Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie | Staatscourant 2019, 65489 | Besluiten van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie | Staatscourant 2019, 65489 | Besluiten van algemene strekking |
Het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,
gelet op artikel 10, vierde lid van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;
gelet op artikel 4:23, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht;
gelet op het Algemeen Subsidiereglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie;
met goedkeuring van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 6 december 2019;
besluit:
vast te stellen de Regeling Erfgoedvrijwilligers 2019–2020.
In deze regeling wordt verstaan onder:
Algemeen Subsidiereglement stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
uit het verleden geërfde materiële en immateriële bronnen, die tot stand zijn gebracht door de mens of zijn ontstaan uit de wisselwerking tussen de mens en zijn omgeving;
persoon die zich in zijn of haar vrije tijd actief inzet voor het beschermen, behouden, ontwikkelen, doorgeven en zichtbaar maken van cultureel erfgoed;
stichting Fonds voor Cultuurparticipatie;
cultuuruitingen van erfgoedgemeenschappen; een levende en dynamische vorm van erfgoed, waarbij de UNESCO-definitie wordt gevolgd zoals gehanteerd door Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland;
Met deze regeling stimuleert het Fonds deskundigheidsbevordering van erfgoedvrijwilligers en het versterken van erfgoed- en vrijwilligersorganisaties, met het doel bij te dragen aan de ontwikkeling, erkenning en waardering van de inzet van erfgoedvrijwilligers.
1. Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde vereniging of stichting met rechtspersoonlijkheid zonder winstoogmerk, die zich inzet voor het cultureel erfgoed.
2. De formatie betaalde krachten bij de aanvrager is maximaal 2 fte.
1. De aanvrager kan subsidie aanvragen voor initiatieven in de vorm van activiteiten en investeringen die het mogelijk maken om de deskundigheid van vrijwilligers verder te ontwikkelen of de erfgoed- of vrijwilligersorganisatie helpen te versterken.
2. Het project heeft een maximale looptijd van een jaar en start uiterlijk binnen zes maanden na subsidieverlening.
3. Het project start niet eerder dan 13 weken na indiening van de aanvraag.
1. Het subsidieplafond bedraagt € 300.000.
2. Het bestuur kan de hoogte van het subsidieplafond wijzigen.
1. De subsidie bedraagt minimaal € 1.000 en maximaal € 5.000 per project.
2. De bijdrage van het Fonds is maximaal 100% van de totale voor subsidie in aanmerking komende projectkosten.
1. Subsidie wordt in ieder geval geweigerd indien voor dezelfde activiteiten reeds subsidie is of zal worden verleend:
– op grond van de Regeling op het specifiek cultuurbeleid;
– door het Fonds; of
– door één van de andere rijkscultuurfondsen.
2. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:5 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt subsidie in ieder geval geweigerd als:
a. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd ten tijde van de aanvraag reeds worden uitgevoerd;
b. de aanvraag gericht is op activiteiten die kunnen worden aangemerkt als reguliere of terugkerende activiteiten dan wel redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden uit het reguliere (taakstellend) budget van de aanvrager.
3. Subsidie kan worden geweigerd als een aanvrager in voorgaande jaren subsidie van het Fonds heeft ontvangen en niet of niet geheel heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.
4. Subsidie kan tevens worden geweigerd als het plan niet, of niet voldoende aansluit bij het doel van de regeling.
5. Subsidie wordt geweigerd als ten tijde van de aanvraag een voorafgaand project van dezelfde aanvrager, waarvoor het Fonds op basis van deze regeling subsidie heeft verleend, nog niet is afgerond.
6. Subsidie wordt geweigerd wanneer de aanvraag strijdig is met bestaande wet- en regelgeving.
1. Subsidie wordt slechts verstrekt voor zover:
a. de behoefte aan ondersteuning door het Fonds wordt aangetoond; en
b. de aanvrager aannemelijk maakt dat de beschikbare financiële middelen, met inbegrip van de subsidie van het Fonds, voldoende zijn om het project uit te voeren.
2. De hoogte van de subsidie dient in redelijke verhouding te staan tot de activiteiten waarvoor wordt aangevraagd.
3. Slechts direct aan het project gerelateerde kosten komen voor subsidie in aanmerking.
4. De post onvoorzien op de begroting mag niet meer bedragen dan 7% van de totale kosten van het project.
5. Maximaal 50% van de subsidie van het Fonds mag worden ingezet voor materiële investeringen die benodigd zijn voor het project.
1. De subsidieontvanger is verplicht tot kennisdeling over de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt.
2. De subsidieontvanger werkt overeenkomstig de principes van de Governance Code Cultuur.
Een aanvraag kan worden ingediend van maandag 16 december 2019 tot en met vrijdag 18 december 2020.
1. Een aanvraag wordt ingediend via de website van het Fonds, met een digitaal aanvraagformulier.
2. Een aanvraag gaat ten minste vergezeld van:
a. een volledig ingevuld formulier ‘Toelichting op aanvraag’; en
b. een sluitende begroting voor de gehele looptijd van het project.
Zowel het formulier ‘Toelichting op aanvraag’ als een modelbegroting zijn beschikbaar op de website van het Fonds.
1. Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:
a. inhoudelijke kwaliteit;
b. belang voor de organisatie en meerwaarde van de investering;
c. duurzaamheid van de investering.
2. Om voor subsidie in aanmerking te komen, dient een aanvraag te voldoen aan alle criteria.
Het Fonds beoordeelt de aanvragen en het bestuur besluit over de aanvragen.
1. Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.
2. Alleen volledige aanvragen worden in behandeling genomen.
3. Indien een aanvraag onvolledig is en wordt aangevuld, dan wordt het moment waarop de aanvraag is aangevuld beschouwd als het moment waarop de aanvraag is ingediend.
Het bestuur beslist binnen 13 weken nadat een volledige aanvraag is ontvangen.
Het bestuur kan in uitzonderlijke gevallen ten gunste van een aanvrager van bepalingen in deze regeling afwijken indien toepassing daarvan leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.
Voor zover deze regeling daar niet in voorziet zijn de bepalingen uit het Algemeen Subsidiereglement van toepassing.
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag nadat deze in de Staatscourant is gepubliceerd.
2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2025. Op bezwaar- en beroepsprocedures die op dat moment nog niet zijn afgerond blijft het bepaalde in deze regeling van toepassing.
Het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie, namens deze, H.G.G.M. Verhoeven directeur-bestuurder
De aandacht voor cultureel erfgoed binnen de samenleving is in de afgelopen jaren toegenomen. In de cultuurbrieven Cultuur in een Open Samenleving (maart 2018) en Erfgoed Telt (juni 2018) benadrukt de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) de verbindende kracht van erfgoed. Door verhalen over en betrokkenheid bij erfgoed geven mensen betekenis aan hun leefomgeving. Het kabinet erkent en waardeert de vele vrijwilligers, die onmisbaar zijn met betrekking tot het behoud en beheer, het ontwikkelen en het doorgeven van ons cultureel erfgoed.
De inzet, passie en kennis van erfgoedvrijwilligers draagt bij aan de toegankelijkheid van het erfgoed. Zij vormen met hun enthousiasme een belangrijke schakel tussen oud en jong en tussen verschillende groepen in de samenleving, en slaan daarmee een brug naar een groter en meer divers publiek. Uit gesprekken die OCW voor de cultuurbrieven en vervolgens in een veldverkenning heeft gevoerd, blijkt dat vrijwilligers een grote behoefte hebben om zich verder te ontwikkelen. Er is met name ontwikkelbehoefte op het terrein van vakinhoudelijke kennis, presenteren en rondleiden, technische kundigheid en het gebruik van gereedschappen, vrijwilligersbeleid, ICT en computervaardigheden, marketing en pr, gastvrijheid en ontvangst, gidsen in vreemde talen en kennis van erfgoedzorg waaronder wet- en regelgeving.
Voor de komende jaren stelt het kabinet extra middelen beschikbaar voor het ondersteunen van initiatieven die vrijwilligerswerk stimuleren en de deskundigheid van vrijwilligers bevorderen. Het Fonds voor Cultuurparticipatie is samen met het Mondriaan Fonds gevraagd hiertoe een subsidie-instrument te ontwikkelen. De beide fondsen geven daarmee invulling aan het beleid van de minister om de verbindende waarde van het erfgoed te benutten.
Het Fonds voor Cultuurparticipatie stimuleert actieve deelname aan cultuur op school en in de vrije tijd. Cultuur maken geeft plezier, brengt mensen samen en maakt de verhalen van ons allemaal zichtbaar. Door zelf cultuur te maken, geven mensen vorm en betekenis aan een omgeving die voortdurend verandert. Met stimuleringsregelingen draagt het Fonds bij aan een open samenleving waarin iedereen zijn creativiteit kan ontwikkelen.
Met de subsidieregeling Erfgoedvrijwilligers 2019–2020 stimuleert het Fonds deskundigheidsbevordering onder erfgoedvrijwilligers en het versterken van erfgoed- en vrijwilligersorganisaties. Vrijwilligerswerk met erfgoed vraagt vaak om specifieke kennis en vaardigheden; er gelden wetten en regels voor de zorg voor en omgang met de monumenten, collecties en archieven, het cultuurlandschap, archeologische vondsten en -monumenten, mobiel, varend en immaterieel erfgoed. Met de subsidieregeling stimuleert het Fonds activiteiten en investeringen die het functioneren van de erfgoedvrijwilligers of de organisatie ondersteunen. Zo wordt bijgedragen aan hun ontwikkeling, en daarmee ook aan de erkenning van en waardering voor de erfgoedvrijwilligers.
De aanvragen kunnen projecten zijn om de deskundigheid van vrijwilligers verder te ontwikkelen en hun kennis te vergroten, maar ook projecten die de communicatie van de organisatie verbeteren, de organisatie verder helpen ontwikkelen of de samenwerking met andere organisaties helpen versterken. Het gaat er daarbij om dat de voorgenomen activiteiten het belang dienen van de organisatie en dat er met de investering een duurzaam effect wordt bereikt.
Met deze regeling stimuleert het Fonds initiatieven die bijdragen aan het bevorderen van de deskundigheid van erfgoedvrijwilligers of erfgoed- en vrijwilligersorganisaties, waardoor wordt bijgedragen aan de ontwikkeling, erkenning en waardering van de inzet van erfgoedvrijwilligers.
Subsidie kan worden aangevraagd door erfgoedgemeenschappen en -organisaties die met hun vrijwilligers een bijdrage leveren aan het behoud, beheer, zichtbaar maken, ontwikkelen en doorgeven van (im)materieel erfgoed. De inzet van de in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde stichting of vereniging voor het cultureel erfgoed blijkt uit de subsidieaanvraag.
In de organisatie van de aanvrager is op de totale personeelssterkte maximaal 2 fulltime-equivalent (fte) aan betaalde krachten werkzaam.
Het is van belang dat de investering het belang van de organisatie dient, van meerwaarde is voor de erfgoedvrijwilligers of -organisatie en dat de investering duurzaam is. Het streven is dat met de initiatieven een meer divers publiek wordt bereikt dan wel meer vrijwilligers uit diverse groepen in de samenleving, of jongeren worden betrokken, dat er meer belangstelling komt vanuit de samenleving voor het cultureel erfgoed en dat de organisatie aantoonbaar betere resultaten boekt.
Bij initiatieven gericht op het bevorderen van de deskundigheid vanerfgoedvrijwilligers kan het bijvoorbeeld gaan om het vergroten van vakinhoudelijke kennis, een cursus presenteren of rondleiding verzorgen, verdieping in technische vaardigheden, ambachtelijke technieken en het hanteren van gereedschappen, het zich eigen maken van computerprogramma’s en -vaardigheden, een cursus gastvrijheid, of het vergroten van kennis over de erfgoedzorg waaronder wet- en regelgeving.
Investeringen die bijdragen aan het versterken en ontwikkelen van de organisatie kunnen bijvoorbeeld activiteiten zijn op het gebied van ledenwerving, netwerkvorming en mediatraining. Ook inhuur van expertise op het gebied van financieel beheer, communicatie of vrijwilligersbeleid, de inzet van een programmeur of aanschaf van programmatuur voor de ledenadministratie, ontwikkeling van materiaal voor ledenwerving of het opzetten van nieuwe samenwerkingen zijn investeringen die van betekenis zijn voor het sterker maken van de organisatie. Versterking dan wel ontwikkeling kan ook worden gerealiseerd met initiatieven die de diversiteit binnen de vrijwilligerspoule vergroten, bijvoorbeeld door samenwerking met mbo-scholen en -leerlingen of met statushouders.
Het gaat bij deze subsidieregeling nadrukkelijk niet om activiteiten met een individueel belang, activiteiten gericht op erfgoededucatie of de wetenschap, activiteiten van professionele organisaties of investeringen in onroerend goed. Bestaande of periodiek terugkerende activiteiten, jubileumuitgaves, bouwkundige voorzieningen en restauraties komen evenmin in aanmerking.
De subsidie bedraagt maximaal 100% van de totale voor subsidie in aanmerking komende projectkosten. Dit percentage is kleiner wanneer de subsidieontvanger bijdraagt aan de kosten van het initiatief, hetzij uit eigen middelen, hetzij door bijdragen van andere financiers of partners.
Gezien het stimuleringskarakter van de regeling kunnen in de aanvraag geen activiteiten worden opgevoerd die tot de reguliere activiteiten van de aanvrager kunnen worden gerekend.
Voor subsidie komen alleen projectkosten in aanmerking die relevant zijn voor het doel van deze regeling. Tot deze projectkosten behoren alleen de investeringen die direct op de realisatie van het project zijn gericht, zoals de inzet van inhoudelijk en organisatorisch personeel en de huur van ruimtes om de projectactiviteiten te realiseren. Lasten die op enigerlei wijze tot de normale exploitatiekosten kunnen worden gerekend, zoals vaste huur, aanschaf van inventaris en investeringen die niet direct op de realisatie van de activiteiten zijn gericht, komen niet voor ondersteuning in aanmerking. Maximaal 50% van de subsidie van het Fonds mag worden besteed aan materiële investeringen, zoals de aanschaf van apparatuur of instrumenten.
De subsidieontvanger is verplicht mee te werken aan kennisdeling over activiteiten volgend op de uitvoering van het initiatief. Het Fonds faciliteert daartoe gedurende de looptijd van de regeling de kennisuitwisseling.
De subsidieaanvraag bestaat uit de volgende documenten:
1. Een volledig ingevuld digitaal aanvraagformulier
2. Een volledig ingevuld formulier ‘Toelichting op aanvraag’
3. Een volledig ingevulde (model)begroting
Via ons digitaal aanvraagsysteem MijnFonds dient het aanvraagformulier Erfgoedvrijwilligers 2019–2020 te worden ingevuld.
Het formulier ‘Toelichting op aanvraag’ is volledig wanneer alle verplichtte velden zijn ingevuld. Dit formulier is beschikbaar op de website van het Fonds.
• Geef in de ‘Toelichting op aanvraag’ aan wat het doel is van uw stichting of vereniging, welke activiteiten u onderneemt om dit doel te bereiken en welke doelgroepen u hiermee bereikt.
• Geef in de ‘Toelichting op aanvraag’ aan waarvoor u subsidie aanvraagt, wat het belang van het initiatief is voor uw organisatie, welke meerwaarde de investering heeft voor de vrijwilligers dan wel organisatie en wat het effect zal zijn op de langere termijn.
• Geef in de ‘Toelichting op aanvraag’ aan wat de planning is van het project.
Aanvragers kunnen een eigen begroting indienen. Daarbij kan eventueel gebruik worden gemaakt van de modelbegroting. De begroting moet sluitend zijn.
Aanvragen worden getoetst aan de volgende criteria:
a. Inhoudelijke kwaliteit: bij dit criterium beoordeelt het Fonds of de inhoud en de aanpak van het initiatief bijdragen aan het bevorderen van de deskundigheid van de erfgoedvrijwilligers, dan wel aan het ontwikkelen en versterken van de organisatie.
b. Belang voor de organisatie en meerwaarde van de investering: binnen dit criterium wordt beoordeeld of het initiatief van belang is voor de organisatie bij het realiseren van haar doelen en het bereiken van de doelgroepen. Ook wordt beoordeeld of het initiatief van meerwaarde is voor de uitvoering van de activiteiten van de organisatie.
c. Duurzaamheid van de investering: binnen dit criterium wordt beoordeeld hoe het initiatief op langere termijn effect heeft op het bereiken van vrijwilligers, op belangstelling vanuit de maatschappij dan wel op de versterking van de erfgoedorganisatie.
Alleen aanvragen die voldoen aan alle beoordelingscriteria, komen in aanmerking voor subsidie. Indien dat het geval is en het subsidieplafond nog niet is bereikt, wordt de subsidie toegewezen. Aanvragen die niet aan alle beoordelingscriteria voldoen, worden afgewezen.
De aanvragen worden beoordeeld op volgorde van ontvangst (datum en tijdstip). Een onvolledige aanvraag kan binnen een redelijke termijn worden aangevuld. De datum van aanvulling geldt dan als de datum van binnenkomst van de aanvraag.
In het Algemeen Subsidiereglement zijn regels opgenomen die van toepassing zijn op alle subsidies die het Fonds verstrekt. Deze regels gaan bijvoorbeeld over de subsidieverlening, verantwoording, voorschotten en subsidievaststelling. Het Algemeen Subsidiereglement is terug te vinden op de website van het Fonds.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2019-65489.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.