Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Rijksdienst voor IdentiteitsgegevensStaatscourant 2019, 49694Autorisatiebesluiten Basisregistratie Personen

Autorisatiebesluit voor de Minister van Justitie en Veiligheid, ten behoeve van de Immigratie- en Naturalisatiedienst in verband met het uitvoeren van nationaliteitsonderzoeken, Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

Datum 30 augustus 2019

Kenmerk 2019-0000458995

In het verzoek van 27 augustus 2019, 2019-0000458332 heeft de Minister van Justitie en Veiligheid, ten behoeve van de Immigratie- en Naturalisatiedienst, verzocht om autorisatie voor de systematische verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen in verband met het uitvoeren van nationaliteitsonderzoeken.

Gelet op de artikelen 3.1 en 3.2 van de Wet basisregistratie personen wordt op dit verzoek als volgt besloten.

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. de Minister van JenV:

de Minister van Justitie en Veiligheid ten behoeve van de Immigratie- en Naturalisatiedienst;

b. de Wet BRP:

de Wet basisregistratie personen;

c. het Besluit BRP:

het Besluit basisregistratie personen;

d. de basisregistratie personen:

de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet BRP;

e. de systematische verstrekking:

de systematische verstrekking, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

f. de systeembeschrijving:

de systeembeschrijving, bedoeld in artikel 1 van het Besluit BRP;

g. de persoonslijst:

de persoonslijst, bedoeld in artikel 1.1, onder c, van de Wet BRP;

h. de ingeschrevene:

de ingeschrevene, bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet BRP;

i. de ingezetene:

de ingezetene, bedoeld in artikel 1.1, onder f, van de Wet BRP;

j. de niet-ingezetene:

de persoon die geen ingezetene is, bedoeld in artikel 1.1, onder f, van de Wet BRP en van wie een persoonslijst is opgenomen in de basisregistratie personen;

k. autorisatietabelregel:

de tabel ten behoeve van de systematische verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

l. de verstrekking van gegevens op verzoek:

de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder c, van het Besluit BRP, waarbij het aantal personen waarover informatie wordt verstrekt per verzoek ten hoogste tien bedraagt;

m. de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens:

de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

n. RWN:

Rijkswet op het Nederlanderschap.

Paragraaf 2. De verstrekking van gegevens op verzoek aan de Minister van JenV

Artikel 2

  • 1. Aan de Minister van JenV wordt op zijn verzoek een gegeven verstrekt dat is vermeld op de persoonslijst van een ingeschrevene, indien het een gegeven betreft dat is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

  • 2. De Minister van JenV verzoekt slechts om een gegeven dat is opgenomen in de bijlage bij dit besluit indien het verzoek gericht is op het verkrijgen van gegevens over de ingeschrevene:

    • a) door of namens wie op grond van artikel 17 RWN aan de rechtbank Den Haag is verzocht vast te stellen of hij het Nederlanderschap al dan niet bezit en waarbij de Minister van JenV optreedt als procespartij dan wel een advies uitbrengt;

    • b) ten aanzien van wie door een rechterlijke instantie of een instantie belast met administratief beroep op grond van artikel 20 RWN is verzocht om advies of dat de ingeschrevene het Nederlanderschap al dan niet bezit;

    • c) door of namens wie rechtstreeks aan de Minister van JenV is verzocht te onderzoeken of dat hij al dan niet het Nederlanderschap bezit;

    • d) ten aanzien van wie door een orgaan, ter uitvoering van een wettelijke taak of verplichting dan wel de uitoefening van een wettelijke bevoegdheid, om advies wordt gevraagd over het al dan niet bezitten van het Nederlanderschap door deze ingeschrevene;

    • e) die voorwerp is van het onderzoek naar de wijze van afdoening van optieverklaringen, als bedoeld in artikel 3, lid 5 Regeling verkrijging en verlies Nederlanderschap.

  • 3. Onverminderd het tweede lid verzoekt de Minister van JenV slechts om een gegeven dat is opgenomen in de bijlage bij dit besluit indien het verzoek gericht is op de verstrekking van gegevens over:

    • a) een echtgenoot of geregistreerd partner van de ingeschrevene, bedoeld in het tweede lid, onder sub a t/m e;

    • b) een kind van de ingeschrevene, bedoeld in het tweede lid, onder sub a t/m e;

    • c) een ouder van de ingeschrevene, bedoeld in het tweede lid, onder sub a t/m e;

    • d) een grootouder van de ingeschrevene, bedoeld in het tweede lid, onder sub a t/m e.

  • 4. Aan de Minister van JenV worden geen gegevens verstrekt, indien een of meer van de gegevens waarvan de Minister van JenV bij zijn verzoek gebruik heeft gemaakt, niet is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Paragraaf 3. Overige verstrekkingen aan de Minister van JenV

Artikel 3

  • 1. Indien een verstrekking aan de Minister van JenV op grond van dit besluit een gegeven betreft dat op juistheid wordt of is onderzocht, bevat de verstrekking naast dit gegeven tevens de gegevens over dat onderzoek.

  • 2. De verstrekking van gegevens aan de Minister van JenV die op grond van dit besluit plaatsvindt, bevat geen gegeven waarbij “indicatie onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” is vermeld.

  • 3. Indien aan de Minister van JenV gegevens worden verstrekt van een persoonslijst waarvan de bijhouding is opgeschort, bevat de verstrekking tevens de gegevens omtrent de reden en de datum van de opschorting, alsmede, voor zover deze gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, gegevens over de verificatie en de aanlevering van de verstrekte gegevens.

Paragraaf 4. Slotbepalingen

Artikel 4

  • 1. De Minister van JenV verstrekt aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onverwijld alle nieuw gebleken informatie die betrekking heeft op hetgeen geregeld is in dit besluit.

  • 2. Deze informatie betreft in ieder geval wijzigingen in:

    • a. de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van JenV;

    • b. de regelgeving ten aanzien van de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van JenV;

    • c. de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van de Minister van JenV.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 september 2019.

Het besluit en de bijlage bij het besluit worden gepubliceerd in de Staatscourant.

’s-Gravenhage, 30 augustus 2019

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, namens deze, F.G.A.M. Jacob Directeur Uitvoering Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit daartegen per brief bezwaar maken bij de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Postbus 10451, 2501 HL Den Haag. Het bezwaarschrift moet zijn ondertekend, voorzien zijn van een datum alsmede de naam en het adres van de indiener en dient vergezeld te gaan van de gronden waarop het bezwaar berust en, zo mogelijk, een afschrift van het besluit waartegen het bezwaar is gericht.

BIJLAGE

Bijlage bij artikel 2 van dit besluit.

RUBRIEK

OMSCHRIJVING

   

01

PERSOON

   

01.01.10

A-nummer persoon

01.01.20

Burgerservicenummer persoon

01.02.10

Voornamen persoon

01.02.20

Adellijke titel/predicaat persoon

01.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam persoon

01.02.40

Geslachtsnaam persoon

01.03.10

Geboortedatum persoon

01.03.20

Geboorteplaats persoon

01.03.30

Geboorteland persoon

01.04.10

Geslachtsaanduiding

01.61.10

Aanduiding naamgebruik

01.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Persoon

   

51

PERSOON

   

51.01.10

A-nummer persoon

51.01.20

Burgerservicenummer persoon

51.02.10

Voornamen persoon

51.02.20

Adellijke titel/predicaat persoon

51.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam persoon

51.02.40

Geslachtsnaam persoon

51.04.10

Geslachtsaanduiding

51.61.10

Aanduiding naamgebruik

51.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Persoon

   

02

OUDER1

   

02.01.10

A-nummer ouder1

02.01.20

Burgerservicenummer ouder1

02.02.10

Voornamen ouder1

02.02.20

Adellijke titel/predicaat ouder1

02.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam ouder1

02.02.40

Geslachtsnaam ouder1

02.03.10

Geboortedatum ouder1

02.03.20

Geboorteplaats ouder1

02.03.30

Geboorteland ouder1

02.62.10

Datum ingang familierechtelijke betrekking ouder1

02.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Ouder1

   

52

OUDER1

   

52.01.10

A-nummer ouder1

52.01.20

Burgerservicenummer ouder1

52.02.10

Voornamen ouder1

52.02.20

Adellijke titel/predicaat ouder1

52.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam ouder1

52.02.40

Geslachtsnaam ouder1

52.03.10

Geboortedatum ouder1

52.03.20

Geboorteplaats ouder1

52.03.30

Geboorteland ouder1

52.62.10

Datum ingang familierechtelijke betrekking ouder1

52.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Ouder1

   

03

OUDER2

   

03.01.10

A-nummer ouder2

03.01.20

Burgerservicenummer ouder2

03.02.10

Voornamen ouder2

03.02.20

Adellijke titel/predicaat ouder2

03.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam ouder2

03.02.40

Geslachtsnaam ouder2

03.03.10

Geboortedatum ouder2

03.03.20

Geboorteplaats ouder2

03.03.30

Geboorteland ouder2

03.62.10

Datum ingang familierechtelijke betrekking ouder2

03.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Ouder2

   

53

OUDER2

   

53.01.10

A-nummer ouder2

53.01.20

Burgerservicenummer ouder2

53.02.10

Voornamen ouder2

53.02.20

Adellijke titel/predicaat ouder2

53.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam ouder2

53.02.40

Geslachtsnaam ouder2

53.03.10

Geboortedatum ouder2

53.03.20

Geboorteplaats ouder2

53.03.30

Geboorteland ouder2

53.62.10

Datum ingang familierechtelijke betrekking ouder2

53.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Ouder2

   

04

NATIONALITEIT

   

04.01.10

Nationaliteit

04.63.10

Reden verkrijging Nederlandse nationaliteit

04.64.10

Reden verlies Nederlandse nationaliteit

04.65.10

Aanduiding bijzonder Nederlanderschap

04.82.10

Gemeente waar de gegevens over nationaliteit aan het document ontleend dan wel afgeleid zijn

04.82.20

Datum van de ontlening dan wel afleiding van de gegevens over nationaliteit

04.82.30

Beschrijving van het document waaraan de gegevens over nationaliteit ontleend dan wel afgeleid zijn

04.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Nationaliteit

   

54

NATIONALITEIT

   

54.01.10

Nationaliteit

54.63.10

Reden verkrijging Nederlandse nationaliteit

54.64.10

Reden verlies Nederlandse nationaliteit

54.65.10

Aanduiding bijzonder Nederlanderschap

54.82.10

Gemeente waar de gegevens over nationaliteit aan het document ontleend dan wel afgeleid zijn

54.82.20

Datum van de ontlening dan wel afleiding van de gegevens over nationaliteit

54.82.30

Beschrijving van het document waaraan de gegevens over nationaliteit ontleend dan wel afgeleid zijn

54.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Nationaliteit

   

05

HUWELIJK/GEREGISTREERD PARTNERSCHAP

   

05.01.10

A-nummer echtgenoot/geregistreerd partner

05.01.20

Burgerservicenummer echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.10

Voornamen echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.20

Adellijke titel/predicaat echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.02.40

Geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

05.03.10

Geboortedatum echtgenoot/geregistreerd partner

05.03.20

Geboorteplaats echtgenoot/geregistreerd partner

05.03.30

Geboorteland echtgenoot/geregistreerd partner

05.04.10

Geslachtsaanduiding echtgenoot/geregistreerd partner

05.06.10

Datum huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

05.06.20

Plaats huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

05.06.30

Land huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

05.07.10

Datum ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

05.07.20

Plaats ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

05.07.30

Land ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

05.07.40

Reden ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

05.15.10

Soort verbintenis

05.81.10

Registergemeente akte waaraan gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

05.81.20

Aktenummer van de akte waaraan gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

05.82.10

Gemeente waar de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap aan het document ontleend zijn

05.82.20

Datum van de ontlening van de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

05.82.30

Beschrijving van het document waaraan de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

05.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Huwelijk/Geregistreerd partnerschap

   

55

HUWELIJK/GEREGISTREERD PARTNERSCHAP

   

55.01.10

A-nummer echtgenoot/geregistreerd partner

55.01.20

Burgerservicenummer echtgenoot/geregistreerd partner

55.02.10

Voornamen echtgenoot/geregistreerd partner

55.02.20

Adellijke titel/predicaat echtgenoot/geregistreerd partner

55.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

55.02.40

Geslachtsnaam echtgenoot/geregistreerd partner

55.03.10

Geboortedatum echtgenoot/geregistreerd partner

55.03.20

Geboorteplaats echtgenoot/geregistreerd partner

55.03.30

Geboorteland echtgenoot/geregistreerd partner

55.04.10

Geslachtsaanduiding echtgenoot/geregistreerd partner

55.06.10

Datum huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

55.06.20

Plaats huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

55.06.30

Land huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap

55.15.10

Soort verbintenis

55.81.10

Registergemeente akte waaraan gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

55.81.20

Aktenummer van de akte waaraan gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

55.82.10

Gemeente waar de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap aan het document ontleend zijn

55.82.20

Datum van de ontlening van de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap

55.82.30

Beschrijving van het document waaraan de gegevens over huwelijkssluiting/aangaan geregistreerd partnerschap of ontbinding huwelijk/geregistreerd partnerschap ontleend zijn

05.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Huwelijk/Geregistreerd partnerschap

   

06

OVERLIJDEN

   

06.08.10

Datum overlijden

06.08.20

Plaats overlijden

06.08.30

Land overlijden

   

07

INSCHRIJVING

   

07.69.10

Gemeente waar de persoonskaart zich bevindt

07.70.10

Indicatie geheim

07.87.10

PK-gegevens volledig meegeconverteerd

   

08

VERBLIJFPLAATS

   

08.09.10

Gemeente van inschrijving

08.09.20

Datum inschrijving in de gemeente

08.10.20

Gemeentedeel

08.10.30

Datum aanvang adreshouding

08.11.10

Straatnaam

08.11.20

Huisnummer

08.11.30

Huisletter

08.11.40

Huisnummertoevoeging

08.11.50

Aanduiding bij huisnummer

08.11.60

Postcode

08.11.70

Woonplaatsnaam

08.12.10

Locatiebeschrijving

08.13.10

Land adres buitenland

08.13.20

Datum aanvang adres buitenland

08.13.30

Regel 1 adres buitenland

08.13.40

Regel 2 adres buitenland

08.13.50

Regel 3 adres buitenland

08.14.10

Land vanwaar ingeschreven

08.14.20

Datum vestiging in Nederland

08.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Verblijfplaats

   

58

VERBLIJFPLAATS

   

58.09.10

Gemeente van inschrijving

58.09.20

Datum inschrijving in de gemeente

58.10.20

Gemeentedeel

58.10.30

Datum aanvang adreshouding

58.11.10

Straatnaam

58.11.20

Huisnummer

58.11.30

Huisletter

58.11.40

Huisnummertoevoeging

58.11.50

Aanduiding bij huisnummer

58.11.60

Postcode

58.11.70

Woonplaatsnaam

58.12.10

Locatiebeschrijving

58.13.10

Land adres buitenland

58.13.20

Datum aanvang adres buitenland

58.13.30

Regel 1 adres buitenland

58.13.40

Regel 2 adres buitenland

58.13.50

Regel 3 adres buitenland

58.14.10

Land vanwaar ingeschreven

58.14.20

Datum vestiging in Nederland

58.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Verblijfplaats

   

09

KIND

   

09.01.10

A-nummer kind

09.01.20

Burgerservicenummer kind

09.02.10

Voornamen kind

09.02.20

Adellijke titel/predicaat kind

09.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam kind

09.02.40

Geslachtsnaam kind

09.03.10

Geboortedatum kind

09.03.20

Geboorteplaats kind

09.03.30

Geboorteland kind

09.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Kind

   

59

KIND

   

59.01.10

A-nummer kind

59.01.20

Burgerservicenummer kind

59.02.10

Voornamen kind

59.02.20

Adellijke titel/predicaat kind

59.02.30

Voorvoegsel geslachtsnaam kind

59.02.40

Geslachtsnaam kind

59.03.10

Geboortedatum kind

59.03.20

Geboorteplaats kind

59.03.30

Geboorteland kind

59.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Kind

   

10

VERBLIJFSTITEL

   

10.39.10

Aanduiding verblijfstitel

10.39.20

Datum einde verblijfstitel

10.39.30

Ingangsdatum verblijfstitel

10.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Verblijfstitel

   

60

VERBLIJFSTITEL

   

60.39.10

Aanduiding verblijfstitel

60.39.20

Datum einde verblijfstitel

60.39.30

Ingangsdatum verblijfstitel

60.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Verblijfstitel

   

11

GEZAGSVERHOUDING

   

11.32.10

Indicatie gezag minderjarige

11.33.10

Indicatie curateleregister

11.82.10

Gemeente waar de gegevens over gezagsverhouding aan het document ontleend zijn

11.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Gezagsverhouding

   

61

GEZAGSVERHOUDING

   

61.32.10

Indicatie gezag minderjarige

61.33.10

Indicatie curateleregister

61.82.10

Gemeente waar de gegevens over gezagsverhouding aan het document ontleend zijn

61.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Gezagsverhouding

   

12

REISDOCUMENT

   

12.35.10

Soort Nederlands reisdocument

12.35.20

Nummer Nederlands reisdocument

12.35.30

Datum uitgifte Nederlands reisdocument

12.35.40

Autoriteit van afgifte Nederlands reisdocument

12.35.50

Datum einde geldigheid Nederlands reisdocument

12.35.60

Datum inhouding dan wel vermissing Nederlands reisdocument

12.35.70

Aanduiding inhouding dan wel vermissing Nederlands reisdocument

12.82.10

Gemeente waar het paspoortdossier zich bevindt

12.82.20

Datum van opname in het paspoortdossier

12.82.30

Beschrijving dossier waarin de aanvullende paspoortgegevens zich bevinden

12.85.10

Ingangsdatum geldigheid met betrekking tot de elementen van de categorie Reisdocument

TOELICHTING

1. Algemeen

Inleiding

De Wet basisregistratie personen (Wet BRP) vormt de juridische basis voor de basisregistratie personen. In de basisregistratie personen zijn persoonsgegevens opgeslagen in de vorm van persoonslijsten.

De basisregistratie personen bevat gegevens over personen die zijn ingeschreven bij een van de gemeenten in Nederland. De gemeenten houden deze gegevens bij.

Verder zijn in de basisregistratie personen gegevens opgenomen van personen die buiten Nederland woonachtig zijn, zogenoemde niet-ingezetenen. Gegevens van niet-ingezetenen worden bijgehouden door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze registratie van niet-ingezetenen in de basisregistratie personen wordt aangeduid als de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI). Over niet-ingezetenen wordt een beperkter aantal gegevens bijgehouden dan over ingezetenen. De gegevens in de RNI zijn niet aangemerkt als authentieke gegevens. Gegevens over niet-ingezetenen kunnen namelijk minder gemakkelijk actueel gehouden worden dan gegevens over ingezetenen.

De Wet BRP biedt de grondslag voor systematische gegevensverstrekking over ingezetenen en niet-ingezetenen aan overheidsorganen en daartoe aangewezen andere organisaties. Bij de systematische verstrekking worden vanuit een centraal bestand op geautomatiseerde wijze persoonsgegevens uit de basisregistratie personen verstrekt.

Organisaties die in aanmerking komen voor systematische gegevensverstrekking

Allereerst komen overheidsorganen in aanmerking voor systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen. Daarnaast kunnen ook organisaties die werkzaamheden verrichten met een gewichtig maatschappelijk belang daarvoor in aanmerking komen, indien deze werkzaamheden en deze organisaties op grond van artikel 3.3 van de Wet BRP zijn aangewezen. Voorts voorziet artikel 3.13 Wet BRP in systematische gegevensverstrekking aan onderzoeksinstellingen. Waar in het vervolg van deze toelichting zal worden gesproken over “de afnemer” worden daarmee zowel overheidsorganen als derden als onderzoeksinstellingen bedoeld.

Het autorisatiebesluit

Afnemers die systematisch gegevens verstrekt willen krijgen uit de basisregistratie personen dienen hiertoe een verzoek in bij de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het verzoek wordt gedaan in de vorm van een autorisatieaanvraagformulier. In dit formulier is aangegeven welke gegevens, over welke personen en voor welke taken de aanvrager op systematische wijze verstrekt wenst te krijgen. Het verzoek wordt getoetst, waarbij wordt uitgegaan van de beoordelingscriteria zoals deze zijn neergelegd in de Wet BRP en het Besluit basisregistratie personen (Besluit BRP). Onder meer bepalend is of en in hoeverre de verstrekking van de gegevens noodzakelijk is voor de goede vervulling van de taak van de aanvrager. Hierbij wordt steeds de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen, van wie de aanvrager gegevens verstrekt wenst te krijgen, gewaarborgd.

Na toetsing van het autorisatieverzoek wordt door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een autorisatiebesluit ten behoeve van de aanvrager genomen. In dit autorisatiebesluit wordt bepaald welke gegevens over welke categorieën van personen en in welke gevallen aan de afnemer worden verstrekt. Aan het autorisatiebesluit kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden in het belang van een zorgvuldige en doelmatige gegevensverstrekking.

Het autorisatiebesluit wordt voor zover mogelijk technisch vertaald in een zogenoemde autorisatietabelregel. Aan de hand van de autorisatietabelregel wordt de geautoriseerde afnemer herkend en kan de gegevensverstrekking vanuit de basisregistratie personen geautomatiseerd afgewikkeld worden.

2. Toelichting op de wijzen van verstrekken

De systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen kan op verschillende wijzen plaatsvinden. Op grond van dit besluit vindt de verstrekking op de volgende manier plaats:

De verstrekking op verzoek

Een afnemer kan op verzoek een set gegevens van een persoonslijst verstrekt krijgen. In het autorisatiebesluit is opgenomen welke gegevens van welke categorieën personen mogen worden opgevraagd.

Overige verstrekkingen

Door technische problemen kan het voorkomen dat het berichtenverkeer in een bepaalde periode niet of niet juist heeft plaatsgevonden. Om dit te herstellen wordt een zogenaamd “herstelbericht” verstuurd.

Indien een onderzoek is ingesteld of afgerond naar een gegeven of een verzameling van gegevens, wordt hiervan bij het verstrekte gegeven melding gedaan.

Op een persoonslijst kan bij historische gegevens de indicatie “onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” geplaatst worden. Deze gegevens zijn foutief en worden daarom in principe niet verstrekt.

Indien gegevens worden opgevraagd van een persoonslijst die is opgeschort, hetgeen onder meer gebeurt indien een ingeschrevene is overleden of geëmigreerd, worden de reden en datum opschorting bijhouding van de persoonslijst meeverstrekt. Bij verstrekking van gegevens van een persoonslijst van een niet-ingezetene, is het van belang om aan te geven wanneer de gegevens op de persoonslijst geverifieerd zijn en welke organisatie de in een categorie opgenomen gegevens heeft aangeleverd. Om dit te bereiken, worden de verificatiegegevens of de gegevens over de aanleverende organisatie, voor zover die gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, meeverstrekt als er gegevens worden verstrekt uit een categorie waarin die gegevensgroepen voorkomen.

3. De Minister van Justitie en Veiligheid

De geadresseerde van dit besluit is de Minister van Justitie en Veiligheid ten behoeve van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (in deze toelichting genoemd: de Minister van JenV).

De Minister van JenV is een overheidsorgaan als bedoeld in artikel 1.1, onder t, van de Wet BRP.

3.1. Taken van de Minister van JenV

De Rijkswet op het Nederlanderschap bevat de gronden voor verkrijging en verlies van het Nederlanderschap (RWN). Op grond van artikel 1, eerste lid, onder a RWN is de Minister van J&V belast met de uitvoering van deze wet.

Dit autorisatiebesluit heeft betrekking op de verstrekking van gegevens ten behoeve van nationaliteitsonderzoeken. Bij een nationaliteitsonderzoek wordt door de Minister van JenV onderzocht of dat de persoon die voorwerp is van onderzoek het Nederlanderschap heeft verkregen dan wel heeft verloren en op welke wettelijke grond(en) dit heeft plaatsgevonden. Dergelijke onderzoeken kunnen worden uitgevoerd ten aanzien van zowel ingeschrevenen (zowel ingezetenen als niet-ingezetenen) als niet-ingeschrevenen en ten aanzien van zowel nog levende personen als reeds overleden personen.

Omdat de verkrijging en het verlies van het Nederlanderschap in sommige gevallen afhankelijk is van de relatie van de persoon die voorwerp is van onderzoek met anderen, kunnen als onderdeel van het nationaliteitsonderzoek ook gegevens van anderen dan de persoon die voorwerp is van onderzoek worden verstrekt uit de Basisregistratie personen (BRP). Hierbij dient met name gedacht te worden aan gegevens over (groot)ouders en kinderen.

Het nationaliteitsonderzoek, waarvoor op grond van dit autorisatiebesluit gegevens uit de BRP worden verstrekt, wordt door de Immigratie- en Naturalisatiedienst namens de Minister van JenV uitgevoerd als onderdeel van een drietal taken die voortvloeien uit de RWN.

Adviestaak

De Minister van JenV heeft in zijn hoedanigheid als uitvoerder van de RWN een adviestaak. Het gaat om een advies dat ziet op de vraag of dat een persoon het Nederlanderschap al dan niet bezit. Het advies kan ten aanzien van iedere persoon gegeven worden, zowel ingeschrevenen als niet-ingeschrevenen en zowel levende personen als overledenen.

Er zijn verschillende situaties waarbij een dergelijk advies van de Minister van JenV aan bod komt. Indien een van deze situaties aan de orde is, zal door de Minister van JenV een nationaliteitsonderzoek worden verricht naar de persoon die voorwerp is van onderzoek. Het resultaat van een dergelijk nationaliteitsonderzoek vormt het uiteindelijke advies.

Omdat dit nationaliteitsonderzoek ook betrekking kan hebben op ingeschrevenen en de BRP gegevens bevat (mede) aan de hand waarvan kan worden bepaald of dat een of meer gronden voor verkrijging dan wel verlies van het Nederlanderschap van toepassing zijn, zijn gegevens uit de BRP nodig teneinde het nationaliteitsonderzoek, en de in het verlengde hiervan liggende adviestaak van de Minister van JenV, goed te kunnen uitvoeren.

De volgende adviessituaties kunnen zich voordoen:

  • 1. Op grond van artikel 17 RWN kan een ieder, mits aan alle voorwaarden van dit artikel wordt voldaan, de rechtbank ’s-Gravenhage verzoeken vast te stellen of dat hij of zij het Nederlanderschap al dan niet bezit of op enig moment heeft bezeten. Het verzoek kan ook worden gedaan ten behoeve van een overledene.

    In het geval de verzoeker woonachtig is op Aruba, Curaçao, Sint-Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba, zal niet de rechtbank ’s-Gravenhage, maar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (verder: Gemeenschappelijk Hof van Justitie) het verzoek behandelen en de vaststelling verrichten.

    Bij een verzoek gericht aan het Gemeenschappelijk Hof van Justitie is het Openbaar Ministerie de procespartij en treedt de Minister van JenV op in een adviserende rol.

  • 2. Op grond van artikel 20 RWN kan, indien gedurende een rechterlijke procedure twijfel bestaat over het al dan niet bezitten of hebben bezeten van het Nederlanderschap door een of meer belanghebbenden, de rechter advies vragen aan de Minister van JenV hierover.

    In het geval dat deze twijfel over het al dan niet bezitten of hebben bezeten van het Nederlanderschap door een of meer belanghebbenden zich voordoet bij de behandeling van een administratief beroep, is de behandelende instantie verplicht om advies te vragen aan de Minister van JenV.

    Indien het gaat om een rechterlijke procedure die of administratief beroep dat aanhangig is in Aruba, Curaçao of Sint Maarten is niet de Minister van JenV, maar de Minister van Justitie van Aruba, Curaçao of Sint Maarten die het advies uitbrengt. Nu de Minister van JenV in deze situaties niet de partij is die het advies uitbrengt, kunnen door hem voor deze adviesvragen geen gegevens uit de BRP worden opgevraagd.

  • 3. Instanties in zowel binnen- als buitenland kunnen bij de uitvoering van op hen rustende wettelijke taken of verplichtingen dan wel de uitoefening van aan hen toekomende bevoegdheden te maken krijgen met situaties waarbij het al dan niet bezitten of hebben bezeten van het Nederlanderschap door een persoon een rol speelt. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de afgifte van Nederlandse reisdocumenten in het buitenland door de Minister van Buitenlandse Zaken.

    Door voornoemde instanties kan aan de Minister van JenV, indien er onzekerheid bestaat over het al dan niet bezitten dan wel hebben bezeten van het Nederlanderschap, om advies gevraagd worden.

  • 4. Door iedereen kan, bijvoorbeeld per brief, aan de Minister van JenV verzocht worden na te gaan of dat een persoon het Nederlanderschap al dan niet bezit. De Minister van JenV voert bij ontvangst van een dergelijk verzoek een nationaliteitsonderzoek uit en geeft een advies.

Procespartij

Bij een verzoek, ingediend op grond van artikel 17 RWN, bij de rechtbank ‘s-Gravenhage treedt de Minister van JenV op als procespartij. Als onderdeel van de procedure en in haar hoedanigheid als procespartij voert de Minister van JenV een nationaliteitsonderzoek uit.

De noodzaak voor gegevensverstrekking uit de BRP is identiek aan de noodzaak voor gegevensverstrekking bij de adviestaak van de Minister van JenV, zij het dat in plaats van het goed kunnen uitvoeren van de adviestaak, het goed kunnen uitvoeren van de rol van de Minister van JenV als procespartij de noodzaak vormt.

Onderzoek wijze van afdoening optieverklaringen

Op grond van artikel 3, lid 5 Regeling verkrijging en verlies Nederlanderschap wordt regelmatig de wijze van afdoening van optieverklaringen onderzocht. Dit wordt gedaan door de Minister van JenV en de uitvoeringsinstanties leveren hieraan hun medewerking. Bij het onderzoek wordt gekeken of dat de optieverklaringen op de juiste wijze zijn afgedaan.

Om dit type onderzoek op een deugdelijke wijze te kunnen uitvoeren bestaat er een noodzaak tot verstrekking van BRP-gegevens. Dit omdat bij deze optieverklaringen ingeschrevenen betrokken kunnen zijn en de BRP gegevens bevat (mede) aan de hand waarvan kan worden bepaald of dat een of meer gronden voor verkrijging van het Nederlanderschap op basis van optie van toepassing zijn.

3.2. Wijzen van verstrekken aan de Minister van JenV

De Minister van JenV heeft ten behoeve van de uitvoering van de hiervoor beschreven taken systematische gegevensverstrekking nodig uit de basisregistratie personen. De Minister van JenV krijgt hiervoor gegevensverstrekking op verzoek uit de basisregistratie personen. Het betreft de gegevens die zijn opgenomen in de bijlage.

3.3. Toelichting te verstrekken gegevens

Categorie 01 Persoon en categorie 51 Persoon (Historisch)

Voor het vaststellen van de identiteit van de persoon die voorwerp is van onderzoek zijn gegevens uit Categorie 01 Persoon relevant. Daarnaast is het voor het vaststellen van de Nederlandse nationaliteit relevant dat de juiste voor- en geslachtsnaam wordt vastgesteld en of, en welke, naamswijzigingen hebben plaatsgevonden mede met het oog op het vaststellen van de identiteit. Voor het vaststellen van de identiteit is relevant sedert welk tijdstip en op grond van welk document een persoon gebruik heeft gemaakt van een bepaalde naam of die naam heeft laten wijzigen.

De geboortegegevens van de persoon die voorwerp is van onderzoek worden verstrekt ter identificatie van de persoon, maar tevens omdat bij bepaalde verkrijgingsgronden voor het Nederlanderschap op grond van de RWN deze gegevens een rol spelen.

Het gegeven “01.04.10 & 51.01.10 geslachtsaanduiding” wordt verstrekt nu dit gegeven relevant kan zijn bij het bepalen van het juridisch ouderschap over een kind.

Het gegeven “01.61.10 & 51.61.10 aanduiding naamgebruik” wordt verstrekt om te achterhalen welke naam door een persoon die voorwerp is van onderzoek wordt gevoerd dan wel in het verleden is gevoerd. Daarnaast kan als gevolg van een naturalisatie een naamswijziging zijn opgetreden, omdat bij de naturalisatie de naam van de echtgenoot is gekozen. Mede aan de hand van het gegeven aanduiding naamgebruik kan bepaald worden of dat dit zich heeft voorgedaan.

Categorie 02/03 Ouder1/Ouder2 en categorie 52/53 Ouder1/Ouder2 (Historisch)

Nederlander is het kind waarvan ten tijde van de geboorte de vader of moeder Nederlander is (artikel 3 lid 1 RWN), die als derde generatie in Nederland is geboren (artikel 3 lid 3 RWN), waarvan het ouderschap van een Nederlandse ouder gerechtelijk is vastgesteld (artikel 4 lid 1 RWN), die is erkend door een Nederlandse man (artikel 4 leden 2 en 4 RWN), die is geadopteerd door een Nederlander (artikel 5 RWN). Gelet hierop is gegevensverstrekking omtrent de afstamming van beide (groot)ouders noodzakelijk. Om de afstamming en daarmee het Nederlanderschap te kunnen vaststellen is het tijdstip waarop de familierechtelijke betrekking met de ouder is ontstaan relevant.

Een of beide ouders zullen doorgaans de wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige zijn. Indien een persoon bij het indienen van een verzoek aangeeft op te treden als wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige op grond van het feit dat hij of zij de ouder is van de minderjarige, dan zijn BRP-gegevens omtrent de ouder noodzakelijk om na te gaan of dat deze persoon daadwerkelijk de ouder is van de minderjarige op wie het verzoek ziet. Bij een overleden minderjarige ingeschrevene zijn deze gegevens tevens noodzakelijk indien een nabestaande beweert als ouder een nationaliteitsonderzoek ten aanzien van de overleden minderjarige te willen.

Categorie 04 Nationaliteit en Categorie 54 Nationaliteit (Historisch)

Voor een nationaliteitsonderzoek is informatie omtrent de reden en datum van de verkrijging en het verlies van het Nederlanderschap of een andere nationaliteit, of de reden en datum van het verlies relevant, evenals bij welke gemeente meer gegevens kunnen worden opgevraagd (bijvoorbeeld de persoonskaart) of andere documenten die inzicht geven in deze verkrijging of het verlies.

Categorie 05 Huwelijk/geregistreerd partnerschap en categorie 55 Huwelijk/geregistreerd partnerschap (Historisch)

Gegevens over de (Nederlandse) huwelijkspartner/geregistreerd partner, de plaats en datum huwelijkssluiting, plaats en datum huwelijksontbinding, de gemeente waar meer informatie kan worden verkregen (aanwezigheid persoonskaart, (buitenlandse) akten) zijn relevant voor een onderzoek naar de afstamming en nationaliteit van een persoon.

De familierechtelijke betrekking tussen een kind geboren uit een veelal in het buitenland gesloten bigaam huwelijk en de bigaam gehuwde Nederlandse man, worden in Nederland niet erkend zolang de bigame situatie voortduurt. Dit kind wordt geen Nederlander op grond van artikel 3 lid 1 RWN. Daarnaast worden niet alle wijzen van huwelijksontbinding in het buitenland (verstoting) erkend in Nederland. Een Nederlander die vrijwillig een andere nationaliteit aanneemt en gehuwd is met een persoon die die nationaliteit bezit, verliest het Nederlanderschap niet (artikel 15 lid 2 RWN). Een naturalisandus die gehuwd is met een Nederlander is tevens niet verplicht afstand te doen van zijn oorspronkelijke nationaliteit (artikel 9 lid 3 onder c RWN).

Geboortegegevens over de huwelijkspartner/geregistreerd partner zijn relevant nu voorafgaand aan een nationaliteitsonderzoek de identiteit van de betrokken persoon én zijn geregistreerd/huwelijkspartner moet worden onderzocht en vaststaan. Deze gegevens zijn met name van belang om te kijken of eerdere opgaven door betrokkenen correct zijn in verband met fraude. Dat kan mede door de gegevens op een (huwelijks)akte te vergelijken met andere gegevens.

Het gegeven “05.15.10 & 55.15.10 Soort verbintenis” is relevant omdat, hoewel onder de RWN een geregistreerd partnerschap in beginsel gelijkgesteld wordt met een huwelijk, dit onder bepaalde Verdragen en Overeenkomsten waarnaar wordt verwezen in de RWN niet het geval is. Dat een huwelijk en geregistreerd partnerschap onder deze regels niet gelijk worden gesteld aan elkaar kan gevolgen hebben voor de toepassing van verkrijgings- en verliesgronden van het Nederlanderschap.

Categorie 06 Overlijden

Voor de afstammingsvraag, een optiemogelijkheid en een mogelijk verlies van het Nederlanderschap is van belang of een ouder op een bepaald tijdstip en plaats is overleden (artikelen 3 lid 1, 4 lid 1, 6 lid 1 onder k t/m o, 16 lid 2 onder b RWN).

Categorie 07 Inschrijving

Met de invoering van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens zijn de fysieke persoonskaarten geconverteerd (digitaal) naar de GBA/BRP. Op de persoonskaart staan niettemin vaak extra aantekeningen, relevant voor het nationaliteitsonderzoek. Het is daarbij eveneens van belang te weten of dat alle gegevens op de persoonskaart zijn meegeconverteerd. Als een persoonskaart niet volledig is geconverteerd dan zijn de gegevens in de BRP niet compleet en zal de persoonskaart bij de gemeente moeten worden opgevraagd ter aanvulling van de ontbrekende gegevens. In de BRP wordt vermeld bij welke gemeente die persoonskaart aanwezig is en kan worden opgevraagd: daarom wordt ook het gegeven “07.69.10 gemeente waar de persoonskaart zich bevindt” verstrekt.

De Minister van JenV krijgt tevens het gegeven “07.70.10 Indicatie geheim” verstrekt. Met dit gegeven wordt aangeduid of een ingeschrevene de gemeente heeft verzocht om zijn of haar gegevens niet te verstrekken aan bepaalde derden. Indien dit het geval is, kan de Minister van JenV aanvullende maatregelen treffen om de privacy van de ingeschrevene te waarborgen.

Categorie 08 Verblijfplaats en categorie 58 Verblijfplaats (historisch)

Gelet op mogelijk van rechtswege verlies van het Nederlanderschap of stuiting van een verliestermijn (artikel 15 RWN) zijn gegevens omtrent datum emigratie uit Nederland, naar welk land, adres in het buitenland, datum (her)vestiging in Nederland en vanuit welk land, en datum verstrekking Nederlands reisdocument (artikel 15 lid 4 RWN) relevant. Daarnaast speelt het hebben van hoofdverblijf in Nederland en de duur van het verblijf in Nederland een rol bij een aantal gronden voor verkrijging van het Nederlanderschap.

Tot de herziening van de RWN op 1 april 2003 deelde ieder kind in de naturalisatie van de ouder die genaturaliseerd werd, tenzij in het koninklijk besluit voor dat kind een individueel voorbehoud werd gemaakt of het kind valt onder het zogenaamde algemene voorbehoud (artikel 11 RWN). Dat algemene voorbehoud is gemaakt voor kinderen die in het buitenland woonden of die weliswaar in Nederland woonden, maar geen geldige verblijfsvergunning bezaten. Kinderen voor wie in het koninklijk besluit geen voorbehoud is gemaakt of die niet onder het algemene voorbehoud vallen, zijn automatisch mee-genaturaliseerd. Gegevens omtrent de historische verblijfplaats (van deze kinderen) zijn noodzakelijk onder meer om vast te stellen of een kind onder het destijds geldende algemene voorbehoud valt.

Een vóór de wetswijziging van boek 1 BW van 1 april 2014 gedane erkenning door een Nederlandse gehuwde man is nietig (artikel 1:203 lid 1 onder e BW) en heeft geen nationaliteitsgevolg, tenzij door een rechter wordt vastgesteld dat er ten tijde van die erkenning sprake was van een nauwe persoonlijke betrekking tussen de man en het kind of dat er tussen de man en de moeder van het kind een relatie vergelijkbaar met een huwelijk bestond. Gelet hierop zijn alle historische adresgegevens vanaf geboorte of binnenkomst Nederland, van zowel de man als de moeder en het kind, relevant om het verblijf in Nederland, de samenwoning met de ouder of de bewuste nauwe band vast te stellen.

Daarnaast zijn gegevens omtrent de verblijfplaats, zowel actueel als historisch, relevant om te kunnen nagaan of sprake is van 3 jaar verzorging en opvoeding door een Nederlander als bedoeld in art. 6 lid 1 onder c en d RWN.

Categorie 09 Kind en categorie 59 Kind (Historisch)

Voor het vaststellen van de afstammingsrelatie en het beoordelen van een daarvan afgeleid Nederlanderschap, zijn gegevens over de kinderen van een ingeschrevene, met vermelding van de datum waarop die gegevens geldig zijn relevant.

De historische kindgegevens zijn relevant in het geval dat er sprake is geweest van de adoptie van een kind.

Categorie 10 Verblijfstitel en categorie 60 Verblijfstitel (Historisch)

Een optant/verzoeker om naturalisatie en de kinderen die delen in die optie/naturalisatie dienen een bepaalde onafgebroken termijn een geldige verblijfsvergunning in Nederland te hebben (artikelen 6 lid 1 onder b, e, f, g, h, 8 lid 1 onder c, 11 leden 2 t/m 5 RWN). Alle huidige en historische verblijfstitelgegevens zijn van belang om zogenaamde verblijfsgaten in die termijn te detecteren. Een ingangsdatum of einddatum van een verblijfstitel kan tevens een indicatie zijn voor een verblijf binnen of buiten Nederland in verband met het vaststellen van de start of de stuiting van de verliestermijn (artikel 15 lid 1 onder c RWN).

Categorie 11 Gezagsverhouding en categorie 61 Gezagsverhouding (Historisch)

Een optieverklaring of een naturalisatieverzoek voor een minderjarige kan worden ingediend door zijn wettelijk vertegenwoordiger. Gegevens omtrent het ouderlijk gezag, de ingangsdatum van dat gezag (alleen een persoon die op een bepaald tijdstip de wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige is kan bepaalde rechtshandelingen voor de minderjarige verrichten) en de gemeente waar deze gegevens zijn opgeslagen (aldaar kan een betreffend document eventueel worden opgevraagd) zijn relevant.

Daarnaast is het gegeven “indicatie gezag minderjarige” noodzakelijk om te kunnen achterhalen wie de wettelijk vertegenwoordiger van een minderjarige is en een verzoek namens deze minderjarige kan indienen. Het gegeven indicatie curateleregister is noodzakelijk om na te gaan of dat een persoon onder curatele staat en om die reden een wettelijk vertegenwoordiger heeft die namens hem of haar een verzoek tot het doen van een nationaliteitsonderzoek kan indienen.

Categorie 12 Reisdocument

De gegevens in deze categorie zijn relevant in verband met de stuiting van de verliestermijn voor het Nederlanderschap (artikel 15 lid 4 RWN). Gegevens over de locatie waar het paspoortdossier zich bevindt zijn relevant in verband met het kunnen achterhalen van onder andere mogelijke identiteitsfraude, fraude met erkenningen in buitenland.

4. Bijzonderheden aangaande de Minister van JenV

De Minister van JenV is met de autorisatiebesluiten van 27 juli 2017, 2017-0000349407, 29 september 2017, 2017-0000320853 en 29 november 2017, 2017-0000602853 op dit moment reeds geautoriseerd voor taken in het kader van de Rijkswet op het Nederlanderschap.

De door de Minister van JenV te verrichten nationaliteitsonderzoeken en de taken waarbij deze onderzoeken aan de orde zijn, nemen een unieke positie in ten opzichte van de andere taken die de Minister van JenV verricht in het kader van de Rijkswet op het Nederlanderschap en kennen een ruimere gegevensbehoefte. Om die redenen wordt de Minister van JenV middels dit autorisatiebesluit afzonderlijk geautoriseerd voor het kunnen verrichten van nationaliteitsonderzoeken als onderdeel van de bijbehorende, uit de Rijkswet op het Nederlanderschap voortvloeiende, taken.

5. Inlichtingenplicht

Teneinde de autorisatie actueel te houden dient de Minister van JenV tijdig inlichtingen te verschaffen over wijzigingen die zich voordoen in zijn taak, in de regelingen waarop die taak is gebaseerd of wijzigingen in de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van die taak. Het is de uitdrukkelijke verantwoordelijkheid van de Minister van JenV om deze informatie onverwijld kenbaar te maken aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Eventuele gevolgen van onjuistheden in de autorisatie als gevolg van het niet of niet tijdig doorgeven van dergelijke wijzigingen komen voor de verantwoordelijkheid van de Minister van JenV.

6. Publicatie

Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Het besluit wordt tevens geplaatst op de internetpagina van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens, publicaties.rvig.nl.