Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat | Staatscourant 2018, 216 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat | Staatscourant 2018, 216 | Ontheffingen |
Datum: 21 december 2017
Nummer: ILT-2017/90287
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;
Gelezen de gemotiveerde aanvraag van het KNMI, de heer M. de Haij, van 27 oktober 2017, e-mail: marijn.de.haij@knmi.nl;
Overwegende,
dat het doel van de ontheffing is het testen van de specificaties van een nieuwe wolkenhoogtemeter in het KNMI-waarneemnetwerk ten behoeve van de luchtvaartmeteorologische dienstverlening die het KNMI uitvoert op grond van de Regeling Luchtvaartmeteorologische Inlichtingen 2006;
Gelet op artikel 5.5, derde lid, van de Wet luchtvaart en artikel 9 van het Besluit luchtverkeer 2014;
BESLUIT:
Aan het KNMI wordt ontheffing verleend van het verbod om een kabelballon te gebruiken boven de in artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons voorgeschreven maximum hoogte van 100 meter boven de grond of het water. Deze ontheffing geldt voor de KNMI-locatie in De Bilt met de coördinaten 52°05'59"N – 005°10'38"E (zie figuur 1).
Ter bescherming van het luchtverkeer tijdens het testen van een wolkenhoogtemeter door middel van het oplaten van een kabelballon in De Bilt wordt het volgende tijdelijke gebied met beperkingen ingesteld, begrensd door de volgende coördinaten en hoogten, hierna te noemen TGB De Bilt (zie figuur 1):
– een cirkel met een straal van 1 nautische mijl rondom de positie 52°05'59"N – 005°10'38"E;
– vanaf de grond tot een hoogte van 305 meter (1000 ft AGL) boven maaiveld (de grond of het water);
– op wisselende tijdstippen tussen 22 december 2017 en 1 april 2018 tijdens de uniforme daglichtperiode (UDP), gepubliceerd in de luchtvaartgids onder GEN 2.7 (zie www.ais-netherlands.nl).

Figuur 1
Aan de ontheffing, bedoeld in artikel 1, zijn de volgende voorschriften en beperkingen verbonden:
a. de kabelballon mag in afwijking van artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons worden opgelaten tot een hoogte van maximaal 1000 ft AGL (305 meter boven de grond of het water) bij een wolkenbasis van ongeveer 1000 ft AMSL of hoger;
b. de ontheffing geldt voor de uniforme daglichtperiode (UDP), gepubliceerd in de luchtvaartgids onder GEN 2.7 (zie www.ais-netherlands.nl), voor de periode van 23 december 2017 tot en met 31 maart 2018;
c. de kabelballon mag alleen hoger dan 100 meter boven de grond of het water komen wanneer het vliegzicht 1,5 kilometer of meer bedraagt;
d. de kabel en de kabelballon worden maximaal zichtbaar gemaakt voor luchtvarenden door voor de ballon een rode of paarse kleur te kiezen en de kabelballon met bijbehorende kabel te voorzien van een rode parachute en rood-witte linten.
e. het KNMI laat ten minste 3 dagen voor de verwachte oplating een NOTAM uitgeven bij MilATCC, tel. 0577 45 87 05;
f. het KNMI neemt ten minste 30 minuten voor het oplaten van de ballon en direct na het neerhalen ervan contact op met de Supervisor van MilATCC (tel. 0577-458705) en blijft tijdens de uren dat de ballon ‘in de lucht staat’ telefonisch bereikbaar voor de Supervisor via een door de organisatie bekend te maken telefoonnummer;
g. indien een NOTAM is uitgegeven, maar de activiteit niet doorgaat, laat het KNMI deze NOTAM intrekken;
h. het KNMI zorgt ervoor dat in het geval van een kabelbreuk de kabelballon gecontroleerd naar beneden komt;
i. aanwijzingen van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, militaire luchtverkeersleiding of de Inspectie Leefomgeving en Transport, al dan niet gegeven via de onder f genoemde Supervisor, in het kader van de veiligheid van het luchtverkeer, worden nagekomen.
Voor het uitvoeren van vluchten in het tijdelijke gebied met beperkingen gelden de volgende beperkingen:
a. het is verboden vluchten uit te voeren binnen het TGB De Bilt, tenzij het gaat om vluchten die worden uitgevoerd door of in opdracht van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, vluchten voor zoek- en reddingsacties of spoedeisende medische vluchten;
b. het testen van de wolkenhoogtemeter wordt stilgelegd wanneer de luchtverkeersleiding dat heeft aangegeven in verband met een vlucht door of in opdracht van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, een vlucht voor zoek- en reddingsacties of een spoedeisende medische vlucht.
Het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften of beperkingen kan aanleiding zijn de ontheffing, genoemd in artikel 1, in te trekken.
Deze beschikking treedt in werking met ingang van 22 december 2017 en vervalt met ingang van 1 april 2018. Indien de Staatscourant waarin deze beschikking wordt geplaatst, wordt uitgegeven ná 22 december 2017, treedt deze beschikking in werking met ingang van de dag ná de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 22 december 2017.
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, C.J.M. van Hees
Bezwaarmogelijkheid
Indien u het niet eens bent met deze beschikking, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze beschikking is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.
Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
– de naam en het adres van de indiener;
– de dagtekening;
– een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;
– de gronden van het bezwaar.
Het bezwaarschrift kunt u richten aan:
Inspectie Leefomgeving en Transport
Postbus 16191
2500 BD Den Haag
Het KNMI wil een nieuwe wolkenhoogtemeter testen ten behoeve van haar luchtvaartmeteorologische dienstverlening. Hiertoe is het noodzakelijk om een kabelballon op te laten met daaraan het genoemde meetsysteem. De hoogte waarop de kabelballon zal gaan ‘vliegen’, is ongeveer 300 meter. Om deze tests mogelijk te maken moet een ontheffing worden verkregen van het verbod om een kabelballon te gebruiken boven de in artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons voorgeschreven maximum hoogte van 100 meter boven de grond of het water. Deze beschikking voorziet in deze ontheffing.
Onderdeel van de testprogramma is dat de kabelballon wordt opgelaten in slecht of bijna slecht weeromstandigheden en dat zijn bijna ook altijd slecht zichtomstandigheden. Dit betekent dat moet worden afgeweken van de internationaal vastgelegde zichtregels zoals die gelden voor gebruikers van klasse G-luchtruim. Om te voorkomen dat hierdoor een gevaarlijke situatie ontstaat in het luchtruim, wordt ten tijde van iedere test een tijdelijk gebied met beperkingen (TGB) ingesteld dat ervoor zorgt dat het overige luchtverkeer op voldoende afstand blijft van de locatie waar de test plaatsvindt. Als het nodig blijkt voor politie-, trauma- en andere spoedeisende medische vluchten en vluchten in het kader van zoek- en reddingsacties om binnen het geactiveerde gebied te vliegen, worden via de luchtverkeersleiding de activiteiten met de kabelballon stilgelegd, zodat de spoedeisende vluchten toch ter plaatse kunnen worden uitgevoerd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2018-216.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.