De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,
Gelet op de artikelen 3, eerste lid, onder b, 4, eerste en tweede lid, en 5, van de
Kaderwet subsidies I en M, 4, eerste lid, 6, tweede lid, onder b, 7, derde lid, 8,
eerste lid, 15, vijfde lid, 22, tweede lid en 23, derde en vijfde lid, van het Kaderbesluit
subsidies I en M;
BESLUIT:
TOELICHTING
Algemeen deel
1. Aanleiding en doel van de subsidie
Stichting milieukeur (hierna: SMK) is in 1992 door de overheid in het leven geroepen
om het nationale duurzaamheidslabel Milieukeur te ontwikkelen en te beheren. Het doel
hiervan was dat SMK door middel van het beheer van certificatiesystemen voor diensten
en producten de transparantie van de markt zou verhogen door de duurzaamheidsprestaties
van non-food- en foodproducten zichtbaar te maken voor consumenten. De activiteiten
van SMK ten behoeve van Milieukeur bestaan voornamelijk uit het ontwikkelen, beheren
en toetsen van transparante duurzaamheidscriteria in samenwerking met bedrijven, branches,
overheden en andere organisaties.
Vanaf het begin van de oprichting van SMK is aan haar subsidie verstrekt voor onder
andere de activiteiten die zij verricht ten behoeve van Milieukeur. Hiermee werd beoogd
de onafhankelijkheid van SMK en de kwaliteit van bestaande certificatieschema’s te
waarborgen en de ontwikkeling van nieuwe certificatieschema’s te stimuleren. De aan
SMK verleende subsidie is de afgelopen jaren steeds verder afgebouwd. Het verlenen
van subsidie aan SMK voor deze activiteiten zal binnen afzienbare termijn niet langer
noodzakelijk zijn gelet op de inkomsten die zij onder andere genereert door de afdrachten
van de gebruikers van certificatieschema’s.
In het verleden werd het Besluit milieusubsidies als wettelijke grondslag gehanteerd
voor de verlening van subsidie aan SMK. Na intrekking van dit besluit bij inwerkingtreding
van het Kaderbesluit subsidies I en M is deze grondslag komen te vervallen. In 2017
is aan SMK bij beschikking van 26 april een anticiperende subsidie verleend op basis
van de Algemene wet bestuursrecht (artikel 4:23, derde lid, onderdeel a, van de Algemene
wet bestuursrecht; hierna Awb). Deze subsidie is vooruitlopend op het vaststellen
van onderhavige regeling verleend om de continuïteit van de activiteiten van SMK te
waarborgen. De regeling dient ertoe in 2018 nog subsidie aan SMK te kunnen verstrekken
voor haar rol van beheerder van certificatiesystemen voor producten en diensten wat
betreft Milieukeur. Daarna wordt vanwege de hiervoor genoemde reden voor deze activiteiten
niet langer subsidie verstrekt.
2. Wettelijk kader
Op deze subsidieverstrekking zijn van toepassing de Awb, de Kaderwet subsidies I en
M en het Kaderbesluit subsidies I en M (hierna: Kaderbesluit).
De wettelijke grondslag voor deze regeling is gelegen in de artikelen 3, eerste lid,
onder b (subsidie inzake milieubeheer), 4, eerste en tweede lid (activiteiten waarvoor
subsidie kan worden verstrekt en vaststelling subsidieplafond) en 5 (aanvraag van
subsidie, verplichtingen subsidieontvanger en voorschotbepaling), van de Kaderwet
subsidies I en M. Verder is de grondslag voor deze regeling gelegen in de artikelen
4, eerste lid (activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt, in aanmerking komende
subsidiabele kosten en de wijze van berekening van de subsidie), 6, tweede lid, onder
b (gemaakte kosten van vóór indiening van de aanvraag subsidiabel), 7, derde lid (berekeningswijze
uurtarieven), 8, eerste lid (subsidieplafond), 22, tweede lid (verplichtingen subsidieontvanger)
en artikel 23, derde en vijfde lid (bevoorschotting), van het Kaderbesluit.
In het Kaderbesluit zijn procedureregels opgenomen die eveneens op de uitvoering van
deze regeling van toepassing zijn. Het gaat om de volgende bepalingen: artikel 6 (gemaakte
kosten), 10 (indienen aanvraag tot subsidieverlening), 11 en 12 (afwijzingsgronden),
14 en 15 (subsidieverstrekking), 17 tot en met 19 (verplichtingen), 23 (betaling en
bevoorschotting) en 24 en 25 (indienen aanvraag tot subsidievaststelling en vaststelling
subsidie).
Het Kaderbesluit maakt het verder mogelijk bepaalde verplichtingen of eisen te stellen
in de beschikking tot subsidieverlening. Zie bijvoorbeeld artikel 21, waarin is bepaald
dat de Minister in de beschikking tot subsidieverstrekking nadere verplichtingen kan
opleggen.
Naast de onderhavige regeling zijn derhalve ook het Kaderbesluit en de beschikking
tot subsidieverstrekking van belang
3. Administratieve lasten
De totale administratieve lasten komen neer op circa € 3000,– per jaar. Dit bedrag
is circa 3% van het subsidiebedrag voor 2018.
4. Advisering en consultatie
Er is sprake van een ministeriële regeling die geen significante verandering brengt
in de rechten en plichten van burgers, bedrijven en instellingen of grote gevolgen
heeft voor de uitvoeringspraktijk. Op grond van het kabinetsstandpunt inzake internetconsultatie1 kon internetconsultatie daarom achterwege blijven.
5. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 26 april 2018.
Met de inwerkingtreding van deze regeling wordt afgeweken van het beleid inzake vaste
verandermomenten en de minimuminvoeringstermijn van twee maanden, zoals vastgelegd
in aanwijzing 4.17 van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Deze afwijking is gerechtvaardigd,
omdat de continuïteit van de werkzaamheden van SMK het wenselijk maken dat de inwerkingtreding
op korte termijn geschiedt. De regeling werkt daarnaast terug tot en met 26 april
2018 omdat een jaar eerder bij beschikking aan SMK een anticiperende subsidie is verleend.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 2 Activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt
De Minister kan aan SMK subsidie verstrekken voor activiteiten die samenhangen met
het fungeren van SMK als beheerder van het keurmerk Milieukeur. Onder deze activiteiten
vallen ook de activiteiten ten behoeve van de duurzaamheidsbarometers, zoals Barometer
Duurzame Bloemist en Barometer Duurzame Evenementen. Er kan alleen subsidie worden
verleend voor het ontwikkelen en actualiseren van criteriasets ten behoeve van certificatieschema’s
in 2018. Na dit jaar wordt de subsidie, ongeacht of deze activiteiten zijn afgerond,
stopgezet.
Artikel 3 Subsidiabele kosten
In het eerste lid van artikel 3 wordt invulling gegeven aan de verplichting van artikel
7, derde lid, van het Kaderbesluit dat bij ministeriële regeling wordt bepaald welke
standaardberekeningswijzen voor de berekening van uurtarieven van toepassing zijn.
De te hanteren standaardberekeningswijzen sluiten aan bij Aanwijzing 19 van de Aanwijzingen
voor subsidieverstrekking.
In het tweede lid van dit artikel is gebruik gemaakt van de in artikel 6, tweede lid,
onder b, van het Kaderbesluit geboden mogelijkheid tot afwijking van het bepaalde
in de aanhef van het tweede lid van artikel 6 dat vóór de indiening van de aanvraag
gemaakte kosten niet voor subsidie in aanmerking komen. Deze afwijking is nodig, omdat
SMK aan het begin van 2018 al een aanvang heeft gemaakt met de activiteiten die voor
subsidieverstrekking in aanmerking komen en daarvoor kosten heeft gemaakt.
Artikel 5 Bevoorschotting
Op grond van artikel 23, vijfde lid, van het Kaderbesluit is in dit artikel het percentage
van het voorschot bepaald. Voorschotten worden automatisch (ambtshalve) verstrekt.
Een aparte aanvraag tot bevoorschotting is niet nodig.
Artikel 6 Aanvraag tot subsidieverlening
In het eerste lid van dit artikel is bepaald dat SMK binnen vier weken nadat deze
regeling is gepubliceerd een aanvraag om subsidieverlening moet indienen. In de onderhavige
regeling zijn naast de in artikel 10 van het Kaderbesluit opgenomen verplichtingen
ten aanzien van de gegevens en bescheiden die bij de aanvraag om subsidie moeten worden
gevoegd geen extra verplichtingen opgenomen. Dit betekent dat gelet op het bepaalde
in artikel 10 van het Kaderbesluit de volgende gegevens en documenten bij de aanvraag
moeten worden gevoegd: een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd,
een toelichting op de wijze waarop en de mate waarin de activiteiten waarvoor subsidie
wordt gevraagd een bijdrage leveren aan de doelstellingen van de onderhavige regeling,
een gespecificeerde begroting die een goed inzicht geeft in de kosten van de activiteiten
waarvoor subsidie wordt aangevraagd, een tijdplanning van de activiteiten, indien
voorschotten worden gewenst een weergave van de liquiditeitsbehoefte gedurende het
tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, het bankrekeningnummer waarop het subsidiebedrag
dient te worden gestort inclusief een bewijs dat de bankrekening op naam van SMK staat
en het inschrijfnummer van de aanvrager bij de Kamer van Koophandel.
Nadat de activiteiten zijn uitgevoerd moet SMK ook een aanvraag tot subsidievaststelling
indienen. Op grond van artikel 24, eerste lid, van het Kaderbesluit vindt deze aanvraag
binnen dertien weken na het verricht zijn van de activiteiten waarvoor de subsidie
is verstrekt plaats. Aangezien de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend waarschijnlijk
gedurende geheel 2018 plaats vullen vinden zal dit voor SMK betekenen dat binnen 13
weken na 31 december 2018 aan aanvraag tot subsidievaststelling moet zijn ingediend.
Op grond van het derde lid van dit artikel gaat de aanvraag om subsidievaststelling
in ieder geval vergezeld van een verslag omtrent het verloop, de uitvoering en de
resultaten van de activiteiten, waaruit blijkt dat SMK aan de voor haar geldende verplichtingen
heeft voldaan.
Artikel 7 Inwerkingtreding en horizonbepaling
Voor wat betreft het moment van inwerkingtreding wordt verwezen naar het algemeen
deel van de toelichting.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, S. van Veldhoven-van der Meer