Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en WetenschapStaatscourant 2019, 64684Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media van 20 november 2019, nr. VO/17731314, houdende wijziging van diverse regelingen voor het voortgezet onderwijs in verband met het verlengen van regelingen en het vaststellen van nieuwe subsidieplafonds en bedragen voor het kalenderjaar 2020

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media,

Gelet op de artikelen 74, 85a en 89 van de Wet op het voortgezet onderwijs, de artikelen 125 en 127e van de Wet voortgezet onderwijs BES, artikel 2.2.3, eerste, tweede en derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling Prestatiebox vo wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 2 wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’.

B

In artikel 3 wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’ en wordt ‘€ 323,50’ vervangen door ‘€ 330,50’.

C

In artikel 7, tweede lid, wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’.

D

In artikel 9 wordt ‘2020’ vervangen door ‘2021’.

ARTIKEL II

De Regeling aanvullende bekostiging eerste opvang nieuwkomers vo wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 wordt in de begripsbepalingen van ‘nieuwkomer eerste categorie’ en ‘nieuwkomer tweede categorie’ ‘1 oktober 2017’ vervangen door ‘1 oktober 2018’.

B

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid, onder a, wordt ‘€ 2.834,77’ vervangen door ‘€ 2.910,19’.

2. In het tweede lid, onder b, wordt ‘€ 1.025’ vervangen door ‘€ 1.052,27’.

3. In het derde lid wordt ‘€ 16.000’ vervangen door ‘€ 16.425,68’.

4. Het vierde lid komt te luiden:

  • 4. De peildata zijn 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober van het kalenderjaar 2020.

C

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

1. DUO hanteert voor de voorlopige telling en de daarop gebaseerde bekostiging, bedoeld in artikel 3, eerste lid, de registratie in BRON op respectievelijk 16 januari, 16 april, 16 juli en 16 oktober 2020 van het aantal nieuwkomers dat op respectievelijk de peildata 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober 2020 als schoolgaand stond ingeschreven.

2. Het derde lid, tweede volzin, komt te luiden:

  • 3. Aanvragen die op de peildata 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober 2020 niet uiterlijk op respectievelijk 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober 2020 door DUO zijn ontvangen, worden afgewezen.

D

In artikel 9, tweede lid, wordt ‘2020’ vervangen door ‘2021’.

ARTIKEL III

De Regeling versterking functiemix vo-leraren in de Randstadregio’s wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 wordt in de begripsbepaling van ‘Randstadregio’s’ ‘2018’ vervangen door ‘2019’.

B

In artikel 2, eerste lid, wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’.

C

In artikel 4, eerste lid, wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’ en wordt ‘€ 63,0 miljoen’ vervangen door ‘€ 65,0 miljoen’.

D

In artikel 8, tweede lid, wordt ‘2020’ vervangen door ‘2021’.

E

Bijlage 1 komt te luiden:

BIJLAGE 1. GEMEENTEN IN RANDSTADREGIO’S

Aalsmeer

Alblasserdam

Albrandswaard

Almere

Alphen aan den Rijn

Amersfoort

Amstelveen

Amsterdam

Baarn

Barendrecht

Beemster

Beverwijk

Blaricum

Bloemendaal

Bodegraven-Reeuwijk

Brielle

Bunnik

Bunschoten

Capelle aan den IJssel

De Bilt

De Ronde Venen

Delft

Diemen

Dordrecht

Edam-Volendam

Eemnes

Goeree-Overflakkee

Gooise Meren

Gorinchem

Gouda

's-Gravenhage

Haarlem

Haarlemmermeer

Hardinxveld-Giessendam

Heemskerk

Heemstede

Hellevoetsluis

Hendrik-Ido-Ambacht

Hillegom

Hilversum

Hoeksche Waard

Houten

Huizen

IJsselstein

Kaag en Braassem

Katwijk

Krimpen aan den IJssel

Krimpenerwaard

Landsmeer

Lansingerland

Laren

Leiden

Leiderdorp

Leidschendam-Voorburg

Leusden

Lisse

Lopik

Maassluis

Midden-Delfland

Molenlanden

Montfoort

Nieuwegein

Nieuwkoop

Nissewaard

Noordwijk

Oegstgeest

Oostzaan

Ouder-Amstel

Oudewater

Papendrecht

Pijnacker-Nootdorp

Purmerend

Ridderkerk

Rijswijk

Rotterdam

Schiedam

Sliedrecht

Soest

Stichtse Vecht

Teylingen

Uitgeest

Uithoorn

Utrecht

Utrechtse Heuvelrug

Velsen

Vijfheerenlanden

Vlaardingen

Voorschoten

Waddinxveen

Wassenaar

Waterland

Weesp

Westland

Westvoorne

Wijdemeren

Wijk bij Duurstede

Woerden

Wormerland

Woudenberg

Zaanstad

Zandvoort

Zeist

Zoetermeer

Zoeterwoude

Zuidplas

Zwijndrecht

ARTIKEL IV

De Regeling leerplusarrangement vo wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 3, derde lid, wordt ‘2019’ vervangen door ‘2020’.

B

In het opschrift van Bijlage 1 wordt ’Regeling leerplusarrangement vo 2009’ vervangen door ’Regeling leerplusarrangement vo’.

C

Bijlage 2 komt te luiden:

BIJLAGE 2. BEHORENDE BIJ ARTIKEL 5, DERDE LID, VAN DE REGELING LEERPLUSARRANGEMENT VO

Het totaal beschikbare budget en het bedrag per L+A leerling is:

 

2020

Totaal beschikbare budget voor L+A

€ 49.353.000,–

Bedrag per L+A leerling

€ 736,–

D

In Bijlage 3 wordt in het opschrift ’Regeling leerplusarrangement vo 2009’ vervangen door ‘Regeling leerplusarrangement vo’ en wordt in de tekst ‘de armoedeprobleemcumulatiegebieden L+A 2019’ vervangen door ‘de armoedeprobleemcumulatiegebieden L+A 2020’.

ARTIKEL V

De Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1.4 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is in 2018 een bedrag van maximaal € 4,4 miljoen, in 2019 een bedrag van maximaal € 7,4 miljoen en in 2020 een bedrag van maximaal € 2,4 miljoen beschikbaar.

2. Het vierde lid komt te vervallen.

B

Artikel 2.2 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede lid komt te luiden:

  • 2. Een aanvraag wordt ingediend binnen acht weken na de datum, vermeld op de factuur van het betreffende scholingstraject.

2. Er wordt een vijfde lid toegevoegd, luidende:

  • 5. Aanvragen ingediend na 15 oktober 2020 worden afgewezen.

ARTIKEL VI

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2020 en werkt ten aanzien van artikel V terug tot en met 1 september 2017.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, A. Slob

TOELICHTING

Algemeen

Met deze wijzigingsregeling worden vijf bekostigings- en subsidieregelingen voor het voortgezet onderwijs aangepast. Het gaat hierbij om kleine technische aanpassingen, die primair betrekking hebben op de actualisatie van jaartallen, budgetten en bekostigingsbedragen. Het gaat om de Regeling Prestatiebox vo, de Regeling aanvullende bekostiging eerste opvang nieuwkomers vo, de Regeling versterking functiemix vo-leraren in de Randstadregio’s, de Regeling leerplusarrangement vo en de Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo.

Hieronder wordt artikelsgewijs toegelicht welke wijzigingen er in de bovenstaande regelingen worden aangebracht met deze wijzigingsregeling.

Artikelsgewijs

Artikel I

De Regeling Prestatiebox vo ziet op de verdeling van de Prestatieboxmiddelen. Deze middelen zijn bestemd voor investeringen in de doelen die zijn afgesproken in het sectorakkoord. Dit akkoord is in juni 2018 geactualiseerd en loopt tot en met 2020. De regeling wordt daarom tot en met 2020 verlengd. Het bedrag per leerling wordt met ingang van 1 januari 2020 opgehoogd.

Artikel II

Met de Regeling aanvullende bekostiging eerste opvang nieuwkomers vo wordt aanvullende bekostiging toegekend aan scholen die onderwijs verzorgen aan nieuwkomers. Per 1 april 2019 wordt deze aanvullende bekostiging automatisch verstrekt, op basis van de registratie van nieuwkomersleerlingen in BRON. De bedragen in deze regeling zijn opgehoogd in verband met de ruimte voor loonbijstelling.

Artikel III

De Regeling versterking functiemix vo-leraren in de Randstadregio’s kent aanvullende middelen toe aan scholen in gebieden met een grotere beloningsachterstand ten opzichte van de regionale marktsector, een grotere arbeidsproblematiek en (een optelsom van) grootstedelijke problemen. Het budget voor deze regeling voor het kalenderjaar 2020 wordt, als gevolg van de kabinetsbijdrage voor loonontwikkeling, verhoogd tot een bedrag van € 65,0 miljoen. Daarnaast worden enkele jaartallen gewijzigd.

Naar aanleiding van de gemeentelijke herindelingen in 2019 is in Bijlage 1 het overzicht met gemeenten in de Randstad geactualiseerd. In 2019 zijn twaalf gemeenten opgeheven. Enkele daarvan zijn samengevoegd in bestaande gemeenten; de overige zijn samengevoegd in nieuwe gemeenten. Voor de afbakening van de Randstadregio’s werd tot voor kort de zogenaamde RPA-indeling van het CBS gehanteerd (Regionale Platforms Arbeidsmarkt). Sinds 2017 houdt het CBS deze indeling niet meer bij. Daarom wordt die indeling in Bijlage 1 van de regeling niet meer genoemd. De regeling wordt uitgevoerd op basis van de postcodes van de Randstadgemeenten. Die systematiek blijft in stand. De lijst met gemeenten in Bijlage 1 komt overeen met de voormalige RPA-indeling. De Randstadregio’s omvatten de vier grote steden, Almere en de overige gemeenten in de voormalige RPA-gebieden Zuidelijk Noord-Holland, Rijn-Gouwe, Haaglanden, Rijnmond, Gooi en Vechtstreek, Eemland en Utrecht-Midden.

Artikel IV

Het leerplusarrangement is gericht op het verminderen van voortijdig schoolverlaten, het bestrijden van absolute taalachterstanden, het bieden van maatwerk en het maximaliseren van leerprestaties van leerlingen. Met deze wijzigingsregeling wordt de Regeling leerplusarrangement vo geactualiseerd voor het kalenderjaar 2020. De peildata voor 2020 zijn, net als in 2019, de leerlingentellingen van 1 oktober 2017 en 1 oktober 2018. Deze peildata veranderen iedere twee jaar. Het kalenderjaar 2020 wordt het tweede jaar van de tweejarige cyclus. Het bedrag per leerling voor het kalenderjaar 2020 (zoals opgenomen in bijlage 2 van de regeling) wordt verhoogd als gevolg van de kabinetsbijdrage voor loonontwikkeling.

Artikel V

In de Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo wordt het subsidieplafond voor 2020 bekend gemaakt. Daarnaast wordt een wijziging doorgevoerd met betrekking tot de termijn van indienen van een aanvraag. Omdat blijkt dat leraren de factuur voor een scholingstraject soms pas laat krijgen, wordt de indientermijn gesteld op acht weken na factuurdatum. Om leraren die in voorgaande jaren om dezelfde reden een afwijzing hebben gekregen niet te benadelen, en omdat de wijziging verder alleen een begunstigende werking heeft, werkt de wijziging terug tot en met 1 september 2017.

Artikel VI

De regelingen, waarvan de wijzigingen in de artikelen I tot en met IV zijn opgenomen, moeten worden geactualiseerd per 1 januari 2020. Daarom treden deze artikelen in werking per 1 januari 2020. De wijziging van de Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo vindt met terugwerkende kracht plaats per 1 september 2017 (zie de toelichting bij artikel V).

De Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, A. Slob