Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2016, 71716 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2016, 71716 | Ontheffingen |
20 december 2016
Nr. MLA/199/2016
De Minister van Defensie,
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;
Gelezen het verzoek van de commandant van het Defensie Helikopter Commando van 2 november 2016;
Gelet op de artikelen 2, tweede lid, en 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014;
Besluit:
1. Ten behoeve van de gezamenlijke oefening Integration van het Defensie Helikopter Commando (DHC) en 11 Luchtmobiele Brigade wordt als oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) aangewezen het gebied “Leusderheide en Vlasakkers”, begrensd door de volgende coördinaten:
van 52°09'19.34"N 005°16'19.44"E, naar 52°10'17.89"N 005°20'56.29"E, naar 52°05'31.67"N 005°23'35.98"E, naar 52°04'33.12"N 005°19'00.11"E en terug naar 52°09'19.34"N 005°16'19.44"E (zie figuur).
2. Het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied), bedoeld in het eerste lid, is van kracht op de volgende dagen en tijden:
Week 4
donderdag 26 januari 2017 van 18:00 uur tot 21:00 uur lokale tijd;
vrijdag 27 januari 2017 van 10:00 uur tot 13:00 uur lokale tijd;
Week 5
dinsdag 31 januari 2017 van 18:00 uur tot 21:00 uur lokale tijd;
woensdag 1 februari 2017 van 10:00 uur tot 13:00 uur lokale tijd;
Week 7
dinsdag 14 februari 2017 van 18:00 uur tot 21:00 uur lokale tijd;
woensdag 15 februari 2017 van 10:00 uur tot 13:00 uur lokale tijd.
Figuur: Oefengebied “Leusderheide en Vlasakkers”
1. Binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) bedraagt de toegestane minimum VFR-vlieghoogte binnen de daglichtperiode 100 voet AMSL of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is.
2. Binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) bedraagt de toegestane minimum VFR-vlieghoogte buiten de daglichtperiode 300 voet AMSL of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is.
3. Binnen het oefengebied (tijdelijk laagvlieggebied) gelden voorts de volgende regels:
a. laagvliegen is alleen toegestaan voor luchtvaartuigen die deelnemen aan de oefening;
b. met betrekking tot het vliegzicht en de wolkenbasis gelden de eisen voor VFR-vluchten;
c. aaneengesloten bebouwing, ziekenhuizen, sanatoria en dergelijke worden vermeden;
d. de vrijstelling van de minimum VFR-vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn.
Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.
De Minister van Defensie, voor deze: De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, S.H.P.M. Pellemans, Kolonel-vlieger
Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, Dienstencentrum Juridische Dienstverlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.
In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat militaire helikopters boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen een hoogte van ten minste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig dienen aan te houden en elders ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water.
Tijdens de oefening Integration worden vliegers van het Defensie Helikopter Commando (DHC) en grondeenheden van 11 Luchtmobiele Brigade voorbereid op een inzet in het kader van de United Nations Multidimensional Integrated Stabilization Mission in Mali. De oefening zal zowel bij daglicht als buiten de daglichtperiode worden uitgevoerd. Teneinde deze oefening mogelijk te maken is voor de aan de oefening deelnemende gezagvoerders van het DHC binnen het nader aangewezen oefengebied (een tijdelijk laagvlieggebied) ontheffing verleend van de vigerende minimum VFR-vlieghoogte. Gelijk de vrijstelling, vervat in artikel 7 van de Regeling minimum VFR-vlieghoogten en VFR-vluchten buiten de daglichtperiode voor militaire vliegtuigen en helikopters (hierna: de regeling), waarbij indien door militaire helikopters, behorende tot of in gebruik bij de Nederlandse en bondgenootschappelijke strijdkrachten, wordt geoefend in het kader van operaties met niet-vliegende eenheden, mag zo laag worden gevlogen als voor het doel van de vlucht noodzakelijk is. Dit betekent dat niet continu laag wordt gevlogen.
Voor VFR-vluchten buiten de daglichtperiode geldt overeenkomstig artikel 10, bezien in samenhang met artikel 12 van de regeling, dat militaire helikopters boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel mensenverzamelingen een hoogte van ten minste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van de helikopter dienen aan te houden en elders, buiten de gebieden, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de regeling, ten minste 100 meter (300 voet) boven grond of water of zoveel lager als voor het doel van de vlucht noodzakelijk is. Indien buiten de daglichtperiode wordt gevlogen, worden aanvliegroute en -hoogte zodanig gekozen dat vermijdbare geluidhinder zoveel mogelijk wordt voorkomen.
Tot slot zij opgemerkt dat binnen het tijdelijke laagvlieggebied, genoemd in artikel 1, overeenkomstig de artikelen 10a, eerste lid, aanhef en onder b, juncto 15aa, eerste lid, aanhef en onder b, van de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen voor op afstand bestuurde luchtvaartuigen geldt dat de vlucht wordt uitgevoerd tot een hoogte van maximaal 40 meter (131 voet) boven de grond of het water. Voor vluchten met modelvliegtuigen binnen het voornoemde gebied geldt overeenkomstig artikel 2, aanhef en onder h, onder 2, van de Regeling modelvliegen dat vluchten zijn toegestaan tot een hoogte van maximaal 120 meter boven de grond of het water in luchtruim met klasse G, mits iemand met de bestuurder van het modelluchtvaartuig meekijkt om deze te kunnen waarschuwen voor luchtvaartuigen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2016-71716.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.