De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Gelet op artikel 7.3, eerste lid, en 7.5, eerste lid, van de Erfgoedwet;
Besluit:
ARTIKEL I
In de Subsidieregeling instandhouding monumenten wordt na artikel 42c een artikel
ingevoegd, luidende:
Artikel 42d. Aanpassing subsidieplafond 2019
-
1. In 2019 wordt het budget voor archeologische rijksmonumenten, bedoeld in artikel
3, eerste lid, onderdeel a, verminderd met een bedrag van € 2 miljoen.
-
2. In 2019 wordt aan het budget voor groene monumenten, bedoeld in artikel 3, eerste
lid, onderdeel b, een bedrag van € 2 miljoen toegevoegd.
-
3. In 2019 wordt aan het budget voor overige monumenten, bedoeld in artikel 3, eerste
lid, onderdeel c, een bedrag van € 23 miljoen toegevoegd.
ARTIKEL II
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap I.K. van Engelshoven
TOELICHTING
Algemeen
Eenmalige verhoging subsidieplafonds overige rijksmonumenten en groene monumenten
In 2019 is er voor € 25 miljoen meer subsidie aangevraagd dan er initieel aan budget
beschikbaar was gesteld. Er is sprake van overvraag bij de categorieën overige rijksmonumenten
en groene monumenten. Daar tegenover staat dat er evenals vorige jaren budget overblijft
bij de categorie archeologische monumenten.
De overvraag wordt gedeeltelijk verklaard door een vergelijking te maken met 2013.
Ook toen was er sprake van een overvraag. Van die groep aanvragers heeft 65% dit jaar
(vanwege de 6-jaarscyclus van de Sim) wederom subsidie aangevraagd. Andere oorzaken
zijn de prijsstijgingen in de restauratiesector, die net zoals prijsstijgingen in
andere sectoren van de bouw het gevolg zijn van de sterke economische groei van de
afgelopen jaren. Bovendien wordt de Sim steeds beter benut door bepaalde groepen eigenaren
zoals decentrale overheden en het bedrijfsleven, en is het aantal aanvragen gegroeid
voor agrarische gebouwen en kastelen, landhuizen.
De overvraag wordt gedekt door een herschikking van reeds bestaande middelen binnen
de monumentenzorg. Al enkele jaren blijft er budget over bij de categorie archeologische
monumenten. Een deel van deze middelen wordt gebruikt om de overvraag bij groene monumenten
te dekken. De overvraag bij de overige rijksmonumenten wordt deels gefinancierd door
vrijvallende middelen in de monumentenzorg. Subsidies worden gemiddeld 10% lager vastgesteld
dan het verleende subsidiebedrag. De vrijvallende middelen die daardoor over meerdere
jaren ontstaan zet ik nu in ter verhoging van het budget voor de Sim. Ten slotte is
er voor 2019 € 5,169 miljoen prijsbijstelling beschikbaar.
In 2020 wordt de Sim geëvalueerd (tegelijkertijd met de evaluatie van het eerste gebruik
van de woonhuisregeling) en op basis daarvan zo nodig aangepast. Dat biedt mogelijkheden
voor meer structurele oplossingen voor een eventueel blijvende overvraag op de Sim-regeling.
In 2020 wordt de Sim geëvalueerd (evenals het eerste gebruik van de woonhuisregeling)
en op basis daarvan zo nodig aangepast.
Administratieve lasten
Deze regeling heeft geen gevolgen voor de administratieve lasten, omdat er geen wijzigingen
zijn aangebracht in de indieningsvereisten voor een aanvraag of de voorbereidingshandelingen
voor een aanvraag.
Artikelsgewijs
Artikel I
De afgelopen jaren was de vraag naar Sim-subsidies voor archeologische monumenten
lager dan het jaarlijks beschikbare bedrag. Daardoor is het beschikbare budget voor
archeologie opgelopen tot € 3.186.564. Van dit budget wordt € 2.000.000 overgeheveld
naar het budget voor groene monumenten. Het resterende bedrag voor archeologische
monumenten is € 1.186.564 (eerste lid).
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
I.K. van Engelshoven