Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
overigStaatscourant 2019, 44486Interne regelingen

Mandaatbesluit Stichting VAM, Opleidingsinstituut voor het Motorvoertuig-, Tweewieler- en Aanverwant Bedrijf (hierna: ‘Stichting VAM’)

Datum: 9 juli 2019

Kenmerk: 19.010

Besluit van het bestuur van de Stichting VAM (IBKI) en de directeur IBKI houdende regels inzake mandaat,

gelet op:

  • de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993;

  • het Besluit rijonderricht motorrijtuigen 2009;

  • de Regeling rijonderricht motorrijtuigen 2009;

  • de Regeling aanpassing voertuigen;

  • de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK;

  • het Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur/reparateur Tachografen;

  • de Uitbreiding Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur/reparateur Tachografen;

  • het Mandaatbesluit verklaringen;

  • afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;

besluiten:

vast te stellen het navolgende Mandaatbesluit Stichting VAM (IBKI).

Artikel 1. Definities

In dit besluit wordt verstaan onder:

a) De directeur IBKI:

de directeur van het Exameninstituut IBKI

b) Mandaat:

de bevoegdheid om namens Stichting VAM besluiten te nemen, als bedoeld in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht.

c) Volmacht:

de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.

d) Machtiging:

de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

e) Stichting VAM (IBKI):

het bestuursorgaan. IBKI is een handelsnaam van Stichting VAM (hierna ook: IBKI).

f) Mandaatregister:

het register waarin de verleende mandaten en ondermandaten, volmachten en machtigingen worden opgenomen.

Artikel 2. Mandaat WRM

  • 1. IBKI is op grond van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 (hierna ook: ‘WRM’), het Besluit rijonderricht motorrijtuigen 2009 (hierna ook: ‘BRM’) en de Regeling rijonderricht motorrijtuigen 2009 (hierna ook: ‘RRM’) belast met de uitvoering van publiekrechtelijke taken.

  • 2. De besluiten in primo op grond van deze wet- en regelgeving worden door IBKI gemandateerd aan de functionarissen als genoemd in het mandaatregister (bijlage 1 bij dit mandaatbesluit).

  • 3. De functionarissen als genoemd in lid 2 van dit artikel worden door IBKI gemachtigd om in een bezwaarprocedure een toelichting te geven bij het genomen besluit. Tevens worden zij gemachtigd om namens IBKI te handelen bij de uitvoering van de betreffende wet- en regelgeving.

  • 4. De directeur van IBKI wordt door Stichting VAM (IBKI) gemandateerd om ten aanzien van deze publiekrechtelijke taken de beslissingen op bezwaar te nemen voor zover dit volgt uit het mandaatregister, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel.

  • 5. Indien en voor zover in het mandaatregister zoals genoemd in lid 2 van dit artikel geen functionaris wordt genoemd, wordt door IBKI voor deze besluiten geen mandaat verleend.

Artikel 3. Mandaat APK

  • 1. IBKI is op grond van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK (hierna: ‘Regeling APK’) belast met de uitvoering van publiekrechtelijke taken.

  • 2. De besluiten in primo op grond van deze regelgeving worden door IBKI gemandateerd aan de functionarissen als genoemd in het mandaatregister (bijlage 2 bij dit mandaatbesluit).

  • 3. De functionarissen als genoemd in lid 2 van dit artikel worden door IBKI gemachtigd om in een bezwaarprocedure een toelichting te geven bij het genomen besluit. Tevens worden zij gemachtigd om namens IBKI te handelen bij de uitvoering van de betreffende regelgeving.

  • 4. De directeur van IBKI wordt door Stichting VAM (IBKI) gemandateerd om ten aanzien van deze publiekrechtelijke taken de beslissingen op bezwaar te nemen voor zover dit volgt uit het mandaatregister, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel.

  • 5. Indien en voor zover in het mandaatregister zoals genoemd in lid 2 van dit artikel geen functionaris wordt genoemd, wordt door IBKI voor deze besluiten geen mandaat verleend.

Artikel 4. Mandaat LPG

  • 1. IBKI is op grond van de Regeling aanpassing voertuigen belast met de uitvoering van publiekrechtelijke taken.

  • 2. De besluiten in primo op grond van deze regelgeving worden door IBKI gemandateerd aan de functionarissen als genoemd in het mandaatregister (bijlage 3 bij dit mandaatbesluit).

  • 3. De functionarissen als genoemd in lid 2 van dit artikel worden door IBKI gemachtigd om in een bezwaarprocedure een toelichting te geven bij het genomen besluit. Tevens worden zij gemachtigd om namens IBKI te handelen bij de uitvoering van de betreffende regelgeving.

  • 4. De directeur van IBKI wordt door Stichting VAM (IBKI) gemandateerd om ten aanzien van deze publiekrechtelijke taken de beslissingen op bezwaar te nemen voor zover dit volgt uit het mandaatregister, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel.

  • 5. Indien en voor zover in het mandaatregister zoals genoemd in lid 2 van dit artikel geen functionaris wordt genoemd, wordt door IBKI voor deze besluiten geen mandaat verleend.

Artikel 5. Mandaat verklaringen

  • 1. IBKI is op grond van het ‘Mandaatbesluit verklaringen' (bijlage 6) bevoegd om in mandaat te handelen namens de Dienst Wegverkeer (RDW). Op grond van dit mandaat is IBKI bevoegd in mandaat besluiten te nemen gelet op de artikelen 3 lid 1, onder g van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen (verklaring examen lichte voertuigen), 5 lid 1, onder f van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen (verklaring examen zware (bedrijfs)voertuigen) en 3, aanhef en onder d van de Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015 (verklaring examen LPG-technicus).

  • 2. Op grond van artikel 3 van het ‘Mandaatbesluit verklaringen’ is het IBKI toegestaan de aan hem verleende bevoegdheden in ondermandaat aan medewerkers van IBKI te verlenen. De directeur van Stichting VAM (IBKI) verleent ondermandaat aan de functionarissen als genoemd in het mandaatregister (bijlage 4 bij dit mandaatbesluit).

  • 3. De directeur van IBKI is op grond van artikel 5 van het 'Mandaatbesluit verklaringen' bevoegd om, in het kader van de artikelen 3 lid 1, onder g van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen (verklaring examen lichte voertuigen), 5 lid 1, onder f van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen (verklaring examen zware (bedrijfs)voertuigen) en 3, aanhef en onder d van de Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015 (verklaring examen LPG-technicus), bezwaarschriften tegen de toekenning of afwijzing van een verklaring, te behandelen en de beslissingen op bezwaar te nemen.

Artikel 6. Mandaat Tachograaf

  • 1. De directeur van IBKI is op grond van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur/reparateur Tachografen’ van 20 september 2016 (bijlage 7) bevoegd om in mandaat te handelen namens de Dienst Wegverkeer (RDW). Op grond van dit mandaat is IBKI bevoegd in mandaat besluiten te nemen gelet op de artikelen 6 en 12 van de Regeling controleapparaten 2005.

  • 2. Op grond van artikel 5 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur/reparateur Tachografen’ is het de directeur van Stichting VAM (IBKI) toegestaan de aan hem verleende bevoegdheden aan medewerkers in dienst van IBKI ondermandaat te verlenen. De directeur van Stichting VAM (IBKI) verleent ondermandaat aan de functionarissen als genoemd in het mandaatregister (bijlage 5 bij dit mandaatbesluit).

  • 3. De Stichting VAM (IBKI) is op grond van de ‘Uitbreiding Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur/reparateur Tachografen’ (bijlage 8) bevoegd om, in het kader van de artikelen 6 en 12 van de Regeling controleapparaten 2005, bezwaarschriften tegen de uitslag van een examen of een toets te behandelen en de beslissingen op bezwaar te nemen.

  • 4. De directeur van IBKI wordt door Stichting VAM (IBKI) gemandateerd om de bevoegdheid zoals beschreven in lid 3 van dit artikel uit te voeren, in dat kader bezwaarschriften tegen de uitslag van een examen of een toets te behandelen en de beslissingen op bezwaar te nemen, voor zover dit volgt uit het mandaatregister, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel.

Artikel 7. Algemene uitzonderingen van mandaat

  • 1. Geen mandaat wordt verleend indien artikel 10:3 Awb van toepassing is.

Artikel 8. Bijzondere uitzonderingen van mandaat

  • 1. De directeur van IBKI is bevoegd het mandaat van functionarissen die zijn opgenomen in het mandaatregister te beperken, nadat dit is afgestemd met Stichting VAM (IBKI).

  • 2. Het beperken van mandaat geschiedt schriftelijk en wordt als bijlage aan dit mandaatbesluit gevoegd, tenzij het een concrete, individuele en eenmalige aangelegenheid betreft.

Artikel 9. Ondermandaat

  • 1. De directeur van IBKI en de functionarissen die zijn opgenomen in het mandaatregister zijn bevoegd ondermandaat te verlenen, nadat dit is voorgelegd aan Stichting VAM (IBKI).

  • 2. Op ondermandaat zijn de bepalingen van dit besluit van overeenkomstige toepassing.

  • 3. Het verlenen van ondermandaat geschiedt schriftelijk en wordt als bijlage aan dit mandaatbesluit gevoegd.

  • 4. De functionarissen die op grond van de artikelen 5 en 6 van dit mandaatbesluit de bevoegdheid hebben verkregen om in ondermandaat te handelen, kunnen deze bevoegdheid niet in ondermandaat doorgeven.

Artikel 10. Terugkoppeling

  • 1. De mandaathouder draagt er zorg voor dat er terugkoppeling aan het bestuursorgaan plaatsvindt voordat een besluit wordt genomen, indien:

    • a. het gaat om een besluit op bezwaar;

    • b. het bestuursorgaan dit kenbaar heeft gemaakt;

    • c. het besluit ingrijpende financiële consequenties heeft voor het bestuursorgaan;

    • d. het besluit ingrijpende gevolgen heeft voor de betrokkene, bijvoorbeeld het verlies van een bepaalde bevoegdheid;

    • e. het besluit of (rechts)handeling als politiek, bestuurlijk of anderszins gevoelig wordt aangemerkt;

    • f. de aangelegenheid tot kritische berichtgeving in de media heeft geleid dan wel in verband met de aard van de aangelegenheid redelijkerwijs moet worden aangenomen dat dit kan gebeuren.

  • 2. Inkomende klachten worden gemeld aan het bestuur van de Stichting VAM (IBKI);

  • 3. Het bestuursorgaan verliest de bevoegdheid om zelf het besluit te nemen niet en kan dit ook te allen tijde doen.

Artikel 11. Ondertekening

  • 1. De bevoegdheid om in mandaat beslissingen te nemen impliceert de bevoegdheid tot ondertekening namens het bestuursorgaan, tenzij dit anders is geregeld.

  • 2. De stukken worden als volgt ondertekend:

    namens IBKI

    gevolgd door functieaanduiding, ondertekening en naam

  • 3. Indien en voor zover sprake is van een bevoegdheid verkregen in ondermandaat wordt door de gemandateerde de naam van de ondermandaatgever in de stukken genoemd.

Artikel 12. Volmacht en machtiging

Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden met mandaat gelijkgesteld de verlening van volmacht en machtiging, tenzij de aard van de betreffende bevoegdheid zich daartegen verzet. De volmacht en machtiging zien uitsluitend op werkzaamheden en aangelegenheden op het werkterrein van de gemandateerde, die aansluiten bij en samenhangen met de werkzaamheden waarvoor door het oorspronkelijke bestuursorgaan een mandaat is verstrekt.

Artikel 13. Intrekking

Met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit worden alle eerder genomen mandaatbesluiten op grond van de voornoemde wet- en regelgeving van Stichting VAM (IBKI) ingetrokken.

Artikel 14. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt met terugwerkende kracht in werking op 1 november 2001.

Artikel 15. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als ‘Mandaatbesluit Stichting VAM (IBKI)’.

Mededeling

Belanghebbenden kunnen bezwaar maken tegen dit besluit binnen zes weken na publicatie. Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

TOELICHTING OP HET MANDAATBESLUIT STICHTING VAM (IBKI)

Voor u ligt het mandaatbesluit van de Stichting VAM (IBKI). In artikel 10:1 van de Algemene wet bestuursrecht wordt mandaat omschreven als de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. De bevoegdheid in mandaat wordt uitgeoefend onder verantwoordelijkheid van het oorspronkelijke bestuursorgaan. De gemandateerde kan namens de mandaatgever besluiten nemen. Deze besluiten worden toegerekend aan het bestuursorgaan zelf. Het bestuursorgaan verliest de bevoegdheid om zelf het besluit te nemen niet en kan dit ook te allen tijde doen. Ook betekent dit dat bezwaar en beroep tegen een in mandaat genomen besluit wordt ingesteld tegen het bestuursorgaan zelf en niet tegen de ambtenaar die het besluit feitelijk heeft genomen.

In het mandaatbesluit is degene die bevoegd is in mandaat een besluit te nemen tevens bevoegd dit besluit te ondertekenen. Uitgangspunt van het mandaatbesluit is dat alle bevoegdheden beslissingsmandaten betreffen, tenzij uitdrukkelijk anders aangegeven.

Met beslissingen worden hier zowel beslissingen gericht op rechtsgevolg bedoeld (besluiten in de zin van de Awb) als beslissingen die niet zijn gericht op rechtsgevolg.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1

Spreekt voor zich.

Artikelen 2 tot en met 6

In deze artikelen worden de bevoegdheden die bij de Stichting VAM (IBKI) en de directeur van Stichting VAM (IBKI) berusten, gemandateerd aan de functionarissen die zijn opgenomen in het mandaatregister. In het mandaatregister wordt onderscheid gemaakt tussen de functionarissen die bevoegd zijn de besluiten in primo te nemen en de functionarissen die bevoegd zijn de beslissingen op bezwaar te nemen. Indien en voor zover in het mandaatbesluit geen functionaris wordt genoemd bij een bepaald besluit is uitsluitend het oorspronkelijke bestuursorgaan bevoegd dit besluit te nemen en wordt deze bevoegdheid niet gemandateerd.

Daarbij wordt volledigheidshalve opgemerkt dat de bevoegdheid zoals opgenomen in artikel 5 van het mandaatbesluit een bevoegdheid is die door Stichting VAM (IBKI) is verkregen in mandaat. Deze bevoegdheid wordt ingevolge artikel 5 van het mandaatbesluit in ondermandaat verstrekt aan de functionarissen zoals opgenomen in het mandaatregister.

De bevoegdheid zoals opgenomen in artikel 6 van het mandaatbesluit is een bevoegdheid die door de directeur van Stichting VAM (IBKI) in mandaat is verkregen. Deze bevoegdheid wordt ingevolge artikel 6 van het mandaatbesluit in ondermandaat verstrekt aan de functionarissen zoals opgenomen in het mandaatregister.

Artikel 7

Spreekt voor zich.

Artikel 8

Op grond van artikel 10:8 Awb kan een mandaatgever (in dit geval Stichting VAM (IBKI) of de directeur van Stichting VAM (IBKI)) het mandaat te allen tijde intrekken. Die bevoegdheid wordt in het eerste lid uitgebreid, in die zin dat de directeur van IBKI, na afstemming met Stichting VAM (IBKI), bevoegd is het mandaat van de functionarissen die zijn opgenomen in het mandaatregister te beperken. Dit zal de directeur van Stichting VAM (IBKI) veelal doen in incidentele gevallen, waarin het oorspronkelijke bestuursorgaan zelf het besluit wil nemen. Gezien het incidentele karakter zal een dergelijk besluit niet schriftelijk bekend worden gemaakt.

Artikel 9

Dit is een herhaling van artikel 10:9 Awb en hier voornamelijk voor de volledigheid en duidelijk naar de eigen organisatie opgenomen. Voor het ondermandaat is toestemming van de oorspronkelijke mandaatverlener noodzakelijk. Deze toestemming kan ook op een later moment dan bij de oorspronkelijke mandaatverlening worden gegeven. Ondermandaten worden als bijlagen bij dit mandaatbesluit gevoerd.

Artikel 10

Uitgangspunt bij mandaat behoort te zijn dat het zaken betreft waaraan praktisch geen beleidsconsequenties zijn verbonden. Hierbij valt te denken aan besluiten die op basis van gepubliceerd beleid worden gedaan. In de in het mandaatbesluit beschreven situaties vindt een terugkoppeling aan het bestuursorgaan plaats, alvorens het besluit wordt genomen. In het mandaatbesluit wordt zodoende een begrenzing gesteld ten aanzien van het gebruik van de gemandateerde bevoegdheden. Functionarissen zoals genoemd in het mandaatregister worden verondersteld te kunnen beoordelen welke zaken als een gevoelige kwestie moeten worden beschouwd.

Artikel 11

Degene die op grond van het mandaatregister bevoegd is in mandaat een besluit te nemen is hiermee tevens bevoegd dit besluit te ondertekenen. Uitgangspunt van het mandaatbesluit is dat alle bevoegdheden beslissingsmandaten betreffen, tenzij uitdrukkelijk anders aangegeven.

Artikel 12

Dit artikel vormt een weerslag van artikel 10:12 Awb. Door dit artikel wordt duidelijk dat de mandaatregeling niet slechts betrekking heeft op publiekrechtelijk handelen door Stichting VAM (IBKI), maar ook op het privaatrechtelijk en feitelijk handelen in de uitvoering van de werkzaamheden door de functionarissen.

Artikel 13

De mandaten van en aan externe partijen worden niet ingetrokken en blijven dus ook na inwerkingtreden van dit mandaatbesluit gelden. Dit sluit aan bij artikel 10:4 Awb. Externe partijen zijn geen ondergeschikten. Mandaat aan niet-ondergeschikten is- met uitzondering van de situatie waarin bij wettelijk voorschrift in mandaat is voorzien – alleen mogelijk indien de ander het mandaat ook aanvaardt: wilsovereenstemming is vereist. De bevoegdheden die Stichting VAM (IBKI) of de directeur van Stichting VAM (IBKI) uitoefenen in mandaat en in dit mandaatbesluit in ondermandaat worden doorgelegd volgen ook uit mandaatbesluiten die met wilsovereenstemming tot stand zijn gekomen. Deze mandaten worden bijgevoegd bij dit mandaatbesluit.

Artikel 14

Het mandaatbesluit treedt met terugwerkende kracht inwerking op 1 november 2001.

Artikel 15

Spreekt voor zich.

BIJLAGE 1. MANDAATREGISTER WRM

Wettelijke bevoegdheid

Mandaat besluit in primo

Mandaat besluit op bezwaar

Artikel 2 lid 1, sub a WRM; het afnemen van het examen rijinstructeur, voor zover het betreft een theorie-examen.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

3. Examensecretaris

4. Toezichthouder

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub a WRM; het afnemen van het examen rijinstructeur, voor zover het betreft een praktijkexamen.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub c WRM; de beoordeling van de stage.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

6. Stagesteekproefcontroleur

Directeur IBKI

Artikel 9 lid 1 WRM; afgifte van een certificaat.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub b WRM juncto artikel 9 lid 4 WRM; het afnemen van een geschiktheidstest.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub c WRM juncto artikel 12a lid 2 WRM; het aanwijzen van stagebegeleiders.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub d WRM juncto artikel 12b WRM juncto artikel 10 BRM; de praktijkbeoordeling in het kader van de praktische bijscholing.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub e WRM juncto artikel 12b lid 2 WRM juncto artikel 9 BRM; de vaststelling van de leerdoelen en de inhoud van de theoretische bijscholing.

1. Ontwikkelaar

 

Artikel 2 lid 1, sub f WRM juncto artikel 12b lid 2 WRM; het certificeren van cursussen die aan de gestelde leerdoelen en inhoud voldoen.

1. Ontwikkelaar

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub g WRM juncto artikel 12b lid 4 WRM; het verlenen van een ontheffing.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub h WRM juncto artikel 12c WRM juncto artikel 13 BRM juncto artikelen 9 en 9a RRM; de beoordeling van de theorie-examens in het kader van het herintrederstraject.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

3. Examensecretaris

4. Toezichthouder

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub h WRM juncto artikel 12c WRM juncto artikel 13 BRM juncto artikelen 9 en 9a RRM; de beoordeling van de praktijkexamens in het kader van het herintrederstraject.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 21 lid 2 WRM juncto artikel 18 BRM; het opleggen van een onderzoek.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 21 lid 3 WRM juncto artikel 17 BRM; het opleggen van een toets.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 2 lid 1, sub i WRM juncto artikel 21 lid 3 WRM; de beoordeling van de toets voor zover dit een theorie-onderdeel betreft.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

3. Examensecretaris

4. Toezichthouder

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub i WRM juncto artikel 21 lid 3 WRM; de beoordeling van de toets voor zover dit een praktijkonderdeel betreft.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 22 lid 2 WRM juncto artikel 22 lid 4 WRM juncto artikel 23 lid 3 WRM juncto artikel 23 lid 5 WRM; de ongeldigverklaring van een certificaat.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 2 lid 1, sub j WRM; het afnemen van het examen docent scholing educatieve maatregel en van het aanvullend examen docent scholing alcoholslotprogramma.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

3. Examensecretaris

4. Toezichthouder

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 16 lid 1 WRM juncto artikel 17 WRM; afgifte van een certificaat voor het geven van scholing educatieve maatregel of scholing in het kader van het alcoholslotprogramma.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 2 lid 1, sub l WRM juncto artikel 15 lid 1 WRM; de ongeldigverklaring van een certificaat.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 19 WRM juncto artikel 15 WRM; de ongeldigverklaring van een certificaat voor het geven van scholing educatieve maatregel of scholing in het kader van het alcoholslotprogramma.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 2 lid 1, sub m WRM; de vaststelling van de tarieven voor de activiteiten, bedoeld in de onderdelen a tot en met d, en f tot en met j van artikel 2 lid 1 WRM.

1. Directeur IBKI

 

Artikel 10 lid 2 WRM; het beperken van bevoegdheden tot het geven van rijonderricht, door het stellen van eisen aan betrokkene of aan het motorrijtuig waarin hij rijonderricht geeft.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

Directeur IBKI

Artikel 13 onder a WRM juncto artikel 5 RRM; het eenmalig verlengen van de geldigheidsduur van het certificaat met ten hoogste vier achtereenvolgende maanden.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 13 onder b WRM juncto artikel 8 RRM; het eenmalig verlengen van de geldigheidsduur van het certificaat met ten hoogste twaalf achtereenvolgende maanden.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 8 lid 2 BRM juncto artikel 12a WRM; het (gedeeltelijk) ongeldig verklaren van de stage.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 5 lid 8 RRM; het geven van een eerste oordeel ‘onvoldoende’ aan de stagiair en de stagebegeleider. Een dergelijk oordeel kwalificeert als een waarschuwing.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 5 lid 8 RRM; het geven van een tweede oordeel ‘onvoldoende’ aan de stagiair met het gevolg dat de geleverde prestaties niet meer in aanmerking komen voor de beoordeling.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 5 lid 8 RRM; het onbevoegd verklaren van de stagebegeleider.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 5 lid 1 RRM juncto artikel 5 lid 2 RRM; het geven van een aanwijzing in het kader van de stage.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

3. Examenbegeleider

Directeur IBKI

Artikel 5a lid 1 RRM; het geven van een aanwijzing in het kader van de stage.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

3. Examenbegeleider

Directeur IBKI

Artikel 21 RRM; het bepalen van de terreinen en de termijn waarbinnen de aanvrager de aanpassingstage dient te doorlopen.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 22 RRM; het bepalen van de terreinen en de termijn waarbinnen de aanvrager de proeve van bekwaamheid dient af te leggen.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 23 RRM; het beoordelen van de aanpassingsstage of de proeve van bekwaamheid.

1. Examenfunctionaris

2. Examenbegeleider

Directeur IBKI

Bijlage 1 onder VI, lid 5; het beoordelen van het videodossier en het reflectieverslag op authenticiteit.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

BIJLAGE 2: MANDAATREGISTER APK

Wettelijke bevoegdheid

Mandaat besluit in primo

Mandaat besluit op bezwaar

Artikel 19c lid 1, sub a Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het afnemen van het examen voor het diploma keurmeester periodieke keuring zware (bedrijfs)voertuigen.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 19c lid 1, sub b Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het afnemen van het examen voor het diploma keurmeester periodieke keuring lichte voertuigen.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 19c lid 1, sub c Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het afnemen van het examen ter verlenging van de bevoegdheid tot keuren van zware (bedrijfs)voertuigen.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

6.

Directeur IBKI

Artikel 19c lid 1, sub d Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het afnemen van het examen ter verlenging van de bevoegdheid tot keuren van lichte voertuigen.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 19c lid 1, sub e Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK juncto artikel 44 tot en met 46 Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het afnemen van het examen ter verlening van de bevoegdheid in de gevallen zoals bedoeld in de artikelen 44 tot en met 46 van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 19c lid 1, sub f Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK; het vaststellen van de tarieven voor de activiteiten.

1. Directeur IBKI

 

BIJLAGE 3: MANDAATREGISTER LPG

Wettelijke bevoegdheid

Mandaat besluit in primo

Mandaat besluit op bezwaar

Artikel 12 lid 1 Regeling aanpassing voertuigen; het afnemen van het examen voor het diploma LPG-technicus.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 13 lid 2 Regeling aanpassing voertuigen; het afnemen van een toets in het kader van de verlenging van de bevoegdheidspas.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

6. Toezichthouder

Directeur IBKI

BIJLAGE 4: MANDAATREGISTER VERKLARINGEN

Wettelijke bevoegdheid

Mandaat besluit in primo

Mandaat besluit op bezwaar

Artikel 3 lid 1, onder g van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen; afgifte van een verklaring examen lichte voertuigen.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 5 lid 1, onder f van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware bedrijfsvoertuigen; afgifte van een verklaring examen zware (bedrijfs)voertuigen.

1. Administratief medewerker

2. Examenfunctionaris

Directeur IBKI

Artikel 3, aanhef en onder d van de Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015; afgifte van een verklaring examen LPG-technicus.

1. Administratief medewerker

2. Functionaris

Directeur IBKI

BIJLAGE 5: MANDAATREGISTER TACHOGRAAF

Wettelijke bevoegdheid

Mandaat besluit in primo

Mandaat besluit op bezwaar

Artikel 1 lid 1 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur / reparateur Tachografen’ juncto artikel 12 Regeling controleapparaten 2005; het afnemen van een examen ten behoeve van het diploma installateur.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 1 lid 1 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur / reparateur Tachografen’ juncto artikel 12 Regeling controleapparaten 2005; het afnemen van een examen ten behoeve van het diploma reparateur.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Voorzitter

Directeur IBKI

Artikel 1 lid 1 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur / reparateur Tachografen’ juncto artikel 12 Regeling controleapparaten 2005; het afgeven van het diploma tachograaftechnicus.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

Artikel 1 lid 2 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur / reparateur Tachografen’ juncto artikel 6 Regeling controleapparaten 2005; het afnemen van het examen bevoegdheidsverlenging tachograaftechnicus.

1. Examenfunctionaris

2. Examinator

3. Examenbegeleider

4. Examensecretaris

5. Toezichthouder

Directeur IBKI

Artikel 1 lid 3 van het ‘Mandaat examinering en bevoegdheidsverlenging installateur / reparateur Tachografen’ juncto artikel 6 Regeling controleapparaten 2005; het verstrekken van een bevoegdheidspas.

1. Administratief medewerker

Directeur IBKI

BIJLAGE 6 MANDAATBESLUIT VERKLARINGEN

De Directie van de Dienst Wegverkeer,

Gelet op artikel 20, tweede lid, van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK en artikel 12, derde lid, van de Regeling aanpassing voertuigen.

Overwegende dat:

  • de voorwaarden zoals bedoeld in artikel 20, tweede lid, van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK en artikel 12, derde lid, van de Regeling aanpassing voertuigen door de Dienst Wegverkeer zijn vastgesteld in de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware (bedrijfs)voertuigen en Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015;

Besluit:

Artikel 1

Aan Stichting VAM, Opleidingsinstituut voor het Motorvoertuig-, Tweewieler- en Aanverwant Bedrijf (hierna: ‘IBKI’), mandaat te verlenen tot het afgeven van verklaringen zoals opgenomen in de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware (bedrijfs)voertuigen en Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015, te weten:

  • a. artikel 3, eerste lid, onder g, van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware (bedrijfs)voertuigen (verklaring examen lichte voertuigen);

  • b. artikel 5, eerste lid, onder f, van de Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware (bedrijfs)voertuigen (verklaring examen zware bedrijfsvoertuigen);

  • c. artikel 3, aanhef en onder d, van de Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015 (verklaring examen LPG-technicus).

Artikel 2

Een verklaring als bedoeld in artikel 1 van dit mandaatbesluit wordt verleend overeenkomstig de geldende in de Staatscourant bekendgemaakte Regeling voorwaarden deelname examen keurmeester lichte en zware (bedrijfs)voertuigen dan wel de Regeling voorwaarden deelname examen LPG-technicus 2015.

Artikel 3

Het wordt IBKI toegestaan om ten aanzien van de in artikel 1 van dit mandaatbesluit verleende bevoegdheden aan medewerkers in dienst van het IBKI ondermandaat te verlenen.

Artikel 4

Een verklaring als bedoeld in artikel 1 van dit mandaatbesluit wordt afgegeven dan wel geweigerd met vermelding van een omschrijving van de verklaring die het betreft, alsmede onder vermelding van het bepaalde in artikel 3:45 Awb.

Artikel 5

Aan de directeur van IBKI wordt de bevoegdheid verleend om met in achtneming van artikel 10:3 Awb bezwaarschriften tegen de toekenning of afwijzing van een verklaring, zoals bedoeld in artikel 1 van dit mandaatbesluit, te behandelen en beslissingen op bezwaar te nemen.

Artikel 6

De gemandateerden dienen jaarlijks aan de Directie van de Dienst Wegverkeer te rapporteren over:

  • a. het aantal afgegeven en geweigerde verklaringen;

  • b. het aantal afgegeven en geweigerde verklaringen aan houders van een buitenlands diploma afkomstig uit een andere EU-lidstaat;

  • c. het aantal behandelde bezwaarschriften.

Artikel 7

De gemandateerden zijn verplicht om in de uitvoering van dit mandaat de aanwijzingen en instructies van de mandaatgever te volgen.

Artikel 8

Het tarief, verschuldigd voor de behandeling van de aanvraag om een verklaring, zoals dit jaarlijks door de Dienst Wegverkeer wordt bepaald en bekendgemaakt, wordt geïnd door de gemandateerde. De wijze van inning van het verschuldigde tarief, wordt door de gemandateerde zelf bepaald.

Artikel 9

  • 1. Per aanvraag draagt de gemandateerde € 0,00 (nul euro) af aan de Dienst Wegverkeer. Het overige deel behoudt gemandateerde.

  • 2. De gemandateerde ontvangt buiten het gestelde in artikel 8 geen vergoeding voor de op grond van het mandaat uitgevoerde werkzaamheden.

Artikel 10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop de schriftelijke mededeling van de gemandateerde is ontvangen waarin wordt ingestemd met het verleende mandaat.

Zoetermeer, 16 april 2019

De Directie van de RDW, A. van Ravestein Algemeen Directeur

Ter instemming:

Nieuwegein, 18 april 2019

Bestuursleden Stichting VAM (IBKI) H. Bruin

L.J. Fransen

De Directeur IBKI, J.A. Schouten

TOELICHTING OP MANDAATBESLUIT VERKLARINGEN

Algemeen

RDW en Stichting VAM (IBKI) zijn gezamenlijk van mening dat gelet op het opleidings- en examineringstraject inzake APK keurmeesterbevoegdheid en LPG technicus het wenselijk is en blijft de uitvoering van aanvragen om deelname aan een examen te mandateren aan het IBKI. De RDW blijft voorbehouden om de randvoorwaarden te stellen ten aanzien van de theoretische kennis en ervaring.

Gezien het bepaalde in hoofdstuk 10, afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is mandaatverlening aan een niet ondergeschikte mogelijk en ook de artikelen 4f en 4g van de Wegenverkeerswet 1994 verzetten zich niet tegen mandaatverlening van de uitvoering van voomoemde taken.

Aangezien hoofdstuk 10, afdeling 10.1.1. van de Awb al voorziet in -onder meer- bepalingen omtrent definitie, omvang en intrekking van mandaat, hoeft dit niet nogmaals te worden geregeld. In verband met wijzigingen in de regelgeving is er de noodzaak dit mandaatbesluit uit 2013 te vernieuwen.

Artikelsgewijs

In de artikelen 1 en 5 is de omvang van het mandaat opgenomen. Geregeld is welke verklaringen op welke grondslag door het IBKI namens de RDW mogen worden afgegeven of geweigerd.

In artikel 2 is er in voorzien dat zonder aanpassing van het mandaat steeds de actuele regelingen worden gehanteerd bij de uitoefening van het mandaat, voor zover de grondslag van de omvang van het mandaat niet wijzigt.

In artikel 3 wordt het IBKI toegestaan ondermandaat te verlenen. Hierdoor zal er in kunnen worden voorzien dat niet uitsluitend het bestuur van IBKI de betreffende verklaringen of weigeringsbesiuiten mag ondertekenen, maar dit ook door een aan hem ondergeschikte plaats mag vinden indien daartoe een mandaatbesluit wordt genomen door IBKI.

In artikel 4 is opgenomen dat in het besluit tot afgifte dan wel weigering van een verklaring moet worden opgenomen om welke verklaring op grond van welke regeling het gaat. Daarnaast moet het besluit zijn voorzien van de zgn. rechtsmiddelenclausule. Uit de rechtspraak volgt dat het in beginsel is toegestaan om het nemen van beslissingen op bezwaar te mandateren aan niet-ondergeschikten. De RDW verleent de directeur van IBKI mandaat om ook de beslissingen op bezwaar te nemen indien en voor zover er door betrokkenen bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit aangaande een verklaring, zoals bedoeld in dit mandaatbesluit. De directeur van IBKI is gehouden de instructies van de RDW te volgen en daarmee wordt gewaarborgd dat in bezwaar namens de RDW ex nunc wordt heroverwogen.

In artikel 6 is opgenomen dat IBKI en de directeur IBKI jaarlijks rapporteren aan de RDW over de aantallen afgegeven en geweigerde verklaringen. Het bepaalde onder b is opgenomen in verband met het feit dat de RDW deze gegevens aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) dient te rapporteren, die deze gegevens weer verstrekt aan 'Europa'.

In artikel 7 is bepaald dat IBKI verplicht is om in de uitvoering van dit mandaat de aanwijzingen en instructies van de RDW te volgen.

In artikel 8 is bepaald dat IBKI het tarief, zoals opgenomen in de jaarlijks door de RDW in de Staatscourant gepubliceerde tarievenregeling, mag innen. Het gaat steeds om het meest actuele tarief. De wijze van innen wordt door IBKI zelf bepaald. Het IBKI mag het tarief opnemen in haar eigen tarievenstelsel.

In artikel 9 is bepaald dat IBKI voor de uitvoering van het mandaat uitsluitend een deel van het geïnde tarief mag behouden. IBKI ontvangt geen overige vergoedingen van de RDW of de aanvrager. De afdracht van het deel van het tarief is bepaald op £ 0,00 (zegge: nul euro), waardoor IBKI geen afdracht aan de RDW verschuldigd is.

In artikel 10 is in de inwerkingtreding van het mandaat voorzien, met in achtneming van artikel 10:4 van de Awb.

Het aanwijzings- en benoemingsbesluit tot onbezoldigd ambtenaar voor de RDW geldt uitsluitend voor de inning van de tarieven voor de onder het mandaat verleende verklaringen. Hieraan kunnen derhalve geen andere, zoals rechtspositionele, gevolgen worden verbonden.

Aanwijzings- en benoemingsbesluit

de Directie van de RDW

Gelet op de artikelen 4f, 4g en 4q van de Wegenverkeerswet 1994

de heer J.A. Schouten – directeur examens

  • 1. te benoemen tot onbezoldigd medewerker van de Dienst Wegverkeer;

  • 2. aan te wijzen als medewerker van de Dienst Wegverkeer die in haar plaats treedt met betrekking tot de uitvoering van de inning van het verschuldigde tarief als bedoeld in de geldende en in de Staatscourant bekendgemaakte Regeling Tarieven Dienst Wegverkeer voor verklaringen op grond van artikel 20 van de Regeling erkenning en keuringsbevoegdheid APK en artikel 12 van de Regeling aanpassing voertuigen.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop de schriftelijke mededeling van de gemandateerde is ontvangen waarin wordt ingestemd met het verleende mandaatbesluit verklaringen.

Zoetermeer, 16 april 2019

De Directie van de RDW, A. van Ravestein Algemeen Directeur

Ter instemming:

Nieuwegein, 18 april 2019

De Directeur Examens, J.A. Schouten

BIJLAGE 7 MANDAAT EXAMINERING EN BEVOEGDHEIDSVERLENGING INSTALLATEUR/REPARATEUR TACHOGRAFEN

JBZ 2016/12192

De directie van de Dienst Wegverkeer,

Gelet op artikel 6 en 12 van de Regeling controleapparaten 2005

Besluit:

Artikel 1

Mandaat te verlenen aan de directeur van EB KI voor de bevoegdheid om:

  • 1. een examen ten behoeve van het diploma installateur onderscheidenlijk reparateur af te nemen en hiervoor een diploma af te geven;

  • 2. een toets (examen bevoegdheidsverlenging) af te nemen;

  • 3. een pas af te geven als bedoeld in Regeling controleapparaten 2005.

Artikel 2

  • 1. Een examen als bedoeld in artikel 1, eerste lid wordt slechts afgenomen indien de aanvrager tijdig de voor de toegang van het examen vereiste documenten heeft overgelegd.

  • 2. Het examen wordt afgenomen volgens een door de Dienst Wegverkeer goedgekeurd examenreglement.

  • 3. Het examen wordt afgenomen in aanwezigheid van een door de Dienst Wegverkeer aangewezen gecommitteerde.

Artikel 3

  • 1. Een toets als bedoeld in artikel 1, tweede lid wordt slechts af genomen indien de aanvrager een diploma heeft overgelegd als bedoeld in de Regeling controleapparaten 2005 of in het bezit is van een bevoegdheidspas.

  • 2. De toets wordt afgenomen volgens een door de Dienst Wegverkeer goedgekeurd examenreglement.

  • 3. De toets wordt afgenomen, waarbij steekproefsgewijs een door de Dienst Wegverkeer aangewezen gecommitteerde aanwezig is.

Artikel 4

  • 1. De pas als bedoeld in artikel 1, derde lid wordt slechts afgegeven aan degene die het examen respectievelijk de toets met goed gevolg heeft afgerond.

  • 2. De pas wordt afgegeven overeenkomstig een door de Dienst Wegverkeer vastgesteld model.

Artikel 5

De directeur van EBKI wordt toegestaan ten aanzien van de in artikel 1 verleende bevoegdheden aan medewerkers in dienst van IBKI ondermandaat te verlenen.

Artikel 6

De gemandateerde dient jaarlijks aan de Directie van de Dienst Wegverkeer te rapporteren over:

  • a. het aantal afgenomen examens;

  • b. het aantal afgegeven diploma’s;

  • c. het aantal afgenomen toetsen;

  • d. het aantal afgegeven passen.

Artikel 7

  • 1. Het tarief, verschuldigd voor het afleggen van een examen respectievelijk een toets, wordt door gemandateerde geïnd.

  • 2. De wijze van inning van het verschuldigde tarief, wordt door de gemandateerde bepaald.

Artikel 8

  • 1. Per aanvraag draagt de gemandateerde € 0,00 (nul euro) af aan de Dienst Wegverkeer.

  • 2. De gemandateerde ontvangt buiten het gestelde in artikel 8, eerste lid geen vergoeding voor de op grond van het mandaat uitgevoerde werkzaamheden.

  • 3. De gemandateerde is voor de aanwezigheid van een gecommitteerde bij het examen of een toets het bedrag als bedoeld in artikel 3, onder b van de geldende Regeling tarieven Dienst Wegverkeer verschuldigd.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop de schriftelijke mededeling van de gemandateerde is ontvangen waarin wordt ingestemd met het verleende mandaat, doch niet eerder, dan 1 oktober 2016.

Zoetermeer, 20 september 2016

De Directie van de RDW, A. van Ravestein Algemeen Directeur

Ter instemming;

Nieuwegein, 22 september 2016

De Directeur IBKI, J.A. Schouten

TOELICHTING OP MANDAATBESLUIT

Algemeen

Het Ministerie van I&M, de RDW en IBKI zijn gezamenlijk van mening dat gelet op de recent ontstane verplichting tot examinering en periodieke toetsing van de personen die controleapparaten (tachografen) mogen installeren dan wel repareren het wenselijk is de uitvoering hiervan te mandateren aan het IBKI. De RDW blijft voorbehouden om de examenreglementen goed te keuren en het model van de bevoegdheidspas vast te stellen. Hiermee wordt aangesloten bij de werkwijze die ook voor de APK keurmeester en LPG technicus wordt gehanteerd.

Gezien het bepaalde in hoofdstuk 10, afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is mandaatverlening aan een niet ondergeschikte mogelijk en ook de artikelen 4f en 4g van de Wegenverkeerswet 1994 verzetten zich niet tegen mandaatverlening van de uitvoering van voomoemde taken.

Aangezien in hoofdstuk 10, afdeling 10.1.1. van de Awb al voorziet in -onder meer- bepalingen omtrent definitie, omvang en intrekking van mandaat, hoeft dit niet nogmaals geregeld.

Artikelsgewijs

In artikel 1 is de omvang van het mandaat opgenomen. Geregeld is op welke grondslag door het IBKI namens de RDW examens dan wel toetsen mogen worden afgenomen, en een diploma en bevoegdheidspas mag worden afgegeven of geweigerd.

In artikel 2 is bepaald onder welke nadere voorwaarden een examen mag worden afgenomen.

In artikel 3 is bepaald onder welke nadere voorwaarden een toets mag worden afgenomen. De aangewezen gecommitteerde zal steekproefsgewijs, bij ongeveer 10% van de toetsen aanwezig zijn,

In artikel 4 is bepaald dat de RDW het model van de af te geven bevoegdheidspas vaststelt en onder welke voorwaarden deze mag worden afgegeven. De bijbehorende pincode voor het gebruik van de pas wordt afgegeven door de RDW.

In artikel 5 wordt de directeur IBKI toegestaan ondermandaat te verlenen. Hierdoor zal er in kunnen worden voorzien dat niet uitsluitend de directeur IBKI kan handelen, maar dit ook door een aan hem ondergeschikte plaats mag vinden, indien daartoe een mandaatbesluit wordt genomen door IBKI.

In artikel 6 is opgenomen dat het IBKI jaarlijks rapporteert aan de RDW over de aantallen examens, zowel in kader van een eerste examen als voor een toets.

In artikel 7 is bepaald dat het IBKI het tarief voor de examinering, toetsing en het de daarbij behorende pas mag innen, op een door het IBKI zelf te bepalen wijze. De RDW stelt de tarieven vast, waarbij de gehanteerde tarieven de goedkeuring van het Ministerie van I&M behoeven.

In artikel 8 is bepaald dat het IBKI voor de uitvoering van het mandaat geen -overige- vergoeding van de RDW of aanvrager ontvangt. De RDW ontvangt van IBKI een vergoeding voor de aanwezigheid van een aangewezen gecommitteerde bij het examen of een toets. Door hier naar de uurtarieven van technisch medewerkers zoals bepaald in geldende Regeling tarieven van de RDW te verwijzen hoeft wijziging van het bedrag niet tot een wijziging van dit mandaat te leiden.

In artikel 9 is in de inwerkingtreding van het mandaat voorzien, met in achtneming van artikel 10:4 van de Awb.

BIJLAGE 8 UITBREIDING MANDAAT EXAMINERING EN BEVOEGDHEIDSVERLENGING INSTALLATEUR/REPARATEUR TACHOGRAFEN

JBZ 2018/39545

De directie van de Dienst Wegverkeer,

Gelet op artikel 6 en 12 van de Regeling controleapparaten 2005 en de Algemene wet Bestuursrecht

Besluit:

Het mandaatbesluit van 20 september 2016 met kenmerk JBZ 2016/12192 uit te breiden met ingang van 1 januari 2019 met het volgende artikel:

Artikel 10

  • 1. Mandaat te verlenen aan Stichting VAM, Opleidingsinstituut voor het Motorvoertuig-, Tweewieler- en Aanverwant Bedrijf (Stichting VAM (IBKI)) voor de bevoegdheid om met in achtneming van artikel 10:3 Awb bezwaarschriften tegen de uitslag van een examen of een toets te behandelen en beslissingen op bezwaar te nemen.

  • 2. De gemandateerde dient jaarlijks aan de Directie van de Dienst Wegverkeer te rapporteren over het aantal behandelde bezwaarschriften.

Zoetermeer, 18 december 2018

De Directie van de RDW, A. van Ravestein Algemeen Directeur

Ter instemming:

Nieuwegein, 21 december 2018

Bestuursleden Stichting VAM (IBKI) H. Bruin

L.J. Fransen

De Directeur IBKI, J.A. Schouten