Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
GorinchemStaatscourant 2018, 288Overig



Gemeenschappelijke regeling tot wijziging van de gemeenschappelijke Regeling Avres.

Logo Gorinchem

De raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Giessenlanden, Gorinchem, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik, ieder voor zover voor de eigen gemeente bevoegd:

 

Gelet op het besluit van de raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam van 17 december 2015, waarin is besloten om met ingang van 1 januari 2018 uit te treden uit de gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap de Avelingen Groep en de gemeenschappelijke regeling Regionale Sociale Dienst en Kredietbank Alblasserwaard/Vijfheerenlanden;

 

Constaterende dat met ingang van 1 januari 2018 de gemeenschappelijke regeling Avres in overeenstemming moet worden gebracht met de op dat moment van toepassing zijnde feitelijke situatie en voorts dat de gemeenschappelijke regeling Avres alsdan ook moet voldoen aan de bepalingen zoals die voortvloeien uit de Wet gemeenschappelijke regelingen;

 

Constaterende dat het de wens van de deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling Avres is om de taken en bevoegdheden in het kader van de Wet educatie en beroepsonderwijs terug aan hen over te dragen;

 

Constaterende dat met deze wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling tevens een juridisch technische omissie kan worden hersteld;

 

Gelet op artikel 1 en artikel 9 van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en artikel 41 van de Gemeenschappelijke Regeling Avres;

 

Besluiten:

 

De Gemeenschappelijke Regeling Avres met ingang van 1 januari 2018 te wijzigen, zodat deze komt te luiden als volgt:

 

Artikel I

 

  • a.

    In de considerans wordt in de eerste volzin in de opsomming “Giessenlanden, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik”, het woord “Hardinxveld-Giessendam” verwijderd.

 

  • b.

    In artikel 1, eerste lid, onder d, wordt in de opsomming “Giessenlanden, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik”, het woord “Hardinxveld-Giessendam” verwijderd;

 

  • c.

    In artikel 1, eerste lid, onder e, wordt in de opsomming “Giessenlanden, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik”, het woord “Hardinxveld-Giessendam” verwijderd;

 

  • d.

    Op de pagina waar de besluitvormingsdata van instemming door het college en de raden staan vermeld wordt verwijderd:

 

“De gemeenteraad van Hardinxveld-Giessendam d.d. 10 december 2015

 

Het college van burgemeester en wethouders van Hardinxveld-Giessendam d.d. 17 november 2015

 

  • e.

    In de een na laatste alinea van paragraaf 2 van de algemene toelichting, wordt de zinsnede “(bij deze gemeenschappelijke regeling zeven gemeenten)” vervangen door “(bij deze gemeenschappelijke regeling zes gemeenten)”

 

  • f.

    In de artikelsgewijze toelichting bij artikel 1, wordt in de tweede alinea verwijderd het woord “Hardinxveld-Giessendam”

 

Artikel II

 

  • a.

    Artikel 9, lid 2 “De raden van de deelnemende gemeenten wijzen in hun eerste vergadering van de nieuwe zittingsperiode uit hun midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders ieder één lid aan” wordt vervangen door een nieuw artikel 9, lid 2, luidende:

    “De raden van de gemeenten Giessenlanden, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik wijzen in hun eerste vergadering van de nieuwe zittingsperiode uit hun midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders, ieder één lid aan. De raad van de gemeente Gorinchem wijst in zijn eerste vergadering van de nieuwe zittingsperiode uit zijn midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders twee leden aan.”

 

  • b.

    Artikel 9 , lid 3 “De raden wijzen voor het lid van het algemeen bestuur uit hun midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders één plaatsvervangend lid aan” wordt vervangen door een nieuw artikel 9, lid 3, luidende:

    “De raden wijzen voor het lid van het algemeen bestuur, respectievelijk de leden van het algemeen bestuur, uit hun midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders één plaatsvervangend lid, respectievelijk twee plaatsvervangende leden aan.”

 

  • c.

    Artikel 13, lid 1 ” Ieder lid van het algemeen bestuur heeft in de vergadering één stem per 7.500 inwoners van de gemeente die hij vertegenwoordigt. Bij de berekening van het aantal stemmen geldt als maatstaf het laatstelijk door het Centraal Bureau voor de Statistiek vastgestelde aantal inwoners. De stemverhouding wordt eenmaal per vier jaar vastgesteld en wel aan het begin van de zittingsperiode” wordt vervangen door een nieuw artikel 13, lid 1, luidende:

    “Iedere gemeente komt in de vergadering van het algemeen bestuur één stem per 7.500 inwoners van het totale inwonertal van de betreffende gemeente toe. De stemmen van de leden die de gemeenten Giessenlanden, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik in het algemeen bestuur vertegenwoordigen komen hen rechtstreeks toe. De stemmen van de leden die de gemeente Gorinchem in het algemeen bestuur vertegenwoordigen, worden gelijkelijk tussen hen verdeeld. Bij de berekening van het aantal stemmen geldt als maatstaf het laatstelijk door het Centraal Bureau voor de Statistiek vastgestelde aantal inwoners. De stemverhouding wordt eenmaal per vier jaar vastgesteld en wel aan het begin van de zittingsperiode.”

     

  • d.

    Artikel 13, lid 7 “In afwijking van het eerder bepaalde in dit artikel, is voor een instemmend besluit met betrekking tot een voorstel dat uitgaat van het algemeen bestuur als bedoeld in artikel 41, eerste lid en artikel 42, eerste lid van deze regeling, een gekwalificeerde meerderheid noodzakelijk van vijf van de zeven leden, waarbij ieder lid in het algemeen bestuur één stem bij de besluitvorming toekomt” wordt vervangen door een nieuw artikel 13, lid 7, luidende:

    “Voor een instemmend besluit met betrekking tot een voorstel dat uitgaat van het algemeen bestuur als bedoeld in artikel 41, eerste lid en artikel 42, eerste lid van deze regeling, is een gekwalificeerde meerderheid noodzakelijk van twee derde van de in de vergadering van het algemeen bestuur uitgebrachte stemmen.”

 

  • e.

    Artikel 13, lid 8, “In afwijking van het eerder bepaalde in dit artikel, vindt besluitvorming in het algemeen bestuur, met betrekking tot besluiten als bedoeld in artikel 35, vijfde lid en artikel 40, vierde lid van deze regeling, plaats bij twee derde meerderheid van de in de vergadering van het algemeen bestuur uitgebrachte stemmen, waarbij ieder lid in het algemeen bestuur één stem bij de besluitvorming toekomt”, wordt vervangen door een nieuw artikel 13, lid 8, luidende:

    “Besluitvorming in het algemeen bestuur, met betrekking tot besluiten als bedoeld in artikel 35, vijfde lid en artikel 40, vierde lid van deze regeling, vindt plaats bij twee derde meerderheid van de in de vergadering van het algemeen bestuur uitgebrachte stemmen.”

 

  • f.

    Artikel 13, lid 9, “In afwijking van het eerder bepaalde in dit artikel, vindt besluitvorming in het algemeen bestuur met betrekking tot een besluit als bedoeld in artikel 40, zevende lid, plaats bij meerderheid van twee derde van de in de vergadering van het algemeen bestuur uitgebrachte stemmen, waarbij ieder lid in het algemeen bestuur één stem bij de besluitvorming toekomt”, wordt vervangen door een nieuw artikel 13, lid 9, luidende:

    “Besluitvorming in het algemeen bestuur met betrekking tot een besluit als bedoeld in artikel 40, zevende lid, vindt plaats bij twee derde meerderheid van de in de vergadering van het algemeen bestuur uitgebrachte stemmen.”

 

  • g.

    Artikel 41, lid 2, “een voorstel als bedoeld in het eerste lid, dat uitgaat van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, dient te worden ondersteund door vijf deelnemers en wordt bij het algemeen bestuur ingediend, wordt vervangen door een nieuw artikel 41, lid 2, luidende:

    “Een voorstel als bedoeld in het eerste lid dat uitgaat van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, dient te worden ondersteund door een aantal deelnemers dat tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in de vergadering van het algemeen bestuur vertegenwoordigt.”

 

  • h.

    Artikel 42, lid 2, “een voorstel als bedoeld in het eerste lid, dat uitgaat van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, dient te worden ondersteund door vijf deelnemers en wordt bij het algemeen bestuur ingediend, wordt vervangen door een nieuw artikel 42, lid 2, luidende:

    “Een voorstel als bedoeld in het eerste lid dat uitgaat van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, dient te worden ondersteund door een aantal deelnemers dat tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in de vergadering van het algemeen bestuur vertegenwoordigt.”

 

  • i.

    Artikel 42, lid 4, “Opheffing van de regeling vindt plaats indien de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van vijf van de zeven deelnemende gemeenten daartoe besluiten”, wordt vervangen door een nieuw artikel 42, lid 4, luidende:

    “Opheffing van de regeling vindt plaats indien de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, die tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in het algemeen bestuur vertegenwoordigen, daartoe besluiten.”

 

  • j.

    De een na laatste alinea van de artikelsgewijze toelichting op artikel 9, wordt als volgt gewijzigd:

    “In deze gemeenschappelijke regeling bestaat het algemeen bestuur uit zeven leden. De gemeenten Giessenlanden, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik wijzen per gemeente ieder één lid aan, de gemeente Gorinchem wijst twee leden aan. Hiermee wijkt de huidige gemeenschappelijke regeling af van de oorspronkelijke gemeenschappelijke regeling, waarin iedere deelnemer één lid voor het algemeen bestuur aanwees. Na het uittreden van de gemeente Hardinxveld-Giessendam uit de GR Avres met ingang van 1 januari 2018, moest de verhouding tussen het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur in relatie tot de stemverhoudingen, evenwel in overeenstemming worden gebracht met de wettelijke bepalingen uit artikel 14, lid 3 van de Wgr. Omdat het niet wenselijk werd geacht om de stemverhoudingen aan te passen, is gekozen om de suggestie vanuit de Wgr zelf te volgen en aan te sluiten bij het bepaalde in artikel 13, vierde lid van de Wgr. Hierin is bepaald dat de regeling kan inhouden dat één of meerdere deelnemers één of meer leden voor het algemeen bestuur kunnen aanwijzen. Door de gemeente Gorinchem twee leden te laten aanwijzen, waarbij de deze gemeente toekomende stemmen in het algemeen bestuur gelijkelijk over deze twee leden zijn verdeeld (zie artikel 13, eerste lid GR Avres), kon de verhouding tussen het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur in overeenstemming worden gebracht met de wettelijke bepalingen. Als objectiveringsgrond om het aantal leden van de gemeente Gorinchem in het AB uit te breiden naar 2, is gesteld dat vanuit Gorinchem de meeste inwoners een beroep doen op de voorzieningen van Avres, hetgeen zich ook vertaald in het financiële aandeel van de gemeente Gorinchem in de GR.”

 

  • k.

    De artikelsgewijze toelichting op artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:

    “Artikel 13 gaat in op het besluitvormingsproces binnen het algemeen bestuur. In de eerste plaats is het aantal stemmen per gemeente van belang. In het eerste lid wordt de stemverhouding geregeld. De stemverdeling vindt plaats op basis van het aantal inwoners per gemeente. Per 7.500 inwoners krijgt iedere gemeente één stem. De leden die de gemeenten Giessenlanden, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard en Zederik in het algemeen bestuur vertegenwoordigen komen deze stemmen rechtstreeks toe. Tussen de leden die de gemeente Gorinchem in het algemeen bestuur vertegenwoordigen, worden de stemmen van deze gemeente gelijkelijk tussen de twee leden verdeeld (zie ook de toelichting op artikel 9).

    In het tweede lid is vervolgens aangegeven dat de besluitvorming plaatsvindt met een gekwalificeerde meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Door de combinatie van het eerste en tweede lid komt zowel de positie van de grootte van de gemeente via het aantal inwoners tot uiting, maar tegelijkertijd komt via het tweede lid ook de positie van de kleinere gemeenten tot uiting, omdat geen reguliere meerderheid is vereist, maar een gekwalificeerde.

     

    Op grond van het bepaalde in artikel 13, eerste en tweede lid betekent dit voor het besluitvormingsproces na 1 januari 2018 het volgende:

     

    Aantal stemmen per gemeente:

     

Gemeente

Aantal stemmen per gemeente

Gorinchem

4 (verdeeld over 2 leden; ieder lid 2 stemmen)

Molenwaard

3

Leerdam

2

Giessenlanden

1

Zederik

1

Lingewaal

1

Totaal

12

 

In totaal zijn er derhalve 12 stemmen aanwezig die kunnen worden uitgebracht, indien alle leden aanwezig zijn. Omdat een gekwalificeerde meerderheid van 2/3 van het aantal stemmen bij de besluitvorming is vereist, betekent dit in het geval dat 12 stemmen worden uitgebracht, een meerderheid eerst mogelijk is bij 8 stemmen.

In het vierde lid is het quorum aangegeven voor het algemeen bestuur om tot besluitvorming over te kunnen gaan. Dit aantal ligt op grond van het bepaalde in dit lid op 8 stemmen.

In de leden 7 t/m 9 is de besluitvorming rondom een aantal bijzondere onderwerpen opgenomen. De gekwalificeerde meerderheid van stemmen die noodzakelijk is met het oog op instemmende besluitvorming over deze bijzondere onderwerpen wijkt niet af van de instemmende besluitvorming over andere onderwerpen (zie lid 2). Toch worden ze hier expliciet genoemd, met het oog op verwijzingen naar en het in overeenstemming brengen met andere bepalingen in deze gemeenschappelijke regeling.”

 

  • l.

    De tweede volzin van de eerste alinea op de artikelsgewijze toelichting van artikel 15 komt te vervallen.

 

  • m.

    In de een na laatste volzin van de tweede alinea op de artikelsgewijze toelichting van artikel 35, komen de woorden “waarbij ieder lid van het algemeen bestuur één stem toekomt” te vervallen.

 

  • n.

    In de tweede volzin van de eerste alinea van de artikelsgewijze toelichting op artikel 42, vervallen de woorden “minimaal vijf gemeenten” en worden vervangen door de woorden “een aantal deelnemers dat tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in de vergadering van het algemeen bestuur vertegenwoordigt. Voorts vervalt in deze alinea de vierde volzin met de woorden: ”Het aantal stemmen van de leden van het algemeen bestuur dat op grond van artikel 13, lid 7 is vereist bedraagt namelijk ook vijf”.

    In de eerste en tweede volzin van de tweede alinea van de artikelsgewijze toelichting op artikel 42, vervallen de woorden “indien vijf van de zeven deelnemende gemeenten (colleges en raden) daartoe besluiten”. In beide volzinnen worden de vervallen woorden vervangen door: “indien een aantal deelnemers dat tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in de vergadering van het algemeen bestuur vertegenwoordigt daarmee instemt.”

 

Artikel III

 

  • a.

    In de considerans in de 12e overweging vervallen de woorden: ”en de Wet Educatie en Beroepsonderwijs”.

 

  • b.

    In artikel 3 vervalt het woord “educatie”.

 

  • c.

    Onder gelijktijdige herlettering van de onderdelen f en g van artikel 1 tot de onderdelen e en f, komt het oorspronkelijke onderdeel e “het verstrekken van educatievoorzieningen, op grond van wettelijke bepalingen al dan niet door derden uitgevoerd, op grond van, krachtens of in het kader van de Wet Educatie en beroepsonderwijs” van het eerste lid te vervallen.

 

  • d.

    In artikel 5, lid 1 vervallen twee keer de woorden “Wet Educatie en Beroepsonderwijs”.

 

  • e.

    In de algemene toelichting van hoofdstuk 3 vervalt het onderdeel d “De Wet educatie en beroepsonderwijs” met de woorden:

    De Wet educatie en beroepsonderwijs - voor zover van toepassing voor de gemeentelijke overheid - kent de gemeenteraad geen bevoegdheden toe. Alle bevoegdheden in deze wet liggen bij het college van burgemeester en wethouders”, onder gelijktijdige herlettering van het huidige onderdeel e tot d.

 

  • f.

    In het nieuw herletterde onderdeel d vervalt in de tweede alinea het eerste deel van de tweede volzin met de woorden ” De Wet educatie en beroepsonderwijs kent de raad geen bevoegdheden toe en”.

 

Artikel IV

 

  • a.

    In artikel 13, lid 9, worden de woorden “zevende lid” vervangen door “zesde lid”.

  

Aldus vastgesteld in de raden en colleges van de gemeenten Giessenlanden, Gorinchem, Leerdam, Lingewaal, Molenwaard, en Zederik,

 

 

Aldus geconstateerd tijdens de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke Regeling Avres op 21 december 2017,

A. Bruggeman, voorzitter en S.N. Spanjaard, secretaris