Kennisgeving Wijziging instemming winningsplan gaswinning Oppenhuizen, Ministerie van Economische Zaken

BESLUIT

Procesverloop

Met mijn besluit van 23 september 2016, kenmerk ETM/EO/15173079 (hierna: het instemmingsbesluit), heb ik, onder voorschriften en beperkingen, ingestemd met het winningsplan voor de gaswinning Oppenhuizen van Vermilion Energy Netherlands B.V. (hierna: Vermilion) zoals ingediend op 14 september 2015.

Tegen dit besluit hebben acht omwonenden en belangenorganisaties beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) ingesteld.

Bij tussenuitspraak van 19 april 2017 (ECLI:NL:RVS: 2017:1096) heeft de Afdeling geoordeeld dat artikel 3 van het instemmingsbesluit vanwege de onbepaaldheid van de frequentie in strijd is met de rechtszekerheid. De Afdeling heeft de opdracht gegeven dit gebrek binnen 8 weken na verzending van de uitspraak te herstellen.

Met dit besluit geef ik uitvoering aan deze uitspraak van de Afdeling door artikel 3 van het instemmingsbesluit te wijzigen overeenkomstig de opdracht van de Afdeling.

2. Wijziging instemmingsbesluit

Artikel 3 van mijn instemmingsbesluit luidt:

‘Vermilion Energy Netherlands B.V. informeert de burgers van de gemeente Sûdwest-Fryslân over de werkelijk ontstane bodemdaling in relatie tot de verwachte bodemdaling, en over de maatregelen die getroffen worden om schade te voorkomen, evenals over het al dan niet optreden van bodemtrillingen door de gaswinning Oppenhuizen. De frequentie waarmee dit moet gebeuren, dient in overeenstemming te zijn met de frequentie waarin nieuwe inzichten over de actuele bodemdaling beschikbaar zijn.’

De frequentie van de in dit artikel voorgeschreven verplichting tot het informeren van burgers van de gemeente Sûdwest-Fryslân is gekoppeld aan het beschikbaar zijn van nieuwe inzichten over de actuele bodemdaling.

In bovengenoemde uitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat niet duidelijk is wat hierbij onder ‘nieuwe inzichten’ moet worden verstaan. De Afdeling oordeelt dat het voorschrift in artikel 3 van het instemmingsbesluit dan ook in strijd is met de rechtszekerheid.

Op basis van de hiervoor genoemde uitspraak van de Afdeling wordt artikel 3 van mijn instemmingsbesluit zodanig aangepast dat de door de Afdeling geconstateerde rechtsonzekerheid wordt ondervangen. Dit gebeurt door een jaarlijkse frequentie te verbinden aan de in artikel 3 voorgeschreven informatieplicht. Dit maakt voor de burgers van de gemeente Sûdwest-Fryslân duidelijk wanneer Vermilion deze informatie moet verstrekken.

Gelet op artikel 36, derde lid, van de Mijnbouwwet;

Besluit:

Het besluit van 23 september 2016, kenmerk ETM/EO/15 173079, tot instemming met het winningsplan Oppenhuizen van Vermilion Energy Netherlands B.V. zoals ingediend op 14 september 2015 wordt als volgt gewijzigd:

Artikel 1

Artikel 3 komt te luiden:

Vermilion Energy Netherlands B.V. informeert vanaf de start van de gaswinning de burgers van de gemeente Sûdwest-Fryslân jaarlijks over de werkelijk ontstane bodemdaling in relatie tot de verwachte bodemdaling, en over de maatregelen die getroffen worden om schade te voorkomen, evenals over het al dan niet optreden van bodemtrillingen door de gaswinning Oppenhuizen.

Den Haag, 1 juni 2017.

H.G.J. Kamp Minister van Economische Zaken

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na de dag waarop dit besluit ter inzage is gelegd een beroepschrift indienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Naar boven