Burgemeester en wethouders,
Gelet op
De bepalingen in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) en het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan – Beleidsnota – Best Mobiel (december2017);
Artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 op grond waarvan verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij het verkeer betreffen op wegen, die niet in beheer zijn bij het Rijk, de Provincie of een waterschap;
Dat op dit verkeersbesluit afdeling 3.4, de uniforme openbare voorbereidingsprocedure, van de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing is:
Het feit dat de verkeerskundige van de afdeling Uitvoering bij besluit is gemandateerd tot het nemen van verkeersbesluiten op grond van artikel 15 van de wegenverkeerswet 1994;
Artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994, uit oogpunt van:
• Het verzekeren van de veiligheid op de weg.
• Het beschermen weggebruikers en passagiers.
• Het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.
• Het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.
Overwegende dat
Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer genoemde verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit.
Is het gewenst om
Een aantal verkeersmaatregelen te nemen bij de reconstructie van de Schutboomweg. Het betreft hier het opheffen en wijzigen van voorrangssituaties.
Motivering
Deze maatregelen zijn nodig om:
- 1.
Aan te sluiten bij de landelijke richtlijnen van het CROW
- 2.
Duidelijkheid over de voorrangssituatie voor de weggebruikers
- 3.
Eenduidigheid over de voorrangssituatie voor de weggebruikers (in de oude situatie waren er 3 vormen van voorrangsregelingen aanwezig)
- 4.
Gelijkwaardigheid m.b.t. de voorrangsregeling voor de weggebruikers.
Belangenafweging
Niet is gebleken dat belanghebbenden hierdoor onevenredig worden benadeeld dan wel dat door te nemen maatregelen een onduidelijke verkeerssituatie zou ontstaan.
Gehoord
Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer heeft overleg plaatsgevonden met de verkeersadviseur van de Nationale Politie, eenheid Oost-Brabant, basisteam de Kempen.