TOELICHTING
In het kader van het Belastingplan 2016 is besloten tot een extra impuls van 100 miljoen
euro om eigenaren-bewoners te stimuleren energiebesparende maatregelen te nemen. In
brieven van 26 januari, 18 mei en 7 oktober 2016 van de Minister voor Wonen en Rijksdienst
aan de Tweede Kamer (Kamerstukken II 2015/16, 30 196, nrs. 384 en 457) is in dit verband gemeld dat 61 miljoen euro wordt ingezet als subsidie voor individuele
eigenaren-bewoners en verenigingen van eigenaars (VvE’s) ten behoeve van omvangrijke
energiebesparende maatregelen in bestaande koopwoningen. Hiertoe strekt de Subsidieregeling
energiebesparing eigen huis (SEEH).
Het bedrag van 61 miljoen euro wordt verspreid over de periode van 15 september 2016
tot en met 31 december 2018 in tranches beschikbaar gesteld. De eerste tranche betrof
de openstelling van de regeling van 15 september 2016 tot 1 maart 2017. Hiertoe waren
voor die periode in artikel 3, eerste, tweede en derde lid, van de SEEH subsidieplafonds
vastgesteld voor onderscheidenlijk subsidie aan individuele eigenaren-bewoners (15 miljoen
euro), subsidie aan VvE’s voor energieadvies en procesbegeleiding (2 miljoen euro)
en subsidie aan VvE’s voor energiebesparende maatregelen (3,5 miljoen euro). De tweede
tranche was aanvankelijk voorzien per 1 maart 2017. Het plafond van 15 miljoen euro
voor subsidie aan individuele eigenaren-bewoners werd echter reeds voor die datum
bereikt; daarom is de looptijd van de SEEH verlengd tot 1 januari 2018 en zijn de
subsidieplafonds voor subsidies aan individuele eigenaren-bewoners en voor maatregelensubsidies
aan VvE’s aangepast per 1 maart 2017 tot onderscheidenlijk 35,7 miljoen euro en 6 miljoen
euro.
De plafonds van 2, onderscheidenlijk 6 miljoen euro voor subsidie aan VvE’s zullen
naar verwachting pas in de loop van 2018 worden bereikt. De looptijd van deze plafonds
wordt daarom met een jaar verlengd tot 1 januari 2019. Dit is geregeld in artikel
I, onderdeel A, tweede lid, van de onderhavige regeling.
Het plafond voor subsidie aan individuele eigenaren-bewoners van 35,7 miljoen euro
zal daarentegen naar verwachting reeds in april 2017 worden bereikt. Het is wenselijk
de regeling ononderbroken voort te zetten. Daarom wordt het subsidieplafond op grond
van artikel I, onderdeel A, eerste lid, van de onderhavige regeling reeds met ingang
van 15 maart 2017 verhoogd tot 43.810.000 miljoen euro. De aanpassing betreft nog
steeds de 61 miljoen euro die ter beschikking staat: er komt dus geen nieuw budget
bij.
De laatste resterende middelen van het totale budget van 61 miljoen euro zullen op
een ander moment beschikbaar worden gesteld; daartoe zal de SEEH te zijner tijd opnieuw
worden aangepast.
Voorts is in artikel I, onderdeel B, de bepaling in artikel 18 met betrekking tot
het verlenen van een voorschot bij verstrekking van subsidies van meer dan 25.000
euro geschrapt. Hiermee is beoogd te voorkomen dat gelden moeten worden uitgekeerd
op een moment waarop dat vanwege de begrotingssystematiek van het Rijk nog niet mogelijk
is. Overeenkomstig artikel 23, derde lid, van het Kaderbesluit BZK-subsidies zal in
de beschikkingen tot verlening van subsidie van meer dan 25.000 euro de wijze van
uitbetaling worden opgenomen.
Ten slotte is in artikel I, onderdeel C, de horizonbepaling in artikel 21, eerste
lid, van de SEEH aangepast aan de verlengde looptijd van de plafonds voor subsidies
aan VvE’s.
Deze wijzigingsregeling treedt in werking met ingang van 15 maart 2017. Hierbij is
afgeweken van de vaste verandermomenten en minimale invoeringstermijn van twee maanden.
De reden hiervoor is de urgentie te voorkomen dat tijdelijk geen subsidieaanvragen
kunnen worden ingediend vanwege het bereiken van het subsidieplafond. De afwijking
is daarmee gebaseerd op de eerste uitzonderingsgrond, genoemd in de brief van 11 december
2009 van de Minister van Justitie aan de Tweede Kamer (Kamerstukken II 2009/10, 29 515, nr. 309).
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
R.H.A. Plasterk