Verkeersmaatregel Meerssenerweg

Logo Maastricht

Ruimte / Mobiliteit / 2016-19997

Gemeente Maastricht

Overwegingen ten aanzien van het besluit

Overwegende, dat de Meerssenerweg een gebiedsontsluitingsweg is:

dat ter hoogte van de Meerssenerweg 83 een laad- en losgelegenheid is ten behoeve van de ondernemer die daar gehuisvest is;

dat deze ondernemer daar niet meer gevestigd is;

dat het daarom gewenst is de laad- en losplaats op te heffen;

dat er nabij Meerssenerweg 83 een electrohuisje aanwezig is;

dat het gewenst is om het parkeervak afgekruist te laten in verband met de bereikbaarheid van het electrohuisje;

dat bovengenoemde maatregel wordt genomen om de bruikbaarheid van de weg en de vrijheid van het verkeer te waarborgen;

dat plaatsing van de in dit besluit genoemde verkeerstekens geschiedt zoals weergegeven op de tekening;

dat betreffende straat in beheer en onderhoud is bij de gemeente Maastricht;

dat te nemen verkeersmaatregelen besproken zijn met de Districtchef van politiedistrict Maastricht;

gelet op het bepaalde in de artikelen 15 en 18 van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 12 van het “Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer” en paragraaf 4 van de Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens;

BESLUITEN

  • 1.

    in te trekken het bepaalde ten aanzien van de Meerssenerweg in hun besluit van 20 januari 2014, Ruimte / Mobiliteit en Milieu / 2014-02425;

  • 2.

    door het verwijderen van het bord E7 van Bijlage I van het RVV 1990, de laad- en losplaats ter hoogte van de Meerssenerweg 83 op te heffen;

  • 3.

    door het in stand houden van de borden B1 en B6 van Bijlage I van het RVV 1990 aan te wijzen als voorrangsweg de Meerssenerweg uitgezonderd:

    • -

      de oostelijke ventweg voor zover gelegen tussen de Kasteel Aldengoorstraat en een punt gelegen op 40 meter van de Kasteel Ehrensteinstraat;

    • -

      de aansluiting met de Viaductweg;

  • 4.

    door het in stand houden van de borden C2, C3 en C4 van Bijlage I van het RVV 1990 de aan de oostzijde van de Meerssenerweg gelegen parallelweg aan te wijzen als eenrichtingsweg:

    • -

      het deel vanaf de Scharnerweg tot aan de Professor Roeorschstraat, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in de richting van de Scharnerweg;

    • -

      het deel vanaf het Kemenadeplein tot aan het Miradorplein, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in de richting van het Kemenadeplein;

    • -

      het deel vanaf het Miradorplein tot aan Meerssernerweg 5a, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in de richting van het Miradorplein;

    • -

      het deel vanaf de Generaal Simpsonstraat tot aan de Kolonel Millerstraat, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in de richting van de Generaal Corlettstraat;

    • -

      het deel vanaf de Kasteel Aldengoorstraat tot aan de rotonde Meerssenerweg/Kemenadeplein, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in de richting van de Kasteel Aldengoorstraat;

    • -

      het parkeerterrein bij het station, gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee in noordelijke richting;

  • 5.

    door het in stand houden van de borden C7 (zone) van Bijlage I van het RVV 1990 met onderbord “milieuzone” en “uitgezonderd ontheffinghouders” de Meerssenerweg voor het gedeelte tussen de Limmelderweg en het Miradorplein gesloten te verklaren voor alle vrachtauto’s, met uitzondering van vrachtauto’s die voldoen aan de regels van de milieuzone en ontheffinghouders;

  • 6.

    door het in stand houden van de borden D1 en B6 van Bijlage I en haaientanden de rotonde op de kruising Meerssenerweg en het Kemenadeplein aan te wijzen als rotonde met dien verstande dat het verkeer op de rotonde voorrang heeft en de rijrichting volgt die het bord aangeeft;

  • 7.

    door het in stand houden van de borden D2 van Bijlage I van het RVV 1990 op de middengeleiders op de Meerssenerweg te verbieden voor alle verkeer, behalve voetgangers, deze middengeleider voorbij te rijden of te gaan aan de andere zijde dan de pijl aangeeft;

  • 8.

    door het in stand houden van de borden E3 van Bijlage I van het RVV1990 aan te geven dat buiten de fietsenstalling bij het station een verbod geldt voor het plaatsen van fietsen en bromfietsen;

  • 9.

    door het in stand houden van de borden E4 van Bijlage I van het RVV 1990 en onderborden met de tekst “max. 30 min.” en “parkeerschijf verplicht” aan te geven dat er een maximum parkeerduur geldt van 30 minuten voor de parkeerplaatsen op het parkeerterrein bij het station;

  • 10.

    door het in stand houden van het bord E6 van Bijlage I van het RVV 1990 een parkeerplaats op het parkeerterrein bij het station aan te wijzen als algemene gehandicaptenparkeerplaats;

  • 11.

    door het in stand houden van de borden E6 van Bijlage I van het RVV 1990 en onderborden als bedoeld in artikel 8 van het BABW aan te wijzen als individuele gehandicaptenparkeerplaats als bedoeld in artikel 26 lid c van het RVV 1990:

    • -

      een parkeerplaats nabij pand Meerssenerweg 155;

  • 12.

    door het in stand houden van de borden G7 van Bijlage I van het RVV 1990 aan te wijzen als voetpad het pad in het park tegenover het station;

  • 13.

    door het in stand houden van het bord G11 van Bijlage I van het RVV 1990 aan te wijzen als verplicht fietspad:

    • -

      het vrijliggende pad ten westen van de Meerssenerweg vanaf de Professor Moserstraat tot aan de Scharnerweg;

    • -

      het vrijliggende pad ten oosten van de Meerssenerweg vanaf de Professor Roerschstraat tot aan het Thorbeckeplantsoen;

  • 14.

    door het in stand houden van de borden G12a van Bijlage I van het RVV 1990 aan te wijzen als verplicht fiets/bromfietspad:

    • -

      het vrijliggende pad ter hoogte van de Kasteel Bleienbeekstraat;

    • -

      het vrijliggende pad ter hoogte van de Kasteel Liebeekstraat;

  • 15.

    door het in stand houden van de borden L3 van Bijlage I van het RVV 1990 de haltes langs de Meersssenerweg aan te wijzen als bushaltes:

    • -

      ter hoogte van het station;

    • -

      ter hoogte van de Generaal Corlettstraat;

    • -

      ter hoogte van Meerssenerweg 105;

    • -

      ter hoogte van Meerssenerweg 83a;

    • -

      ter hoogte van Kasteel Holtmeulenstraat;

    • -

      ter hoogte van het Kemenadeplein;

    • -

      ter hoogte van het Miradorplein;

  • 16.

    door het in stand houden van de zebramarkering aan te wijzen als voetgangersoversteekplaats, als bedoeld in artikel 49 van het RVV 1990 de oversteekplaats:

    • -

      gelegen op de Meerssenerweg ten noorden van de aansluiting met de Scharnerweg;

    • -

      gelegen op de Meerssenerweg ter hoogte van het station;

    • -

      gelegen op de Meerssenerweg ten zuiden van de aansluiting met de Professor Pasmansstraat;

    • -

      gelegen op de Meerssenerweg ten noorden van de aansluiting met de Kasteel Bleinebeekstraat;

    • -

      ten noorden en ten zuiden van de rotonde Meerssenerweg/Kemenadeplein;

  • 17.

    door het in stand houden van de onderbroken streep en het fietssymbool als bedoeld in artikel 1n van het RVV 1990 aan te wijzen als fietsstrook:

    • -

      de stroken ten oosten en westen van de Meerssenerweg aan te wijzen;

    • -

      de stroken op de rotonde Meerssenerweg/Kemenadeplein;

  • 18.

    door het in stand houden van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 23 van het RVV 1990 het stilstaan te verbieden 5 meter ten zuiden van de inrit Zuid.

Maastricht, 5 juli 2016

Namens het college van burgemeester en wethouders van Maastricht,

Wethouder Duurzaamheid, Mobiliteit en Kenniseconomie,

voor deze,

Teammanager Mobiliteit,

E.Westbroek

Dit besluit is op de in de gemeente gebruikelijke wijze ter openbare kennis gebracht van 7 juli 2016 tot en met 18 augustus 2016, waarvan mededeling is gedaan in de Staatscourant van 7 juli 2016.

Bezwaar en voorlopige voorziening

Op grond van het bepaalde in de artikelen 8:1 juncto artikel 7:1 juncto artikel 6:4 van de Awb kan, door degenen wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen een termijn van zes weken, ingaande op de dag na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt c.q. is verzonden of uitgereikt, bij ons college een bezwaarschrift worden ingediend.

U kunt het bezwaarschrift digitaal of schriftelijk indienen.

Als u het bezwaarschrift digitaal wilt indienen, kunt u dit doen via www.gemeentemaastricht.nl/bezwaar. U vindt hier een formulier waarmee u bezwaar kunt maken.

U kunt het bezwaarschrift ook per post indienen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

. de naam en het adres van de indiener;

. de dagtekening;

. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

. de gronden van het bezwaar.

Wij verzoeken u in het bezwaarschrift ook uw telefoonnummer en (zo mogelijk) uw

e-mailadres te vermelden.

Het bezwaarschrift moet worden gericht aan het college van Burgemeester en wethouders van Maastricht, Postbus 1992, 6201 BZ Maastricht.

Het indienen van bezwaar heeft geen schorsende werking. Om de inwerkingtreding van het besluit en de gevolgen daarvan op te schorten kan om een voorlopige voorziening worden verzocht. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Limburg, bestuursrecht, postbus 950 te 6040 AZ te Roermond.

Van de verzoeker van een voorlopige voorziening wordt een griffierecht geheven. U wordt door de griffie van de rechtbank geïnformeerd over de hoogte van het griffierecht en de wijze van betaling.

U kunt ook digitaal een voorlopige voorziening indienen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.

Bijlage

Naar boven