De Minister van Veiligheid en Justitie,
Overwegende:
Dat ingevolge artikel D 1 van de Kieswet Burgemeester en wethouders de plicht hebben
de kiesgerechtigdheid van de ingezetenen van de gemeente op correcte wijze te registreren;
Dat uit onderzoek in 2014 door (destijds nog) het Agentschap Basisadministratie en
Persoonsgegevens is gebleken dat een relatief hoog aantal personen in de Basisregistratie
Persoonsgegevens (hierna: BRP) de aantekening was geplaatst dat hij of zij was uitgesloten
van het kiesrecht en derhalve geen stempas ontving voor deelname aan de verkiezingen;
Dat dit hoge aantal niet correct was, en dat de oorzaak hiervan is gelegen in het
niet correct doorvoeren van wetswijzigingen in de BRP, nu veroordeelden met een gevangenisstraf
van langer dan één jaar sinds 1983 niet meer worden uitgesloten van het kiesrecht,
en onder curatele gestelden sinds 2008 ook niet meer van het kiesrecht worden uitgesloten;
Dat de Minister van Binnenlandse Zaken een Koninkrijksrelaties aan de Tweede Kamer
heeft toegezegd dat het opheffen van een uitsluiting geen automatisme kan zijn en
dat het college van burgemeester en wethouders de actieve plicht heeft om de kiesgerechtigdheid
van ingezetenen van de gemeenten op correcte wijze te registreren;
Dat de juistheid van de aantekening in de BRP dat een persoon is uitgesloten van het
kiesrecht moet zijn te controleren aan de hand van de documentatie die aan de aantekening
ten grondslag ligt;
Dat de bewaartermijn voor gemeenten van bescheiden met betrekking tot het kiesrecht
op grond van de regeling basisregistratie personen een jaar is;
Dat een dergelijke documentatie voor zover het justitiële gegevens betreft zich bij
de Justitiële Informatiedienst bevindt;
Dat de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens en het Besluit justitiële en strafvorderlijke
gegevens niet voorzien in de verstrekking van justitiële gegevens aan de Burgemeester
en wethouders in het kader van hun wettelijke taak ingevolge artikel D 1 van de Kieswet;
Dat de Rijksdienst voor ldentiteitsgegevens (RviG) de gemeenten ondersteunt bij het
onderzoek of personen terecht van het kiesrecht zijn uitgesloten door betrokken gemeenten
en door gemeenten met inwoners die volgens de informatie in de BRP uit het kiesrecht
zijn ontzet, is gemachtigd om justitiële gegevens van de Justitiële Informatiedienst
te ontvangen;
Dat de Justitiële Informatiedienst van het Ministerie van Veiligheid en Justitie,
namens de Minister van Veiligheid en Justitie, justitiële gegevens kan verstrekken
uit het Justitieel Documentatie Systeem, voor zover dit noodzakelijk is met het oog
op en zwaarwegend algemeen belang en voor bijzondere doeleinden;
Dat de Burgemeester en wethouders door de verstrekking van bepaalde justitiële gegevens
door de Justitiële Informatiedienst kan voldoen aan zijn wettelijke verplichting die
volgt uit artikel D 1 van de Kieswet, waardoor de belangen van de betrokken personen
beter gewaarborgd kunnen worden en dat hiermee een zwaarwegend algemeen belang wordt
gediend;
Dat het thans een eenmalige verstrekking betreft voor een specifiek doel waarbij vooruit
wordt gelopen op een voorstel tot aanpassing van het Besluit justitiële en strafvorderlijke
gegevens, zodat in zoverre dit besluit een eenmalig en tijdelijk karakter heeft.
Gelet op artikel 14 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens,
BESLUIT
Artikel 1
Toestemming wordt verleend tot het verstrekken van justitiële gegevens als bedoeld
in artikel 6 en artikel 7, eerste lid, onder b, h, onderdeel 4°, j, onderdeel 3°,
en k, van het Besluit justitiële en strafvorderlijke gegevens aan de Rijksdienst voor
ldentiteitsgegevens, als gemachtigde voor de Burgemeester en wethouders, ten behoeve
van de naleving van het bepaalde in artikel D 1 van de Kieswet.
Artikel 2
Aan de toestemming worden de volgende voorwaarden verbonden:
-
a. er worden niet meer gegevens verstrekt dan noodzakelijk voor de in artikel beschreven
doelstelling;
-
b. de justitiële gegevens worden uitsluitend verstrekt aan personen werkzaam bij de Rijksdienst
voor ldentiteitsgegevens die hiertoe zijn geautoriseerd;
-
c. de verstrekte justitiële gegevens worden terstond na het bereiken van het doel van
de verstrekking vernietigd.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na ondertekening en vervalt
op 1 februari 2017.