Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken | Staatscourant 2016, 4809 | Vergunningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Economische Zaken | Staatscourant 2016, 4809 | Vergunningen |
30 april 2015
DGETM/EM/15005981
Procesverloop:
– TAQA Offshore B.V. (hierna: TAQA) is houder van de bij besluit van 19 juli 2013, met kenmerk DGETM-EM/12055804 (Staatscourant 2013, nummer 21233) verleende vergunning voor het permanent opslaan van CO2 in het voorkomen P18-4 gelegen in het blok P18, van het continentaal plat, welk blok is aangegeven op de als bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling gevoegde kaart;
– TAQA heeft bij brieven van 24 september 2014 en 12 november 2014 een aanvraag ingediend om wijziging van de – bij besluit van 19 juli 2013 met kenmerk DGETM-EM/12055804 – verleende vergunning voor het permanent opslaan van CO2 in het voorkomen P18-4 gelegen in het blok P18.
Overwegingen met betrekking tot het besluit:
– de aanvraag wordt als volgt begrepen dat de vergunninghouder vraagt om uitstel van de datum van inwerkingtreding van de verleende vergunning voor de opslag van CO2, zoals is voorgeschreven in artikel 5 van het besluit van 19 juli 2013 met kenmerk DGETM-EM/12055804. TAQA verzoekt het tijdvak voor het permanent opslaan van CO2 en andere stoffen, die direct met de afvang, het transport en de opslag van CO2 samenhangen, uiterlijk 1 januari 2021 te laten aanvangen in plaats van 1 januari 2018. Het in artikel 5 van het besluit van 19 juli 2013 met kenmerk DGETM-EM/12055804 voorgeschreven tijdvak van injectie blijft ongewijzigd, te weten maximaal 8 jaar. De reden van het gevraagde uitstel is gelegen in het feit dat de gaswinning uit het voorkomen P18-4 in blok P18 nog niet is beëindigd;
– voorts wordt de aanvraag als volgt begrepen dat de vergunninghouder vraagt om wijziging van hetgeen is voorgeschreven in artikel 16 van het besluit van 19 juli 2013 met kenmerk DGETM-EM/12055804 omtrent de door TAQA te stellen financiële zekerheid. Verzocht is om dit artikel 16 aan te vullen, waarbij de beoogde vorm waarin de financiële zekerheid wordt gesteld, uiterlijk 6 maanden voor aanvang van de injectie van CO2 door de vergunninghouder wordt ingediend ter goedkeuring van de Minister van Economische Zaken. Artikel 31d, eerste lid, onderdeel n, van de Mijnbouwwet stelt regels voor de financiële zekerheid. De artikelen 29j, 29k, 29l en 29m, van het Mijnbouwbesluit bevatten in dit kader nadere regels;
– op grond van artikel 18, eerste lid, van de Mijnbouwwet kan de Minister van Economische Zaken, onverminderd artikel 32c, van de Mijnbouwwet, in samenhang met artikel 31e, onder 2, van de Mijnbouwwet, een vergunning slechts op aanvraag van de houder wijzigen. Met de aanvraag van TAQA om wijziging van de bij besluit van de Minister van Economische Zaken verleende vergunning voor het permanent opslaan van met kenmerk DGETM-EM/12055804 is hieraan voldaan.
Gelet op artikel 18, derde lid en artikel 31e, onder 2, van de Mijnbouwwet.
Besluit:
De tekst van ARTIKEL I, artikel 5, van het besluit met kenmerk DGETM-EM/12055804 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tijdvak van injectie vangt uiterlijk 1 januari 2021 aan. Het tijdvak van injectie bedraagt maximaal 8 jaar.
De tekst van ARTIKEL I, artikel 16, van het besluit met kenmerk DGETM-EM/12055804 wordt vervangen door de volgende tekst:
1. De vergunninghouder geeft voorafgaande aan de injectie van CO2 financiële zekerheid voor de looptijd van de opslagvergunning, die door de Minister van Economische Zaken wordt aanvaard. De zekerheid wordt op zodanige wijze gesteld dat de Staat der Nederlandsen onder alle omstandigheden in staat is de in de zekerheid aanwezige gelden zelfstandig zonder medewerking van de vergunninghouder, de voormalige vergunninghouder, of derden aan te wenden voor de nakoming van de uit de vergunning voortvloeiende verplichtingen, waaronder de verplichting tot het werven van emissierechten ingeval van lekkage van CO2, indien de vergunninghouder of de voormalige vergunninghouder deze verplichtingen zelf niet nakomt en ongeacht de vraag of de vergunning of de vergunninghouder nog bestaat, insolvent is of in staat van faillissement verkeert.
2. Het bedrag waarvoor zekerheid vanaf het moment van eerste injectie van CO2 wordt gegeven, is:
– in het eerste jaar na aanvang van injectie: € 65,9 mln., waarvan € 0,9 mln. voor emissierechten;
– in het tweede jaar na aanvang van injectie: € 64,6 mln., waarvan € 1,8 mln. voor emissierechten;
– in het derde jaar na aanvang van injectie: € 64,4 mln., waarvan € 2,7 mln. voor emissierechten;
– in het vierde jaar na aanvang van injectie: € 64,3 mln., waarvan € 3,6 mln. voor emissierechten;
– in het vijfde jaar na aanvang van injectie: € 52,1 mln., waarvan € 4,4 mln. voor emissierechten.
3. De bedragen genoemd in het tweede lid, exclusief emissierechten, zijn gebaseerd op het prijspeil op 1 januari 2011. Deze bedragen worden aangepast aan de inflatie op basis van het prijspeil op 1 januari van het betreffende kalenderjaar; hiervoor wordt gehanteerd het indexcijfer CBS, producentenprijzen, SBI 2008, afzet, C Industrie Totaal.
4. De vorm waarin de financiële zekerheid wordt gesteld, wordt uiterlijk zes maanden voor aanvang van de injectie van CO2 door de vergunninghouder toegezonden aan de Minister van Economische Zaken en behoeft zijn goedkeuring.
De tekst van ARTIKEL III van het besluit met kenmerk DGETM-EM/12055804 wordt vervangen door de volgende tekst:
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de laatste goedkeuring als bedoeld in ARTIKEL I, onder artikel 10, eerste lid, artikel 11, eerste lid, artikel 12, eerste lid, artikel 13, eerste lid en artikel 16, vierde lid, van dit besluit.
Dit besluit wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van dit besluit wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
De Minister van Economische Zaken, namens deze: J.H. Brouwer wnd. plv. directeur Energiemarkt
Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na de dag waarop dit besluit is verzonden een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2016-4809.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.