Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatscourant 2017, 39647Interne regelingen

Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 6 juli 2017, kenmerk WJZ-1145463-164880 houdende wijziging van de Mandaatregeling VWS

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluit:

ARTIKEL I

De Mandaatregeling VWS wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 10, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

1. In de aanhef wordt ‘15a’ vervangen door: 15b.

2. Onderdeel e, komt te luiden:

  • e. de inspecteur-generaal, de Directeur Strategie, de Directeur Handhaven, de Directeur Keuren, de Directeur Bedrijfsvoering, de Directeur Bureau Risicobeoordeling en Onderzoek, de Directeur Chief Financial Officer/Financiën en de Business Change Director van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;.

B

Aan artikel 11, derde lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel e door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • f. stukken, inhoudende een aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit taakuitoefening IGZ aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg, of een aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit taakuitoefening IJZ aan de Inspectie Jeugdzorg.

C

Na artikel 15a wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 15b

  • 1. In afwijking van artikel 10 juncto artikel 1b heeft de Hoofdinspecteur Jeugdzorg mandaat voor:

    • a. het opleggen van een last onder dwangsom als bedoeld in artikel 9.5, derde lid, van de Jeugdwet;

    • b. het geven van een schriftelijke aanwijzing als bedoeld in artikel 9.3, eerste lid, van de Jeugdwet.

  • 2. In afwijking van artikel 10 juncto artikel 1b hebben de onder de Hoofdinspecteur Jeugdzorg ressorterende functionarissen ieder machtiging tot het aanzeggen van een voornemen tot opleggen van een last onder dwangsom en het aanzeggen van het voornemen tot het geven van een schriftelijke aanwijzing als bedoeld in het eerste lid.

ARTIKEL II

  • 1. Artikel I, onderdeel A, onder 2, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2017.

  • 2. Artikel I, onderdelen A, onder 1, B en C, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers

TOELICHTING

Deze wijziging van de Mandaatregeling VWS (regeling) bevat drie wijzigingen, die hieronder worden toegelicht:

a. wijziging organisatiestructuur NVWA (artikel I, onderdeel A, onder 2)

Per 1 juli 2017 is de organisatiestructuur van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) gewijzigd. In artikel 10, eerste lid, onder e, van de regeling wordt een algemeen mandaat aan verschillende functionarissen van de NVWA toegekend voor stukken die tot hun werkterrein behoren. Dit besluit voorziet er in dat artikel 10, eerste lid, onder e, van de regeling met ingang van 1 juli 2017 met de nieuwe organisatiestructuur in overeenstemming wordt gebracht. Deze wijziging wordt daarom ingevoerd met terugwerkende kracht (zie artikel II, eerste lid).

b. het uitsluiten van mandatering van de bevoegdheid aanwijzingen te geven aan rijksinspecties (artikel I, onderdeel B)

In aanwijzing nr. 14, zesde lid, van de Aanwijzingen inzake de rijksinspecties, is vastgelegd dat de bevoegdheid aanwijzingen te geven aan rijksinspecties niet wordt gemandateerd. Voor de twee onder het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ressorterende rijksinspecties, is dat eveneens vastgelegd in artikel 3, vierde lid, van het Besluit taakuitoefening IGZ voor de Inspectie voor de Gezondheidszorg en artikel 3, vierde lid, van het Besluit taakuitoefening IJZ voor de Inspectie Jeugdzorg. De uitsluiting van de mandatering van de aanwijzingsbevoegd was echter nog niet vastgelegd in de regeling. Artikel I, onderdeel B, voorziet daarin.

c. mandaat van de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder dwangsom respectievelijk schriftelijke aanwijzingen ingevolge de Jeugdwet (artikel I, onderdeel C)

In artikel 15a van de regeling is de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder dwangsom ingevolge de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg en de Gezondheidswet en de bevoegdheid tot het geven van een schriftelijke aanwijzing op grond van de eerstgenoemde wet gemandateerd aan de Inspecteur-Generaal en de Hoofdinspecteurs van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. De overeenkomstige bevoegdheid in de artikelen 9.3 en 9.5 van de Jeugdwet was nog niet gemandateerd. Gebleken is dat het wenselijk is deze bevoegdheid op overeenkomstige wijze aan de Inspectie Jeugdzorg te mandateren. Deze wijziging (het nieuwe artikel 15b) heeft daarop betrekking.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.I. Schippers