Overwegingen ten aanzien van het besluit
Daartoe bevoegd op grond van artikel 18, lid 1 sub d, van de Wegenverkeerswet 1994, omdat dit verkeersbesluit betrekking heeft op een weg of gedeelte daarvan zoals genoemd in artikel 1 lid 1 onder b, van die wet bij deze gemeente in beheer is.
Gezien van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 dat maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer geschieden krachtens een verkeersbesluit, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.
dat de Burgemeester Schijvenstraat is gelegen binnen de bebouwde kom en deze in beheer zijn van de gemeente Haaren;
dat de heer F.W.J.W. van Casteren wonende aan de Burgemeester Schijvenstraat 11 te Haaren een lichamelijke beperking heeft en voor bepaalde verplaatsingen is aangewezen op het gebruik van een personenauto;
dat de heer F.W.J.W. van Casteren niet beschikt over een eigen parkeergelegenheid en er geen mogelijkheid bestaat een parkeerplaats op eigen terrein te realiseren;
dat de heer F.W.J.W. van Casteren gezien de ernst van de lichamelijke beperking zeer gebaat is bij een gereserveerde parkeerplaats in de nabijheid van het woonadres;
dat de heer F.W.J.W. van Casteren verzoekt om in aanmerking te komen voor een gehandicapten-parkeerplaats op kenteken 4-TLX-20 nabij de woning aan de Burgemeester Schijvenstraat 11;
dat de heer F.W.J.W. van Casteren in het bezit is van een geldig rijbewijs, een auto met een geldig kenteken en een geldige gehandicaptenparkeerkaart bestuurder;
dat de parkeerdruk in de directe omgeving van de woning van de heer F.W.J.W. van Casteren aan de Burgemeester Schijvenstraat 11 hoog is, wat betekent dat er doorgaans binnen de loopafstand die aanvrager volgens de gehandicaptenparkeerkaart geacht wordt te kunnen lopen onvoldoende parkeergelegenheid bestaat;
dat aan de criteria voor het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken wordt voldaan;
dat de verkeersveiligheid en de (vrijheid van) doorstroming van het verkeer niet in het geding zijn;
dat overleg met de politie als bedoeld in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer heeft plaatsgevonden, waarbij een positief advies is afgegeven.