Ontheffing minimum VFR-vlieghoogte oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen ten behoeve van CDS-training

7 mei 2018

Nr. MLA/067/2018

De Minister van Defensie,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

Gelezen het verzoek van de commandant 336 squadron van 26 maart 2018;

Gelet op de artikelen 2, tweede lid, en 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van een oefening van 336 squadron voor training met het CDS (Cargo Delivery System) wordt ontheffing verleend van de minimum VFR-vlieghoogte, bedoeld in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012, binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen, begrensd door de volgende coördinaten:

    een cirkelvormig gebied met een straal van zesenhalve (6,5) nautische mijlen met als middelpunt coördinaat 52°03’35.02”N 005°52’18.97”E (zie figuur).

  • 2. De ontheffing, bedoeld in het eerste lid, is van kracht op de volgende dagen en tijdstippen:

    Week 20:

    woensdag 16 mei 2018 van 14:30 uur tot 15:00 uur lokale tijd;

    Week 22:

    vrijdag 1 juni 2018 van 09:20 uur tot 09:50 uur en van 11:30 uur tot 12:00 uur lokale tijd;

    Week 23:

    vrijdag 8 juni 2018 van 11:20 uur tot 11:50 uur en van 13:30 uur tot 14:00 uur lokale tijd.

    Oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen

    Oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen

Artikel 2

  • 1. Binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen bedraagt de toegestane minimum VFR-vlieghoogte binnen de daglichtperiode 100 voet AGL of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is.

  • 2. Binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) Deelen gelden voorts de volgende regels:

    • a. laagvliegen is alleen toegestaan voor het luchtvaartuig dat deelneemt aan de oefening;

    • b. met betrekking tot het vliegzicht en de wolkenbasis gelden de eisen voor VFR-vluchten;

    • c. aaneengesloten bebouwing, ziekenhuizen, sanatoria en dergelijke worden vermeden;

    • d. de ontheffing van de minimum VFR-vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn;

    • e. aanvliegroute en -hoogte, alsmede de oefenlocatie worden zodanig gekozen dat geluidhinder zoveel mogelijk wordt voorkomen;

    • f. de vlucht dient te worden uitgevoerd vrij van het zweefvliegcentrum Terlet.

Artikel 3

Deze beschikking treedt in werking met ingang van woensdag 16 mei 2018 en vervalt met ingang van zaterdag 9 juni 2018.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze: De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, J.P. Apon, Kolonel

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, Dienstencentrum Juridische Dienstverlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

In de weken 20, 22 en 23 zal er telkens op één dag een of meermalen worden geoefend met het CDS (Cargo Delivery System). Om de betrokken lading veilig op de bestemde plaats te laten neerkomen is het noodzakelijk dat het betrokken luchtvaartuig voldoende laag kan vliegen. Deze beschikking maakt dat mogelijk.

Naar boven