Verkeersbesluit:“verkeersmaatregelen IJsseldelta Kampen”

Logo Kampen

Kampen

Burgemeester en wethouders van de gemeente Kampen,

Overwegende:

Aanleiding

De ruimte achter de rivierdijken wordt steeds intensiever gebruikt. Er komen meer mensen te wonen en de welvaart neemt toe. Hierdoor nemen de gevolgen van een eventuele overstroming toe. Door klimaatveranderingen zullen vaker hoge rivierafvoeren optreden en dat maakt deze gebieden nog kwetsbaarder. Nieuwe dijkversterkingen zijn niet onmogelijk. De kans op een overstroming wordt daarmee kleiner, maar als het toch misgaat zijn de gevolgen juist groter. Om Nederland voldoende veilig, leefbaar én aantrekkelijk te houden is daarom een trendbreuk ingezet: meer ruimte voor de rivier. In 2006 heeft het kabinet de Planologische Kernbeslissing (PKB) ‘Ruimte voor de Rivier’ vastgesteld. Deze PKB Ruimte voor de Rivier heeft drie doelen:

  • -

    in 2015 kan een afvoer van 16.000 kubieke meter water per seconde veilig door de Rijntakken stromen;

  • -

    door de maatregelen die hiervoor nodig zijn, verbetert ook de ruimtelijke kwaliteit van het rivierengebied;

  • -

    de extra ruimte die de rivier in de loop van de eeuw nodig kan hebben als klimaatveranderingen verder doorzetten.

Ruimte voor de Rivier IJsseldelta

Voortvloeiend uit de PKB Ruimte voor de Rivier is in opdracht van Rijkswaterstaat en de provincie Overijssel een plan ‘Ruimte voor de Rivier IJsseldelta’ opgesteld.

Het project Ruimte voor de Rivier IJsseldelta bestaat uit twee maatregelen om de waterveiligheid in de regio Kampen-Zwolle voor de middellange termijn te borgen: zomerbedverlaging Beneden-IJssel, waarbij de rivier over een lengte van 7,5 kilometer tussen de Molenbrug en de Eilandbrug wordt verdiept. En de aanleg van het Reevediep, een nieuwe zijtak van de IJssel, ten zuiden van Kampen, richting het Drontermeer. In onderstaande afbeelding is het plan gevisualiseerd.

Voor dit plan zijn in de periode 2013 - 2014 alle benodigde (ruimtelijke) planvormingsprocedures gevolgd en zijn de bijbehorende besluiten genomen.

De aanleg van het Reevediep heeft ook verkeerskundige gevolgen waardoor ook de nodige verkeersbesluitplichtige verkeersmaatregelen getroffen dienen te worden. Onderstaand wordt per deelaspect uitgewerkt welke maatregelen getroffen worden en welke overwegingen hier aan ten grondslag liggen.

1 . Wijziging aansluiting Chalmotweg Kamperstraatweg

Overwegende:

  • dat het kruispunt Chalmotweg – Kamperstraatweg wordt heringericht zodat de inrichting beter in overeenstemming komt met een 60 kilometer per uur weg;

  • dat hierbij door middel van een kruispuntplateau wordt beoogd de attentie op het kruispunt - en het geldende snelheidsregime van de 60 kilometer per uur - te ondersteunen;

  • dat het bestaande 2-richtingen verplichte Fiets/bromfietspad, dat aan de zuidwestzijde van de Kamperstraatweg is gelegen - ter hoogte van de aansluiting met de Chalmotweg - wordt uitgebogen over een afstand van circa 3 meter in zuidwestelijke richting;

  • dat hierdoor meer opstelruimte wordt gecreëerd voor verkeer dat afslaat en de fietsoversteek op circa 5 meter van de Kamperstraatweg komt te liggen;

  • dat door middel van borden ‘voorrangskruispunt’ op de Kamperstraatweg de voorrang wordt geregeld dusdanig dat bestuurders vanaf de Chalmotweg en vanaf het nieuwe 2 richtingen fietspad aan de noordoostzijde van de Kamperstraatweg voorrang dienen te verlenen aan bestuurders die op de Kamperstraatweg rijden;

  • dat als gevolg van het uitbuigen de verkeerstekens ‘verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg’ en de haaientanden markering worden aangepast aan de nieuwe situatie;

  • dat de Kamperstraatweg in beheer is bij de provincie Overijssel;

  • dat de provincie Overijssel dan ook separaat aan voorliggend besluit een verkeersbesluit neemt voor de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen op de Kamperstraatweg;

  • dat bovengenoemde maatregelen conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

2 . Nieuwe fietsverbinding tussen Kamperstraatweg en de Noordwendigedijk

Overwegende:

  • dat aan de zuidzijde van de IJsseldelta een dijk wordt gerealiseerd welke dient als waterkering tussen de IJsseldelta en het Onderdijks;

  • dat op de nieuwe dijk een 2-richtingen verplicht fietspad wordt aangewezen tussen de Kamperstraatweg en de Noordwendigedijk;

  • dat het instellen van het fietspad een aantrekkelijke oost-west fietsverbinding wordt gerealiseerd;

  • dat bij de aansluiting van de nieuwe fietsverbinding Kamperstraatweg en de Noordwendigedijk op het verlegde tracé van het (brom) fietspad langs de Kamperstraatweg de voorrang zal worden geregeld middels verkeerstekens dusdanig dat bestuurders vanaf het fietspad voorrang dienen te verlenen aan bestuurders op het (brom)fietspad langs de Kamperstraatweg;

  • dat bovengenoemde maatregelen conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 strekken tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • dat het instellen van de voorrang tussen het fietspad en het (brom)fietspad conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 tevens strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers;

3 . Wijziging kruispunt Jules van Hasseltweg/ de Zande – Kamperstraatweg

Overwegende:

  • dat op kruispunt Jules van Hasseltweg/ de Zande – Kamperstraatweg een linksaf vak wordt verwijderd;

  • dat gekozen is om de voorrang in te stellen middels borden voorrangskruispunt dusdanig dat bestuurders op de Jules van Hasseltweg/ de Zande voorrang verlenen aan bestuurders die op de Kamperstraatweg rijden;

  • dat de bestaande (brom)fietsoversteek ten zuiden van het kruispunt op een plateau zal worden gelegd om de oversteek meer te accentueren;

  • dat de aansluiting tussen het verplichte fiets/bromfietspad en de Zande zal worden geregeld middels bord ‘verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg’ en haaientanden op het wegdek;

  • dat de Kamperstraatweg in beheer is bij de provincie Overijssel;

  • dat de provincie Overijssel dan ook separaat aan voorliggend besluit een verkeersbesluit neemt voor de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen op de Kamperstraatweg;

  • dat bovengenoemde maatregelen conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

4 . Wijziging tracé Slaper/ Nieuwendijk

Overwegende:

  • dat ter hoogte van de Slaper de nieuwe dijk aangelegd wordt aan de noordzijde van het Reevediep;

  • dat ervoor gekozen is om het verkeer dat de Slaper gebruikt nabij de rotonde N764 te splitsen in verkeer dat via de nieuw aangelegde weg ‘Nieuwendijk’ de nieuwe Nieuwendijkbrug gaat gebruiken richting Kamperveen en het overige verkeer op Slaper;

  • dat de nieuwe weg door middel van een voorrangskruispunt wordt aangesloten nabij de rotonde N764 waarbij bestuurder op de Slaper voorrang dienen te verlenen aan bestuurders op de Nieuwendijk;

  • dat het kruispunt Nieuwendijk – Nieuwendijkbrug wordt aangeduid als voorrangskruispunt waarbij bestuurders van de Nieuwendijkbrug voorrang dienen te verlenen aan bestuurders op de Nieuwedijk;

  • dat op het kruispunt Nieuwendijk – Nieuwendijkbrug middengeleiders worden gerealiseerd om fietsers en voetgangers in twee etappes over te kunnen laten steken;

  • dat op de middengeleiders van kruispunt Nieuwendijk – Nieuwendijkbrug borden ‘gebod voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft’ (rechts) worden geplaatst;

  • dat tussen de Slaper nabij de rotonde N764 en de Nieuwendijkbrug een verplicht tweerichtingen fiets/bromfietspad wordt aangelegd welke aansluit op de Nieuwendijkbrug die zal gaan fungeren als de belangrijkste verbindingsroute over het Reevediep tussen Kamperveen, Noordeinde en de stad Kampen;

  • dat het bovengenoemde tweerichting verplichte fiets/bromfietspad aan de zuidzijde van de Nieuwendijk ook ten westen van de aansluiting met Nieuwendijkbrug wordt aangewezen als tweerichtingen fiets/bromfietspad;

  • dat ten noorden van kruispunt Nieuwendijk – Nieuwendijkbrug een verplicht fiets/bromfietspad wordt aangewezen voor (brom)fietsers die in westelijke richting rijden;

  • dat ten noordwesten van kruispunt Nieuwendijk – Nieuwendijkbrug een tweerichtingen verplicht fiets/bromfietspad wordt aangewezen in westelijke richting;

  • dat ten zuiden van de Slaper tussen de Zwartendijk en de Cellesbroeksweg een verplicht tweerichtingen fiets/bromfietspad wordt aangelegd voor (brom)fietsers die richting Cellesbroeksweg rijden;

  • dat ter hoogte van de aansluiting van het verplichte tweerichtingen fiets/bromfietspad de voorrang wordt geregeld middels verkeerstekens dusdanig dat bestuurders op het (brom)fietspad voorrang dienen te verlenen aan het verkeer op de Slaper;

  • dat bovengenoemde maatregelen conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

5 . Geslotenverklaring Buitendijksweg

Overwegende:

  • dat op Buitendijksweg vanaf de aansluiting op de Slaper een ‘Gesloten verklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee’ wordt ingesteld waarvan bestemmingsverkeer wordt uitgezonderd;

  • dat voor deze maatregel is gekozen om sluipverkeer door het gebied te voorkomen;

  • dat bovengenoemde maatregelen conform artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 strekken tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan en het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast en hinder dan wel de aantasting van het karakter of van de functie van het gebied;

  • dat hierbij is afgewogen dat het belang van het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het autoverkeer ondergeschikt wordt bevonden aan het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast en hinder dan wel de aantasting van het karakter of van de functie van het gebied.

dat de betreffende straten, met uitzondering van de Kamperstraatweg, in beheer en onderhoud zijn bij de gemeente Kampen;

dat dit verkeersbesluit is voorgelegd aan de politie wat heeft geleid tot een positief advies voor wat betreft de genoemde maatregelen uitgezonderd de maatregel waarbij de Kamperstraatweg wordt afgewaardeerd tot 60km/u weg. Dat de politie van mening is dat de functie en het gebruik van de weg (GOW) niet in overeenstemming zijn met de gekozen inrichting en dat hierdoor de rijsnelheden naar verwachting boven het toegestane maximum zullen liggen en handhaving dan niet aan de orde is. Dat de gemeente in overleg met de provincie Overijssel bewust heeft gekozen voor het afwaarderen van de Kamperstraatweg tot 60km/u weg en de inrichting daarop heeft aangepast en daarom heeft gekozen om het politieadvies op dit punt niet over te nemen. Het daadwerkelijke besluit om de Kamperstraatweg af te waarderen tot een 60 km/u weg wordt door de provincie Overijssel besloten in een separaat verkeersbesluit;

gelet op het bepaalde in artikel 15 en 18 Wegenverkeerswet en op het bepaalde terzake in het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer en de Wegenverkeerswet 1994:

b e s l u i t e n :

1a. Nieuwe fietsverbinding noordoostzijde Kamperstraatweg

a) Door middel van het plaatsen van borden G11 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en een onderbord OB502 (tweerichtingen fietspad) – ten noordoosten van de Kamperstraatweg tussen de Kamperstraatweg overzijde huisnummer 5 en de oversteek ter hoogte van de zuidelijke dijk van het Reevediep een verplicht tweerichtingen fietspad in te stellen.

1b. Wijziging aansluiting Chalmotweg Kamperstraatweg

a) Door middel van het verplaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het verplaatsen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 – de voorrangstekens aan te passen aan de nieuwe situatie.

2. Nieuwe fietsverbinding tussen de Kamperstraatweg en de Noordwendigedijk

  • a)

    Door middel van het plaatsen van borden G11/G12 van bijlage 1 van het RVV 1990 de zuidelijke dijk langs het Reevediep aan te wijzen als verplicht tweerichtingen fietspad;

  • b)

    Door middel van het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het aanbrengen van haaientanden – de voorrang tussen het verplichte tweerichtingen fietspad en het verplichte fiets/bromfietspad langs de Kamperstraatweg te regelen dusdanig dat bestuurders van het fietspad voorrang dienen te verlenen aan bestuurders op het (brom)fietspad Kamperstraatweg;

3. Wijziging kruispunt Jules van Hasseltweg/ de Zande – Kamperstraatweg

a) Door middel van het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het aanbrengen van haaientanden – de voorrang op de aansluiting fietsdoorsteek – de Zande zodanig te regelen dat bestuurders op de fietsdoorsteek voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de Zande.

4. Wijziging tracé Slaper/ Nieuwendijk

  • a)

    Door middel van het plaatsen van borden B4 en B5 en B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het aanbrengen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 – op de Slaper ter hoogte van de Nieuwendijk een voorrangskruispunt in te stellen waarbij bestuurders vanaf de Slaper voorrang dienen te verlenen aan bestuurder op de Nieuwendijk;

  • b)

    Door middel van het plaatsen van borden B4 en B5 en B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het aanbrengen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 – op de Nieuwendijkbrug ter hoogte van de Nieuwendijk een voorrangskruispunt in te stellen waarbij bestuurders vanaf de Nieuwendijkbrug voorrang dienen te verlenen aan bestuurder op de Nieuwendijk;

  • c)

    Door middel van het plaatsen van borden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 op de Nieuwendijk ter hoogte van de Nieuwendijkbrug een gebod voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft (rechts) in te stellen zodat verkeer op de Nieuwendijk alleen aan de rechterzijde langs de middengeleider mag gaan rijden;

  • d)

    Door middel van het plaatsen van borden G12a van bijlage 1 van het RVV 1990 een tweerichtingen verplicht fiets/bromfietspad in te stellen langs de (zuidoostzijde) Nieuwendijk tussen de Slaper nabij de rotonde N764 en de Nieuwendijkbrug.

  • e)

    Door middel van het plaatsen van borden G12a van bijlage 1 van het RVV 1990 een tweerichtingen verplicht fiets/bromfietspad in te stellen langs de (zuidzijde) Nieuwendijk tussen de Nieuwendijkbrug en de Slaper.

  • f)

    Door middel van het plaatsen van bord G12a van bijlage 1 van het RVV 1990 een verplicht fiets/bromfietspad in te stellen langs de (noordwestzijde) Nieuwendijk tussen de aansluiting Nieuwendijkbrug en het tweerichtingen verplichte fietspad in westelijke richting.

  • g)

    Door middel van het plaatsen van borden G12a van bijlage 1 van het RVV 1990 een tweerichtingen verplicht fiets/bromfietspad in te stellen langs de (noordzijde) Nieuwendijk tussen de aansluiting Nieuwendijkbrug en het tweerichtingen verplichte fietspad in westelijke richting.

  • h)

    Door middel van het plaatsen van borden G12a van bijlage 1 van het RVV 1990 een tweerichtingen verplicht fiets/bromfietspad in te stellen langs de (zuidzijde) Slaper tussen de aansluiting Zwartedijk in westelijke richting.

  • i)

    Door middel van het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en het aanbrengen van haaientanden zoals bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 – op de Slaper ter hoogte van de Zwartedijk de voorrang tussen het verplichte fiets/bromfietspad en de Slaper in te stellen waarbij bestuurders vanaf het fiets/bromfietspad voorrang dienen te verlenen aan bestuurder op de Slaper/ Zwartedijk.

5. Geslotenverklaring Buitendijksweg

a) Door middel van het plaatsen van borden C1 van bijlage 1 van het RVV 1990 – en een onderbord waaruit blijkt dat bestemmingsverkeer uitgezonderd is – een geslotenverklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in te stellen op de Buitendijksweg ter hoogte van de aansluiting met de Slaper en hiervan het bestemmingsverkeer uit te zonderen.

Situatieschets:

Burgemeester en wethouders van Kampen,

de secretaris, de burgemeester,

A.Griekspoor-Verdurmen drs. mr. B. Koelewijn

Bezwaarmogelijkheden

Binnen zes weken na bekendmaking van dit verkeersbesluit in de Staatscourant kan door belanghebbenden een bezwaarschrift tegen dit besluit worden ingediend. Dit bezwaar kan worden gericht aan: burgemeester en wethouders van Kampen, postbus 5009, 8260 GA te Kampen.

Naar boven