Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Milieu | Staatscourant 2016, 43439 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Infrastructuur en Milieu | Staatscourant 2016, 43439 | Ontheffingen |
Datum: 10 augustus 2016
Nummer: ILT-2016/65918
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;
Gezien het verzoek om ontheffing van 27 juni 2016 van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen, adres: Gulledelle 100, 1200 Brussel, België; telefoonnummer: +32 476 940408; e-mail: wvanroy@naturalsciences.be;
Overwegende dat het doel van de vlucht is het, in opdracht van de Inspectie Leefomgeving en Transport, afdeling Scheepvaart, uitvoeren van patrouillevluchten op het scheepvaartverkeer boven de Noordzee;
Gelet op artikel 18, tweede lid, en artikel 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014;
BESLUIT:
Deze beschikking is van toepassing op het vliegtuig van het type Britten-Norman BN-2A-21 Islander met registratie OO-MMM, of een vergelijkbaar vervangend vliegtuig in gebruik bij het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen, waarmee de VFR-vluchten op een hoogte van minimaal 150 ft AMSL boven de Noordzee worden uitgevoerd in het gebied voor zover het gaat om de FIR Amsterdam.
Aan de gezagvoerder van het in artikel 1 genoemde luchtvaartuig wordt van 10 augustus 2016 tot en met 31 december 2016 ontheffing verleend van het verbod, genoemd in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012, om VFR-vluchten uit te voeren boven water, beneden de minimum VFR-vlieghoogte, gedurende de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de in artikel 26, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van het Besluit luchtverkeer 2014, bedoelde luchtvaartgids met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:
a. de gezagvoerder is in het bezit van een geldig CPL of ATPL;
b. de minimum toegestane vlieghoogte bedraagt 150 ft AMSL, doch ten minste 100 ft boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 m van het luchtvaartuig;
c. de vliegroute, vlieghoogte en vliegsnelheid worden zodanig gekozen dat:
1°. overlast aan derden zoveel mogelijk wordt vermeden;
2°. ingeval van een noodlanding het risico voor inzittenden en derden zoveel mogelijk wordt beperkt;
d. er wordt niet beneden de minimale vlieghoogte gevlogen buiten de daglichtperiode;
e. vluchten worden uitgevoerd in overeenstemming met de verleende opdracht van de opdrachtgever;
f. de vluchten beneden de minimum VFR-vlieghoogte vinden uitsluitend plaats binnen de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de luchtvaartgids;
g. er wordt niet bij voortduring laaggevlogen, doch slechts gedurende de periode dat dit voor het daadwerkelijk uitvoeren van de patrouillevluchten noodzakelijk is;
h. vóór en ná de vlucht is de opdracht van de opdrachtgever ter inzage aanwezig zodat deze kan worden gecontroleerd door de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, of de Inspectie Leefomgeving en Transport, afdeling Luchtvaart;
i. er worden geen passagiers vervoerd tijdens de vlucht, anders dan benodigd voor het uitvoeren van de patrouille;
j. voor de inzittenden zijn voldoende zwemvesten en reddingsmiddelen aanwezig;
k. tijdens het uitvoeren van de vlucht is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersleidingsdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;
l. vóór de aanvang van de vlucht worden ingelicht:
de meldkamer van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart (tel. +31 20 5025693 of fax: +31 20 5025699 of e-mail: dlvplvt@klpd.politie.nl) en ILT (e-mail: aviation-approvals@ilent.nl), waarbij de volgende gegevens worden verstrekt:
1°. de naam (namen) van de gezagvoerder(s), de registratie en het model/type;
2°. de route en de periode van de voorgenomen vlucht;
3°. het nummer van deze beschikking;
m. vóór de vluchten wordt tijdig een vliegplan ingediend; hiervoor dient men een uur vóór aanvang van de vlucht te coördineren met de Operationele Helpdesk, tel.: + 31 20 4062201 (0700 1700 LT); fax: 020 4063672; e-mail: ops_helpdesk@lvnl.nl; aan de voorwaarden door hen gesteld, wordt strikt de hand gehouden.
Aan de gezagvoerder van het in artikel 1 genoemde luchtvaartuig wordt van 10 augustus 2016 tot en met 31 december 2016 ontheffing verleend van het verbod van artikel 18, eerste lid, van het Besluit luchtverkeer 2014 tot het uitvoeren van VFR-vluchten buiten de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de in artikel 26, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van het Besluit luchtverkeer 2014, bedoelde luchtvaartgids, met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:
a. voor het uitvoeren van de vlucht is het luchtvaartuig uitgerust met de instrumenten die zijn vereist voor IFR-vluchten, aangevuld met verlichting van instrumenten en installaties, navigatielichten, een landingslichtinstallatie, verlichting in de passagiersruimte en een elektrische zaklantaarn voor ieder lid van het stuurhutpersoneel;
b. de gezagvoerder beschikt over een geldige CPL met bevoegdverklaring IR;
c. de vluchten worden uitgevoerd als een gecontroleerde VFR-vlucht;
d. er wordt niet beneden de minimale vlieghoogte gevlogen buiten de daglichtperiode;
e. het vliegzicht bedraagt ten minste 5 km en de afstand van het luchtvaartuig tot de wolken is groter dan 1.500 meter horizontaal en 450 meter verticaal;
f. tijdens het vliegen wordt het programma dat vooraf aan LVNL wordt doorgegeven, nageleefd, tenzij een afwijkende klaring is verkregen.
Aan de gezagvoerder van het luchtvaartuig dat de in artikel 1 genoemde vluchten uitvoert, wordt door de betrokken luchtverkeersleidingsdienst een afwijkende klaring als bedoeld in paragraaf SERA.8020, onderdeel (a), van verordening (EU) nr. 923/2012 verstrekt. Deze klaring wordt verstrekt voor het afwijken van luchtverkeersroutes als bedoeld in artikel 3 van de Regeling luchtverkeersdienstverlening, indien de luchtverkeerssituatie dit toelaat, mits de volgende voorschriften in acht worden genomen:
a. voor deze vluchten wordt de procedure gevolgd voor ‘Survey projects’, zoals die is gepubliceerd op de site van de Operationele Helpdesk LVNL: http://www.lvnl-ohd.nl/;
b. vóór aanvang van een vlucht worden de volgende gegevens ter informatie naar aviation-approvals@ilent.nl gestuurd:
– de gegevens van de opdrachtgever en contactpersoon;
– het maatschappelijk belang van de opdracht;
– een specificatie van het te vliegen gebied (geen algemene omschrijving);
– de gewenste vlieghoogten;
– de tijdsduur van opdracht;
– de periode waarbinnen opdracht moet zijn gevlogen;
– het door de Operationele Helpdesk LVNL verstrekte projectformulier;
c. de aanvraag wordt pas door de Operationele Helpdesk LVNL in behandeling genomen wanneer deze vergezeld gaat van een ondertekende opdracht(verklaring); deze ondertekende opdracht bevat minimaal de informatie, genoemd in onderdeel b; voor het invullen van deze gegevens is een formulier beschikbaar; dit formulier is op te vragen bij de Operationele Helpdesk LVNL;
d. indien luchtverkeerstechnische redenen daartoe noodzaken, kan de betrokken luchtverkeersleidingsdienst de vlucht doen uitstellen, dan wel annuleren.
1. De aanvrager draagt er zorg voor dat de gezagvoerder en waarnemer bekend zijn met de inhoud van deze beschikking.
2. Overtreding van de voorschriften van deze beschikking is een strafbaar feit.
3. Bij het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften en beperkingen, genoemd in de artikelen 2 en 3, kan dat aanleiding zijn deze beschikking in te trekken.
De aanvrager voert bij de voorbereiding van elk project een veiligheidsanalyse uit. Daarbij wordt in kaart gebracht welke risico’s er zijn als gevolg van het uitvoeren van VFR-vluchten beneden de minimum VFR-vlieghoogte boven het water. Vervolgens worden risicobeperkende maatregelen in kaart gebracht en toegepast, zodanig dat de vlucht op een verantwoorde wijze kan worden uitgevoerd.
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, M. van Velzen Senior Inspecteur
Bezwaarmogelijkheid
Indien u het niet eens bent met deze vergunning, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze vergunning is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.
Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
– de naam en het adres van de indiener;
– de dagtekening;
– een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;
– de gronden van het bezwaar.
Het bezwaarschrift kunt u richten aan:
Inspectie Leefomgeving en Transport
Postbus 16191
2500 BD Den Haag
Is er sprake van onverwijlde spoed? Dan kunt u de rechtbank van uw woonplaats verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen.
Meer informatie over de voorlopige voorziening vindt u op www.rechtspraak.nl.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2016-43439.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.