Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
HaarlemStaatscourant 2018, 63412Verkeersbesluiten



Verkeersbesluit verkeersmaatregelen Amsterdamsevaart

Logo Haarlem

Nr. 2018/433509

Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW).

Overwegende:

dat de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingelgracht gelegen zijn binnen de bebouwde kom van Haarlem;

dat de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingelgracht in beheer zijn bij de gemeente Haarlem;

dat de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingelgracht wegen zijn als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;

dat gelet op dit artikel het college van burgemeester en wethouders van Haarlem bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze wegen;

dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem is gemandateerd aan het afdelingshoofd Beheer en Beleid Openbare Ruimte;

dat de gemeentelijke wegencategorisering van Haarlem is opgenomen in de Structuurvisie Openbare Ruimte (hierna: SOR);

dat de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingelgracht in de SOR zijn gecategoriseerd als gebiedsontsluitingsweg en deel uitmaken van de hoofdontsluiting van de bebouwde kom van Haarlem;

dat de verkeersfunctie de voornaamste functie van de wegen is;

dat de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingelgracht in het verleden de belangrijkste invalsroute richting het centrum van Haarlem vanaf de autosnelweg A200 was;

dat de wegen (destijds de N200) oorspronkelijk dan ook zijn ontworpen als autowegen binnen de bebouwde kom;

dat inmiddels een alternatieve aanrijroute vanaf de A200 richting het centrum van Haarlem is gerealiseerd via de Oudeweg (nu de N200);

dat de Oudeweg (N200) is ingericht als gebiedsontsluitingsweg met voldoende capaciteit om de verbinding tussen het centrum van Haarlem en de A200 te verzorgen;

dat gezien het beschikbare alternatief en gelet op de nabijgelegen woningbouw de oorspronkelijke inrichting van de Amsterdamsevaart en Gedempte Oostersingel niet noodzakelijk is en daarom beide wegen worden afgewaardeerd;

dat onder andere de rijstrookindeling van de Amsterdamsevaart en de Gedempte Oostersingelgracht wordt gewijzigd wat ten goede komt aan de verkeersveiligheid;

dat separaat aan dit verkeersbesluit het ‘verkeersbesluit bromfiets op de rijbaan omgeving Amsterdamsevaart’ wordt gepubliceerd in de Staatscourant;

dat in dit separaat verkeersbesluit diverse verkeersmaatregelen worden getroffen om de bromfiets te verplaatsen naar de rijbaan;

dat voorliggend verkeersbesluit enige raakvlakken kent met het voornoemde verkeersbesluit en dan ook uitgaat van de besluitpunten genomen in het voornoemde verkeersbesluit;

dat met de reconstructie de rijstrookindeling en kruispuntindelingen op de Gedempte Oostersingelgracht en Amsterdamsevaart worden gewijzigd;

dat door de vernieuwde indeling minder ruimte voor doorgaand verkeer beschikbaar is en meer verblijfsruimte en ruimte voor langzaam verkeer wordt gerealiseerd;

dat deze nieuwe rijstrook- en kruispuntindeling ten goede komen aan de verkeersveiligheid;

dat door de herinrichting het noodzakelijk is om verkeersborden te verwijderen van de oorspronkelijke locatie en deze op een andere locatie opnieuw te plaatsen of om verkeersborden toe te voegen;

dat ter hoogte van het kruispunt van de Gedempte Oostersingelgracht en de Papentorenvest de geboden tot het voorbij gaan van het verkeersbord aan de rechterzijde worden verwijderd van de oorspronkelijke locatie en vervolgens aan het uiteinde van de middenberm opnieuw worden geplaatst;

dat ter hoogte van bovengenoemd kruispunt wordt aangegeven dat de Gedempte Oostersingelgracht een voorrangsweg is;

dat dit na de herinrichting ongewijzigd is maar dat door de verbreding van de middenberm de bijbehorende bebording verwijderd wordt en vervolgens op een andere locatie langs de Gedempte Oostersingelgracht in beide richtingen geplaatst wordt;

dat ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht – Papentorenvest bestuurders op de Papentorenvest voorrang dienen te verlenen aan overstekende fietsers wat wordt aangegeven middels verkeersbord B6 met het onderbord “fietspad in twee richtingen” en haaientanden;

dat op de Gedempte Oostersingelgracht tussen de kruispunten met de Amsterdamsevaart en Papentorenvest in noordelijke richting een busbaan is gelegen;

dat deze busbaan in de nieuwe situatie behouden blijft maar dat bijbehorende verkeerstekens en belijning op andere wijze en andere locaties worden aangebracht waardoor de aanduiding van de busbaan verbetert;

dat het kruispunt Amsterdamsevaart – Gedempte Oostersingelgracht gewijzigd wordt waardoor onder andere de middeneilanden en bermen worden aangepast en de rijstrook indeling wordt gewijzigd en dus verkeersborden en tekens worden verplaatst;

dat ter hoogte van het kruispunt tussen de Amsterdamsevaart en de Gedempte Oostersingelgracht de geboden tot het voorbij gaan van het verkeersbord aan de rechterzijde worden verwijderd van de oorspronkelijke locatie en vervolgens aan het uiteinde van de middenberm opnieuw worden geplaatst op drie locaties;

dat ter hoogte van het bovengenoemde kruispunt tevens een gebod tot het voorbij gaan van het verkeersbord aan beide zijden wordt verwijderd van de oorspronkelijke locatie en vervolgens aan het uiteinde van de geleider opnieuw geplaatst wordt;

dat in de oorspronkelijke situatie middels verkeersborden op de Gedempte Oostersingelgracht wordt aangegeven dat het gaat om een voorrangskruispunt maar dat deze bebording wordt verwijderd;

dat in de nieuwe situatie de Gedempte Oostersingelgracht een voorrangsweg zal zijn en dat aan beide zijden van de weg de bijbehorende bebording wordt geplaatst;

dat in de oorspronkelijke situatie op de Amsterdamsevaart wordt aangegeven dat bestuurders voorrang dienen te verlenen aan bestuurders op de Gedempte Oostersingelgracht middels bebording en haaientanden;

dat in de nieuwe situatie aan de bebording het onderbord “fietspad in twee richtingen” wordt toegevoegd waarmee wordt aangegeven dat bestuurders op de Amsterdamsevaart voorrang dienen te verlenen aan overstekende fietsers ter hoogte van het kruispunt met de Gedempte Oostersingelgracht;

dat circa 15 meter ten oosten van het kruispunt Amsterdamsevaart - Gedempte Oostersingelgracht de aansluiting van een parallelweg is gerealiseerd;

dat bovengenoemde weg parallel ligt aan de Amsterdamsevaart en tevens dezelfde naam draagt;

dat de parallelweg Amsterdamsevaart net als in de oorspronkelijke situatie ook na de herinrichting een erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur en tevens een eenrichtingsweg in oostelijke richting blijft;

dat de aansluiting van de hoofdrijbaan van de Amsterdamsevaart op de parallelweg Amsterdamsevaart net als in de oorspronkelijke situatie ook na de herinrichting wordt ingericht als voorrangskruispunt, waarbij bestuurders komende vanaf de hoofdrijbaan voorrang moeten verlenen aan bestuurders die zich bevinden op de parallelweg;

dat met het doortrekken van de haaientanden over de gehele lengte van deze aansluiting wordt voorkomen dat fietsers komende vanuit oostelijke richting ter plaatse de hoofdrijbaan benaderen;

dat de locatie van de bebording behorende bij bovengenoemde maatregelen wordt gewijzigd en dus wordt verwijderd van de oorspronkelijke locatie en opnieuw wordt geplaatst ter hoogte van aansluiting van de parallelweg op de Amsterdamsevaart;

dat aan de andere zijde van bovengenoemde aansluiting wordt aangegeven dat de aansluiting een eenrichtingweg betreft welke in westelijke richting gesloten is;

dat voor de volledigheid ook op de parallelweg tegenover de aansluiting wordt aangegeven dat de verplichte rijrichting in oostelijke richting is maar dat fietsers in beide richtingen passeren;

dat de rijrichtingen op het wegvak Amsterdamsevaart tussen de Gedempte Oostersingelgracht en de Nagtzaamstraat in de nieuwe situatie op de beide uiterste delen gescheiden worden door middenbermen maar in het tussenliggende deel gescheiden wordt door doorgetrokken belijning;

dat aan beide zijden waar de belijning overgaat in een middenberm wordt geboden het bijbehorende verkeersbord aan de rechterzijde te passeren;

dat het kruispunt Amsterdamsevaart – Nagtzaamstraat gewijzigd wordt waardoor onder andere de middeneilanden en bermen worden aangepast en de rijstrook indeling wordt gewijzigd en dus verkeersborden en tekens worden verplaatst;

dat ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart – Nagtzaamstraat de geboden tot het voorbij gaan van het verkeersbord aan de rechterzijde worden verwijderd van de oorspronkelijke locaties en vervolgens aan het uiteinde van de middenberm opnieuw worden geplaatst op drie locaties;

dat in de nieuwe situatie de Amsterdamsevaart een voorrangsweg wordt en dat om die reden in beide richtingen nabij het kruispunt Amsterdamsevaart – Nagtzaamstraat bijbehorende bebording wordt geplaatst;

dat voor het fietspad dat parallel aan de Amsterdamsevaart loopt geldt dat bestuurders op de Nagtzaamstraat in de nieuwe situatie voorrang dienen te verlenen aan overstekende fietsers;

dat voor de eerdergenoemde parallelweg langs de Amsterdamsevaart waar een eenrichtingsregime in oostelijke richting geldt en een maximumsnelheid van dertig kilomter per uur geldt wat ter hoogte van de aansluiting op de Nagtzaamstraat wordt aangegeven middels bebording;

dat het eenrichtingsregime op de de parallelweg echter niet geldt voor fietsers;

dat de parallelweg Amsterdamsevaart aan de oostzijde van de Nagtzaamstraat verder gaat en ook aan die zijde een maximumsnelheid van dertig kilometer per uur geldt;

dat het eerste deel van de parallelweg aan de oostzijde van de Nagtzaamstraat echter een verplicht fietspad is wat in twee richtingen mag worden bereden en na circa veertig meter het verplichte fietspad eindigt;

dat de rijrichtingen op het wegvak Amsterdamsevaart tussen de Nagtzaamstraat en de Prins Bernhardlaan in de nieuwe situatie op de aantal delen gescheiden worden door middenbermen maar in het tussenliggende deel gescheiden wordt door doorgetrokken belijning;

dat op de locaties waar de belijning overgaat in een middenberm wordt geboden het bijbehorende verkeersbord aan de rechterzijde te passeren;

dat het kruispunt Amsterdamsevaart – Prins Bernhardlaan gewijzigd wordt waardoor onder andere de middeneilanden en bermen worden aangepast en de rijstrook indeling wordt gewijzigd en dus verkeersborden en tekens worden verplaatst;

dat ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart – Prins Bernhardlaan de geboden tot het voorbij gaan van het verkeersbord aan de rechterzijde worden verwijderd van de oorspronkelijke locaties en vervolgens aan het uiteinde van de middenberm opnieuw worden geplaatst op drie locaties;

dat tevens op twee locaties op bovengenoemde kruispunt wordt geboden om het verkeersbord aan beide zijden te passeren en de bijbehorende bebording in de nieuwe situatie wordt geplaatst;

dat in de nieuwe situatie de Amsterdamsevaart een voorrangsweg wordt en dat om die reden in oostelijke richting nabij het kruispunt Amsterdamsevaart – Prins Bernhardlaan bijbehorende bebording wordt geplaatst;

dat in de nieuwe situatie op de Amsterdamsevaart ten westen van het kruispunt een maximumsnelheid van vijftig kilometer per uur geldt wat ter ondersteuning en herinnering middels bebording wordt aangegeven;

dat tevens een maximumsnelheid van vijftig kilometer per uur geldt op de Prins Berhardlaan wat ter ondersteuning en herinnering in zuidelijke richting wordt aangegeven middels bebording;

dat tussen ventweg Amsterdamsevaart en de Prins Bernhardlaan een nieuw fietspad wat in twee richtingen mag worden bereden wordt aangelegd;

dat voor bovengenoemd fietspad geldt dat bestuurders op de Prins Bernhardlaan in de nieuwe situatie voorrang dienen te verlenen aan overstekende fietsers;

dat voorheen het fietsverkeer in oostelijke richting de oversteek op de Prins Bernhardlaan moest maken ter hoogte van de aansluiting met de Doctor Schaepmanstraat;

dat deze relatief lange oversteek voor fietsverkeer zorgde voor lange cyclustijden en ontruimingstijden met een groot risico op roodlichtnegatie van het gemotoriseerd verkeer;

dat met de nieuwe locatie van de oversteek (ter hoogte van de hoofdrijbaan van de Amsterdamsevaart) de veiligheid en afwikkeling van het verkeer wordt gewaarborgd;

dat op de plek waar bovengenoemd fietspad aansluit op de ventweg Amsterdamsevaart ten oosten van de Prins Bernhardlaan fietsers voorrang dienen te verlenen aan verkeer op de ventweg en dat daartoe bijbehorende bebording en verkeerstekens worden aangebracht;

dat deze verkeersmaatregelen gerealiseerd kunnen worden door het plaatsen en verwijderen van de verkeersborden A1 (50, 30 zone, begin en einde), B1, B4, B6, C2, C3, C4, D2, D3 en G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 inclusief het plaatsen en verwijderen van onderborden en het plaatsen en verwijderen van haaientanden en doorgetrokken strepen op het wegdek;

dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen en verwijderen van de hiervoor benoemde verkeersborden van bijlage 1 van het RVV 1990, alsmede het aanbrengen en verwijderen van haaientanden en doorgetrokken strepen op het wegdek een verkeersbesluit vereist is;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregel strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg en het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat geen van de overige in artikel 2 van de WVW 1994 omschreven belangen in het geding is bij het nemen van dit verkeersbesluit;

dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;

dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde maatregel.

Het besluit:

Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem besluit:

  • -

    door middel van het verwijderen en vervolgens plaatsen van de verkeersborden A1-30 (zone, begin en einde) van bijlage 1 van het RVV 1990 een maximumsnelheid van dertig kilometer per uur op de volgende locaties opnieuw in te stellen;

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart ter hoogte van de aansluiting nabij het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart aan beide zijden van de oversteek ter hoogte van de Nagtzaamstraat;

  • -

    door middel van het verwijderen van de verkeersborden B1 van bijlage 1 van het RVV 1990 een voorrangsweg op de volgende locaties op te heffen;

    • Op de Gedempte Oostersingelgracht in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Papentorenvest;

    • Op de Amsterdaamsevaart in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Prins Bernhardlaan met de Amsterdamsevaart;

  • -

    door middel van het plaatsen van de verkeersborden B1 van bijlage 1 van het RVV 1990 een voorrangsweg op de volgende locaties in te stellen;

    • Op de Gedempte Oostersingelgracht in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Papentorenvest;

    • Op de Gedempte Oostersingelgracht in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op de Amsterdamsevaart in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart met de Nagtzaamstraat;

    • Op de Amsterdsamsevaart in beide rijrichtingen ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart met de Prins Bernhardlaan;

  • -

    door middel van het verwijderen van de verkeersborden B4 van bijlage 1 van het RVV 1990 het voorrangskruispunt met een zijweg links op de volgende locatie op te heffen;

    ∘Op de Gedempte Oostersingelgracht ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

  • -

    door middel van het verwijderen van de verkeersborden B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 het gebod voorrang te verlenen aan verkeer op de kruisende weg op te heffen op de volgende locaties;

    • Op de Papentorenvest ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Papentorenvest;

    • Op de Amsterdamsevaart ter hoogte van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op de Nagtzaamstraat ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart met de Nagtzaamstraat;

    • Op de Prins Bernhardlaan ter hoogte van het kruispunt Amsterdamsevaart met de Prins Bernhardlaan;

  • -

    door middel van het plaatsen van het verkeersbord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 en het onderbord met de symbolen ‘fiets’ en ‘pijl rechts – pijl links’ het gebod voorrang te verlenen aan fietsers op de kruisende weg in te stellen op de volgende locaties;

    • Op de Papentorenvest ter hoogte van de fietsoversteek nabij het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Papentorenvest;

    • Op de Amsterdamsevaart ter hoogte van de fietsoversteek nabij het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op de Nagtzaamstraat ter hoogte de fietsoversteek nabij van het kruispunt Amsterdamsevaart met de Nagtzaamstraat;

    • Op de Prins Bernhardlaan ter hoogte van de fietsoversteek nabij het kruispunt Amsterdamsevaart met de Prins Bernhardlaan;

  • -

    door middel van het verwijderen en vervolgens plaatsen van het verkeersbord C2 van bijlage 1 van het RVV 1990 de eenrichtingsweg in de betreffende richting gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee op de volgende locaties opnieuw in te stellen;

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart ter hoogte van de aansluiting ten zuidoosten van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart aan beide zijden van de oversteek bij de Nagtzaamstraat;

  • -

    door middel van het verwijderen en vervolgens opnieuw plaatsen van het verkeersbord C3 van bijlage 1 van het RVV 1990 de eenrichtingsweg op de volgende locaties opnieuw in te stellen;

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart ter hoogte van de aansluiting ten zuidoosten van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart

    • Op de parallelweg Amsterdamsevaart aan beide zijden van de oversteek bij de Nagtzaamstraat;

  • -

    door middel van het plaatsen van het verkeersbord C4 van bijlage 1 van het RVV 1990 de eenrichtingsweg en het onderbord met de symbolen ‘fiets’ en ‘pijl rechts – pijl links’ in te stellen op de volgende locaties;

    ∘Op de parallelweg Amsterdamsevaart ter hoogte van de aansluiting ten zuidoosten van het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart

  • -

    door middel van het verwijderen en vervolgens plaatsen van het verkeersbord D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 het gebod het verkeersbord aan de rechterzijde te passeren op de volgende locaties opnieuw te plaatsen;

    • Op het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Papentorenvest;

    • Op het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op de Amsterdamsevaart op het wegvak tussen de kruispunten met de Gedempte Oostersingelgracht en de Nagtzaamstraat;

    • Op het kruispunt Amsterdamsevaart met de Nagtzaamstraat;

    • Op de Amsterdamsevaart op het wegvak tussen de kruispunten met de Nagtzaamstraat en de Prins Bernhardlaan;

    • Op het kruispunt Amsterdamsevaart met de Prins Bernhardlaan;

  • -

    door middel van het verwijderen en opnieuw plaatsen van het verkeersbord D3 van bijlage 1 van het RVV 1990 het gebod het vekeersbord aan beide zijden te passeren op de volgende locaties opnieuw in te stellen;

    • Op het kruispunt Gedempte Oostersingelgracht met de Amsterdamsevaart;

    • Op het kruispunt Amsterdamsevaart met de Prins Bernhardlaan;

  • -

    door middel van het aanbrengen van doorgetrokken markering op het wegdek een gebod voor bestuurders in te stellen om zich links van een doorgetrokken streep te bevinden op de volgende locaties:

    • Amsterdamsevaart, tussen de Gedempte Oostersingelgracht en Nagtzaamstraat;

    • Amsterdamsevaart, tussen Nagtzaamstraat en Prins Bernardlaan.

  • -

    door middel van het plaatsen van de verkeersborden G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 met onderborden een verplicht fietspad in twee richtingen aan te wijzen tussen de parallelweg van de Amsterdamsevaart en de Prins Bernhardlaan.

Situatieschets:

Gedempte Oostersingelgracht (1/9)

Gedempte Oostersingelgracht / Papentorenvest (2/9)

Gedempte Oostersingelgracht tussen Papentorenvest en Amsterdamsevaart (3/9)

Gedempte Oostersingelgracht / Amsterdamsevaart / Gedempte Herensingel (4/9)

Amsterdamsevaart tussen Gedempte Oostersingelgracht en Nagtzaamstraat (5/9)

Amsterdamsevaart / Nagtzaamstraat (6/9)

Amsterdamsevaart tussen Nagtzaamstraat en Prins Bernardlaan (7/9)

Amsterdamsevaart tussen Nagtzaamstraat en Prins Bernardlaan (8/9)

Amsterdamsevaart / Prins Bernardlaan (9/9)

Aldus vastgesteld op 02 - 11 - 2018 te Haarlem

Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

Sylvia van Egmond

Hoofd afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte

Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in de Staatscourant. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in de Staatscourant bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Haarlem, Postbus 511, 2003 PB te Haarlem. Het bezwaarschrift moet de naam en he tadres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Haarlem. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.