Besluit tot het wijzigen van de bebouwde komgrens op grond van de Wegenverkeerswet (WVW) 1994 in Wilp-Achterhoek

Logo Voorst

De raad van de gemeente Voorst;

gelezen het advies het college van burgemeester en wethouders van 30 januari 2018, nummer 2018-03999;

overwegende dat de maximum snelheid op delen van de Ardeweg verlaagd wordt tot respectievelijk 60 en 30 km/u;

dat deze verkeersmaatregel onderdeel uitmaakt van maatregelen om de verkeersveiligheid in Wilp-Achterhoek te verbeteren;

dat er op een deel van de Ardeweg, gelegen ten zuiden van de concentratie van de bebouwing, een maximum snelheid van 60 km/u wordt ingesteld om daarmee te voorkomen dat verkeersdeelnemers hun snelheid opeens moeten reduceren van maximaal 80 tot maximaal 30 km/u;

dat dit met zich meebrengt dat de verkeerskundige bebouwde komgrens circa 100 m in noordelijke richting verplaatst moet worden;

dat, krachtens artikel 2 van de WVW 1994, het hier aan de orde zijnde besluit genomen wordt tot:

- het verzekeren van de veiligheid op de weg;

- het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

dat op grond van artikel 20a van de WVW 1994 de grenzen van de bebouwde kom of kommen van een gemeente worden vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad;

dat er op grond van artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) overleg is geweest met het regionale politiekops;

dat er van die zijde vanuit een oogpunt van verkeersveiligheid wordt geadviseerd over te gaan tot het nemen van het hier bedoelde besluit;

gelet op artikel 20a van de WVW 1994 en de artikelen 23, 24 en 48 van het BABW;

B E S L U I T:

de bebouwde komgrens ter plaatse van de Ardeweg in Wilp-Achterhoek, ten zuiden van de concentratie van de bebouwing, te wijzigen en daarmee vast te stellen conform de bij dit besluit behorende situatietekening van 30 januari 2017.

Rechtsmiddelen

Artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht geeft belanghebbenden de mogelijkheid om bezwaar tegen dit raadsbesluit bij de gemeenteraad te maken. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. De termijn begint met ingang van de dag na die waarop dit besluit bekend is gemaakt. De indiener van een bezwaarschrift kan tevens de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Gelderland (Postbus 9030, 6800 EM Arnhem) vragen een voorlopige voorziening te treffen als onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Deze mogelijkheid is opgenomen in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht.

Bijlage: situatietekening van 30 januari 2018 (2018-05484).

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering.

Twello, 12 maart 2018

drs. B.J.M. Jansen, griffier

drs. J.T.H.M. Penninx, burgemeester

Naar boven