Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
OverbetuweStaatscourant 2017, 15882Verkeersbesluiten



Verkeersbesluit tot het instellen van diverse maatregelen op bedrijventerrein Park 15 in Oosterhout (Gld.)

Logo Overbetuwe

Ons kenmerk: 17bwb00025

Burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe;

Gelet op

  • artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de Provincie of een waterschap;

  • artikel 15, lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 15 lid 2 van de WVW 1994 ingevolge maatregelen op de weg tot het aanbrengen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, geschieden krachtens een verkeersbesluit, indien de maatregelen leiden tot een beperking van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg gebruik kan maken;

  • artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge het plaatsen van borden B4, B5, B6, C1, D1, D2, G11, G12a, G12b, G13 en G14 en het aanbrengen van haaientanden en doorgetrokken strepen op het wegdek, moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 24 van het BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met een gemachtigde van de korpschef van de politie;

Aanleiding

•Ten noorden van het dorp Oosterhout wordt een nieuw bedrijventerrein ontwikkeld. Alle infrastructuur wordt nieuw aangelegd, waarbij de bedrijfspanden zich centreren rond een centrale as (Rietgraaf). De weg sluit aan op bestaande wegen in het gebied. Op twee punten worden rotondes aangelegd waarbij ook de voorrangssituatie moet worden verduidelijkt. Ook op een aantal andere kruispunten moet de voorrang worden geregeld. Daarnaast worden een aantal voorzieningen aangelegd voor (brom)fietsers.

Overwegende dat:

    • bedrijventerrein Park 15 wordt aangelegd tussen het dorp Oosterhout en snelweg A15;

    • op het bedrijventerrein in totaal 23 in grootte variërende kavels worden uitgegeven;

    • alle infrastructuur nieuw wordt aangelegd, waarbij bedrijven worden gesitueerd rondom een centrale as, de Rietgraaf;

    • op deze weg een aantal andere wegen aansluiten, zoals de Linie en de Van Balverenlaan;

    • aan de oostzijde een verbinding wordt gemaakt met snelweg A15 en de Griftdijk en dit voor gemotoriseerd verkeer de enige in- en uitgang is;

    • aan zowel de oost- als westzijde van het bedrijventerrein een rotonde wordt aangelegd, waarbij de westelijke rotonde een zogenaamde ‘ovonde’ wordt;

    • deze rotonde ovaal van vorm is zodat aan de oostzijde ervan twee wegen kunnen worden aangesloten;

    • op beide rotondes borden D1, uit bijlage 1 van het RVV 1990, worden geplaatst in combinatie met portalen;

    • door de combinatie met portalen de rijrichting extra wordt benadrukt;

    • verkeer dat de rotondes nadert op de rotondes rijdende voertuigen voorrang moet verlenen;

    • dit wordt aangeduid met borden B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, en haaietanden op het wegdek;

    • middengeleiders zijn aangebracht op de rijbanen van de wegen die aansluiten op de rotondes;

    • verkeer deze middengeleiders in de rijrichting aan de rechterzijde moet passeren;

    • dit bijdraagt aan een hogere verkeersveiligheid;

    • daartoe borden D2, uit bijlage 1 van het RVV 1990, worden geplaatst;

    • op de oostelijke rotonde, bij de kruising tussen Rietgraaf en Rietgraafsingel, verkeer dat uit zuidelijke en oostelijke richting komt en rechtsaf wil slaan gebruik kan maken van een extra rijbaan;

    • hiermee de doorstroming wordt verbeterd;

    • ook hier een middengeleider wordt toegepast waarop borden D3 worden geplaatst;

    • verkeer deze middengeleider aan beide zijden mag passeren;

    • aan de zuidzijde van de Rietgraaf een fietspad ligt voor fietsverkeer in twee richtingen;

    • dit fietspad aansluit op het bestaande (brom)fietspad naar de Griftdijk;

    • het fietspad wordt aangeduid door het plaatsen van borden G11, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

    • deze borden worden geplaatst bij beide rotondes, bij een oversteekpunt op de Rietgraaf en bij twee aansluitingen naar zijwegen van de Rietgraaf;

    • bij beide rotondes het brom/fietspad maar aan één zijde van de rotonde wordt aangelegd;

    • hierdoor brom/fietsverkeer zowel van links als rechts de rijbaan voor gemotoriseerd verkeer kruist, maar weer niet aan de (drukste) oostkant;

    • brom/fietsverkeer in twee keer kan oversteken en het overzicht goed is;

    • dit bijdraagt aan een betere verkeersveiligheid voor brom/fietsverkeer;

    • de snelheid van bromfietsers over het algemeen beter aansluit bij gemotoriseerd verkeer dan bij fietsverkeer;

    • bromfietsers daarom overal in de gemeente Overbetuwe in principe gebruik maken van de rijbaan voor gemotoriseerd verkeer;

    • aan de oostzijde van het bedrijventerrein een aansluiting ligt naar de Griftdijk, waar een maximumsnelheid van 80 km/h geldt;

    • bromfietsverkeer daar, omwille van de verkeersveiligheid, niet op de rijbaan kan rijden;

    • de overgang voor bromfietsers van rijbaan naar (brom)fietspad is gemaakt ten westen en ten noorden van de rotonde op de kruising van de Rietgraaf en Rietgraafsingel;

    • er hiervoor op de enige toegangsweg naar het bedrijventerrein een oversteek gemaakt dient te worden voor fiets- en bromfietsverkeer;

    • op de rotonde bromfietsverkeer dan ook van het (brom)fietspad langs de rotonde gebruik maakt en daar de Rietgraaf oversteekt;

    • borden G12a en G12b, uit bijlage 1 van het RVV 1990, worden geplaatst om het begin en einde van dit verplichte bromfietspad aan te duiden;

    • in het gebied naar verwachting een aanzienlijke hoeveelheid vrachtverkeer zal gaan rijden;

    • uit het oogpunt van verkeersveiligheid (brom)fietsverkeer op de vrijliggende paden naast de rotondes bij het oversteken dan ook voorrang moet geven aan verkeer dat zich op de rijbaan bevindt;

    • dit wordt aangeduid door het plaatsen van borden B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, en haaietanden op het wegdek;

    • bromfietsers na de rotonde gebruik moeten maken van de rijbaan;

    • in overleg met de ontwikkelaar (Civil Management), politie en gemeente, de politie aangegeven heeft dat de verwachting is dat bromfietsers na de rotonde niet twee scherpe bochten gaan nemen en op de rijbaan gaan rijden tussen het vrachtverkeer, maar rechtdoor zullen rijden het fietspad op;

    • de landelijke richtlijn voor inrichting van wegen van het CROW inhoudt dat bromfietsers binnen de bebouwde kom op de rijbaan moeten rijden en dat de bebording hiervoor zodanig geplaatst moet worden dat dit duidelijk is voor de weggebruiker;

    • de ervaring van politie en gemeente is dat fietsers en bromfietsers kiezen voor de gemakkelijkste route van en naar de bestemming en dat een bord deze weggebruikers niet altijd tegenhoudt;

    • de opmerking voor bromfietsers ook zal gaan gelden voor vergelijkbare voertuigen zoals de speed pedelec;

    • de politie de wens heeft geuit om de bromfietser op dit punt op het pad naast de rijbaan te laten rijden omdat dit minder omrijbewegingen vergt voor de bromfietser en dus beter past bij het rijgedrag en daarnaast de bromfietser niet tussen het vrachtverkeer hoeft te rijden;

    • als het pad naast de rijbaan dan ook zodanig verbreed wordt zodat fietsers en bromfietsers hier veilig kunnen rijden, zou dit de verkeersveiligheid verder verbeteren;

    • het pad dan verbreed zou moeten worden van de huidige 2,5 meter naar minimaal 3,5 meter;

    • de ontwikkelaar in deze er niet voor kiest om af te wijken van de landelijke richtlijn voor zowel het verbreden van het pad als het verplicht laten rijden van de bromfietser op het pad naast de rijbaan;

    • de ontwikkelaar hiervoor als extra argument aangeeft dat veel vrachtverkeer bij de rotonde rechts afslaat omdat de toegang voor vrachtverkeer bij de kavels aan de noordzijde van de Rietgraaf zich bevinden aan de noordkant en voor langzaam verkeer aan de zuidkant;

    • het verder op dit moment niet in te schatten is hoeveel werknemers per bromfiets naar het werk zullen reizen en van dit pad of rijbaan gebruik gaan maken;

    • op diverse paden naast o.a. de Rietgraaf en Rietgraafsingel paden zijn aangelegd die aangeduid worden met borden ‘onverplicht fietspad’;

    • deze paden dan ook een onverplicht karakter hebben voor fietsers, wat betekent dat fietsers niet verplicht zijn om hiervan gebruik te maken;

    • bij onverplichte fietspaden wel geldt dat andere weggebruikers, waaronder de snorfietser, bromfietser, speed pedelec, e.d., geen gebruik mogen maken van dit pad en op de rijbaan moeten rijden;

    • dit op zich geen probleem is, aangezien op meer bedrijventerrein niet overal een verplicht of onverplicht fietspad aanwezig is;

    • de aanwezigheid van de borden ‘onverplicht fietspad’ de verwachting is dat fietsers hier wel gebruik van gaan maken;

    • deze paden smalle paden zijn en fietsverkeer hier in twee richtingen gebruik van kan maken en dat dit wellicht tot confrontaties kan leiden;

    • op het bedrijventerrein op de diverse wegen geen ruimte is om te parkeren voor zowel vracht- als personenauto’s;

    • dit de doorstroming negatief zou beïnvloeden;

    • parkeren dan ook dient te geschieden op de diverse bedrijfskavels;

    • daarmee rekening is gehouden in de parkeernormering voor de diverse bedrijfskavels;

    • het parkeerverbod bij de hoofdentree van het bedrijventerrein aan de Griftdijk wordt aangeduid door het plaatsen van borden E1 (begin en einde zone), uit bijlage 1 van het RVV 1990;

    • de Rietgraaf bestaat uit een rijbaan met één rijstrook per rijrichting;

    • inhalen vanwege de vele in- en uitritten bij bedrijven te gevaarlijk is;

    • de eigenaar van de wegen graag ook de snelheid van het verkeer zoveel mogelijk in toom te wil houden door het inhalen te verbieden;

    • met een inhaalverbod de weggebruiker op dezelfde rijstrook blijft en het verkeer ordelijker verloopt en daarbij de percelen ook bereikbaar blijven;

    • inhalen hier dan ook niet is toegestaan wat kenbaar wordt gemaakt door het aanbrengen van een dubbele doorgetrokken streep op de as van de weg;

    • op de plekken waar de ingang van een perceel is voorzien, de doorgetrokken streep is onderbroken zodat de bedrijven vanaf beide rijstroken normaal bereikbaar zijn;

    • op de Rietgraaf borden D2 worden geplaatst om duidelijk te maken dat verkeer rechts moet aanhouden bij passeren van die punten;

    • aan de noordwestzijde van het plangebied een aansluiting ligt die bedoeld is voor lokaal verkeer;

    • hier bord C1, uit bijlage 1 van het RVV 1990, wordt geplaatst, in combinatie met een onderbord waarop duidelijk wordt gemaakt dat alleen bestemmingsverkeer van de weg gebruik mag maken;

    • vanaf de westelijke rotonde een verbinding naar het zuiden wordt aangelegd ten bate van de toegang naar een aantal percelen;

    • halverwege deze verbinding een aansluiting is gemaakt naar de ingang van een van die percelen aan de westzijde;

    • verkeer komende vanaf dat perceel voorrang moet verlenen aan verkeer op de hoofdrijbaan;

    • daartoe borden B4, B5 en B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, worden geplaatst en haaietanden op het wegdek worden aangebracht;

    • de wegen op het nieuwe bedrijventerrein aan de west- en zuidzijde aansluiten op twee bestaande wegen in het gebied, te weten de Nieuwedijk en Van Balverenlaan;

    • deze twee wegen deel uitmaken van een zogenaamde groene zone rondom het bedrijventerrein;

    • deze groene zone dient als buffer tussen bedrijfsactiviteiten en milieugevoelige functies, zoals de bebouwing in het dorp Oosterhout;

    • deze bufferzone ook een waarde heeft voor passieve recreatie waarin ten behoeve van de verblijfsfunctie ook wandel- en fietspaden worden aangelegd;

    • deze Nieuwedijk en Van Balverenlaan dan ook niet dienen als ontsluiting van het bedrijventerrein, dat gebeurt via de A15 en Griftdijk;

    • op de punten waar deze bestaande wegen aansluiten op de nieuwe infrastructuur een fysieke maatregel wordt aangebracht om te voorkomen dat gemotoriseerd verkeer van de verbindingen gebruik maakt;

    • dit wordt gedaan door een verwijderbare paal te plaatsen;

    • hiermee geen mogelijkheid is tot passeren voor regulier gemotoriseerd verkeer maar wel voor hulpdiensten en langzaam verkeer;

    • voor hen hierdoor de bereikbaarheid van het gebied blijft gewaarborgd;

    • het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven;

    • de bovenvermelde maatregel wordt genomen op basis van artikel 2 van de WVW 1994 om de veiligheid op de weg te verzekeren en voor het beschermen van weggebruikers en passagiers;

    • de in dit besluit genoemde wegen binnen de bebouwde kom liggen en in eigendom, beheer en onderhoud zijn bij de gemeente Overbetuwe;

  • overeenkomstig artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met een gemachtigde van de korpschef van de politie;

nemen, gelet op het voorgaande, de volgende

B E S L U I T E N :

  • 1.

    het instellen van een verplichte rijrichting op de kruispunten/rotondes Linie – Rietgraaf en Rietsgraafsingel – Rietgraaf door het plaatsen van borden D1, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 2.

    verkeer op de rotondes Linie – Rietgraaf en Rietsgraafsingel – Rietgraaf voorrang te geven op alle andere verkeer door het plaatsen van borden B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, en het aanbrengen van haaietanden op het wegdek;

  • 3.

    verkeer dat de rotondes Linie – Rietgraaf en Rietsgraafsingel – Rietgraaf nadert en verlaat te gebieden de middengeleiders aan de rechterzijde te passeren, door het plaatsen van borden D2, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 4.

    het instellen van een mogelijkheid tot het aan beide zijden passeren van de middengeleider voor verkeer op de rotonde Rietsgraafsingel – Rietgraaf dat uit zuidelijke en oostelijke richting komt, door het plaatsen van borden D3, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 5.

    het instellen van een verplicht fietspad aan de zuidzijde van de Rietgraaf, door het plaatsen van borden G11, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 6.

    het instellen, en beeindigen, van een verplicht fietspad aan de noordzijde van de Van Balverenlaan, door het plaatsen van borden G11 en G12, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 7.

    het instellen van een verplicht (brom)fietspad aan de noord-, zuid- en westzijde van de rotonde Rietgraafsingel – Rietgraaf door het plaatsen van borden G12a en G12b, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 8.

    het instellen van een onverplicht fietspad op de paden naast de rijbanen en verplichte fietspaden door het plaatsen van borden G13 en G14 uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 9.

    (brom)fietsverkeer op de rotondes voorrang te laten verlenen aan het overige verkeer door het plaatsen van borden B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, en het aanbrengen van haaietanden op het wegdek;

  • 10.

    het instellen van een parkeerverbod op alle wegen op het bedrijventerrein door het plaatsen van borden E1 (begin en einde zone), uit bijlage 1 van het RVV 1990, bij de kruising tussen Rietgraaf en Griftdijk en op de andere toegangen naar het bedrijventerrein;

  • 11.

    het instellen van een inhaalverbod op de wegen in het bedrijventerrein, door het aanbrengen van een dubbele doorgetrokken streep op de as van de weg;

  • 12.

    verkeer op de Rietgraaf te gebieden de middengeleiders, die zijn aangebracht ter hoogte van de ingangen van bedrijfspercelen, in de rijrichting aan de rechterzijde te passeren, door het aanbrengen van borden D2, uit bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 13.

    een geslotenverklaring in te stellen op de verbinding aan de noordwestzijde van het plangebied, bij de overgang tussen Linie en Rietgraafsingel, door het plaatsen van bord C1, uit bijlage 1 van het RVV 1990, waarvan verkeer met aantoonbare bestemming is vrijgesteld door het aanbrengen van een onderbord met daarop de tekst “uitgezonderd bestemmingsverkeer”;

  • 14.

    verkeer komende vanaf het perceel aan de westzijde van het zuidelijke deel van de Linie, voorrang te laten verlenen op het verkeer op de hoofdrijbaan, door het plaatsen van borden B4, B5 en B6, uit bijlage 1 van het RVV 1990, en het aanbrengen van haaietanden op het wegdek;

  • 15.

    het verkeer, met uitzondering van hulpdiensten en langzaam verkeer, onmogelijk te maken gebruik te maken van de verbindingen naar de Van Balvarenlaan (zuid) en Nieuwedijk (west), door het plaatsen van een (verwijderbare) paal midden in het wegdek en hiermee de weg af te sluiten met een fysieke maatregel als bedoeld in artikel 15 lid 2 WVW;

  • 16.

    de bebording, markering en verwijderbare palen aan te brengen zoals aangegeven op de bij dit verkeersbesluit behorende situatietekening;

Aldus besloten in de vergadering van 14 maart 2017.

Burgemeester en wethouders,

de gemeentesecretaris, de burgemeester,

drs C.W.W. van den Berg. drs A.S.F. van Asseldonk.

Niet mee eens?

Bent u het met het besluit niet eens? Dan kunt u bezwaar maken. In dat geval adviseren wij u om eerst telefonisch contact met ons op te nemen. We nemen dan samen met u het besluit door. U kunt hiervoor bellen naar (0481) 362300.

Wilt u na dit gesprek nog bezwaar maken? Stuur dan een bezwaarschrift naar burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe. Zorgt u ervoor dat u het bezwaarschrift indient binnen zes weken na de dag waarop het besluit is verzonden.

Daarmee voorkomt u dat wij uw bezwaarschrift niet meer kunnen behandelen.

Het bezwaarschrift kunt u sturen naar het volgende adres: Antwoordnummer 175, 6660 VB in Elst. Zet in uw bezwaarschrift:

  • uw naam, adres en (mobiele) telefoonnummer;

  • de datum en een omschrijving van dit besluit;

  • waarom u het niet eens bent met dit besluit.

Vergeet u ook niet uw bezwaarschrift te ondertekenen!

U kunt ook via www.overbetuwe.nl bezwaar maken. U heeft dan wel uw DigiD nodig. Kijk daarvoor onder ‘Alle formulieren’ op de homepage van de website en kies ‘bezwaar indienen’.

Voorlopige voorziening

Soms kunt u niet wachten op het besluit over uw bezwaarschrift. U kunt dan bij de

Voorzieningenrechter bij de rechtbank Gelderland om een voorlopige voorziening vragen. Dat kan alleen als u een bezwaarschrift heeft ingediend. Het adres van de rechtbank Gelderland is: Postbus 9030, 6800 EM in Arnhem. Houdt u er rekening mee dat u hiervoor moet betalen!

Over hoeveel u moet betalen, kan de rechtbank u nader informeren.

Digitaal voorlopige voorziening vragen

U kunt ook digitaal om een voorlopige voorziening vragen via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Hiervoor moet u een elektronische handtekening (DigiD) hebben. Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.