Verkeersbesluit extra touringcarhalteerplaatsen De Ruijterkade Oost

Logo Amsterdam

Datum: 3 juli 2017

Nummer: 2017-016954D

Het algemeen bestuur van de bestuurscommissie voor stadsdeel Centrum;

Gelet op de bepalingen van de Wegenverkeerswet, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW), de Algemene Wet Bestuursrecht (AWB 1992), de Verordening op de Bestuurscommissies 2013, het Mandaatbesluit van het Algemeen Bestuur en de ondermandaat-besluiten de verordening op de bestuurscommissie en het ondermandaatsbesluit van het algemeen bestuur van 28 maart 2014,

Overwegende:

    • dat aan het oostelijk deel van de De Ruijterkade momenteel een halteerlocatie is voor touringcars en laad- en losverkeer, die hoofdzakelijk gebruikt wordt ten behoeve van de riviercruises De huidige inrichting is niet optimaal, maar wel zo aangepast dat touringcars kunnen keren langs de kade;

    • dat, om het stadshart te ontlasten van zoveel mogelijk touringcars, er meer touringcarplekken op andere locaties moeten worden gerealiseerd;

    • dat de Ruijterkade Oost hier een geschikte plek voor is dichtbij het Centraal Station;

    • dat hier op korte termijn circa veertien extra plekken gemaakt kunnen worden, vier extra touringcarplekken aan de noordzijde en tien extra touringcarplekken aan de zuidzijde van de rijbaan en een nieuwe keermogelijkheid op het plein aan de Oosterdokskade om de verkeersveiligheid in het gebied te verbeteren;

    • dat het gebruik ervan moet worden afgestemd op de verkeerssituatie en in het bijzonder met de bereikbaarheid en de doorstroming van het bestemmingsverkeer voor het Oosterdokseiland en de daar gelegen parkeergarage;

    • dat namelijk op het Oosterdokseiland bouwwerkzaamheden plaatsvinden bij de gemeente bekend als project Kavel 5b/6;

    • dat de nieuwe keerlus in het definitieve plan op de plaats komt waar nu de bouwroute is;

    • dat is onderzocht wat mogelijk is, tijdens de periode dat de bouwwerkzaamheden voor Kavel 5b/6 plaatsvinden, om toch op korte termijn extra halteerplekken te realiseren. Dat hiertoe een plan is opgesteld waarbij er wordt gehalteerd langs de rijbaan en gekeerd word op de tijdelijke keerlus gelegen in het verlengde van deze halteerplekken;

    • dat hierbij is afgesproken dat de extra plekken pas in gebruik kunnen worden genomen als word voldaan aan de voorwaarden “monitoring en haltemanagement” en dit verkeersveilig kan en de bouwroute van project Kavel 5b/6 bereikbaar blijft.

    • dat na monitoring van het gebruik van de vier extra plekken aan de noordzijde duidelijk wordt of (en in welke mate en op welke momenten) de extra plekken langs de zuidzijde van de rijbaan gebruikt kunnen gaan worden. Deze plekken worden hoe dan ook aangelegd omdat deze halteerstrook flexibel gebruikt kan worden voor andere doeleinden, bijvoorbeeld als tijdelijke bufferzone voor het bouwverkeer. De plekken kunnen desgewenst als de situatie dat noodzakelijk maakt (tijdelijk) uit het verkeer worden genomen;

    • dat het ontwerp is goedgekeurd door de CVC op 7 maart 2017, waarbij de volgende uitgangspunten in het ontwerp zijn vastgelegd:

  • De Ruijterkade Oost blijft een 30-kilometerzone

  • Aanleg van twee verkeersdrempels in de vorm van plateaus om de snelheid van het verkeer te verminderen

  • Aanleg van de touringcarplekken langs beide zijden van de rijbaan bestemd voor kort halteren door touringcars en laad- en losverkeer

  • Rijbaan inclusief halteerstrook blijft asfalt vanwege intensief gebruik door bouw- en touringcarverkeer de komende jaren

  • Bouwverkeer mag niet keren op de kade. De keerlus langs de kade is alleen bestemd voor laad- en losverkeer t.b.v. riviercruise en touringcars, net zoals in de huidige situatie. Het gebruik van deze keerlus wordt gemonitord na de aanleg van de extra touringcarhalteerplekken, vanaf ingebruikname van de vier extra halteerplekken

  • dat het voorlopig ontwerp plaats biedt aan vier extra touringcars aan de noordzijde van de rijbaan bovenop de al aanwezige tien plekken en aan nog ongeveer acht tot tien touringcars op een halteerstrook aan de zuidzijde daarvan. In totaal zijn hier dan 20 tot 24 halteerplaatsen;

  • dat deze plaatsen per verkeersbesluit dienen te worden aangewezen waarbij de huidige verkeersmaatregelen op dit weggedeelte komen te vervallen;

  • dat het in artikel 24 van het BABW bedoelde overleg met de vertegenwoordiger van de korpschef van de Nationale politie, regionale eenheid Amsterdam heeft plaatsgevonden en dat deze akkoord is met dit besluit;

  • dat krachtens artikel 2 Wegenverkeerswet 1994 deze maatregelen genomen worden:

    • -

      om de veiligheid op de diverse wegen te verzekeren

    • -

      ter bescherming van de weggebruikers en de passagiers

    • -

      om de vrijheid van het verkeer zo veel mogelijk te waarborgen

  • dat het in artikel 24 van het BABW bedoelde overleg met de vertegenwoordiger van de korpschef van de Nationale politie, eenheid Amsterdam heeft plaatsgevonden;

  • dat de desbetreffende weggedeelten gelegen zijn binnen de grenzen van het Stadsdeel Centrum en niet behoren tot het Hoofdnet Auto en/of het Hoofdnet Rail en het geen grootstedelijk project of een stedelijke taak of stedelijk belang betreft;

BESLUIT

door het plaatsen van verkeersborden conform model E7 en onderbord OB 12 (bus) van Bijlage I van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 aan te wijzen als een gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen en voor het in en uit laten stappen van passagiers, maximaal 10 minuten:

de De Ruijterkade Oost, aan de waterzijde de speciaal daartoe aangelegde halteerstroken aan de zuid- en noordzijde van de rijbaan, gelegen ter hoogte van de perceel 153;

Overeenkomstig bijbehorende bebordingstekening d.d. 13-6-2017.

Algemeen bestuur van de bestuurscommissie voor stadsdeel Centrum, namens deze,

K.van Grunsven

Afdelingshoofd Schoon en Heel

MEDEDELINGEN

Bezwaar- of beroepsclausule

 

Belanghebbende kunnen op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de datum van publicatie een gemotiveerd bezwaar maken tegen dit besluit.

Een bezwaarschrift moet worden ondertekend en minstens bevatten: uw naam en adres, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt, de gronden van uw bezwaar en het kenmerk nummer van dit besluit. Wilt u ook uw telefoonnummer vermelden en een kopie van dit besluit mee zenden. Het algemeen bestuur stelt het op prijs als u een kopie van uw bezwaarschrift faxt naar nummer 020 2564433

U stuurt uw bezwaarschrift naar:

Algemeen bestuur van de bestuurscommissie voor Stadsdeel Centrum

Juridische Zaken

Postbus 202

1000 AE Amsterdam

 

Het maken van bezwaar schorst de werking van dit besluit niet. In spoedeisende gevallen kunt u bij de Voorzieningenrechter een voorlopige voorziening vragen, nadat u bezwaar heeft gemaakt, bij de Voorzieningenrechter, sector Bestuursrecht, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam. U betaalt hiervoor griffierechten.

 

Origineel aan:

Informatievoorziening IDB

 

Afschrift aan:

RvE Dienstverlening/Vergunningen (regulier)

informatievoorziening/Functioneel en Gegevensbeheer

RvE Dienstverlening/Algemeen en sociaal loket

Gebiedsmanagement

Schoon & Heel Procesunit

Politie regionele eenheid Amsterdam

Dienst Stadstoezicht

Stichting Gehandicapten Overleg Amsterdam

ENFB

 

Naar boven