Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Infrastructuur en WaterstaatStaatscourant 2019, 24866Besluiten van algemene strekking

Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 13 mei 2019, nr. IENW/BSK-2019/93503, tot wijziging van het Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 7 december 2017, nr. IENM/BSK-2017/279867, over de taken waarmee de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat wordt belast (genetisch gemodificeerde organismen)

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

Gelet op artikel 46, tweede lid, van de Grondwet en artikel 3 van de Wet van 25 januari 1951 (Stb. 24), houdende nadere voorzieningen in verband met de uitvoering van de ambten van minister zonder portefeuille en van staatssecretaris;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 1, onderdeel a, van het Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 7 december 2017, nr. IENM/BSK-2017/279867, over de taken waarmee de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat wordt belast, komt te luiden:

a. milieu, met uitzondering van genetisch gemodificeerde organismen;

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 25 april 2019.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga

TOELICHTING

Met ingang van 25 april 2019 is het Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 7 december 2017, nr. IENM/BSK-2017/279867, over de taken waarmee de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat wordt belast, gewijzigd in die zin dat per die datum de ‘genetisch gemodificeerde organismen’ (onderdeel van het milieubeleid) niet langer tot de portefeuille van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat behoren. De reden voor deze aanpassing is te lezen in de brief van 25 april 2019 van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat aan de Eerste1 en Tweede2 Kamer.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga


X Noot
1

Kamerstukken I, 2018/19, 35 000 XII, G

X Noot
2

Kamerstukken II, 2018/19, 27 428, nr. 356