Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2017, 11214 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2017, 11214 | Ontheffingen |
21 februari 2017
Nr. MLA/010/2017
De Minister van Defensie en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,
Gelezen het verzoek van Noordzee Helikopters Vlaanderen B.V. van 2 november 2016;
Gelet op artikel 34, tweede lid, van de Luchtvaartwet;
Besluiten:
1. Op grond van een algemeen maatschappelijk belang wordt aan gezagvoerders van luchtvaartuigen van Noordzee Helikopters Vlaanderen B.V. (NHV), die in opdracht van de Minister van Infrastructuur en Milieu Search and Rescue (SAR) operaties uitvoeren, ontheffing verleend van de verbodsbepaling van artikel 34, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Luchtvaartwet met betrekking tot het medegebruik van het militaire luchtvaartterrein De Kooy op dagen en tijden dat dit luchtvaartterrein is opengesteld, zoals gepubliceerd in de Military Aeronautical Information Publication Netherlands of notices to airmen.
2. Buiten de dagen en tijden, bedoeld in het eerste lid, kan ten behoeve van SAR-operaties medegebruik worden gemaakt van het militaire luchtvaartterrein De Kooy, indien levensbedreigende omstandigheden zulks eisen.
1. De Algemene en Bijzondere Voorwaarden betreffende het medegebruik van militaire luchtvaartterreinen door derden, vastgesteld bij ministeriële beschikking van 8 mei 1967, nr. 202.620/11K, en laatstelijk gewijzigd bij beschikking van 26 november 1980, nr. CWL 80/028, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder “de vergunning” deze beschikking dient te worden verstaan.
2. Met de commandant van het militaire luchtvaartterrein De Kooy worden nadere afspraken gemaakt voor het betreden en het gebruik van het militaire luchtvaartterrein.
1. De ontheffing wordt verleend onder de volgende aanvullende voorwaarden:
a. NHV dient aantoonbaar veilig gebruik te maken van het militaire luchtvaartterrein conform de voor het type operaties toepasselijke voorschriften van de Koninklijke Luchtmacht, alsmede de lokale voorschriften en procedures;
b. met de overige gebruikers die op soortgelijke wijze gebruik maken van het militaire luchtvaartterrein worden nadere afspraken gemaakt voor het gezamenlijk gebruik van het militaire luchtvaartterrein.
2. De ontheffing wordt voorts verleend onder de voorwaarde dat de geluidszone van het militaire luchtvaartterrein De Kooy niet wordt overschreden.
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 november 2016. Zij vervalt met ingang van 1 november 2018 of zoveel eerder als voor het militaire luchtvaartterrein De Kooy een luchthavenbesluit is vastgesteld.
Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Hoofddorp, 21 februari 2017
De Minister van Defensie, voor deze: De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, S.H.P.M. Pellemans, Kolonel-vlieger
Hoofddorp, 21 februari 2017
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, namens deze: De Senior Inspecteur ILT/Luchtvaart, A.E. Schurink-van der Klugt
Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, DienstenCentrum Juridische Dienstverlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.
Op grond van een algemeen maatschappelijk belang wordt sinds geruime tijd (laatstelijk bij beschikking van 7 november 2014, nr. MLA/198/2014 (Stcrt. 2014, 32279) aan de gezagvoerders van Noordzee Helikopters Vlaanderen B.V. (NHV), die in opdracht van de Minister van Infrastructuur en Milieu Search and Rescue (SAR) operaties uitvoeren, ontheffing verleend om SAR-operaties uit te voeren vanaf het militaire luchtvaartterrein De Kooy. Hoewel artikel 34 van de Luchtvaartwet is vervallen, geldt het artikel volgens de overgangsbepaling van de Regelgeving militaire luchthavens en burgerluchthavens (RBML, Stb. 2008, 561) nog wel voor luchtvaartterreinen waarvan de aanwijzing is gebaseerd op de Luchtvaartwet en nog niet op de Wet luchtvaart. Ingevolge de RBML wordt het onder de Luchtvaartwet geldende regime van aanwijzing van luchtvaartterreinen gaandeweg vervangen door het in de Wet luchtvaart neergelegde systeem waarin luchthavens gestalte krijgen door middel van een luchthavenbesluit. De definitieve overgang op dit nieuwe regime was aanvankelijk voorzien per 1 november 2014, maar is bij wet van 22 juni 2016 (Stb. 2016, 260) verder verschoven naar 1 november 2018. Deze overgangssituatie is onverkort van toepassing op het militaire luchtvaartterrein De Kooy.
De laatstelijk verleende ontheffing is met ingang van 1 november 2016 vervallen. Op verzoek van NHV is gelet op de vertraagde besluitvorming ten aanzien van het militaire luchtvaartterrein De Kooy met de onderhavige beschikking opnieuw de voornoemde ontheffing verleend onder gelijkblijvende voorwaarden tot 1 november 2018 of zoveel eerder als voor het militaire luchtvaartterrein een luchthavenbesluit is vastgesteld. Zodra een luchthavenbesluit voor de militaire luchthaven (de Wet luchtvaart spreekt niet langer van militaire luchtvaartterreinen) is vastgesteld, zal er een einde komen aan de reeds aangehaalde overgangsperiode en daarmee het medegebruik op grond van de ontheffingensystematiek van de Luchtvaartwet. Vanaf dat moment zal het medegebruik van het militaire luchtvaartterrein De Kooy door NHV gestalte moeten krijgen in de vorm van een op het medegebruik toegesneden vrijstelling of vergunning.
In de Luchtvaartwet wordt voor de toepassing van het bij of krachtens de Luchtvaartwet bepaalde verstaan onder “Onze Minister” wat betreft de burgerluchtvaart en de algemene verkeersveiligheid in de lucht, de Minister van Verkeer en Waterstaat (thans de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu). Wat de militaire luchtvaart betreft wordt onder “Onze Minister” de Minister van Defensie verstaan. Op een verzoek tot medegebruik van een militair luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen zullen dus beide ministers toestemming moeten geven.
Het rijksbeleid voor het burgermedegebruik van militaire luchtvaartterreinen ligt vast in het Tweede Structuurschema Militaire Terreinen (SMT-2) en de nota Regionale luchthavenstrategie (RELUS). In het SMT-2 is aangegeven dat burgermedegebruik mogelijk blijft, indien daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan de veiligheid en de taakuitvoering van de militaire luchtvaart, met inachtneming van de geluidhinderproblematiek. Onderhavige ontheffing past in het huidige beleid van de betrokken ministeries.
Vooraf is niet te bepalen om hoeveel vliegtuigbewegingen het gaat. Vandaar dat geen limitering in vliegtuigbewegingen in de ontheffing is opgenomen. Het desbetreffende luchtvaartterrein kan alleen worden aangedaan, indien het gaat om operationeel noodzakelijke vluchten.
Ten aanzien van de geluidsbelasting is het volgende van belang.
Voor zogenaamde ontheffingen met een algemeen maatschappelijk belang is het vaststaand beleid dat deze vliegtuigbewegingen (in het kader van milieunormen) als ‘militaire’ vliegtuigbewegingen worden aangemerkt. De gegevens omtrent het feitelijk gebruik van militaire luchtvaartterreinen worden jaarlijks herleid tot contouren die de actuele geluidsbelasting in dat jaar weergeven. In de Luchtvaartwet is vastgelegd dat de geluidsbelasting door startende en landende vliegtuigen van een luchtvaartterrein wordt berekend. De geluidsbelasting door de grote civiele en militaire luchtvaart wordt berekend op jaarbasis en wordt uitgedrukt in Kosteneenheden. De geluidsbelasting wordt berekend volgens een daartoe vastgesteld berekeningsvoorschrift en met inachtneming van het Besluit geluidsbelasting grote luchtvaart. Gelet op de beschikbare ruimte in de afgelopen jaren is er geen indicatie dat door deze vliegtuigbewegingen buiten de vastgestelde geluidszone wordt getreden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2017-11214.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.