Bekendmaking van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 3 september 2017, nr. VO/1238461, inzake vaststelling van het subsidieplafond van het Besluit vaststelling beleidskader subsidies doorstroomprogramma’s vmbo-mbo en vmbo-havo voor het kalenderjaar 2018

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op artikel 3, tweede lid, van het Besluit vaststelling beleidskader subsidies doorstroomprogramma’s vmbo-mbo en vmbo-havo;

Besluit:

Enig artikel

Het subsidieplafond, bedoeld in artikel 3, tweede lid van het Besluit vaststelling beleidskader subsidies doorstroomprogramma’s vmbo-mbo en vmbo-havo voor het kalenderjaar 2018 wordt vastgesteld op € 2.532.000.

Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M. Bussemaker

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker

TOELICHTING

Deze bekenmaking stelt het subsidieplafond van het Besluit vaststelling beleidskader subsidies doorstroomprogramma’s vmbo-mbo en vmbo-havo voor het kalenderjaar 2018 vast. Het betreft € 2.532.000. Het beschikbare bedrag voor 2018, van in totaal € 5 miljoen, is hierbij verminderd met het bedrag dat bestemd is voor het tweede cohort leerlingen dat aan de in 2017 beschikte programma’s deelneemt. Ook zijn er nog uitvoeringskosten van afgetrokken.

Het genoemde bedrag is beschikbaar voor aanvragen voor het overstapmoment 2017–2018. De aanvragen kunnen tot 1 oktober 2017 worden gedaan. De beschikte bedragen worden in 2018 betaald.

Artikel 3, derde lid, bepaalt dat dit bedrag over de goedgekeurde aanvragen wordt verdeeld volgens een verdeelsleutel van 70% voor doorstroomprogramma’s vmbo-mbo en 30% voor doorstroomprogramma’s vmbo-havo. Artikel 3, vierde lid, voegt daaraan toe dat als een van de gestelde percentages niet leidt tot uitputting van het bedrag, het resterende bedrag kan worden toegevoegd aan de andere categorie. En artikel 3, vijfde lid, bepaalt ten slotte, dat bij overschrijding van het subsidieplafond, overeenkomstig de in het derde lid bepaalde percentages, door middel van loting de onderlinge rangschikking van aanvragen wordt bepaald.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M. Bussemaker

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker

Naar boven