Vergunning luchtvaartvertoning Ballonfestival Winsum, Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Datum: 9 september 2016

Nummer: ILT-2016/72655

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gelezen het verzoek om vergunning van 29 juli 2016 van Stichting op Stap, adres: Ubbegalaan 20, 9727 DT Groningen; tel.: +31 (6) 3439 9152; e-mail: harkegroenveld@hotmail.com;

Overwegende dat dit verzoek is getoetst aan het wettelijk kader, gesteld in:

  • artikel 17 van de Luchtvaartwet;

  • artikel 158 van de Regeling Toezicht Luchtvaart;

  • Regeling luchtvaartvertoningen;

  • artikel 5.5, derde lid, van de Wet luchtvaart;

Gezien de verklaring van geen bezwaar van 29 april 2016, kenmerk CvdW/, van de burgemeester van de gemeente Winsum;

BESLUIT:

Artikel 1

De vergunning, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Luchtvaartwet, wordt verleend aan Stichting op Stap, organisator van het Ballonfestival Winsum te Winsum. De heer H.T. Kleinsmit, woonachtig te Joure, zal als vertoningsdirecteur optreden en zal worden bijgestaan door de heer J.B.M. ten Brummelhuis uit Joure.

Artikel 2

  • 1. De vergunning, bedoeld in artikel 1, heeft betrekking op een locatie in de gemeente Winsum, geografische positie 53°19'53.27"NB – 006°30'40.88"OL, nader aangegeven op de bij deze beschikking behorende kaart (gemerkt 'bijlage 1').

  • 2. De vergunning geldt op zaterdag 24 september 2016 van 16.00 uur tot 19.25 uur plaatselijke tijd.

  • 3. Indien de luchtvaartvertoning niet op de in het tweede lid genoemde datum kan worden gehouden, geldt als uitwijkdatum zondag 25 september 2016 van 16.00 tot 19.25 uur plaatselijke tijd.

  • 4. De luchtvaartvertoning kan alleen worden gehouden indien er door gedeputeerde staten van de provincie Groningen voor deze locatie een ontheffing is verleend van het verbod in artikel 8.1a van de Wet luchtvaart om op te stijgen van of te landen op een terrein dat geen luchthaven is.

  • 5. Bij de voorbereiding en uitvoering van de luchtvaartvertoning moet worden voldaan aan de Regeling luchtvaartvertoningen.

  • 6. Er mogen geen vluchten plaatsvinden buiten de uniforme daglichtperiode – zie GEN 2.7 op www.ais-netherlands.nl.

  • 7. De vluchten worden uitgevoerd volgens de zichtvliegvoorschriften behorende bij de desbetreffende luchtruimclassificatie.

  • 8. Het niet-doorgaan of voortijdig beëindigen van de luchtvaartvertoning wordt door de vertoningsdirecteur telefonisch doorgegeven aan de Supervisor van AOCS NM (tel.: 0577 458700), de Inspectie Leefomgeving en Transport (tel.: 070 4563434), de meldkamer van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart (tel.: 020 5025693) en de Operationele Helpdesk van de Luchtverkeersleiding Nederland (tel.: 020 4062201).

Artikel 3

Indien de vaarroute van de deelnemende ballonnen door de Eelde TMA of de CTR van de luchthaven Groningen Airport Eelde gaat, gelden de volgende aanvullende voorwaarden:

  • a. de vluchten worden uitgevoerd volgens de zichtvliegvoorschriften behorende bij de desbetreffende luchtruimclassificatie;

  • b. de vertoningsdirecteur draagt er zorg voor dat via ARO Schiphol een vliegplan wordt ingediend; voor elke groep ballonnen en voor de groep schermvliegtuigen1 volstaat een enkel vliegplan; de vertoningsdirecteur draagt na de landing zorg voor het sluiten van de vliegplannen bij het ARO Schiphol;

  • c. de vluchten kunnen alleen worden uitgevoerd, indien er, na het ingediende vliegplan, een klaring is verkregen van de betrokken plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst;

  • d. als deelnemers in (meerdere) groepen vertrekken, zal de vertoningsdirecteur van het festival zorg dragen voor het aanwijzen van een leider van de groep; een serie ballonnen die tegelijkertijd of binnen een periode van 5 minuten na elkaar start, wordt gezien als een groep; na het verstrijken van deze periode zal een volgende start worden beschouwd als een nieuwe groep met een afzonderlijke leider;

  • e. tijdens het uitvoeren van de vluchten is er een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht tussen de deelnemers aan de luchtvaartvertoning en de betrokken luchtverkeersleidingsdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;

  • f. bij het vertrek van de groep(en) onderhoudt de leider van de groep radiocontact met de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst; alle andere ballonnen in de groep luisteren uit op de frequentie 122.250; opdrachten en klaringen voor de leider van de groep worden via de frequentie 122.250 kenbaar gesteld en gelden voor alle ballonnen in de groep, tenzij uitdrukkelijk anders opgedragen;

  • g. de vertoningsdirecteur stuurt ten minste twee uur vóór aanvang van de ballonvaarten een overzicht van de deelnemende ballonnen per fax aan de Luchtverkeersleiding Nederland; dit overzicht bevat minimaal een opsomming van de registraties van de deelnemende ballonnen; het faxnummer dat voor het versturen van dit overzicht moet worden gebruikt, is 050 3099263;

  • h. de vertoningsdirecteur neemt ten minste één uur vóór aanvang van de luchtvaartvertoning contact op met de dienstdoende luchtverkeersleider; aan de voorwaarden door de dienstdoende luchtverkeersleider gesteld wordt voldaan;

  • i. 15 minuten voor de eerste start neemt de vertoningsdirecteur contact op met de dienstdoende luchtverkeersleider om startinstructies en eventuele restricties te ontvangen; de vertoningsdirecteur geeft vertragingen van meer dan 15 minuten in de voorziene starttijd onmiddellijk telefonisch door aan de dienstdoende luchtverkeersleider;

  • j. deze voorschriften en beperkingen gelden als uitgangspunt voor de vluchten in de Eelde CTR en Eelde TMA; het is aan de dienstdoende luchtverkeersleider om af te wijken van deze voorwaarden in het kader van de handhaving van de veiligheid en de efficiëntie;

  • k. de eerste en de laatste ballon van een groep voeren gedurende de gehele vlucht een geactiveerde Mode S-transponder; hierbij dient de eerste ballon de code 6450 en de laatste ballon de code 6451 te voeren.

Artikel 4

Aan de organisator wordt ontheffing verleend om kabelvliegers op te laten onder de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. de vliegers mogen in afwijking van artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons worden opgelaten tot een hoogte van maximaal 250 meter boven gemiddeld zeeniveau of zoveel lager dat onder de laagste bewolking, inclusief flarden, wordt gebleven;

  • b. de vliegers mogen worden opgelaten binnen de periode, genoemd in artikel 2, tweede en derde lid;

  • c. de vliegers mogen alleen tot een hoogte van meer dan 100 meter worden opgelaten wanneer het grondzicht 5 kilometer of meer bedraagt;

  • d. aanwijzingen van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, of de Inspectie Leefomgeving en Transport in het kader van de veiligheid van het luchtverkeer moeten worden nagekomen;

  • e. de vertoningsdirecteur neemt minimaal vijf werkdagen voorafgaand aan de vlucht contact op met de Operationele Helpdesk van de Luchtverkeersleiding Nederland voor het aanvragen van een Notice to Airmen (NOTAM) vanwege de activiteit met kabelvliegers. Hierbij worden de exacte locatie, hoogte alsmede het exacte tijdstip van oplaten van de kabelvliegers opgegeven.

Artikel 5

Voor het gebruik van gemotoriseerde schermvliegtuigen2 gelden de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. de locatie waar vandaan wordt gestart en waar wordt geland, voldoet aan de eisen zoals opgenomen in de Regeling Veilig Gebruik Luchthavens en Andere Terreinen, hoofdstuk 3;

  • b. er wordt niet gevlogen boven mensenverzamelingen.

Artikel 6

Deelnemers met een categorie B-demonstratietoestel als bedoeld in de Regeling luchtvaartvertoningen zijn uitgezonderd van de toepassing van artikel 18 van die regeling.

Artikel 7

De luchtvaartvertoning bestaat uit de onderdelen, vermeld in het programmaoverzicht dat als bijlage 2 bij deze beschikking is opgenomen.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van 24 september 2016 en vervalt met ingang van 26 september 2016. Het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften en beperkingen, genoemd in de artikelen 2 tot en met 5, kan aanleiding zijn de in deze beschikking bedoelde toestemming direct in te trekken.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, M. van Velzen Senior Inspecteur

Bezwaarmogelijkheid

Indien u het niet eens bent met deze vergunning, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze vergunning is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

Is er sprake van onverwijlde spoed? Dan kunt u de rechtbank van uw woonplaats verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen.

Meer informatie over de voorlopige voorziening vindt u op www.rechtspraak.nl.

BIJLAGE 1:

BIJLAGE 2:

Programma

  • Opbouw en opstijging van maximaal 15 heteluchtballonnen op zaterdag 24 september 2016 van 16.00 uur tot 19.25 uur LT, met als uitwijkdatum zondag 25 september 2016 van 16.00 uur tot 19.25 uur LT;

  • Oplaten van maximaal 20 kabelvliegers tot een hoogte van maximaal 250 meter;

  • Demonstratie met gemotoriseerde schermvliegtuigen3;

  • Demonstratie modelhelikopters.


X Noot
1

Schermvliegtuig

Zweeftoestel zonder starre hoofdstructuur, dat kan worden gedragen en slechts gestart en geland kan worden door gebruik te maken van de benen van de bestuurder.

X Noot
2

Schermvliegtuig

Zweeftoestel zonder starre hoofdstructuur, dat kan worden gedragen en slechts gestart en geland kan worden door gebruik te maken van de benen van de bestuurder.

X Noot
3

Schermvliegtuig

Zweeftoestel zonder starre hoofdstructuur, dat kan worden gedragen en slechts gestart en geland kan worden door gebruik te maken van de benen van de bestuurder.

Naar boven