[Optioneel: Eigen Kenmerk]
Overwegingen ten aanzien van het besluit
- dat mevrouw Van der Vlist op 23 mei 2016 een schriftelijk verzoek heeft ingediend tot het krijgen van een gereserveerde parkeerplaats voor haar voertuig;
- dat aan mevrouw Van der Vlist een gehandicaptenparkeerkaart voor bestuurders is verstrekt;
- dat een gehandicaptenparkeerkaart wordt verstrekt aan bestuurders waarvan door een onafhankelijk arts is vastgesteld dat zij redelijkerwijs niet meer dan 100 meter aan één stuk kunnen lopen;
- dat deze parkeerkaart geldig is tot 30 november 2019;
- dat door de parkeerdruk rondom haar woning het voorkomt dat zij haar auto bij thuiskomst niet kan parkeren binnen een redelijke afstand van de toegang tot haar woning;
- dat op grond van vastgesteld beleid is onderzocht of aanvrager kan voorzien in een parkeerplaats op eigen terrein hetgeen in dit geval niet mogelijk is;
- dat conform vastgesteld beleid gehandicaptenparkeerplaatsen alleen op bestaande parkeerplaatsen worden gerealiseerd;
- dat toewijzing van de parkeerplaats betekent dat andere weggebruikers geen gebruik meer kunnen maken van deze parkeerplaats;
- dat aanvrager nu ook haar auto in de directe omgeving parkeert en de parkeerdruk dus niet ernstig zal toenemen bij het honoreren van de aanvraag;
- dat aanvrager heeft aangegeven bij toekenning van de plaats conform tekening geen extra brede of lange parkeerplaats nodig te hebben;
- dat in overleg met de aanvrager de situering van de gehandicapten-parkeerplaats is bepaald een en ander conform bijgevoegde plattegrond;
- dat de bovenvermelde maatregel wordt genomen op basis van artikelen 49 t/m 55 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW), artikelen 85 en 86 van het Reglement Verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en het Besluit invalidenparkeerkaart;
- dat de straat in eigendom, beheer en onderhoud is bij de gemeente Leiderdorp;
- dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiderdorp, overeenkomstig artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994, het bevoegd gezag is voor het nemen van dit verkeersbesluit en dat deze bevoegdheid op grond van het mandaatbesluit van 21 juni 2010 is gemandateerd aan het hoofd van de afdeling Beleid en op 29 januari 2013 gemandateerd aan de coördinator cluster Ruimte van de afdeling Beleid;
- dat er overeenkomstig artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) overleg is gevoerd met de verkeerskundig adviseur van de politie Den Haag, de heer L.J. Versteege, en dat er positief is geadviseerd;