De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Gelet op de artikelen 3, eerste lid, en 5 van de Kaderwet SZW-subsidies;
Besluit:
ARTIKEL I
A
Artikel 1 van de Tijdelijke regeling cofinanciering projecten dienstverlening werkzoekenden
en projecten samenwerking en regie arbeidsmarkt wordt als volgt gewijzigd:
1. De begripsbepaling ‘O&O-fonds’ komt te luiden:
- O&O-fonds:
-
Opleidings- en Ontwikkelingsfonds, opgericht:
-
a. in een bij de minister aangemelde collectieve arbeidsovereenkomst, of
-
b. voor 1 januari 2016 en waarvan het bestuur paritair is samengesteld door partijen
die een collectieve arbeidsovereenkomst hebben gesloten en die aangesloten zijn bij
een centrale werkgeversorganisatie respectievelijk werknemersorganisatie als bedoeld
in bijlage 3 respectievelijk bijlage 4 bij deze regeling.
2. In de begripsbepaling ‘werkgeversorganisatie’ wordt na ‘vereniging met volledige
rechtsbevoegdheid van werkgevers’ ingevoegd: of een stichting die werkzaam is ten
behoeve van werkgevers,.
3. In de begripsbepaling ‘werknemersorganisatie’ wordt na ‘vereniging met volledige
rechtsbevoegdheid van werknemers’ ingevoegd: of een stichting die werkzaam is ten
behoeve van werknemers,.
B
Aan artikel 9 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-
5. Indien een aanvraag wordt ingediend door een stichting die werkzaam is ten behoeve
van werkgevers of ten behoeve van werknemers, wordt bij de aanvraag een document gevoegd
dat is ondertekend door een centrale werkgevers- of werknemersorganisatie als bedoeld
in bijlage 3 of 4 waarbij deze stichting is aangesloten.
ARTIKEL II. INWERKINGTREDING
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van
de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt, ingeval de regeling na 27 november
2016 in de Staatscourant wordt geplaatst, terug tot en met 28 november 2016.
Den Haag, 28 november 2016
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
L.F. Asscher
TOELICHTING
Algemeen
De Tijdelijke regeling cofinanciering projecten dienstverlening werkzoekenden en projecten
samenwerking en regie arbeidsmarkt (hierna: regeling) kent een na overleg met de Stichting
van de Arbeid tot stand gekomen eenduidige omschrijving van de organisaties die een
aanvraag kunnen indienen voor subsidie op grond van de regeling. Beoogd is centrale
werkgevers- respectievelijk werknemersorganisaties in aanmerking te laten komen en
de daarbij aangesloten verenigingen van werkgevers respectievelijk werknemers. Naast
die partijen zijn toegelaten O&O-fondsen die zijn opgericht bij een collectieve arbeidsovereenkomst
(cao) die is aangemeld bij de minister. Daarmee zijn representatieve partijen benoemd
die een belangrijke rol vervullen bij de vormgeving van arbeidsmarktbeleid en die
verbinding kunnen leggen tussen de landelijke sectorale organisaties en de partijen
op de regionale arbeidsmarkt. In het eerste aanvraagtijdvak is gebleken dat enkele
organisaties zich zien als partij met een vergelijkbare positie als de in de regeling
omschreven organisaties maar niet voldoen aan deze omschrijving. De regeling biedt
geen ruimte om naast de omschreven organisaties andere organisaties in aanmerking
te laten komen voor subsidie. Het is ook niet passend om de regeling met terugwerkende
kracht aan te passen voor het eerste aanvraagtijdvak. Daarmee zouden achteraf alsnog
de spelregels worden aangepast. Organisaties die niet aan de geldende omschrijvingen
voldoen maar wel een aanvraag hebben ingediend in het eerste aanvraagtijdvak zouden
dan, mits zij aan de overige subsidievoorwaarden voldoen, alsnog voor subsidie in
aanmerking kunnen komen, terwijl andere partijen die eveneens niet voldoen aan de
omschrijvingen en daarom geen aanvraag hebben ingediend, niet alsnog een subsidieaanvraag
kunnen indienen. Immers het eerste aanvraagtijdvak is per 1 oktober 2016 gesloten.
Ook zou toekenning kunnen plaatsvinden terwijl andere organisaties die wel aan de
omschrijvingen voldoen dan niet meer een subsidie kunnen krijgen omdat aanvragen op
volgorde van ontvangst worden behandeld.
Aanpassing van de omschrijving voor het tweede aanvraagtijdvak is wel mogelijk. Daarom
worden de omschrijvingen voor dat tijdvak aangepast. Daardoor komen naast verenigingen
van werkgevers en van werknemers ook stichtingen in beeld die vergelijkbaar werkzaam
zijn ten behoeve van werkgevers of werknemers en die, net als deze verenigingen, aangesloten
zijn bij een centrale werkgevers- of werknemersorganisatie als bedoeld in de bijlagen
3 en 4 bij de regeling. Tevens worden toegevoegd bestaande O&O-fondsen die weliswaar
niet zijn opgericht bij een aangemelde cao, maar die verder vergelijkbaar zijn doordat
ze wel paritair bestuurd worden door werkgevers- en werknemersorganisaties die een
cao hebben gesloten en die aangesloten zijn bij een centrale werkgeversorganisatie
respectievelijk werknemersorganisatie.
Publicatie van deze regeling vindt niet alleen plaats in de Staatscourant, maar ook
op de website van het Agentschap SZW, dat met de uitvoering van de regeling is belast.
Artikelsgewijs
Artikel I
Onderdeel A, onder 1
De begripsomschrijving ‘O&O-fonds’ is uitgebreid. Ook een O&O-fonds dat niet is opgericht
in een bij de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangemelde cao kan een
subsidieaanvraag indienen. Vereist is dat het bestuur paritair is samengesteld door
partijen die een cao hebben gesloten. Die partijen dienen aangesloten te zijn bij
een centrale werkgeversorganisatie respectievelijk werknemersorganisatie. De eis dat
het fonds is opgericht voor 1 januari 2016 voorkomt dat subsidie wordt toegekend aan
een fonds dat is opgericht alleen met het oog op deze regeling of nog geen rol van
betekenis heeft vervuld voor dienstverlening aan werkzoekenden of op de arbeidsmarkt.
Onderdeel A, onder 2 en 3
Ook de begripsomschrijvingen van werkgevers- en werknemersorganisatie zijn aangepast.
Als werkgevers- respectievelijk werknemersorganisatie wordt tevens aangemerkt een
stichting die werkzaam is voor werkgevers, respectievelijk werknemers, die is aangesloten
bij een centrale werkgevers- respectievelijk centrale werknemersorganisatie als bedoeld
in de bijlage 3 en 4 bij de regeling.
Onderdeel C
Voorts wordt geregeld dat als bewijs van de aansluiting van een stichting bij een
centrale werkgeversorganisatie, respectievelijk werknemersorganisatie een document
wordt bijgevoegd dat is ondertekend door een centrale organisatie.
Artikel II
Deze wijzigingsregeling treedt in werking de dag na publicatie in de Staatscourant,
zodat de gewijzigde begripsbepalingen van toepassing zijn ten aanzien van subsidieaanvragers
die een subsidieaanvraag indienen in het bij de regeling van de Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid van 31 oktober 2016 opengestelde tweede aanvraagtijdvak.1 Dit aanvraagtijdvak loopt vanaf 28 november 2016, 9.00 uur tot en met 23 december
2016, 17.00 uur. Om zeker te stellen dat de gewijzigde begripsbepalingen van kracht
worden in het tweede aanvraagtijdvak, werkt de wijzigingsregeling zo nodig terug tot
en met de start van dat tijdvak op 28 november 2016.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
L.F. Asscher