Kennisgeving in het kader van het Tracébesluit A6/A7 Knooppunt Joure, Rijkswaterstaat

Krachtens artikel 20 van de Tracéwet bevordert de Minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van de besluiten op de aanvragen om vergunningen en van de overige ambtshalve te nemen besluiten, met het oog op de uitvoering van een Tracébesluit.

In het kader van deze coördinatie geeft de Minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat de volgende besluiten zijn genomen.

Welke besluiten zijn genomen en liggen ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit A6/A7 Knooppunt Joure is het volgende besluit genomen, overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 2 juncto lid 4 van de Tracéwet, in samenhang met Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht:

  • Gemeente De Fryske Marren.

Cluster 2 (kenmerk OV 20160325/2495921):

Omgevingsvergunning voor:

  • de aanleg van een onderdoorgang in het verlengde van de Geert Knolweg (objectnummer 0083);

  • de aanleg van een fly-over Lemmer – Sneek (objectnummer 0084);

  • de aanleg van een fly-over Sneek – Joure (objectnummer 0085);

  • de aanleg van een viaduct voor de verbindingswegen Lemmer – Sneek/Sneek – Joure (objectnummer 0184).

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

Het besluit en de bijbehorende stukken liggen met ingang van 2 februari 2017 tot en met 16 maart 2017 op de hierna genoemde plaats ter inzage:

  • Gemeentehuis gemeente De Fryske Marren, Heremastate 1, 8501 AA Joure, openingstijden op maandag van 13.00 uur tot 20.00 uur, dinsdag tot en met donderdag van 9.00 uur tot 16.00 uur en op vrijdag van 9.00 uur tot 12.00 uur.

Beroep

Het besluit is voorbereid met toepassing van artikel 20 lid 2 jo. artikel 20 lid 4 van de Tracéwet. Ingevolge artikel 25a lid 1 Tracéwet jo. artikel 6:7 Algemene wet bestuursrecht, kan een belanghebbende gedurende zes weken na bekendmaking van het besluit hiertegen beroep instellen. Het beroepschrift dient te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Op dit besluit is hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat de belanghebbende in het beroepschrift moet aangeven wat zijn beroepsgronden zijn. Na afloop van de beroepstermijn kunnen deze gronden niet meer worden aangevuld. In het beroepschrift dient tevens te worden vermeld dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.

Het beroep schorst niet de werking van de besluiten. Indien er beroep is ingesteld, is het mogelijk om een voorlopige voorziening te vragen, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing.

Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Meer informatie?

Voor nadere informatie kunt u zich wenden tot de heer P. van der Meulen van gemeente De Fryske Marren, telefoon 14 05 14.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, namens deze, het afdelingshoofd BJV Projectadvisering bij de Corporate Dienst van Rijkswaterstaat, A.K. van de Ven

Naar boven