De Minister van Justitie en Veiligheid,
Gelet op artikel 57, tweede lid, van de Wet Veiligheidsregio’s, artikel 67 van de
Politiewet 2012 en artikel 73 van de Veiligheidswet BES
Besluit:
ARTIKEL I
In artikel 1 van het Besluit aanwijzing toezichthoudende ambtenaren Inspectie Veiligheid en Justitie vervalt:, artikel 33, eerste lid, van de Wet op het LSOP en het politieonderwijs.
ARTIKEL II
Het Instellingsbesluit Commissie Politie en Wetenschap wordt ingetrokken.
ARTIKEL III
Het Instellingsbesluit Adviescommissie Benoemingen Politie wordt ingetrokken.
ARTIKEL IV
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de
Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2017.
TOELICHTING
Besluit aanwijzing toezichthoudende ambtenaren Inspectie Veiligheid en Justitie
Als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet van 25 mei 2016 tot wijziging van de
Politiewet 2012 in verband met de inbedding van de Politieacademie in het nieuwe politiebestel
(Stb. 2016, 203) (hierna: de Wet inbedding Politieacademie) op 1 januari 2017 is de Wet op het LSOP
en het politieonderwijs op die datum ingetrokken (zie artikel V van de Wet inbedding
Politieacademie). Dit brengt mee dat de verwijzing in het Besluit aanwijzing toezichthoudende
ambtenaren Inspectie Veiligheid en Justitie naar de Wet op het LSOP en het politieonderwijs
dient te vervallen.
Instellingsbesluit Commissie Politie en Wetenschap
De inwerkingtreding van de Wet inbedding Politieacademie op 1 januari 2017 noopt tot
de intrekking van het Instellingsbesluit Commissie Politie en Wetenschap.
De Commissie Politie en Wetenschap is in het jaar 2000 ingesteld voor de formulering
en uitvoering van een meerjarig onderzoeksprogramma op het gebied van politie en veiligheid,
het jaarlijks vaststellen van prioritaire onderzoeksthema’s die mede richtinggevend
zijn bij het selecteren en beoordelen van onderzoeksvoorstellen en onderzoeksplannen,
het jaarlijks accorderen en ter vaststelling aanbieden aan de Minister van een onderzoeksprogramma
op het gebied van politie en veiligheid, het bevorderen van de opbouw van een voor
de politie relevant kennislichaam dat bijdraagt aan de op- en uitbouw van de politieprofessie,
het bevorderen van een optimaal op de politie en politiepraktijk afgestemde toegankelijkheid
en beschikbaarheid van relevante wetenschappelijke kennis en onderzoeksresultaten,
en het (jaarlijks) vaststellen van procedures en methoden van onderzoeksprogrammering.
Per 1 januari 2017 is de Commissie Politie en Wetenschap komen te vervallen en heeft
de Politieonderwijsraad – een adviesorgaan van de Minister van Justitie en Veiligheid
inzake de kwalificatiestructuur, de politieopleidingen en de strategische onderzoeksagenda
– de taken van de Commissie Politie en Wetenschap overgenomen. De Politieonderwijsraad
heeft met ingang van voornoemde datum als taak erbij gekregen: het verzorgen van de
uitbesteding van het toegepast wetenschappelijk onderzoek, bedoeld in artikel 95,
tweede lid, van de Politiewet 2012, en de begeleiding van dat onderzoek, beide onder
verantwoordelijkheid van de directeur van de Politieacademie (artikel 84, vijfde lid,
van de Politiewet 2012). De taken zijn binnen de Politieonderwijsraad ondergebracht
bij de zogenoemde ‘Commissie Kennis en Onderzoek’.
Instellingsbesluit Adviescommissie Benoemingen Politie
Met de inwerkingtreding van de Politiewet 2012 is, middels de Invoerings- en aanpassingswet
Politiewet 2012, geregeld dat het de Minister van Justitie en Veiligheid vrij staat
de top 61 in te vullen op een door hem te bepalen wijze (artikel 2, tweede lid). De
Minister heeft de top 61 aangesteld met als uitgangspunt de kwaliteit van het personeel.
Vanaf de tweede dag na de inwerkingtreding van de Politiewet 2012 wordt er voor wat
de benoemingen van de top gehandeld conform de afspraken zoals deze zijn vastgelegd
in de dienstverleningsovereenkomst ‘convenant ABD-NP-VenJ’. Er is hierbij geen rol
meer voor een adviescommissie betreffende de benoemingen van de politie. Het instellingsbesluit
kan derhalve worden ingetrokken.
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus