Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Algemene ZakenStaatscourant 2019, 31895Besluiten van algemene strekking

Besluit van de voorzitter van de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden van 15 mei 2019, nr. 4063348 houdende mandaat, machtiging en volmacht voor de tot het secretariaat behorende functionarissen van de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden (Besluit mandaat, machtiging en volmacht Toetsingscommissie inzet bevoegdheden 2019)

De Toetsingscommissie inzet bevoegdheden,

Gelet op het Besluit volmacht en machtiging met nr. 4062112;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. commissie:

de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden, bedoel in artikel 32 van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017;

b. voorzitter:

de voorzitter van de commissie;

c. secretariaat:

het secretariaat van de commissie, bedoeld in artikel 34 van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017;

d. secretaris:

de secretaris van de commissie;

e. plaatsvervangend secretaris:

de plaatsvervangend secretaris van de commissie;

f. mandaat:

de bevoegdheid om namens de voorzitter van de commissie besluiten te nemen ten aanzien van personeelsaangelegenheden;

g. volmacht:

om namens de voorzitter van de commissie voor de Staat privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

h. machtiging:

om namens de voorzitter handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2. Mandaat

  • 1. Aan de secretaris wordt mandaat verleend ten aanzien van besluiten, verband houdende met beslissingen op het gebied van personeelsbeleid, met uitzondering van aanstelling, schorsing en ontslag, voor de onder hem ressorterende tot het secretariaat behorende personen.

Artikel 3. Volmacht

De secretaris en de plaatsvervangend secretaris zijn voor de uitvoering van hun taken bevoegd namens de commissie privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten met inachtneming van de in de bijlage 1 bij dit besluit opgenomen maxima ten aanzien van de uit die rechtshandelingen voor de commissie voortvloeiende financiële materiële verplichtingen.

Artikel 4. Machtiging

  • 1. De secretaris is voor de uitoefening van zijn taken bevoegd namens de commissie handelingen te verrichten anders dan besluiten en privaatrechtelijke rechtshandelingen, voor zover het de normale uitoefening van zijn functie betreft.

  • 2. De aan de secretaris toegekende bevoegdheid als omschreven in het eerste lid kan door de plaatsvervangend secretaris worden uitgeoefend:

    • a. bij afwezigheid van de secretaris;

    • b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die door de voorzitter aan hem zijn toevertrouwd.

Artikel 5. Voorwaarden uitoefening mandaat, machtiging en volmacht

De bevoegdheden, bedoeld in artikel 2, 3 en 4 worden uitsluitend uitgeoefend voor zover het aangelegenheden betreffen die behoren tot het werkterrein van de secretaris en de plaatsvervangend secretaris met inachtneming van de richtlijnen en aanwijzingen van de voorzitter.

Artikel 6. Wijze van ondertekenen

  • 1. Ondertekening van besluiten en stukken op grond van mandaat of machtiging vindt plaats op de volgende wijze:

    DE VOORZITTER VAN DE TOETSINGSCOMMISSIE INZET BEVOEGDHEDEN,

    Namens deze,

    (handtekening)

    (naam)

    (vermelding van de functie)

  • 2. Bij ondertekening van besluiten en stukken op grond van volmacht wordt de aanduiding van de Voorzitter voorafgegaan door: Namens de Staat der Nederlanden.

  • 3. Bij ondertekening van besluiten en stukken door een plaatsvervanger wordt de handtekening voorafgegaan door: b/a.

  • 4. Het eerste lid is niet van toepassing op digitale besluiten die worden genomen via het P-Direktportaal.

Artikel 7. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 8. Citeertitel

De besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, machtiging en volmacht Toetsingscommissie inzet bevoegdheden 2019.

Dit besluit zal in de Staatcourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer, de secretaris-generaal van het ministerie van Algemene Zaken, de secretaris-generaal van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de secretaris-generaal van het ministerie van Defensie en de in dit besluit genoemde functionarissen.

De voorzitter van de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden, M. Moussault

BIJLAGE 1

Maximumbedragen voor het aangaan van financiële materiele verplichtingen en het doen van uitgaven, zoals bedoeld in artikel 3.

Bedragen zijn per financiële materiele verplichtingen, in euro’s en exclusief BTW.

De secretaris Toetsingscommissie inzet bevoegdheden

Tot € 7.500,–

De plaatsvervangend secretaris Toetsingscommissie inzet bevoegdheden

Tot € 7.500,–

Handelingen zoals hiervoor bedoeld, kunnen slechts worden verricht als de financiële gevolgen die hieruit voortvloeien door voldoende budget zijn gedekt.

TOELICHTING

Algemeen

Inmiddels is de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 (hierna: Wiv 2017) in werking getreden. De Toetsingscommissie inzet bevoegdheden bestaat uit drie leden, en wordt bij de uitvoering van haar werkzaamheden ondersteund door een secretariaat (artikel 34 Wiv 2017).

In het Besluit mandaat, machtiging en volmacht Toetsingscommissie inzet bevoegdheden 2019 wordt geregeld dat de ambtenaren van het secretariaat namens de commissie bepaalde (rechts)handelingen mogen verrichten.

In artikel 1:1, tweede lid, sub i, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is opgenomen dat de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden (TIB) niet als bestuursorgaan wordt aangemerkt. De wetgever acht deze uitzondering nodig om het zelfstandige karakter van de commissie ook tegenover de uitvoerende machten te benadrukken. In artikel 1:1, derde lid, van de Awb is bepaald dat wanneer de TIB besluiten neemt of handelingen verricht ten aanzien van een ambtenaar in de zin van de Ambtenarenwet zij wel als bestuursorgaan worden aangemerkt. Deze besluiten en handelingen vallen daarmee onder het bereik van de Awb en daarmee onder hoofdstuk 10 van de Awb. Hiermee wordt toepassing gegeven aan de bevoegdheid om namens de commissie besluiten te nemen.

Op grond van het Besluit volmacht en machtiging Toetsingscommissie inzet bevoegdheden met nummer 4062112 kan de voorzitter volmacht en machtiging verlenen aan de secretaris en de plaatsvervangend secretaris. Deze handelingen hebben geen betrekking op aangelegenheden die als zodanig tot het werkterrein van de commissie zelf behoren.

Artikel 1.

In dit artikel zijn de begrippen gedefinieerd zoals die gebruikt worden in dit besluit.

Artikel 2.

Aan de secretaris van het secretariaat komt de bevoegdheid toe om namens de commissie besluiten te nemen op het gebied van personeelsbeleid, niet zijnde benoeming, schorsing en ontslag. Dit laatste blijft voorbehouden aan de voorzitter van de commissie, voor zover het aan de functie verbonden salaris niet hoger is dan het maximumsalaris van schaal 14 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. Daarnaast geldt de beperking dat, ook al betreft het een zaak die behoort tot het werkterrein van de secretaris van het secretariaat, het niettemin een aangelegenheid kan betreffen van een zodanig gewicht dat afdoening krachtens mandaat niet aan de orde kan zijn.

Artikel 3.

Enkel aan de ambtenaren die werkzaam zijn bij het secretariaat van de commissie en van wie de functies zijn vermeld in de bij dit besluit behorende bijlage komt de bevoegdheid toe om namens de commissie privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.

Artikel 4.

De machtiging is begrensd tot aangelegenheden die tot het werkterrein van de gemachtigde kunnen worden gerekend.

In het tweede lid is bepaald dat de plaatsvervangend secretaris de secretaris kan vervangen.

Artikel 5.

In dit artikel worden grenzen gesteld aan de omvang van het mandaat, volmacht en machtiging, in die zin dat er situaties zijn waarin het mandaat, volmacht of machtiging niet mag worden uitgeoefend.

Artikel 6.

Documenten die krachtens daartoe verleende mandaat, machtiging of volmacht zijn afgedaan, dienen op een uniforme wijze te worden ondertekend.

Artikelen 7, 8 en 9.

Het besluit wordt met de toelichting en bijlage gepubliceerd in de Staatscourant.