Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rijkswaterstaat | Staatscourant 2016, 45476 | Vergunningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rijkswaterstaat | Staatscourant 2016, 45476 | Vergunningen |
De Minister van Infrastructuur en Milieu maakt bekend dat door de betrokken bevoegd gezagsinstanties besluiten zijn genomen voor Stroomlijn, deelgebied 5, tranche 3. De betreffende besluiten en bevoegde gezagsinstanties zijn hieronder nader aangeduid. Stroomlijn deelgebied 5 maakt onderdeel uit van het landelijke Rijkswaterstaat-programma Stroomlijn. Op de voorbereiding en bekendmaking van deze besluiten is de Rijkscoördinatieregeling van toepassing.
De ontwerpbesluiten hebben voor eenieder ter inzage gelegen van donderdag 26 mei 2016 tot en met woensdag 6 juli 2016. Binnen deze zes weken bestond de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen. Er zijn 6 zienswijzen ingediend met betrekking tot de voorgenomen maatregelen. De in deze periode ingediende zienswijzen hebben geleid tot wijzigingen in de besluiten. Ook zijn in de besluiten een aantal ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Voor de beantwoording van de zienswijzen en de beschrijving van de ambtshalve wijzigingen wordt verwezen naar de “Reactienota Stroomlijn Deelgebied 5 tranche 3” die met de definitieve besluiten ter inzage is gelegd.
Rijkswaterstaat werkt – vanuit het Programma Stroomlijn – aan het onderhoud van de begroeiing in de uiterwaarden. Het regent vaker en harder. Daardoor krijgen de Nederlandse rivieren en uiterwaarden vaker te maken met hoog water. Bij hoogwater, als het water ook door de uiterwaarden stroomt, kunnen begroeiing en ophopend vuil daarin de doorstroming van het water belemmeren. Dit veroorzaakt een nog hoger waterpeil en vergroot het risico op overstromingen. Goed beheer en onderhoud van de begroeiing in de uiterwaarden is daarom erg belangrijk voor de hoogwaterveiligheid.
Rijkswaterstaat heeft de afgelopen jaren onderzocht op welke plekken het water bij hoogwater het hardst door de uiterwaarden stroomt (de zogenoemde ‘stroombaan’) en vastgesteld welke begroeiing de doorstroming het meest belemmert. Het voornemen van Rijkswaterstaat is om – na een zorgvuldige afweging van belangen – zoveel mogelijk bomen en struiken uit de stroombaan van de rivier te verwijderen. Zo kan het vele rivierwater ook via de uiterwaarden ongehinderd naar zee stromen.
Er vinden geen grootschalig grondverzet en bodemroeringen plaats. Bij het rooien van de houtopstanden worden de stobben gefreesd tot een maximale diepte van 30 centimeter.
Meer informatie over het Programma Stroomlijn vindt u op: www.rws.nl/stroomlijn.
De besluiten, voor deelgebied 5 tranche 3, betreffen werkzaamheden in 33 uiterwaarden, verspreid over 14 gemeenten. Voor de exacte locaties van de werkzaamheden wordt verwezen naar het bij de besluiten ter inzage liggende kaartmateriaal.
Het Programma Stroomlijn omvat het verwijderen van begroeiing in de stroombaan van de rivier. Om dit te kunnen doen, moet op grond van de Waterwet een projectplan worden opgesteld. In het projectplan wordt de complete ingreep voor deelgebied 5, tranche 3 beoordeeld. Het betreffende projectplan vormt daarmee het overkoepelend juridisch kader voor de werkzaamheden.
Om de werkzaamheden in het kader van het Programma Stroomlijn te kunnen uitvoeren, is voor 27 uiterwaarden een vergunning vereist op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.
Om de werkzaamheden in het kader van het Programma Stroomlijn te kunnen uitvoeren, is voor 27 uiterwaarden een ontheffing vereist op grond van de Flora- en faunawet.
Om de werkzaamheden in het kader van het Programma Stroomlijn te kunnen uitvoeren, is voor 6 uiterwaarden een watervergunning vereist op grond van de Keur van Waterschap Rijn en IJssel en Waterschap Vallei en Veluwe.
Als een bestemmingsplan voor een uiterwaard een verbod bevat voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden, dan is een omgevingsvergunning nodig om hier werkzaamheden te kunnen uitvoeren (artikel 2.1 lid 1 onder b Wabo). Om die reden zijn omgevingsvergunningen vereist.
Als een bepaling in een gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing vereist om een houtopstand te vellen, dan geldt dit als een verbod om een project dat uit die activiteiten bestaat, uit te voeren zonder omgevingsvergunning (artikel 2.2 lid 1 onder g Wabo). Met andere woorden: wanneer een boom in een uiterwaard door een kapverordening wordt beschermd, is voor het kappen een omgevingsvergunning nodig. Om die reden zijn omgevingsvergunningen vereist.
1. Projectplan op grond van de Waterwet van de Minister van Infrastructuur en Milieu met bijbehorende stukken, waaronder het m.e.r.-beoordelingsbesluit t.b.v. de uiterwaarden Bronkhorster waarden en Olburgsewaard (gemeente Bronckhorst), Brummensche waarden en Cortenoever (gemeente Brummen), De Wilpsche Klei en Teugse en veenoord kolken (gemeente Deventer), Vaalwaard (gemeente Doesburg), Gelderdijksche waard en Hoenwaard (gemeente Hattem), Marlerwaarden en Veessen waarden (gemeente Heerde), Bentinckswellen, De Naters, Haatland, Ketelpolder, Koppelerwaard en Onderdijkse waard (gemeente Kampen), Epse waarden, Middelwaard, Ravenswaarden en Rijsselsche waarden (gemeente Lochem), Hengforder waarden, Herxer waarden, Olster waarden, Welsumer waarden, Wijher buitenwaarden (gemeente Olst-Wijhe), Brummensche waarden en Havikerwaard (gemeente Rheden), De Wilpsche Klei, Nijenbeker Klei, Rammelwaard en Terwolder Dorpenwaarden (gemeente Voorst), Vaalwaard (gemeente Zevenaar), Stokebrandswaard (gemeente Zutphen), Harculose waarden en Oldeneler waarden (gemeente Zwolle).
2. Vergunning op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 van de Staatssecretaris van Economische Zaken met bijbehorende stukken t.b.v. de uiterwaarden als genoemd bij het projectplan op grond van de Waterwet met uitzondering van Hoenwaard (gemeente Hattem), Ketelpolder, Koppelerwaard en Onderdijkse waard (gemeente Kampen), Rijsselsche waarden (gemeente Lochem), Oldeneler waarden (gemeente Zwolle).
3. Ontheffing op grond van de Flora- en faunawet van de Staatssecretaris van Economische Zaken met bijbehorende stukken t.b.v. dezelfde uiterwaarden als de vergunning op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.
4. Watervergunning op grond van de Keur van het Waterschap Rijn en IJssel met bijbehorende stukken t.b.v. uiterwaarden Bronkhorster waarden (gemeente Bronckhorst), Ravenswaarden (gemeente Lochem), Havikerwaard (gemeente Rheden) en Stokebrandswaard (gemeente Zutphen).
5. Watervergunning op grond van de Keur van het Waterschap Vallei en Veluwe met bijbehorende stukken t.b.v. uiterwaarden Veessen waarden (gemeente Heerde) en De Wilpsche Klei (gemeente Voorst).
6. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Bronkhorster waarden en Olburgsewaard van het college van B&W van de gemeente Bronckhorst met bijbehorende stukken.
7. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Brummensche waarden en Cortenoever van het college van B&W van de gemeente Brummen met bijbehorende stukken.
8. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden De Wilpsche Klei en Teugse en veenoord kolken van het college van B&W van de gemeente Deventer met bijbehorende stukken.
9. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Gelderdijksche waard en Hoenwaard van het college van B&W van de gemeente Hattem met bijbehorende stukken.
10. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Marlerwaarden en Veessen waarden van het college van B&W van de gemeente Heerde met bijbehorende stukken.
11. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Bentinckswellen, De Naters, Haatland, Ketelpolder en Koppelerwaard van het college van B&W van de gemeente Kampen met bijbehorende stukken.
12. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Epse waarden, Middelwaard, Ravenswaarden en Rijsselsche waarden van het college van B&W van de gemeente Lochem met bijbehorende stukken.
13. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Hengforder waarden, Herxer waarden, Olster waarden, Welsumer waarden, Wijher buitenwaarden van het college van B&W van de gemeente Olst-Wijhe met bijbehorende stukken.
14. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Brummensche waarden en Havikerwaard van het college van B&W van de gemeente Rheden met bijbehorende stukken.
15. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden De Wilpsche Klei en Terwolder Dorpenwaarden van het college van B&W van de gemeente Voorst met bijbehorende stukken.
16. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaard Stokebrandswaard van het college van B&W van de gemeente Zutphen met bijbehorende stukken.
17. Omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de activiteiten ‘werken of werkzaamheden’ en/of 'vellen van houtopstand' t.b.v. de uiterwaarden Harculose waarden en Oldeneler waarden van het college van B&W van de gemeente Zwolle met bijbehorende stukken.
Van woensdag 31 augustus 2016 tot en met woensdag 12 oktober 2016 liggen de besluiten ter inzage samen met de daarop betrekking hebbende stukken, inclusief de aanvraag. U kunt de betreffende documenten tijdens de gebruikelijke openingsuren en/of op afspraak inzien op de volgende locaties:
• Gemeentehuis Bronckhorst, Elderinkweg 2, 7255 KA Hengelo (Gld)
• Gemeentehuis Brummen, Engelenburgerlaan 31, 6971 BV Brummen
• Stadhuis Deventer, Grote Kerkhof 1, 7411 KT Deventer
• Stadhuis Doesburg, Philippus Gastelaarsstraat 2, 6981 BH Doesburg
• Stadhuis Hattem, Markt 1, 8051 EZ Hattem
• Publiekscentrum gemeente Heerde, Eperweg 5, 8181 ET Heerde
• Stadhuis Kampen, burgemeester Berghuisplein 1, 8261 DD Kampen
• Gemeentehuis Lochem Hanzeweg 8, 7241 CR Lochem
• Gemeentehuis Olst-Wijhe, Raadhuisplein 1, 8131 BN Wijhe
• Gemeentehuis Rheden, Hoofdstraat 3, 6994 AB De Steeg
• Gemeentehuis Voorst, H.W. Iordensweg 17, 7391 KA Twello
• Gemeentehuis Zevenaar, Kerkstraat 27, 6901 AA Zevenaar
• Gemeentehuis Zutphen, 's Gravenhof 2, 7201 DN Zutphen
• Stadskantoor Zwolle, Lübeckplein 2, 8017 JZ Zwolle
De besluiten met bijbehorende stukken, inclusief de aanvragen en de reactienota, kunt u ook inzien via www.coordinatiestroomlijn.nl, onder Deelgebied 5, Tranche 3, Definitieve besluiten.
Belanghebbenden die hun zienswijze op het ontwerpbesluit tijdig naar voren hebben gebracht en belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten dat zij geen zienswijze naar voren hebben gebracht, bijvoorbeeld in het geval er bij de definitieve vaststelling van de besluiten wijzigingen zijn doorgevoerd ten opzichte van de ontwerpbesluiten, kunnen van donderdag 1 september 2016 tot en met woensdag 12 oktober 2016 beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State door het indienen van een beroepschrift.
Het ondertekende beroepschrift dient ten minste te bevatten:
a) uw naam en adres;
b) de dagtekening;
c) een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht;
d) de redenen waarom u zich niet met het besluit kunt verenigen.
Stuur uw beroepschrift en zo mogelijk een afschrift van het besluit, waartegen uw beroep is gericht, onder vermelding van de naam van het besluit naar:
Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State
Postbus 20019, 2500 EA Den Haag
De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist in enige instantie over ingestelde beroepen.
Op het besluit is afdeling 2 van hoofdstuk 1 van de Crisis- en herstelwet (Chw) van toepassing. Dit heeft onder meer tot gevolg dat de beroepsgronden in het beroepschrift moeten worden opgenomen, een beroep niet ontvankelijk wordt verklaard indien binnen de beroepstermijn geen beroepsgronden zijn ingediend en de beroepsgronden na afloop van de beroepstermijn niet meer kunnen worden aangevuld. Dit betekent onder andere dat het indienen van een zogenaamd “pro forma” beroepschrift niet mogelijk is. Geef in het beroepschrift aan dat de Crisis- en herstelwet van toepassing is.
Het instellen van beroep schorst de werking van een besluit niet. Indien beroep is ingesteld, kan een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening, bijvoorbeeld inhoudende een schorsing van het besluit. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Bij het verzoek moet een afschrift van het beroepschrift worden overgelegd.
Voor het indienen van een beroepschrift of een verzoekschrift om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2016-45476.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.