Ontwerpbesluiten voor de uitvoering van het Tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen fase 2, Rijkswaterstaat

KENNISGEVING

Krachtens artikel 20 van de Tracéwet bevordert de minister van Infrastructuur en Milieu een gecoördineerde voorbereiding van besluiten op aanvragen van vergunningen en van overige ambtshalve te nemen besluiten, met het oog op de uitvoering van een Tracébesluit.

In het kader van deze coördinatie geeft de minister van Infrastructuur en Milieu kennis van het feit dat de volgende besluiten zijn genomen.

Welke ontwerpbesluiten zijn genomen en liggen ter inzage?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen fase 2 zijn de volgende ontwerpbesluiten genomen overeenkomstig de procedure van artikel 20, lid 2 jo. lid 4 Tracéwet jo Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht:

Gemeente Groningen

  • Omgevingsvergunning voor het vellen van 30 bomen en het verwijderen van 2.556 m2 houtopstanden deelgebied C (201770313).

  • Omgevingsvergunning voor het vellen van 41 bomen en het verwijderen van 1.209 m2 houtopstanden deelgebied G (201770315).

  • Omgevingsvergunning voor het vellen van 36 bomen en het verwijderen van 4.235 m2 houtopstanden deelgebied H (201770316).

  • Omgevingsvergunning voor het vellen van 135 bomen en het verwijderen van 18.999 m2 houtopstanden deelgebied I (201770317).

  • Omgevingsvergunning voor het vellen van 49 bomen en het verwijderen van 5.185 m2 houtopstanden deelgebied J (201770318).

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

De besluiten liggen met ingang van 25 mei 2017 tot en met 6 juli 2017, gedurende de reguliere openingstijden op de hierna genoemde plaatsen ter inzage:

  • Het Loket Bouwen en Wonen van de gemeente Groningen, adres: Harm Buiterplein 1, 9723 ZR Groningen.

Hoe kunnen belanghebbenden beroep instellen?

Van 25 mei 2017 tot en met 6 juli 2017 staat voor belanghebbenden beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het instellen van beroep tegen het besluit geschiedt door indiening van een ondertekend beroepschrift dat ten minste de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het is gericht, alsmede de gronden van het beroep bevat.

Het beroepschrift moet worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.

Het beroepschrift dient te zijn ondertekend en dient ten minste te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, dat wil zeggen in ieder geval de vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en, zo mogelijk, de datum en het kenmerk van het besluit;

  • een opgave van de redenen waarom u zich niet met het besluit kunt verenigen.

Tevens dient ten behoeve van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, zo mogelijk, een afschrift van het besluit waartegen het beroep is gericht te worden overgelegd.

Op dit besluit is hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet van toepassing. Dit betekent dat de belanghebbende in het beroepschrift de beroepsgronden moet formuleren. Na afloop van de beroepstermijn kunnen deze gronden niet meer worden aangevuld. In het beroepschrift dient tevens te worden vermeld dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.

Het instellen van beroep schorst de werking van het besluit niet.

Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.

Het verzoek dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht, dat wil zeggen in ieder geval de vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en de datum en het nummer of kenmerk van het besluit;

  • de gronden van het verzoek (motivering).

Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoekschrift om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Meer informatie?

Voor nadere informatie kunt u zich wenden tot het Loket Bouwen en Wonen van de gemeente Groningen, telefoon 14 050.

De minister van Infrastructuur en Milieu, namens deze, het afdelingshoofd BJV Projectadvisering bij de Corporate Dienst van Rijkswaterstaat, A.K. van de Ven

Naar boven