Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek | Staatscourant 2018, 7944 | Overig |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek | Staatscourant 2018, 7944 | Overig |
Den Haag, januari 2018
Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek
Inhoud
|
1 |
Inleiding |
1 |
|
|
1.1 |
Achtergrond |
1 |
|
|
1.2 |
Beschikbaar budget |
1 |
|
|
1.3 |
Geldigheidsduur call for proposals |
1 |
|
|
2 |
Doel |
1 |
|
|
3 |
Richtlijnen voor aanvragers |
2 |
|
|
3.1 |
Wie kan aanvragen |
2 |
|
|
3.2 |
Wat kan aangevraagd worden |
2 |
|
|
3.3 |
Wanneer kan aangevraagd worden |
2 |
|
|
3.4 |
Het opstellen van de aanvraag |
3 |
|
|
3.5 |
Specifieke subsidievoorwaarden |
3 |
|
|
3.6 |
Het indienen van een aanvraag |
3 |
|
|
4 |
Beoordelingsprocedure |
3 |
|
|
4.1 |
Procedure |
3 |
|
|
4.2 |
Criteria |
4 |
|
|
5 |
Contact en overige informatie |
5 |
|
|
5.1 |
Contact |
5 |
|
|
5.2 |
Overige informatie |
5 |
|
Het programma Aspasia is gericht op een evenredige vertegenwoordiging van vrouwen in de hogere wetenschappelijke rangen.
Aspasia is gekoppeld aan de Vernieuwingsimpuls. Deelname van vrouwen aan de reguliere persoonsgebonden competitie, zoals de Vidi- en Vici-rondes van de Vernieuwingsimpuls, is relatief gering en NWO vindt het van groot belang deze participatie te stimuleren. Met ingang van de Vernieuwingsimpulsronde 2005 heeft NWO besloten tot het toekennen van premies aan instellingen die als ‘excellent’ of ‘zeer goed’ beoordeelde vrouwelijke Vidi- en Vici-aanvragers binnen een jaar bevorderen tot universitair hoofddocent (Vidi-aanvragers) of hoogleraar (Vici- aanvragers).
Aspasia heeft als doel de bevordering van vrouwelijke wetenschappers tot universitair hoofddocent of hoogleraar te versnellen.
Het aantal vrouwen op UHD- en hoogleraarsposities groeit nog niet snel genoeg. Met Aspasia wil NWO de doorstroming van talentvolle vrouwen naar deze posities bevorderen.
Het is niet mogelijk om voor Aspasia een aanvraag te schrijven of in te dienen (zie paragraaf 4.1 voor meer informatie over de procedure).
Het programma is verbonden aan de Vidi- en Vici-competitie van de Vernieuwingsimpuls.
In aanmerking komen zowel vrouwelijke aanvragers die gehonoreerd zijn, als vrouwelijke aanvragers die na de interviews als ‘zeer goed’ of ‘excellent’ zijn beoordeeld, maar die geen Vidi of Vici hebben gekregen. Colleges van Bestuur die de Aspasia-kandidaten binnen een jaar na de besluitdatum van de Vidi- of Vici-ronde bevorderen tot respectievelijk UHD of hoogleraar, komen in aanmerking voor een premie. Kandidaten die al (respectievelijk) UHD of hoogleraar zijn, worden niet benaderd.
De premie bedraagt € 100.000 voor de bevordering van de Vidi- en Vici-laureaten. Voor de bevordering van Vidi- en Vici-aanvragers die niet zijn gehonoreerd, bedraagt de premie € 200.000. Deze laatste groep ontvangt dus geen subsidie uit de Vernieuwingsimpuls, maar wel een hogere Aspasia-premie.
Voorwaarde is dat het College van Bestuur minimaal € 50.000 van de premie besteedt aan diversiteitsbeleid en de maatregelen hieruit voortvloeiend inpast in structureel beleid. Het gaat hier om bredere universitaire of facultaire activiteiten die de doorstroming van vrouwen aan de instelling bevorderen.
Diversiteitsbeleid
Het deel van de premie voor diversiteitsbeleid is bestemd voor activiteiten die de doorstroming van vrouwen in de wetenschap bevorderen of de mogelijkheden verruimen voor het doen van onderzoek door vrouwelijke wetenschappers (inclusief onderwijsvervanging ten behoeve van onderzoek). Het College van Bestuur stelt facultaire of universitaire maatregelen voor, of een combinatie daarvan, en wordt verzocht deze maatregelen in te bedden in overkoepelend, structureel beleid.
Voorbeelden van bredere activiteiten die de doorstroming van vrouwelijke wetenschappers beogen te bevorderen:
– Fonds voor tijdelijke vrijstelling van vrouwelijke wetenschappers van onderwijs voor het voorbereiden van een Veni-, Vidi- of Vici-aanvraag
– Fonds voor tijdelijke vrijstelling van vrouwelijke wetenschappers van onderwijs om zich volledig op onderzoek te richten (ook in het buitenland) en/of hun publicatielijst uit te breiden met het oog op verbetering van het wetenschappelijk loopbaanperspectief
– Fonds voor (onderwijs-)vervangingssubsidies voor vrouwelijke wetenschappers die terugkomen van een (zorg-)verlofperiode
– Fonds voor financiering van dakpanconstructies waarmee in een vervroegd stadium op termijn vrijkomende UD-, UHD- en hoogleraarsposities door vrouwelijke wetenschappers worden bezet
– Mentoring- and coachingstrajecten voor vrouwelijke wetenschappers
– Een universitair fonds dat faculteiten een loonkostensubsidie geeft bij het bevorderen van vrouwen van UD- naar UHD-posities, of van UHD- naar hoogleraarsposities.
De gelden zijn nadrukkelijk bedoeld voor brede beleidsmaatregelen, zoals hierboven aangegeven, en niet voor zaken als de aanstelling van een (individuele) vrouwelijke onderzoeker.
Extra onderzoeksbudget kandidaat
Het College van Bestuur kan het restbedrag (€ 50.000 voor Vernieuwingsimpuls- laureaten en € 150.000 voor niet gehonoreerde Vernieuwingsimpuls-kandidaten) van de premie inzetten voor de betreffende kandidaat, als waardering voor het door haar bereikte resultaat en ter aanvulling op de eventueel reeds toegekende subsidie. Dit budget verruimt haar mogelijkheden voor het doen van onderzoek (bijvoorbeeld door de aanstelling van een extra postdoc of onderzoeksassistent, een onderwijsvrije periode en/of een periode van onderzoek aan een buitenlandse universiteit) en kan op deze wijze ook andere vrouwelijke wetenschappers stimuleren om een Vidi- of Vici-aanvraag in te dienen. Ook salarismeerkosten als gevolg van de bevordering kunnen ten laste van dit deel van de premie worden gebracht.
Na de besluitvorming over de toekenning van Vidi- en Vici-subsidies neemt NWO contact op met de Aspasia-kandidaten die in aanmerking komen voor een premie. Zie voor een tijdpad van de procedure 4.1 van deze brochure. Als de kandidaat daarmee instemt, draagt NWO haar voor bij haar College van Bestuur voor bevordering.
Het is niet mogelijk om voor Aspasia een aanvraag te schrijven of in te dienen. Het programma is verbonden aan de Vidi- en Vici-competitie van de Vernieuwingsimpuls
Aspasia 2017 is gekoppeld aan de Vernieuwingsimpulsronde 2017 en is uitsluitend bestemd ter bevordering van vrouwelijke Vidi-kandidaten die op 5 oktober 2017 (deadline Vidi-ronde) nog geen universitair hoofddocent waren en vrouwelijke Vici- kandidaten die op 23 maart 2017 (deadline Vici-ronde) nog geen hoogleraar waren.
Vidi-ronde 2017
– Vrouwelijke Vidi-kandidaten dienen binnen één jaar na de besluitdatum van de Vidi-ronde (dus vóór 1 juni 2019) te zijn bevorderd tot universitair hoofddocent. De bevordering mag niet tijdelijk van aard zijn en moet minimaal gelijk zijn aan de aanstellingsomvang (fte) van de aanstelling die de kandidaat had op het moment van indienen. Het College van Bestuur dient een contract aan NWO voor te leggen waaruit de bevordering blijkt.
– Voor vrouwelijke Vidi-kandidaten die op 5 oktober 2017 nog géén aanstelling als universitair docent hadden, is bij wijze van uitzondering een aangepaste regeling mogelijk: zij moeten in dat geval binnen 2,5 jaar na de besluitdatum van de Vidi-ronde (dus vóór 1 december 2020) zijn benoemd tot universitair docent (vaste aanstelling, minimumomvang 0,4 fte) en binnen drie jaar na de besluitdatum van de Vidi-ronde (dus vóór 1 juni 2021) tot universitair hoofddocent (vaste aanstelling, minimumomvang 0,4 fte). De premie wordt in dat geval in gedeelten toegekend: circa een derde na benoeming tot universitair docent (€ 35.000/€ 70.000 afhankelijk van de grootte van de premie) en vervolgens circa twee derde na benoeming tot universitair hoofddocent (€ 65.000/€ 130.000).
Vici-ronde 2017
– Vrouwelijke Vici-kandidaten dienen binnen één jaar na de besluitdatum van de Vici-ronde (dus vóór 1 maart 2019) te zijn bevorderd tot hoogleraar. De bevordering mag niet tijdelijk van aard zijn en moet minimaal gelijk zijn aan de aanstellingsomvang (fte) van de aanstelling die de kandidaat had op het moment van indienen.
– Voor vrouwelijke Vici-kandidaten die op 23 maart 2017 nog géén aanstelling als universitair hoofddocent hadden, is bij wijze van uitzondering een aangepaste regeling mogelijk: zij moeten in dat geval binnen 2,5 jaar na de besluitdatum van de Vici-ronde (dus vóór 1 september 2020) zijn benoemd tot universitair hoofddocent (vaste aanstelling, minimumomvang 0,4 fte) en binnen drie jaar na de besluitdatum van de Vici-ronde (dus vóór 1 maart 2020) tot hoogleraar (vaste aanstelling, minimumomvang 0,4 fte). De premie wordt hierbij in gedeelten toegekend: circa een derde na benoeming tot universitair hoofddocent (€ 35.000/€ 70.000 afhankelijk van de grootte van de premie) en vervolgens circa twee derde na benoeming tot hoogleraar (€ 65.000/€ 130.000).
– Voor Vici-kandidaten die verbonden zijn aan KNAW- of NWO-instituten is een aparte regeling mogelijk: mocht de betreffende onderzoekster aan een instituut verbonden willen blijven, dan is het mogelijk om in aanmerking te komen voor Aspasia wanneer er aan een universiteit een deeltijdaanstelling als hoogleraar wordt gerealiseerd van minimaal 0,2 fte. De aanstelling mag niet tijdelijk van aard zijn. De premie wordt toegekend aan de betreffende universiteit. Afhankelijk van afspraken tussen universiteit en instituut kan het College van Bestuur besluiten om (een deel van) de premie aan het instituut toe te kennen. Voor besteding gelden verder dezelfde voorwaarden als voor alle Aspasia’s (zie 3.2 van deze brochure).
Na de besluitvorming over de toekenning van de Vidi en Vici neemt NWO contact op met de Aspasia-kandidaten die voor een premie in aanmerking komen. Als de kandidaat prijs stelt op een bevordering in het kader van Aspasia, dan neemt NWO contact op met het betreffende College van Bestuur. NWO kent de premies toe na ontvangst van een contract waaruit de bevordering van de kandidaat blijkt en een begeleidend schrijven van het College van Bestuur met de gewenste besteding van de premie. Voor voorbeelden van wat in het bestedingsplan opgenomen kan worden, zie 3.2 van deze brochure. Het bestedingsplan moet in ieder geval een begroting en een korte toelichting bevatten. NWO moet het bestedingsplan binnen een jaar na het betreffende Vidi- of Vici-besluit ontvangen hebben.
Tijdpad
Het tijdpad voor de ronde met Vidi- en Vici-besluiten in 2018 ziet er als volgt uit:
– februari 2018
Besluit Vici-toekenningen ronde 2017; NWO stuurt in maart 2018 de uitnodigingen naar de vrouwelijke Vici-kandidaten
– mei 2018
Verzoek tot bevordering vrouwelijke Vici-kandidaten aan Colleges van Bestuur
– juni 2018
Besluit Vidi-toekenningen 2017; NWO stuurt de uitnodigingen naar de vrouwelijke Vidi-kandidaten
– september 2018
Verzoek tot bevordering vrouwelijke Vidi-kandidaten aan Colleges van Bestuur
– maart 2019 (uiterlijk)
Melding bevordering Vici-kandidaten door Colleges van Bestuur met bestedingsplan naar NWO
– juni 2019 (uiterlijk)
Melding bevordering Vidi-kandidaten door Colleges van Bestuur met bestedingsplan naar NWO
Verantwoording
Onderzoeksgeld
In het geval van toekenning aan een Vernieuwingsimpuls-laureaat
Indien het College van Bestuur besluit dat een deel van de premie aan de laureaat zelf (zie 3.2) ten goede moet komen, zal NWO dat deel van de premie rechtstreeks aan de laureaat toekennen (in aanvulling op de eerdere Vidi of Vici).
Verantwoording van deze besteding verloopt via de kandidaat (aan het eind van het Vidi/Vici-project), volgens de reguliere verantwoordingsafspraken voor de Vernieuwingsimpuls.
In het geval van toekenning aan een niet gehonoreerde Vernieuwingsimpuls-kandidaat
Indien het College van Bestuur besluit dat een deel van de premie aan de Vernieuwingsimpuls-kandidaat zelf (zie 3.2) ten goede moet komen, zal NWO dat deel van de premie rechtstreeks aan de kandidaat toekennen. De betreffende Vernieuwingsimpuls-kandidaat dient hiervoor een begroting in met een beknopte toelichting, waarin ze laat zien dat de middelen aan haar onderzoekslijn ten goede komen. Voor de besteding van de middelen geldt een termijn van maximaal 5 jaar.
Aan het einde van deze periode stuurt de Vernieuwingsimpuls-kandidaat een financiële eindverantwoording in, waarin ze laat zien dat de middelen besteed zijn zoals was begroot.
Diversiteitsbeleid
De premie voor bredere activiteiten (zie 3.2) kent NWO toe aan het College van Bestuur. Verantwoording van de besteding wordt afgelegd door het College van Bestuur aan NWO. De instelling overlegt een inhoudelijke en financiële eindverantwoording volgens het originele bestedingsplan. NWO ontvangt de eindverantwoording graag zo snel mogelijk na besteding van de premie, uiterlijk 5 jaar na het betreffende Vidi- of Vici-besluit.
Wie was Aspasia?
Aspasia was een Griekse filosofe, die leefde van 470 tot 410 v.Chr. Ze werd geboren in de Griekse stad Milete (gelegen in het huidige Turkije), als dochter van een ontwikkeld man die haar een goede scholing gaf. Als jonge vrouw vertrok zij naar Athene, waar ze als ‘vreemdelinge’ werd ingedeeld in de klasse van ‘hetairen’.
Hetairen waren doorgaans ontwikkelde en onafhankelijke vrouwen. Volgens diverse bronnen (Plato, Plutarchus) onderwees Aspasia retorica en bezocht Socrates haar lessen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2018-7944.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.