakingssysteem

Nummer maatregel

GA1

Omschrijving maatregel

Borgen van de optimale energiezuinige in- en afstellingen van klimaatinstallaties door het automatisch laten registeren en analyseren van energieverbruiken met een energieregistratie- en bewakingssysteem (EBS).

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Slimme meter met een energieverbruiks-manager toepassen voor elektriciteit, aardgas (a.e.) en/of warmte.

b) Een automatisch EBS met een rapportagefunctie (voor een overzicht van het energieverbruik per dag, week en jaar) toepassen.

c) Een automatisch EBS met een rapportagefunctie (voor een overzicht van het energieverbruik per dag, week en jaar) toepassen, in combinatie met een gebouwbeheersysteem (GBS).

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Elektriciteit- en gas- en/of warmtemeters die op afstand kunnen worden uitgelezen (de zogenaamde slimme meters) ontbreken.

b) EBS ontbreekt.

c) Gebouwbeheersysteem is aanwezig zonder een EBS.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Voor het bedoelde gebouw geldt:

- Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 25.000 m3(a.e.); of

- Jaarlijkse elektriciteitsverbruik is meer dan 88.000 kWh; of

- Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 1.500 m2.

b) Voor het bedoelde gebouw geldt:

- Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 75.000 m3(a.e.); of

- Jaarlijkse elektriciteitsverbruik meer dan 265.000 kWh; of

- Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 4.400 m2.

c) Voor het bedoelde gebouw geldt:

- Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 170.000 m3 (a.e.); of

- Jaarlijkse elektriciteitsverbruik is meer dan 1.000.000 kWh; of

- Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 10.000 m2.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Alternatieve erkende maatregelen

Niet van toepassing.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GB1

Omschrijving maatregel

Warmte- en koudeverlies via buitenmuur beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Spouwmuren isoleren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie in spouwmuren ontbreekt.

Gebouw wordt verwarmd en/of gekoeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 1 miljoen m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja

Natuurlijk moment: Ja

Bijzondere omstandigheden

In gezondheidszorggebouwen met minimaal een energielabel A met een energie-index kleiner of gelijk aan 1,05, of gezondheidszorggebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GB2

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via spouwmuur van de zwembadruimte beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Toepassen van spouwmuurisolatie.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

In zwembadruimte is niet-geïsoleerde (spouw)muur aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GB3

Omschrijving maatregel

Warmteverlies van zwembadruimte via dak beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Oud dak vervangen en isoleren met een Rc-waarde van tenminste 3,5 [m2K/W].

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Zwembadruimte heeft onvoldoende geïsoleerd dak.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GB4

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via beglazing zwembadruimte beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) HR++-beglazing in geïsoleerde kozijnen toepassen.

b) HR+++-beglazing in geïsoleerde kozijnen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Zwembadruimte heeft dubbele beglazing in kozijnen.

b) Zwembadruimte heeft enkele beglazing in kozijnen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige ventilator toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

IE3-elektromotor of beter met toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Elektromotor met rendementsklasse IE2 of lager is aanwezig zonder frequentieregelaar.

Benodigd luchtdebiet varieert.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Jaarlijks minimaal 1.825 draaiuren.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC2

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ventilatie buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Tijdschakelaar met weekschakeling (met of zonder overwerktimer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitregeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC3

Omschrijving maatregel

Vollasturen ventilatoren beperken door afschakelen van ventilatoren bij lager ventilatiedebiet.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Cascaderegeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Cascaderegeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Bruto vloeroppervlak is meer dan 300 m2.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In gezondheidszorggebouwen met minimaal een energielabel A met een energie-index kleiner of gelijk aan 1,05, of gezondheidszorggebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC4

Omschrijving maatregel

Warmte uit uitgaande ventilatielucht gebruiken voor voorverwarmen ingaande ventilatielucht

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Twincoilsysteem toepassen.

b) Warmtewiel toepassen.

c) Tegenstroom warmtewisselaar toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b en c) Zelfstandig moment: Ja, als aardgasverbruik minimaal 1 miljoen m3 per jaar is.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In gezondheidszorggebouwen met minimaal een energielabel A met een energie-index kleiner of gelijk aan 1,05, of gezondheidszorggebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC5

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via ventilatielucht beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Enkele kruisstroomwisselaar met hoger rendement toepassen.

b) Dubbele kruisstroomwisselaar met hoger rendement toepassen.

c) Dubbele kruisstroomwisselaar met modulaire separate opzet conform het DWARS-systeem, met hoger rendement toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Luchtbehandeling met twincoilsysteem als warmteterugwinning is aanwezig in zwembadruimte

Technische randvoorwaarden

c) Gezamenlijke opstellingsruimte van meerdere luchtbehandelingskasten in een technische ruimte.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a)

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

b en c)

Zelfstandig moment: Ja, als het jaarlijks aardgasverbruik minder is dan 170.000 m3.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC6

Omschrijving maatregel

Verlies warmte via ventilatielucht beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Recirculeren van ventilatiedebiet op basis van vocht en temperatuur met recirculatieklepsturing.

b) Recirculeren van ventilatiedebiet op basis van vocht en temperatuur.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) 100% ventilatie met twincoil als warmteterugwinning is aanwezig in zwembadruimte

(zwembadafdekking is afwezig).

b) 100% ventilatie met twincoil als warmteterugwinning is aanwezig in zwembadruimte

(zwembadafdekking is aanwezig).

Technische randvoorwaarden

Toe- en afvoerkanalen en andere onderdelen zijn 100% gecoat en chloorbestendig.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als jaarlijks aardgas verbruik minder is dan 170.000 m3.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC7

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via ventilatielucht beperken

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Luchtdebiet beperken op basis van vocht en temperatuur met toerenregeling.

b) Luchtdebiet beperken op basis van vocht en temperatuur met frequentieregelaars met difuusinblaas.

c) Luchtdebiet beperken op basis van het drogen van buitenlucht met frequentieregelaar.

d) Energie onttrekken uit de afblaaslucht met een warmtepomp in combinatie met temperatuur en vochtregeling, frequentieregelaars om debiet te beperken.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Luchtbehandeling met twincoilsysteem als warmteterugwinning is aanwezig in zwembadruimte

Technische randvoorwaarden

a) Motoren zijn geschikt voor toerenregeling.

b) Motoren zijn geschikt voor toerenregeling en extra regeling luchtdichte constructie.

c en d) Kasten moeten passen in de technische ruimte.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a en b)

Zelfstandig moment: Ja, als jaarlijks aardgas verbruik minder is dan 170.000 m3.

Natuurlijk moment: ja.

c)

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

d)

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC8

Omschrijving maatregel

Warmteverlies ventilatiekanalen beperken in ruimten waar geen warmteafgifte nodig is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie om ventilatiekanalen aanbrengen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

- Isolatie om ventilatiekanalen ontbreekt.

- Luchttoevoerkanalen en/of afzuigkanalen zijn verbonden met een recirculatie- of warmteterugwinsystemen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Temperatuur kanaal is minimaal 10°C hoger dan omgevingstemperatuur.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 2.700 uur is.

Natuurlijk moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 1.500 uur is.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GD1

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via warmwaterleidingen en -appendages beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om leidingen en appendages.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen en appendages ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

In verwarmde ruimten alleen de ringleiding isoleren.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Bedrijfstijd van installatie behorende bij leidingen en appendages is minimaal 1.250 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GD2

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

HR-ketel toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele cv-ketel of VR cv-ketel is aanwezig in zwembadruimte.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GD3

Omschrijving maatregel

Temperatuur per ruimte naregelen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Klokthermostaten en overwerktimers toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Individuele naregeling in verblijfsruimten met radiatoren of verwarmingsgroepen ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Het regelelement van de radiator beschikt over een motorbediende afsluitklep.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE1

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen basisbinnenverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Langwerpige ledlampen toepassen in bestaande armaturen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Armaturen met conventionele TL zijn aanwezig.

b) Armaturen met PL-lampen (spaarlampen) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

De technische staat van de aanwezige armaturen moet voldoende zijn en de verlichtingssterkte in de nieuwe situatie moet voldoen aan de geldende norm.

Economische randvoorwaarden

a) Aantal branduren is minimaal 1.200 uur per jaar.

b) Aantal branduren is minimaal 2.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE2

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen accentverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Halogeenlampen of gloeilampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van het bestaand armaturen is voldoende.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE3

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van buitenverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Bewegingssensoren, schemer- en tijdschakelaars toepassen.

b) Schemer- en tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Buitenverlichting (niet zijnde reclame- of noodverlichting) is overdag, in de avond en / of ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Buitenverlichting is in de nacht minimaal 6 uur uit.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als minimaal 50 armaturen aanwezig zijn.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE4

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van reclameverlichting voorkomen

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer-, en/of tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Reclameverlichting is overdag en / of ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Reclameverlichting kan in de nacht minimaal 6 uur worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als minimaal 5 armaturen aanwezig zijn.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE5

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen buitenverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen toepassen in bestaand of nieuw armaturen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Halogeenlampen en/of halogeen breedstralers zijn aanwezig.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE6

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen reclameverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen toepassen in bestaande armaturen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Gloeilampen, halogeenlampen of neonverlichting is aanwezig.

b) Conventionele langwerpige fluorescentielampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van het bestaande armaturen moet voldoende zijn.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE7

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen accentverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Halogeenlampen of gloeilampen zijn aanwezig

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van de armaturen moet voldoende zijn.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing.

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE8

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen verlichting vluchtwegaanduiding beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Nieuwe armaturen met ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA1

Omschrijving maatregel

Aanvoertemperatuur cv-water automatisch regelen op basis van buitentemperatuur.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Weersafhankelijke regelingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Weersafhankelijke regeling ontbreekt op cv-groepen met hogetemperatuurverwarming.

Technische randvoorwaarden

Weersafhankelijke regeling toepassen op cv-groepen als dit op ketels onmogelijk is door warmtapwatervoorzieningen.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

 

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA2

Omschrijving maatregel

Opstarttijd cv-installatie regelen op basis van buitentemperatuur en interne warmtelast.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Optimaliserende regeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Optimaliserende regeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

 

Zelfstandig moment: Ja, als aardgasverbruik minder is dan 170.000 m3.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketel) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) of verbeterdrendementsketel (VR-ketel) is aanwezig voor basislast (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar).

b) Hoogrendementsketel 100 (HR 100-ketel) is aanwezig voor basislast (bedrijfstijd is meer dan 500 uur per jaar).

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als aardgasverbruik minder dan 1 miljoen m3 per jaar is en bruto vloeroppervlak meer is dan 300 m2.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In gezondheidszorggebouwen met minimaal een energielabel A met een energie-index kleiner of gelijk aan 1,05, of gezondheidszorggebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA4

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking van tapwater toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Gasgestookte hoogrendementsboiler (HR-boiler) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele gasgestookte boiler is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als aardgasverbruik minder is dan 1 miljoen m3 per jaar.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In gezondheidszorggebouwen met minimaal een energielabel A met een energie-index kleiner of gelijk aan 1,05, of gezondheidszorggebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA5

Omschrijving maatregel

Warmte uit spuiwater stoomketel nuttig gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Ontspanningsvat toepassen waarin spuiwater in druk wordt verlaagd.

b) Warmtewisselaar toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt voor spuiwater.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik stoominstallatie is minimaal 4.500 MWhthermisch per jaar.

Minimaal 50% van voedingswater bestaat uit vers suppletiewater.

a) Stoomvrager is aanwezig die met discontinu aanbod van ontspanningsstoom kan worden gevoed (veelal de ontgasser).

b) Warmtevrager is aanwezig die met discontinu aanbod van warmte uit spuiwater kan worden gevoed (veelal suppletiewater).

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA6

Omschrijving maatregel

Warmte uit rookgassen stoomketel nuttig gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Economizer toepassen (bijvoorbeeld voor voorwarmen van voedingswater).

b) Rookgascondensor toepassen (bijvoorbeeld voor voorverwarmen van suppletiewater).

c) Luvo (luchtvoorverwarmer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt voor rookgassen.

Technische randvoorwaarden

Er is rondom stoomketel en in rookgaskanaal minimaal 2 meter vrije ruimte om een warmteterugwinsysteem in te bouwen.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd stoominstallatie is minimaal 500 uur per jaar.

Jaarlijks aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA7

Omschrijving maatregel

Stoom energiezuinig produceren door warmere verbrandingslucht toevoer aan de branderventilator.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Verticale luchtkoker vanaf plafond ketelhuis tot dichtbij luchtaanzuigopening van brander toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Brander zuigt koudere lucht aan uit directe omgeving op een hoogte van minder dan 1 meter vanaf vloer.

Technische randvoorwaarden

Brander moet geschikt zijn voor hogere verbrandingsluchttemperatuur en geringe toename van luchtweerstand.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd stoominstallatie is minimaal 500 uur per jaar.

Temperatuur dichtbij plafond is minimaal 10°C hoger dan temperatuur dichtbij brander.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA8

Omschrijving maatregel

Luchtovermaat stoomketel beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Automatische regeling luchtovermaat op basis van temperatuurcorrectie toepassen.

b) Automatische regeling luchtovermaat op basis van zuurstofcorrectie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische regeling luchtovermaat ontbreekt.

a) Gasgestookte stoomketel is aanwezig.

b) Stoomketel is aanwezig die wordt bijgestookt met biogas of een andere brandstof (niet zijnde aardgas).

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik stoominstallatie is minimaal 1.500 MWhthermisch per jaar.

a) Verbrandingsluchttemperatuur varieert met meer dan 35°C.

b) Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als bedrijfstijd stoominstallatie meer is dan 2.000 uur per jaar.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA9

Omschrijving maatregel

Energiezuinige aardgasgestookte ventilatorbrander toepassen bij stoominstallatie.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Brander met modulerende regeling op basis van druksensor toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Brander met hoog/laagregeling is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Vermogen brander is meer dan 250 kW.

Bedrijfstijd stoominstallatie is minimaal 500 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA10

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ruimteverwarming buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Tijdschakelaar (met of zonder overwerktimer) toepassen.

b) Tijdschakelaar met weekschakeling (met of zonder overwerktimer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA11

Omschrijving maatregel

Stoom als medium voor ruimteverwarming vervangen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketel) met radiatoren en/of indirecte luchtverhitters toepassen.

b) Warmtepomp met radiatoren en/of indirecte luchtverhitters toepassen.

c) Direct gasgestookte hoogrendementsluchtverhitter (HR-luchtverhitter) toepassen.

d) Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketel) met luchtbehandelingskast toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Stoomketel met stoomluchtverhitters zijn aanwezig, of stoomketel met stoom/waterwarmtewisselaar en radiatoren zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik ruimteverwarming is minimaal 200.000 kWhthermisch per jaar.

a) Aansluitpunt voor gas is aanwezig binnen een afstand van 50 meter van te verwarmen ruimte.

b) Aansluitpunt van voldoende vermogen voor elektriciteit is aanwezig binnen een afstand van 50 meter van te verwarmen ruimte.

c en d) Aansluitpunt voor gas is aanwezig binnen 50 meter van te verwarmen ruimte.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja, als stoomketel óf stoomruimteverwarmingsinstallatie wordt vervangen.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een koelinstallatie

Nummer maatregel

FB1

Omschrijving maatregel

Binnentreden van warme en/of vochtige lucht in koelcel beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Deurschakeling toepassen om verdampingsventilatoren te onderbreken.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Deurschakeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Sensoren zijn aanwezig om koeling te onderbreken.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FC1

Omschrijving maatregel

Branden van verlichting in koel- en vriescel beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Deurschakeling of bewegingsmelder toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Deurschakeling en bewegingsmelder ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Geïnstalleerd vermogen verlichting in koel- en vriescel is minimaal 250 Watt.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FC2

Omschrijving maatregel

Beperken van ijsvorming op de verdamper(s).

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatische ontdooiing van de verdamper(s) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Regeling voor ontdooiing en/of ontdooibeëindigingsthermostaat ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FC3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige lampen in koelcel toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Armaturen met ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL8) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Bereiden van voedingsmiddelen

Nummer maatregel

FD1

Omschrijving maatregel

Het debiet van afzuigsystemen in grootkeukens beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Rook- en/of dampdetectieapparatuur in combinatie met meet- en regelapparatuur van de afzuiginstallatie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Meet- en regelapparatuur van de afzuiginstallatie ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Motoren zijn geschikt om frequentie te schakelen.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Bereiden van voedingsmiddelen

Nummer maatregel

FD2

Omschrijving maatregel

Een infrarood salamander met aan/uit of tijd schakelaar wordt ingezet voor het verwarmen of grillen van producten.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatische pan detectie, waardoor onnodig aanstaan van het grill element wordt voorkomen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Ongeregelde infrarood salamander worden ingezet voor het verwarmen of grillen van producten.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FE1

Omschrijving maatregel

Nullasturen persluchtcompressoren beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Persluchtcompressoren met frequentie- of toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressor heeft vollast/nullast- of vollast/nullast/uitschakeling.

Technische randvoorwaarden

Bij meerdere compressoren uitvoeren bij leidende compressor en rest op basis van aan/uitschakeling.

Economische randvoorwaarden

Aantal nullasturen is minimaal 1.100 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FE2

Omschrijving maatregel

Energiezuinig perslucht maken door koude lucht te gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Luchtkanaal toepassen voor aanzuigen van buitenlucht of van binnenlucht uit een onverwarmde ruimte.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressoren zuigen door zichzelf opgewarmde warme lucht of warme proceslucht aan.

Technische randvoorwaarden

Opening in gevel is mogelijk binnen een afstand van 3 meter.

Economische randvoorwaarden

Energieverbruik compressor is minimaal 65.000 kWh per jaar. Elektriciteitsverbruik van de inrichting is minder dan 10 miljoen kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FE3

Omschrijving maatregel

Warmte van persluchtcompressoren nuttig gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Warmte gebruiken voor ruimteverwarming.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmte van compressoren wordt naar buiten afgevoerd.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Bij een aardgasverbruik van minder dan 170.000 m3, is het aantal vollasturen minimaal 1.400 uur per stookseizoen.

Bij een aardgasverbruik van meer dan 170.000 m3, is het aantal vollasturen minimaal 2.200 uur per stookseizoen.

Afstand tot te verwarmen ruimte is minder dan 3 meter.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FE4

Omschrijving maatregel

Persluchtgebruik bij blazen beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

HR-blaaspistool of blaasmondje met nozzle met laag verbruik toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Blaaspistool ouder dan 10 jaar of blaasmondje zonder nozzle is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd blaaspistool of blaasmondje is minimaal 250 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een persluchtinstallatie

Nummer maatregel

FE5

Omschrijving maatregel

Aanstaan persluchtsysteem beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Bij drukvat groepsafsluiter en schakelklok toepassen.

b) Schakelklok met overwerktimer toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Schroef- of zuigercompressor kan alleen handmatig worden uitgeschakeld.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Energieverbruik compressor is minimaal 15.000 kWh per jaar.

b) Energieverbruik compressor is minimaal 9.500 kWh per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stoominstallatie, niet zijnde stookinstallatie

Nummer maatregel

FF1

Omschrijving maatregel

Warmteverlies stoominstallatie beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om stoom- en condensaatleidingen, -appendages en -flenzen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen en/of appendages en/of flenzen ontbreekt of is beschadigd.

Technische randvoorwaarden

Isoleer deze machines niet als leverancier een goede werking van het proces niet meer garandeert. Bij stoomgebruikers zijn machinedelen soms bewust ongeïsoleerd om juiste stoomcondities in het productieproces te kunnen garanderen.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd van stoominstallatie is minimaal 500 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stoominstallatie, niet zijnde stookinstallatie

Nummer maatregel

FF2

Omschrijving maatregel

Condensaat of condensaatwarmte nuttig gebruiken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Ontspanningsvat toepassen waarin condensaat in druk wordt verlaagd (naar atmosferische druk).

b) Retourleiding naar ontgasser van stoomketel toepassen voor condensaat.

c) Warmtewisselaar toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt voor condensaat.

Technische randvoorwaarden

a en b) Condensaat mag niet verontreinigd zijn.

c) Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Bedrijfstijd stoominstallatie is minimaal 500 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja, als stoomgebruiker (waarbij het condensaat verloren gaat) wordt gemodificeerd, of stoom- en condensaatleidingnet voor meer dan 50% wordt gewijzigd.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stoominstallatie, niet zijnde stookinstallatie

Nummer maatregel

FF3

Omschrijving maatregel

Verbeteren van de kwaliteit van het ketelvoedingswater.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Waterbehandeling door middel van omgekeerde osmose.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Er is geen waterbehandeling aanwezig. Spui is meer dan 10%.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Stoominstallatie is volcontinu in bedrijf. Gasverbruik is minder dan 170.000 m3per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een liftinstallatie

Nummer maatregel

FG1

Omschrijving maatregel

Energieverbruik voor verlichting en ventilatie voorkomen als lift niet in gebruik is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Stand-by schakeling op liftbesturing toepassen.

b) Aanwezigheidsdetectie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Verlichting en ventilatie cabine zijn continu in gebruik.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig moment of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een liftinstallatie

Nummer maatregel

FG2

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen verlichting liftcabine beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Gloeilampen zijn aanwezig.

b) Halogeenlampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig moment of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een liftinstallatie

Nummer maatregel

FG3

Omschrijving maatregel

Energieverbruik voor verlichting en ventilatie voorkomen als lift niet in gebruik is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Stand-by schakeling op liftbesturing toepassen.

b) Aanwezigheidsdetectie toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Verlichting en ventilatie cabine zijn continu in gebruik.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig moment of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een roltrapsysteem

Nummer maatregel

FH1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige roltrapbesturing toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Aanbodafhankelijke regeling met twee snelheden of onderbrekende besturing toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Roltrap is zonder aanbodafhankelijke regeling uitgevoerd en draait continu tijdens gebruikstijden.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van informatie- en communicatietechnologie

Nummer maatregel

FI1

Omschrijving maatregel

Pas energiezuinig printen en/of kopiëren op de werkplek toe.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Centraal printen en kopiëren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Minimaal 10 lokale printers en/of kopieermachines zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ1

Omschrijving maatregel

Inzet van fysieke servers in serverruimten beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Meerdere gevirtualiseerde servers werken op een minder aantal fysieke servers.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Geen gevirtualiseerde omgeving aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ2

Omschrijving maatregel

Vrije koeling in serverruimten toepassen om bedrijfstijd van koelinstallatie te beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Direct vrije luchtkoeling inclusief compartimenteren en liftback-up door koelinstallatie toepassen.

b) Verdampings-koeler(s), adiabatische of hybride koeler(s) via (vorstbestendige) bypass toepassen.

c) Verdampingskoeler(s), adiabatische of hybride koeler(s) via (vorstbestendige) bypass toepassen inclusief compartimenteren en plaatsen van zaalkoelers die werken op hogere temperaturen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Airconditioning of DX- (directe expansie) koeling met seizoensgemiddelde COP van maximaal 2,5 is aanwezig.

Temperatuur in koelsysteem en buitenklimaat maken minimaal 95% vrije koeling mogelijk.

b en c) Compressiekoelinstallatie verzorgt de volledige koeling.

b) De koelinstallatie en de zaalkoelers zijn geschikt om met hogere temperaturen te werken.

Compressiekoelinstallatie met seizoensgemiddelde COP van maximaal 4 is aanwezig.

Temperatuur in koelsysteem en buitenklimaat maken minimaal 50% vrije koeling mogelijk.

c) Compressiekoelinstallatie met seizoensgemiddelde COP van maximaal 2,5 is aanwezig.

Temperatuur in koelsysteem en buitenklimaat maken minimaal 50% vrije koeling mogelijk.

Technische randvoorwaarden

Bouwkundig moet het mogelijk zijn. Bv Het dak moet het gewicht van het systeem voor vrije koeling kunnen dragen en er moet ruimte zijn voor luchtkanalen en overige installaties.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a en b) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

c) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige koelinstallatie voor koeling serverruimten toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Compressiekoelinstallatie met seizoensgemiddelde COP van minimaal 5,5 toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Compressiekoelinstallatie met seizoensgemiddelde COP van maximaal 3 is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ4

Omschrijving maatregel

Met hogere koeltemperatuur in serverruimte werken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Volledig gescheiden koude- en warme gangen (compartimenteren) en blindplaten op ongebruikte posities in racks toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warme en koude gangen en blindplaten zijn afwezig.

Technische randvoorwaarden

ICT-apparatuur in racks moet aan één zijde van apparatuur lucht aanzuigen.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ5

Omschrijving maatregel

Toerental van ventilatoren in zaalkoelers (CRAH’s) in serverruimten beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Toerenregeling (sensoren en actuatoren) toepassen op bestaande ventilatoren.

b) In nieuwe zaalkoelers (CRAH’s) ventilatoren met toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Toerentalgeregelde ventilatoren zijn afwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een serverruimte

Nummer maatregel

FJ6

Omschrijving maatregel

Inzet van servers in serverruimten afstemmen op de vraag.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Powermanagement op servers toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

De CPU (central processing unit) draait continu op volledige snelheid.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Serverruimte heeft opgesteld vermogen van minimaal 5 kW.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een noodstroomvoorziening

Nummer maatregel

FK1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige uninterrupted system (UPS) toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Efficiënt UPS-systeem (bij dubbele conversie is 96% of hoger) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Inefficiënte UPS (efficiëntie in deellast is maximaal 91%) is aanwezig in datacenter of serverruimte.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een zwembassin

Nummer maatregel

FL1

Omschrijving maatregel

Energieverbruik pompen beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Badwatercirculatiepompen met toerenregelaar- en tijdschakelaar voor optimalisatie werkpunt buiten gebruikstijden toepassen.

b) Badwatercirculatiepomp met toerenregelaar toepassen voor optimalisatie werkpunt.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele circulatiepomp is aanwezig in zwembadruimte.

Technische randvoorwaarden

a) Circulatiepomp is geschikt voor sturing met toerenregelaar en 100% overstroomgoot.

b) Circulatiepomp is geschikt voor sturing met toerenregelaar.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een zwembassin

Nummer maatregel

FL2

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via wanden bassin beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Bassinwanden isoleren.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie bassinwanden ontbreekt in zwembad.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een zwembassin

Nummer maatregel

FL3

Omschrijving maatregel

Warmteverlies zwembadwater via leidingen beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

(Aanvoer)leidingen zwembadwater voorzien van isolatie.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

(Aanvoer)leidingen zijn niet geïsoleerd.

Technische randvoorwaarden

(Aanvoer)leidingen zijn eenvoudig bereikbaar.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Gebruiken van een zwembassin

Nummer maatregel

FL4

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via spoelwater beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Warmteterugwinning uit spoelwater (thermisch) spoelbufferkelder toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Er is geen warmteterugwinning aanwezig in zwembad.

Technische randvoorwaarden

Spoelwaterbufferkelder van tenminste 55 m³ is aanwezig.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van elektromotoren

Nummer maatregel

FM1

Omschrijving maatregel

Energiezuinige motoren toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

IE4-motoren toepassen of beter.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Motoren met vermogen minder dan 375 kW en meer dan 4 kW en met rendementsklasse IE1, IE2 of lager zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

De motor heeft minimaal 4.500 bedrijfsuren per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

4. Kantoren

Inrichtingen voor het uitvoeren van administratieve werkzaamheden. De inrichting heeft een kantoorfunctie zoals aangehaald in het Bouwbesluit 2012. Denk aan het openbaar bestuur, overheidsdiensten, verplichte sociale verzekeringen en zakelijke en financiële dienstverlening. Ter indicatie de SBI-codes die voor de indeling van deze diensten veelal worden gebruikt zijn SBI-code 64 t/m 74 en 84. In de bedrijfstak ‘kantoren’ zijn erkende maatregelen aangemerkt voor de in tabel 4 genoemde activiteiten.

Erkende maatregelen voor energiebesparing

Tabel 4. Erkende maatregelen voor energiebesparing in kantoren

Activiteiten

Nummers

Gebouw (G)

 

A. Gebruiken van een energieregistratie- en bewakingssysteem

GA1

B. Isoleren van de gebouwschil

GB1

C. Ventileren van een ruimte

GC1 t/m GC5

D. Verwarmen van een ruimte

GD1 en GD2

E. In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

GE1 t/m GE6

Faciliteiten (F)

 

A. In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

FA1 t/m FA5

B. In werking hebben van productkoeling

FB1 t/m FB4

C. Bereiden van voedingsmiddelen

FC1 t/m FC2

D. In werking hebben van een liftinstallatie

FD1 en FD2

E. In werking hebben van een roltrapsysteem

FE1

F. Gebruiken van informatie- en communicatietechnologie

FF1

G. In werking hebben van serverruimten

FG1 en FG9

H. In werking hebben van een noodstroomvoorziening

FH1

I. In werking hebben van elektromotoren

FI1

Activiteit

Gebruiken van een energieregistratie- en -bewakingssysteem

Nummer maatregel

GA1

Omschrijving maatregel

Borgen van de optimale energiezuinige in- en afstellingen van klimaatinstallaties door het automatisch laten registeren en analyseren van energieverbruiken met een energieregistratie- en bewakingssysteem (EBS).

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Slimme meter met een energieverbruiks-manager toepassen voor elektriciteit, aardgas (a.e.) en/of warmte.

b) Een automatisch EBS met een rapportagefunctie (voor een overzicht van het energieverbruik per dag, week en jaar) toepassen.

c) Een automatisch EBS met een rapportagefunctie (voor een overzicht van het energieverbruik per dag, week en jaar) toepassen, in combinatie met een gebouwbeheersysteem (GBS).

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Elektriciteit- en gas- en/of warmtemeters die op afstand kunnen worden uitgelezen (de zogenaamde slimme meters) ontbreken.

b) EBS ontbreekt.

c) Gebouwbeheersysteem is aanwezig zonder een EBS.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

a) Voor het bedoelde gebouw geldt:

Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 25.000 m3(a.e.); of

Jaarlijkse elektriciteitsverbruik is meer dan 88.000 kWh; of

Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 1.500 m2.

b) Voor het bedoelde gebouw geldt:

Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 75.000 m3(a.e.); of- Jaarlijkse elektriciteitsverbruik meer dan 265.000 kWh; of

Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 4.400 m2.

c) Voor het bedoelde gebouw geldt:

Jaarlijkse warmteverbruik is meer dan 170.000 m3 (a.e.); of

Jaarlijkse elektriciteitsverbruik is meer dan 1.000.000 kWh; of

Een bruto vloeroppervlakte van meer dan 10.000 m2.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Alternatieve erkende maatregelen

Niet van toepassing.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Isoleren van de gebouwschil

Nummer maatregel

GB1

Omschrijving maatregel

Warmte- en koudeverlies via buitenmuur beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Spouwmuren isoleren.

Gebouw wordt verwarmd en/of gekoeld.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie in spouwmuren ontbreekt.

Gebouw wordt verwarmd.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC1

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ventilatie buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schakelklok toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC2

Omschrijving maatregel

Vollasturen ventilatoren beperken door afschakelen van ventilatoren bij lager ventilatiedebiet.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Cascaderegeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Cascaderegeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC3

Omschrijving maatregel

Warmte uit uitgaande ventilatielucht gebruiken voor voorverwarmen ingaande ventilatielucht bij gebalanceerd ventilatiesysteem.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Warmtewiel, kruisstroomwarmtewisselaar of twincoilsysteem toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Warmteterugwinsysteem ontbreekt in luchtbehandelingskast.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen.

Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC4

Omschrijving maatregel

Energiezuinige ventilator toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

IE3-elektromotor of beter met toerenregeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Elektromotor met rendementsklasse IE2 of lager is aanwezig zonder frequentieregelaar.

Benodigd luchtdebiet varieert.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Ventileren van een ruimte

Nummer maatregel

GC5

Omschrijving maatregel

Warmteverlies ventilatiekanalen beperken in ruimten waar geen warmteafgifte nodig is.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie om ventilatiekanalen aanbrengen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

- Isolatie om ventilatiekanalen ontbreekt.

- Luchttoevoerkanalen en/of afzuigkanalen zijn verbonden met een recirculatie- of warmteterugwinsystemen.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Temperatuur kanaal is minimaal 10°C hoger dan omgevingstemperatuur.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 2.700 uur is.

Natuurlijk moment: Ja, als de jaarlijkse bedrijfstijd minimaal 1.500 uur is.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GD1

Omschrijving maatregel

Warmteverlies via warmwaterleidingen en -appendages beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Isolatie aanbrengen om leidingen en appendages.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Isolatie om leidingen en appendages ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

In verwarmde ruimten alleen de ringleiding isoleren.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Bedrijfstijd van installatie behorende bij leidingen en appendages is minimaal 1.250 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

Verwarmen van een ruimte

Nummer maatregel

GD2

Omschrijving maatregel

Temperatuur per ruimte naregelen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Klokthermostaten en overwerktimers toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Individuele naregeling in verblijfsruimten met radiatoren of verwarmingsgroepen ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Het regelelement van de radiator beschikt over een motorbediende afsluitklep.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE1

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van buitenverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Bewegingssensors, schemer- en tijdschakelaars toepassen.

b) Schemer- en tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt.

Buitenverlichting (niet zijnde reclame- of noodverlichting) is overdag, in de avond en/of ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Minimaal 20 armaturen zijn aanwezig.

Buitenverlichting is ’s nachts minimaal 6 uur uit.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja, als minimaal 50 armaturen aanwezig zijn.

Natuurlijk moment: Ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE2

Omschrijving maatregel

Onnodig branden van reclameverlichting voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Schemer-, en/of tijdschakelaars toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakeling ontbreekt

Reclameverlichting is overdag en/of ’s nachts aan.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Reclameverlichting kan in de nacht minimaal 6 uur worden uitgeschakeld.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE3

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen buitenverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande en/of nieuwe armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Halogeenlampen en/of breedstralers zijn aanwezig.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van de bestaande armaturen is volgens de installateur voldoende.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing.

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- of buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE4

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen reclameverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Gloei- en/of halogeenlampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van de bestaande armaturen is volgens de installateur voldoende.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE5

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen verlichting vluchtwegaanduiding beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Nieuwe armaturen met ledlampen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een ruimte- en buitenverlichtingsinstallatie

Nummer maatregel

GE6

Omschrijving maatregel

Geïnstalleerd vermogen accentverlichting beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in bestaande armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Gloei- of halogeenlampen zijn aanwezig.

b) Hogedrukkwiklampen zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Technische staat van de bestaande armaturen is volgens de installateur voldoende.

Economische randvoorwaarden

a) Niet van toepassing.

b) Aantal branduren is minimaal 4.000 uur per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA1

Omschrijving maatregel

Opstarttijd cv-installatie regelen op basis van buitentemperatuur en interne warmtelast.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Optimaliserende regeling toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Optimaliserende regeling ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Aardgasverbruik is minder dan 170.000 m3 per jaar.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA2

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Hoogrendementsketel 107 (HR 107-ketel) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

a) Conventioneelrendementsketel (CR-ketel) of verbeterdrendementsketel (VR-ketel) is aanwezig voor basislast.

b) Hoogrendementsketel 100 (HR 100-ketel) is aanwezig voor basislast.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

a) Zelfstandig moment: Ja. Natuurlijk moment: ja.

b) Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen. Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige warmteopwekking van tapwater toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Gasgestookte hoogrendementsboiler (HR-boiler) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele gasgestookte boiler is aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

In kantoorgebouwen met minimaal een energielabel C, of kantoorgebouwen met een bouwjaar vanaf 2003 of later wordt aangenomen dat de maatregel al is genomen. Het energielabel staat voor de energieprestatie op basis van getroffen maatregelen.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA4

Omschrijving maatregel

Aanstaan van ruimteverwarming buiten bedrijfstijd voorkomen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

a) Tijdschakelaar (met of zonder overwerktimer) toepassen.

b) Tijdschakelaar met weekschakeling (met of zonder overwerktimer) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Automatische aan- en uitschakelingen ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van een stookinstallatie (emissies naar de lucht)

Nummer maatregel

FA5

Omschrijving maatregel

Aanvoertemperatuur cv-water automatisch regelen op basis van buitentemperatuur.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Weersafhankelijke regelingen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Weersafhankelijke regeling ontbreekt op cv of op cv-groepen met hogetemperatuurverwarming.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FB1

Omschrijving maatregel

Branden van verlichting in koel- en vriescel beperken.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Deurschakeling of bewegingsmelder toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Deurschakeling en bewegingsmelder ontbreken.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Ja.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FB2

Omschrijving maatregel

Beperken van ijsvorming op de verdamper(s).

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Automatische ontdooiing van de verdamper(s) toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Regeling voor ontdooiing en/of ontdooibeëindigingsthermostaat ontbreekt.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.

Activiteit

In werking hebben van productkoeling

Nummer maatregel

FB3

Omschrijving maatregel

Energiezuinige lampen in koelcel toepassen.

Mogelijke technieken ten opzichte van uitgangssituatie

Ledlampen in armaturen toepassen.

Uitgangssituatie op basis van een referentietechniek

Conventionele armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL8) zijn aanwezig.

Technische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Economische randvoorwaarden

Niet van toepassing.

Toepasbaar op een zelfstandig of natuurlijk moment?

Zelfstandig moment: Nee.

Natuurlijk moment: Ja.

Bijzondere omstandigheden

Niet van toepassing.