Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Zorginstituut NederlandStaatscourant 2017, 29962Besluiten van algemene strekking

Beleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2017 voor de Sociale Verzekeringsbank

De Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland,

gelet op artikel 4.3 en 4.4 van het Besluit Wfsv, de Aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2017 en de Nadere aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2017,

heeft op 18 april 2017 besloten:

Artikel 1

Dit besluit verstaat onder:

a. Wlz:

Wet langdurige zorg;

b. SVB:

Sociale verzekeringsbank;

c. Aanwijzing:

Aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2017;

d. persoonsgebonden budget:

een subsidie waarmee de verzekerde onder de bij of krachtens artikel 3.3.3 en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht gestelde voorwaarden aan hem te verlenen zorg kan inkopen;

e. het Zorginstituut:

Zorginstituut Nederland.

Artikel 2

Het Zorginstituut keert het ten behoeve van de SVB voorlopig vastgestelde en het definitief vastgestelde beheerskostenbudget voor het jaar 2017 uit met inachtneming van de Regeling voorschotverlening op uitkeringen en vergoedingen Wlz 2015.

Artikel 3

Het Zorginstituut stelt in april 2017 een voorlopig beheerskostenbudget van 23,700 miljoen euro vast voor de SVB ter bepaling van de besteedbare middelen voor de beheerskosten ten laste van het Fonds langdurige zorg.

Artikel 4

  • 1. Het Zorginstituut stelt uiterlijk in 2019 het beheerskostenbudget definitief vast met inachtneming van een daartoe strekkende nadere aanwijzing 2017.

  • 2. Het Zorginstituut betaalt het verschil tussen het bedrag van het definitief vastgestelde en het voorlopig vastgestelde beheerskostenbudget in geval van een positief saldo voor de SVB uit. Indien het verschil tot een negatief saldo voor de SVB leidt, vordert het Zorginstituut het verschil in.

Artikel 5

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin deze worden geplaatst, en werken terug tot en met 1 januari 2017.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2017 voor de Sociale Verzekeringsbank.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Voorzitter Raad van Bestuur A. Moerkamp

Goedgekeurd door de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bij brief van 17 mei 2017, kenmerk 1134119-163820-Z.

TOELICHTING

In de Wet langdurige zorg (Wlz) is in artikel 4.2.4 een onderscheid gemaakt tussen de taken van de Wlz-uitvoerders in de hoedanigheid van zorgkantoor, de overige taken en de taken van de SVB. In aansluiting hierop is in de Nadere aanwijzing van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor 2017: kenmerk 1082725-160324-Z, (hierna: de Nadere aanwijzing 2017) een splitsing aangebracht in drie budgetten. Een budget voor de taken die de zorgkantoren uitvoeren, een budget voor de overige taken van de Wlz-uitvoerders en een budget voor de taak van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Jaarlijks stelt het Zorginstituut de beleidsregels ter verdeling van de besteedbare middelen beheerskosten Wet langdurige zorg (Wlz) vast naar aanleiding van een Aanwijzing. In deze beleidsregels is de volledige budgetcyclus van de beheerskosten Wlz opgenomen. Het Zorginstituut heeft separaat voor de drie verschillende taken beleidsregels opgesteld. Voor de taken van de Wlz-uitvoerders heeft de Staatssecretaris een bedrag van 79,262 miljoen euro besteedbaar gesteld. Voor de taken van het zorgkantoor is 74,602 miljoen euro besteedbaar gesteld en voor de taak van de SVB is een bedrag van 23,700 miljoen euro besteedbaar gesteld. Het totale beheerskostenbudget komt hiermee op 177,564 miljoen euro. Hieronder worden de taken van de SVB nader toegelicht.

Elke cyclus begint met een aanwijzing voor het kalenderjaar waarop de toegekende middelen betrekking hebben (jaar t). Vervolgens stelt het Zorginstituut beleidsregels op waarin het vaststelt hoe het de besteedbare middelen verdeelt. In februari van jaar t stelt het Zorginstituut het voorlopige beheerskostenbudget vast. In de Regeling voorschotverlening op uitkeringen Wlz 2015 van het Zorginstituut is geregeld op welke wijze het Zorginstituut de voorschotten uitkeert, dat het Zorginstituut de voorschotten verrekent met de definitieve vaststelling en op welke wijze het rente berekent.

Als in het jaar t+1 de Staatssecretaris een nadere aanwijzing voor het jaar t heeft afgegeven en het Zorginstituut daarop een wijziging van de beleidsregels voor het jaar t heeft vastgesteld, stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget in het jaar t+2 definitief vast. In deze definitieve vaststelling stelt het Zorginstituut ook de rente over het beheerskostenbudget vast. Het Zorginstituut houdt bij de definitieve vaststelling rekening met de correcties van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Voorzitter Raad van Bestuur A. Moerkamp