Vaststelling wijzigingsplan 'Vierhonderdpolderdijk 3 Cadzand', gemeente Sluis

Logo Sluis

Burgemeester en wethouders van Sluis maken op grond van artikel 3.9a van de Wet ruimtelijke ordening bekend dat het wijzigingsplan 'Vierhonderdpolderdijk 3 Cadzand' op 6 december 2016 gewijzigd is vastgesteld. Het wijzigingsplan 'Vierhonderdpolderdijk 3 Cadzand' voorziet in de juridisch planologische regeling voor de wijziging van bestemming van 'Agrarisch' naar 'Wonen-2' in verband met de beëindiging van het agrarisch bedrijf ter plaatse. De wijziging betreft het schrappen van artikel 3.6.2 'Compensatiewoningen' uit de regels van het ontwerpbestemmingsplan. Dit artikel was een wijzigingsbevoegdheid die het mogelijk maakt om onder voorwaarden wooneenheden toe te voegen.

 

Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 23 juni 2016 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Hierop zijn geen zienswijzen binnengekomen.

 

Ter inzage

Het besluit van het college en het vastgestelde wijzigingsplan 'Vierhonderdpolderdijk 3 Cadzand' liggen met ingang van 5 januari 2017 voor een periode van zes weken (tot en met 15 februari 2017) voor iedereen tijdens openingstijden ter inzage in het Klanten Contact Centrum (KCC), Nieuwstraat 22 te Oostburg. De stukken zijn ook in te zien via de gemeentelijke website www.gemeentesluis.nl en de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl (identificatienummer: NL.IMRO.1714.wpvierhonderdpdijk-VG01). Op verzoek kunnen de desbetreffende stukken buiten kantooruren worden ingezien. Voor het maken van een afspraak kunt u contact opnemen met de heer M. van Gerwen van de afdeling Externe dienstverlening, tel. 140117.

 

Beroep

Met ingang van 5 januari 2017 kan gedurende een termijn van zes weken (tot en met 15 februari 2017) tegen het vaststellingsbesluit van het college beroep worden ingesteld bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag, door degene die tijdig een zienswijze heeft ingediend bij het college tegen het ontwerpwijzigingsplan, alsmede door een belanghebbende die aantoont dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest zich tijdig tot het college te wenden.

 

Het beroepschrift moet zijn ondertekend en dient ten minste te bevatten: de naam en het adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden waarop het bezwaar rust. Zo mogelijk dient een kopie van het bestreden besluit bijgevoegd te worden.

 

Indien beroep wordt ingesteld kan tevens om een voorlopige voorziening worden verzocht bij de voorzitter van de afdeling Bestuurrechtspraak van de Raad van State. Een voorlopige voorziening kan door de voorzitter worden getroffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Er wordt een griffierecht geheven.

 

Oostburg, 4 januari 2017

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN SLUIS,

S.I. de Kievit - Minnaert, secretaris

mr. A.M.M. Jetten MSc, burgemeester

Naar boven