Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Economische ZakenStaatscourant 2017, 39495Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 5 juli 2017, nr. WJZ/17038394, houdende regels inzake fruit, groente en melk op school (Regeling schoolfruit, -groenten en -melk 2017)

De Staatssecretaris van Economische Zaken,

Gelet op:

Verordening (EU) nr. 1308/2013 van de Raad van 17 december 2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PbEU 2013, L 347);

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/39 van de Commissie van 3 november 2016 tot vaststelling van toepassingsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft Uniesteun voor de verstrekking van groenten, fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen (PbEU 2017, L 5);

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/40 van de Commissie van 3 november 2016 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad, met betrekking tot Uniesteun voor de verstrekking van groenten en fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen en tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie (PbEU 2017, L 5), en

Artikel 19, eerste lid, van de Landbouwwet;

Besluit:

HOOFDSTUK 1. DEFINITIES

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

minister:

Minister van Economische Zaken;

producten:

fruit en groenten als bedoeld in Bijlage I, deel IX van verordening 1308/2013 en verse bananen van GN-code 0803 90 10;

melk:

halfvolle melk van GN-code 0401 20 11;

portie:

minimaal gemiddeld gewicht groenten of fruit per dag;

eenheid:

200 ml melk;

begeleidende maatregelen:

begeleidende educatieve maatregelen als bedoeld in artikel 23, eerste lid, onder b, en tiende lid van verordening 1308/2013;

verordening 1308/2013:

Verordening (EU) nr. 1308/2013 van de Raad van 17 december 2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PbEU 2013, L 347);

verordening 1370/2013:

Verordening (EU) Nr. 1370/2013 van de Raad van 16 december 2013 houdende maatregelen tot vaststelling van steun en restituties in het kader van de gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten (PbEU 2013, L 346);

verordening 2017/39:

Uitvoeringsverordening (EU) 2017/39 van de Commissie van 3 november 2016 tot vaststelling van toepassingsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft Uniesteun voor de verstrekking van groenten, fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen (PbEU 2017, L 5);

verordening 2017/40:

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/40 van de Commissie van 3 november 2016 tot aanvulling van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad, met betrekking tot Uniesteun voor de verstrekking van groenten en fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen en tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 907/2014 van de Commissie (PbEU 2017, L 5).

HOOFDSTUK 2. ERKENNING VAN LEVERANCIERS EN SCHOLEN

Artikel 2

  • 1. De minister verleent op verzoek aan maximaal acht leveranciers van groenten en fruit voor de periode van een schooljaar een erkenning indien de leverancier:

    • a. voldoet aan de voorwaarden van artikel 6 van verordening 2017/40;

    • b. in staat is producten landelijk te leveren;

    • c. in staat is minimaal 200 scholen te beleveren;

    • d. verklaart dat hij kennis heeft van en akkoord gaat met een forfaitair bedrag aan steun ten bedrage van 23 eurocent per portie;

    • e. verklaart alle medewerking te verschaffen bij op grond van artikel 10 van verordening 2017/39 te verrichten controles ter plaatse;

    • f. verklaart akkoord te gaan met belevering van de door de minister toe te wijzen scholen gedurende de perioden van levering als bedoeld in artikel 12, tweede lid, en

    • g. ingeschreven stond in het handelsregister van de Kamer van Koophandel vóór 1 juli 2017.

  • 2. De minister besluit na afloop van de inschrijfperiode, indien het aantal aanmeldingen meer dan acht is, op basis van loting aan welke leveranciers een erkenning wordt verleend.

  • 3. Een verzoek om erkenning als bedoeld in het eerste lid kan worden ingediend met ingang van 21 augustus 2017 tot en met 25 augustus 2017.

  • 4. Een verzoek om erkenning omvat:

    • a. een volledig ingevuld door de minister ter beschikking gesteld middel;

    • b. een recent uittreksel van het handelsregister van de Kamer van Koophandel;

    • c. het maximale aantal te beleveren scholen.

  • 5. De minister bepaalt naar rato van het in het verzoek om erkenning aangegeven maximale aantal te beleveren scholen hoeveel en welke scholen aan de erkende leveranciers worden toegewezen.

Artikel 3

  • 1. De minister verleent op verzoek aan een leverancier van melk of een school voor primair of voortgezet onderwijs voor de periode van een schooljaar een erkenning indien de leverancier of de school:

    • a. voldoet aan de voorwaarden van artikel 6 van verordening 2017/40;

    • b. verklaart een prijscalculatie bij te zullen houden waarmee aangetoond kan worden dat de subsidie ten goede komt aan de deelnemende leerlingen;

    • c. verklaart dat hij kennis heeft van en akkoord gaat met een forfaitair bedrag aan steun ten bedrage van 14 eurocent per eenheid, en

    • d. verklaart alle medewerking te verschaffen bij op grond van artikel 10 van verordening 2017/39 te verrichten controles ter plaatse.

  • 2. Een verzoek om erkenning als bedoeld in het eerste lid kan worden ingediend met ingang van 1 augustus 2017 tot en met 8 september 2017.

  • 3. Een verzoek om erkenning omvat:

    • a. een volledig ingevuld door de minister ter beschikking gesteld middel;

    • b. voor een leverancier een recent uittreksel van het handelsregister van de Kamer van Koophandel;

    • c. een opgave van het verwachte aantal te leveren eenheden.

Artikel 4

  • 1. De minister schorst een erkenning of trekt een erkenning in overeenkomstig artikel 7 van verordening 2017/40 wanneer een leverancier of erkende school niet langer voldoet aan de voorwaarden.

  • 2. Een leverancier of erkende school die gedurende een schooljaar kenbaar maakt dat hij afziet van deelname aan deze regeling verliest door die verklaring de erkenning en kan geen aanvraag indienen voor een met de onderhavige regeling vergelijkbare voorziening voor het volgende schooljaar.

  • 3. De minister houdt een openbaar register bij van erkende leveranciers en erkende scholen.

HOOFDSTUK 3. DEELNEMENDE SCHOLEN

Artikel 5

  • 1. Een basisschool die wil deelnemen aan de regeling voor fruit en groenten meldt zich tussen 4 en 15 september 2017 hiervoor aan bij de minister.

  • 2. De minister besluit na afloop van de inschrijfperiode, indien het aantal aanmeldingen het aantal beschikbare plaatsen overtreft, op basis van loting welke basisscholen aan de regeling voor fruit en groenten deelnemen met inachtneming van het beschikbare budget voor fruit en groenten dat voor het schooljaar 2017/2018 aan Nederland is toegewezen.

  • 3. Een basisschool die na toelating tot deelname gedurende een schooljaar kenbaar maakt dat hij afziet van deelname kan geen melding als bedoeld in het eerste lid indienen voor het daaropvolgende schooljaar.

Artikel 6

  • 1. Een erkende leverancier en een deelnemende basisschool aan de regeling voor fruit en groenten sluiten een overeenkomst, waarin tenminste wordt opgenomen:

    • a. de perioden van levering;

    • b. de afleverdata;

    • c. het aantal leerlingen waarvoor producten geleverd worden, en

    • d. de hoeveelheden te leveren producten.

  • 2. De door beide partijen ondertekende overeenkomst wordt uiterlijk 20 oktober 2017 bij de minister ingediend.

  • 3. Het aantal leerlingen bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, is het aantal leerlingen dat aan het begin van het schooljaar is ingeschreven.

Artikel 7

Deelnemende basisscholen aan de regeling voor fruit en groenten:

  • a. zorgen ervoor dat de producten op school worden uitgereikt aan en geconsumeerd worden door de leerlingen die zijn ingeschreven in het schoolregister;

  • b. kunnen eenmalig vóór 1 januari 2018 het aantal leerlingen als bedoeld in artikel 6, derde lid, wijzigen op basis van de werkelijke mutaties van de school;

  • c. wijzen een medewerker aan die de verspreiding van gratis groenten en fruit coördineert;

  • d. vullen de ontvangstverklaring in waarin wordt aangegeven op welke dagen welke hoeveelheid producten geleverd is, en

  • e. gaan akkoord met het ontvangen van een digitale nieuwsbrief.

Artikel 8

Alle aan de schoolfruit, -groenten en -melkregeling deelnemende en erkende scholen:

  • a. zorgen ervoor dat de geleverde producten zodanig worden opgeslagen dat de kwaliteit behouden blijft;

  • b. nemen het educatieve materiaal af;

  • c. brengen een EU-Schoolfruitposter of een EU-schoolmelkposter als bedoeld in artikel 12 van verordening 2017/40 zichtbaar aan bij de hoofdingang van de school of maken op de website van de school bekend dat zij aan de schoolregeling deelnemen, waarbij de Europese vlag wordt weergegeven en wordt vermeld dat de Europese Unie de regeling financiert;

  • d. hebben een inspanningsverplichting om deel te nemen aan begeleidende maatregelen en aanvullende activiteiten uit te voeren, gericht op het doel van de schoolfruit, -groenten en -melkregeling;

  • e. werken mee aan controles op grond van deze regeling, en

  • f. nemen deel aan monitoring en evaluaties.

HOOFDSTUK 4. SUBSIDIE VOOR FRUIT EN GROENTEN

Artikel 9

  • 1. Producten zijn subsidiabel indien zij:

    • a. van kwaliteitsklasse I zijn;

    • b. vers en onbewerkt zijn;

    • c. geschikt zijn voor directe consumptie;

    • d. geen toegevoegde suiker, toegevoegde kunstmatige zoetstoffen, toegevoegd vet en toegevoegd zout bevatten.

  • 2. Producten zijn subsidiabel indien de verstrekte porties per schooljaar:

    • a. minimaal 10% groenten bevatten;

    • b. maximaal 30% hetzelfde fruit bevatten; en

    • c. een minimaal gemiddeld gewicht van 80 gram per portie hebben dan wel, bij levering van drie porties fruit of groente per week, een minimum gewicht per week van 240 gram.

Artikel 10

Een erkende leverancier van fruit en groenten ontvangt steun ten bedrage van 23 eurocent per portie geleverde producten.

HOOFDSTUK 5. SUBSIDIE VOOR SCHOOLMELK

Artikel 11

  • 1. Een erkende leverancier van melk of een erkende school ontvangt steun ten bedrage van 14 eurocent per geleverde eenheid.

  • 2. De in het eerste lid bedoelde steun wordt verleend met inachtneming van het maximum aantal te leveren eenheden binnen 80% van het beschikbare budget voor melk dat aan Nederland is toegewezen op grond van artikel 5, tweede lid, van verordening 1370/2013. Overschrijdt het aantal te leveren eenheden het budget, dan wordt er naar rato steun verleend.

HOOFDSTUK 6. STEUNAANVRAAG

Artikel 12

  • 1. Een erkende leverancier van fruit en groenten verzoekt de minister in drie termijnen om betaling van steun over de periode waarin hij subsidiabele activiteiten heeft verricht ten behoeve van een deelnemende school als bedoeld in artikel 5.

  • 2. Steunaanvragen van erkende leveranciers worden per periode van levering ingediend, waarbij de eerste periode in 2017 aanvangt in week 46. De perioden van levering zijn:

    a.

    Periode 1 (2017):

    Week 46 t/m 51 (zes weken)

    b.

    Periode 2 (2018):

    Week 2 t/m 9 (zeven weken levering, een week vakantie)

    c.

    Periode 3 (2018):

    Week 10 t/m 16 (zeven weken)

  • 3. De steunaanvraag wordt ingediend uiterlijk op de laatste dag van de derde maand na de desbetreffende periode van levering.

  • 4. De steunaanvraag omvat:

    • a. een volledig ingevuld door de minister ter beschikking gesteld middel;

    • b. gespecificeerde ontvangstbevestigingen van de beleverde scholen;

    • c. facturen waarop de prijs van de geleverde producten is gespecificeerd, en

    • d. bewijs van betaling van de onder c genoemde facturen.

  • 5. De leverancier houdt ten behoeve van controles ter plaatse in zijn administratie bewijsstukken beschikbaar waaruit genoegzaam blijkt dat alle subsidiabele kosten zijn betaald voordat de steunaanvraag wordt ingediend.

Artikel 13

  • 1. Een erkende leverancier van melk of een erkende school verzoekt de minister in drie termijnen om betaling van steun over de periode waarin hij melk heeft afgeleverd aan deelnemende scholen of melk heeft ingekocht voor deelnemende leerlingen.

  • 2. Steunaanvragen van erkende leveranciers en erkende scholen worden per periode van levering ingediend. De perioden van levering zijn:

    a.

    Periode 1

    augustus t/m november 2017

    b.

    Periode 2

    december 2017 t/m maart 2018

    c.

    Periode 3

    april t/m juli 2018

  • 3. De steunaanvraag wordt ingediend uiterlijk op de laatste dag van de derde maand na de desbetreffende periode van levering.

  • 4. De steunaanvraag van de erkende leverancier omvat:

    • a. een volledig ingevuld door de minister ter beschikking gesteld middel;

    • b. gespecificeerde afnameverklaringen van de beleverde scholen of facturen waarop de prijs van de geleverde producten is gespecificeerd en bewijs van betaling hiervan of een alternatief bewijsstuk overeenkomstig artikel 5, eerste lid, onderdeel b, van verordening 2017/39.

  • 5. De eerste steunaanvraag in het schooljaar 2017/2018 van de erkende leverancier omvat tevens:

    • a. een ingevulde en ondertekende schoolverklaring van iedere school waaraan de leverancier melk levert of een overzicht van te beleveren scholen in geval van een abonnementensysteem;

    • b. een calculatie van de prijs van de melk die in rekening wordt gebracht aan de leerlingen van de scholen, waaruit blijkt dat de steun is verrekend in de door de leerlingen betaalde prijzen.

  • 6. De erkende leverancier houdt ten behoeve van controles ter plaatse in zijn administratie bewijsstukken beschikbaar waaruit genoegzaam blijkt dat alle subsidiabele kosten zijn betaald voordat de steunaanvraag wordt ingediend.

  • 7. De steunaanvraag van de erkende school omvat:

    • a. een volledig ingevuld door de minister ter beschikking gesteld middel;

    • b. aankoopfacturen;

    • c. bewijs van betaling van de onder b. genoemde facturen.

Artikel 14

  • 1. De minister kent de steunaanvraag toe indien de aanvrager voldoet aan de relevante voorwaarden van verordening 1308/2013, verordening 2017/39 en verordening 2017/40 alsmede van deze regeling.

  • 2. De minister vordert de steun terug indien uit de ingevolge de artikelen 9 en 10 van verordening 2017/39 bedoelde controles blijkt dat de in het eerste lid bedoelde voorwaarden voor steun niet zijn nageleefd.

HOOFDSTUK 7. SLOTBEPALINGEN

Artikel 15

  • 1. Hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening zuivel vervalt.

  • 2. De Regeling schoolfruit 2016 wordt ingetrokken.

  • 3. De artikelen 7 tot en met 10 van de Regeling schoolfruit 2016 en Hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening zuivel blijven van toepassing op steunaanvragen voor het schooljaar 2016/2017.

  • 4. De op grond van Hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening zuivel verleende erkenningen vervallen.

  • 5. In afwijking van het vierde lid blijft de erkenning geldig van de leverancier of school die om een erkenning voor het schooljaar 2017/2018 verzoekt, waarbij de voorwaarden van de Regeling schoolfruit, -groenten en -melk 2017 van overeenkomstige toepassing zijn, totdat door de minister op het verzoek om erkenning is beslist.

Artikel 16

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2017.

Artikel 17

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling schoolfruit, -groenten en -melk 2017.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 5 juli 2017

De Staatssecretaris van Economische Zaken, M.H.P. van Dam

TOELICHTING

1. Inleiding

Deze regeling geeft uitvoering aan de Europese marktordeningsregels voor de groente- en fruit en zuivelsector die zijn opgenomen in Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten (PbEU 2013, L 347), Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 2017/40 van de Commissie van 3 november 2016 tot aanvulling van de Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad, met betrekking tot Uniesteun voor de verstrekking van groenten, fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen en tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) nr 907/2014 van de Commissie (PbEU 2017, L 5) en Uitvoeringsverordening (EU) nr. 2017/39 van de Commissie van 3 november 2016 tot vaststelling van toepassingsbepalingen voor Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft Uniesteun voor de verstrekking van groenten, fruit, bananen en melk in onderwijsinstellingen (PbEU 2017, L 5).

Deze regeling betreft het schooljaar 2017/2018, dat loopt van 1 augustus 2017 tot en met 31 juli 2018. De Regeling schoolfruit 2016, die voor schooljaar 2016/2017 van toepassing is, wordt in artikel 15 ingetrokken. Artikel 15 bepaalt daarnaast dat Hoofdstuk 3 van de Regeling Marktordening zuivel vervalt. De artikelen 7 tot en met 10 van de Regeling schoolfruit 2016 en Hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening zuivel blijven van toepassing op steunaanvragen voor schooljaar 2016/2017.

Schooljaar 2017/2018 is het eerste jaar dat de nieuwe, gecombineerde Europese regeling voor schoolfruit/groente en schoolmelk wordt uitgevoerd. De regeling heeft tot doel de consumptie van melk en groenten en fruit door kinderen te bevorderen en hen gezonde eetgewoonten aan te leren. Dit vindt plaats door het verstrekken van melk en groenten en fruit aan kinderen op scholen, in combinatie met begeleidende educatieve maatregelen die het bereiken van de doelstelling ondersteunen. Deze begeleidende maatregelen dragen o.a. bij aan het bevorderen van gezonde eetgewoonten, het vergroten van kennis bij kinderen over de productie van landbouwproducten of het kinderen in contact brengen met landbouwbedrijven.

Qua uitvoering wordt komend schooljaar de systematiek van de bestaande separate regelingen voor respectievelijk schoolfruit/groenten en schoolmelk in grote lijnen voortgezet.

2. Inhoud van de regeling

Erkenning leveranciers fruit en groenten

Deze regeling geeft de mogelijkheid om gedurende een bepaalde periode gratis groente- en fruitproducten aan kinderen in scholen te verstrekken om op die manier bij te dragen aan het bevorderen van gezonde eetgewoonten. Leveranciers die aan deze regeling willen deelnemen, kunnen met ingang van 21 augustus 2017 tot en met 25 augustus 2017 een aanvraag voor erkenning voor de periode van één schooljaar indienen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). Deze erkenning is voorgeschreven in artikel 6 van Verordening 2017/40. De leveranciers moeten aan bepaalde voorwaarden voldoen om als erkende leverancier in het register te worden opgenomen. Zo moeten leveranciers in staat zijn om producten landelijk te leveren, minimaal 200 scholen te beleveren en zich rekenschap geven van en akkoord gaan met een forfaitaire vergoeding ter hoogte van € 0,23 per portie geleverd product. Verder moeten leveranciers om in aanmerking te komen voor een erkenning vóór 1 juli 2017 ingeschreven staan in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, dit om een eventuele aanzuigende werking van de verhoogde vergoeding te voorkomen en om het aantal erkende leveranciers op een werkbaar niveau te kunnen houden. Tegen die achtergrond worden er maximaal acht leveranciers erkend. Na afloop van de inschrijfperiode wordt op basis van loting besloten aan welke leveranciers een erkenning wordt verleend, in het geval dat er zich meer dan acht leveranciers hebben ingeschreven die aan de erkenningsvoorwaarden voldoen. De aanvraag tot erkenning omvat een volledig ingevuld, door RVO.nl verstrekt, aanvraagformulier, een recent uittreksel van de Kamer van Koophandel en een opgave van het maximale aantal te beleveren scholen.

Erkenning leveranciers en scholen voor melk

Deze regeling geeft de mogelijkheid om gedurende het schooljaar met EU-steun halfvolle melk te verstrekken aan kinderen in scholen die aan de schoolmelkregeling deelnemen om op die manier bij te dragen aan het bevorderen van de melkconsumptie en aan gezonde eetgewoonten. De EU-steun bedraagt 14 eurocent per 200 ml halfvolle melk. Deze vergoeding komt ongeveer overeen met de productkosten, zoals bepaald in een onderzoek van WERC. Leveranciers die aan deze regeling willen deelnemen, kunnen met ingang van 1 augustus 2017 tot en met 8 september 2017 een aanvraag voor erkenning voor de periode van één schooljaar indienen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). Ook basisscholen of scholen in het voortgezet onderwijs die zelf melk willen inkopen voor deelnemende leerlingen kunnen een aanvraag tot erkenning indienen. Deze mogelijkheid bestaat ook in de huidige separate schoolmelkregeling en wordt gecontinueerd uitgaande van het uitgangspunt dat bij de nieuwe regeling de bestaande aanpak vooralsnog wordt bestendigd.

De erkenning is voorgeschreven in artikel 6 van Verordening 2017/40. De leveranciers en scholen moeten aan bepaalde voorwaarden voldoen om als erkende leveranciers/scholen in het register te worden opgenomen. Zo moeten erkende leveranciers/scholen een prijscalculatie bijhouden waarmee aangetoond kan worden dat de subsidie ten goede komt aan deelnemende leerlingen en zich rekenschap geven van en akkoord gaan met een steunbedrag van 14 eurocent per geleverde eenheid (200 ml) halfvolle melk. De aanvraag tot erkenning omvat een volledig ingevuld, door RVO.nl verstrekt aanvraagformulier, een recent uittreksel van de Kamer van Koophandel en een opgave van het verwachte aantal te leveren eenheden melk in het schooljaar.

De op grond van Hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening verleende erkenningen komen te vervallen. Als een schoolmelkleverancier of erkende school voor het schooljaar 2017/2018 een aanvraag tot erkenning heeft ingediend blijft een eventueel bestaande erkenning geldig totdat op dit nieuwe verzoek tot erkenning is beslist.

Deelnemende scholen

Basisscholen die aan de regeling voor fruit en groenten willen deelnemen kunnen zich tussen 4 en 15 september 2017 aanmelden bij het Steunpunt EU-Schoolfruit via de website www.euschoolfruit.nl. Zowel reguliere basisscholen als basisscholen uit het speciaal onderwijs kunnen zich voor de regeling aanmelden. De minister besluit op basis van loting welke scholen aan de schoolfruit en -groentenregeling deelnemen indien het aantal aanmeldingen het aantal beschikbare plaatsen overtreft met inachtneming van het aan Nederland toegewezen EU-budget voor schoolfruit en -groenten (€ 5,4 mln). Ook besluit de minister welke scholen aan welke erkende leverancier worden toegewezen. Uitgangspunt is dat elke leverancier minimaal 200 scholen krijgt toegewezen. Afhankelijk van het aantal leveranciers worden scholen vervolgens toegewezen aan leveranciers naar rato van het in de erkenningsaanvraag opgegeven maximum aantal te beleveren scholen.

Een basisschool die na toelating tot deelname gedurende een schooljaar kenbaar maakt dat hij afziet van verdere deelname kan in het daarop volgende schooljaar geen aanvraag indienen tot deelname.

Erkende leveranciers voor schoolfruit en -groenten sluiten met deelnemende scholen een overeenkomst waarin in ieder geval de perioden van levering, de afleverdata, het aantal leerlingen waarvoor de producten geleverd worden en de hoeveelheid te leveren producten worden opgenomen. De door beide partijen ondertekende overeenkomst moet uiterlijk 20 oktober 2017 worden ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Deelnemende scholen moeten ervoor zorgen dat fruit en groenten op school worden uitgedeeld aan kinderen in alle groepen, waarbij wordt uitgegaan van het aantal kinderen dat aan het begin van het schooljaar staat ingeschreven in het schoolregister. Scholen hebben de mogelijkheid om eenmalig voor 1 januari 2018 een wijziging in te dienen van het aantal leerlingen waarvoor producten geleverd worden, op basis van de werkelijke mutaties in het leerlingenaantal van de school.

Alle aan de schoolfruit en -groenten en -melkregeling deelnemende en erkende scholen zorgen ervoor dat de geleverde producten zodanig worden opgeslagen dat de kwaliteit behouden blijft en nemen educatief materiaal af dat wordt verstrekt in het kader van de begeleidende educatieve maatregelen.

Om bekendheid aan deze EU-regeling te geven, hangen de deelnemende scholen duidelijk zichtbaar bij de hoofdingang van de school een poster op van de Schoolregeling, volgens de vereisten in artikel 12 van verordening 2017/40. Scholen kunnen er ook voor kiezen om, in plaats van het ophangen van een poster, op hun website duidelijk te vermelden dat zij deelnemen aan de schoolregeling. Daarbij dient de EU-vlag vermeld te worden en dient te worden aangegeven dat de Europese Unie financieel bijdraagt aan deze regeling.

Verder hebben alle aan de schoolfruit en -groenten en -melkregeling deelnemende en erkende scholen een inspanningsverplichting om gedurende het schooljaar deel te nemen aan begeleidende maatregelen en aanvullende activiteiten uit te voeren die bijdragen aan de het doel van de schoolregeling, namelijk het bevorderen van gezonde eetgewoonten, kennis bij kinderen over de productie van landbouwproducten te vergroten of die kinderen in contact te brengen met landbouwbedrijven.

In lijn met het uitgangspunt dat (vooralsnog) wordt vastgehouden aan de bestaande aanpak bij de huidige separate schoolmelkregeling benaderen erkende leveranciers voor melk zelf de scholen voor deelname aan de schoolmelkregeling.

Steun voor fruit en groenten

De scholen krijgen fruit en groenten gratis verstrekt en de leveranciers ontvangen de vergoeding voor deze producten in de vorm van steun. Steun wordt gegeven voor verse en onbewerkte groenten en fruit. Indien mogelijk wordt er daarbij prioriteit gegeven aan lokale producten. Om in aanmerking te komen voor steun worden er voorwaarden gesteld aan de kwaliteit, de variatie en het gewicht per portie van de geleverde producten.

De kosten worden vergoed op basis van een forfaitair bedrag per portie van € 0,23. Dit bedrag is vastgesteld op basis van berekeningen van het WERC en omvat zowel een vergoeding voor de kosten voor het product als voor distributie en vervoer. De subsidiabele kosten voor distributie en vervoer betreffen: transportkosten, orderverzamelkosten, kosten voor coördinatie van de distributie en het transport, kosten van verpakkingsmateriaal, kosten van het distributiecentrum (gedurende de schoolfruitperiode), contact met scholen over de productlevering en terugkoppeling hiervan en administratiekosten met betrekking tot de schoolfruitleveringen. Tevens zijn de aan distributie en vervoer gerelateerde loonkosten alsmede een redelijke marge bij dit bedrag inbegrepen. BTW (ook niet-verrekenbare BTW) komt in geen geval voor subsidie in aanmerking.

Steunaanvragen voor de leveringen van fruit en groenten worden na afloop van de leveringsperioden, die zes weken (eerste periode) en zeven weken (tweede periode) en zeven weken (derde periode) duren, ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Daarbij dienen onder meer facturen waarin de prijs van de producten is gespecificeerd en betaalbewijzen van deze facturen te worden bijgevoegd.

Steun voor melk

Een erkende leverancier van melk of een erkende school ontvangt steun ten bedrage van € 0,14 per geleverde eenheid melk van 200 ml.

Erkende leveranciers/scholen ontvangen een indicatie van het maximaal aantal te declareren eenheden, naar rato van het in de erkenningsaanvraag opgegeven verwachte aantal te leveren eenheden, met inachtneming van 80% van het aan Nederland beschikbaar gestelde EU-budget voor schoolmelk (totaalbudget voor schoolmelk komt dan op € 1,92 mln). Met het oog op de gewenste uitbreiding van het aantal deelnemende scholen aan de groenten- en fruit regeling wordt er 20% van het toegewezen EU-budget gereserveerd om dit eventueel over te hevelen naar de regeling voor groenten en fruit in het geval zich meer scholen aanmelden dan op grond van het beschikbare EU-budget kunnen deelnemen.

Steunaanvragen voor de leveringen van melk worden in drie termijnen ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Daarbij dienen gespecificeerde afnameverklaringen van de beleverde scholen of facturen gevoegd te worden waarop de prijs van de geleverde producten is gespecificeerd en bewijs van betaling hiervan of een alternatief bewijsstuk overeenkomstig artikel 5 van verordening 2017. Bij de eerste steunaanvraag in het schooljaar 2017/2018 van de erkende leverancier dient tevens een ingevulde en ondertekende schoolverklaring van iedere school waaraan de leverancier melk levert of een overzicht van te beleveren scholen in geval van een abonnementensysteem gevoegd te worden. Daarnaast omvat de eerste steunaanvraag een calculatie van de prijs van de melk die in rekening wordt gebracht aan de leerlingen van de scholen, waaruit blijkt dat de steun is verrekend in de door de leerlingen betaalde prijzen. Erkende leveranciers houden ten behoeve van controles ter plaatse in hun administratie bewijsstukken beschikbaar waaruit blijkt dat alle subsidiabele kosten zijn betaald voordat de steunaanvraag is ingediend.

De Minister van Economische Zaken wordt aangewezen als bevoegde autoriteit om de besluiten te nemen en de handelingen te verrichten die voortvloeien uit de Europese verordeningen. Het toezicht op de naleving wordt uitgevoerd door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

3. Regeldruk

Deze regeling strekt ertoe uitvoering te geven aan de Europese marktordeningsregels voor de groente- en fruit en zuivelsector. Deze regeling vervangt de Regeling schoolfruit 2016 die van toepassing is op schooljaar 2016/2017 en hoofdstuk 3 van de Regeling marktordening zuivel. Er zijn geen extra regeldrukeffecten ten opzichte van de vorige regeling.

4. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang 1 augustus 2017. Deze datum is in afwijking van de lijn met het kabinetsbeleid inzake vaste verandermomenten voor regelgeving, dat inhoudt dat ministeriële regelingen slechts inwerkingtreden per 1 januari, 1 april, 1 juli of 1 oktober. De reden voor deze afwijking is om een goede voorbereiding van de uitvoering van de regeling in schooljaar 2017/2018, die aanvangt per 1 augustus 2017, mogelijk te maken.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, M.H.P. van Dam