Verkeersbesluit voor het aanwijzen van parkeerplaats(en) voor het opladen van elektrische voertuigen
Burgemeester en wethouders van de gemeente Leusden;
Artikel 15 van de Wegenverkeerswet 1994 bepaalt dat de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens, en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, krachtens een verkeersbesluit geschiedt en dat maatregelen op of aan de weg of tot wijziging van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer krachtens een verkeersbesluit geschieden, indien de maatregelen leiden tot een beperking van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.
Artikel 12 van het BABW bepaalt dat de plaatsing van borden E4, zoals deze zijn opgenomen in Bijlage 1 behorende bij het RVV 1990, krachtens een verkeersbesluit moet geschieden.
Artikel 8 van het BABW biedt de mogelijkheid tot het aanbrengen van onderborden.
Overwegende dat,
- •
het college het gebruik van elektrische voertuigen wil stimuleren omdat het gebruik hiervan bijdraagt aan een schonere lucht, minder uitstoot van CO2 en minder geluidsoverlast;
- •
dat het college van mening is dat uitbreiding van de oplaadinfrastructuur een van de voorwaarden is om het aantal elektrische auto’s te laten toenemen;
- •
dat het college bij besluit van 15 december 2015, kenmerk 258647 Beleidsuitgangspunten elektrische laadpalenheeft vastgesteld, ;
- •
dat het college op basis van deze Beleidsregels een ‘plaatsingsplan’ heeft opgesteld waarin de locaties zijn benoemd waar, afhankelijk van de vraag en de behoefte (al dan niet op termijn) een oplaadpaal kan worden geplaatst;
- •
dat bij het bepalen van de hiervoor in aanmerking komende locaties rekening is gehouden met een evenwichtige verdeling/spreiding van de oplaadpalen binnen de bebouwde kommen;
- •
dat vaststelling van het plaatsingsplan niet automatisch inhoudt dat alle daarin opgenomen plaatsen ook daadwerkelijk van een oplaadpaal worden voorzien, aangezien dit afhankelijk is van aanvragen van derden;
- •
dat buiten de in het ‘plaatsingsplan’ genoemde locaties in de openbare ruimte in principe geen medewerking wordt verleend aan het plaatsen van oplaadpalen;
- •
dat uit onderzoek is gebleken dat de parkeerdruk in de directe omgeving van de genoemde locaties niet hoog is en dat hier redelijkerwijs vrijwel altijd een vrije parkeerplaats kan worden gevonden;
- •
dat de parkeerdruk derhalve geen beletsel hoeft te zijn om de in het ‘plaatsingsplan’ opgenomen parkeerplaatsen uitsluitend te bestemmen voor het parkeren van opladende elektrische auto’s;
- •
dat het geenszins de bedoeling is dat deze oplaadplaats als een verkapte (privé)parkeerplaats door een houder van een elektrisch voertuig wordt gebruikt;
- •
dat het opladen van elektrische voertuigen, door de voortgaande technische ontwikkelingen, in steeds kortere tijd kan/zal plaatsvinden;
- •
dat een voertuig, direct nadat het is opgeladen, van de oplaadplaats moet worden verwijderd om andere bestuurders de gelegenheid te bieden om de accu’s van hun voertuigen op te laden;
- •
dat ‘langparkeren’ op een oplaadplaats kan worden tegengegaan door bijvoorbeeld het instellen van een tijdduurbeperking (met een parkeerschijf);
- •
dat het college niet zal schromen dit instrument in te zetten wanneer blijkt dat de oplaadplaats regelmatig als parkeerplaats in gebruik wordt genomen;
- •
dat middels de inzet van de hiervoor genoemde instrumenten kan worden bereikt dat de oplaadplaats optimaal gebruikt kan worden en dat dit inhoudt dat er geen sprake zal zijn van een onevenredige verzwaring van de parkeerdruk in de omgeving van het oplaadpunt;
- •
dat wordt voorgesteld per oplaadpunt slechts één parkeervak te reserveren voor het opladen van elektrische auto’s.
Belangenafweging arti
ke
l 2 van de
W
ege
nverkeerswet
Van de in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen, ligt het in lid 2 genoemde belang ‘het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer ten grondslag aan dit besluit.
B E S L U I T E N :
De hieronder vermelde locaties/parkeerplaatsen, door middel van plaatsing van borden model E4, met daaronder een onderbord voorzien van de tekst/aanduiding dat deze parkeerplaatsen uitsluitend mogen worden gebruikt voor het opladen van elektrische auto’s, uitsluitend voor deze categorie te bestemmen:
- 1.
parkeerplaats Boterkamp-Maten t.h.v. Maten huisnr. 2;
- 2.
parkeerplaats Middellaken t.h.v. huisnr. 2;
- 3.
parkeerplaats De Start t.h.v. huisnr. 1;
- 4.
parkeerplaats Ruigevelddreef t.h.v. huisnr. 103;
- 5.
parkeerplaats Lambalgerkom t.h.v. huisnr. 63 t;
- 6.
parkeerplaats Keerkade-Vlietsingel t.h.v. Vlietsingel huisnr. 8;
- 7.
parkeerplaats Rondeel t.h.v. huisnr. 74;
- 8.
parkeerplaats Tolplaats t.h.v. huisnr. 3;
- 9.
parkeerplaats Duinroos-Rozenhaag;
- 10.
parkeerplaats Hondsroos-Rozenhaag;
- 11.
parkeerplaats Lisidunalaan t.h.v. huisnr. 4;
- 12.
parkeerplaats Landweg t.h.v. huisnr. 235;
- 13.
parkeerplaats Stijgbeugel t.h.v. huisnr. 1;
- 14.
parkeerplaats De Meent t.h.v. huisnr. 3;
- 15.
parkeerplaats Claverenbladstraat t.h.v. huisnr. 2
- 16.
parkeerplaats Kuperssingel t.h.v. huisnr. 57;
- 17.
parkeerplaats Kuperssingel-Wildenburgstraat t.h.v. Kuperssingel huisnr. 88;
- 18.
parkeerplaats Kuperssingel-Rosmolenstraat t.h.v. Kuperssingel huisnr. 126;
- 19.
parkeerplaats Croesrak t.h.v. huisnr. 38;
- 20.
parkeerplaats Rosmolenstraat t.h.v. huisnr. 104;
- 21.
parkeerplaats Wildenburgstraat t.h.v. huisnr. 65;
- 22.
parkeerplaats Wildenburgstraat t.h.v. huisnr. 63;
- 23.
parkeerplaats De Roo van Alderwereltlaan t.h.v. huisnr. 7
- 24.
parkeerplaats Van Boetzelaerlaan-Willem de Zwijgerlaan;
- 25.
parkeerplaats Prinses Irenelaan-Prinses Christinalaan;
- 26.
parkeerplaats Van Hardenbroeklaan-Maria Stuartlaan;
- 27.
parkeerplaats van Hardenbroeklaan-Louise de Colignylaan;
- 28.
parkeerplaats Azuriet t.h.v. huisnr. 19;
- 29.
- 30.
parkeerplaats Beemden t.h.v. huisnr. 2;
- 31.
parkeerplaats Hertenhoeve tegenover huisnr. 1;
- 32.
parkeerplaats Pauwenhoeve t.h.v. huisnr. 20;
- 33.
parkeerplaats Lamshoeve t.h.v. huisnr. 1;
- 34.
parkeerplaats Wierickewijk t.h.v. huisnr. 2;
- 35.
parkeerplaats Hunzewijk naast tuingroendepot;
- 36.
parkeerplaats Spaarnewijk t.h.v. huisnr. 6;
- 37.
parkeerplaats Barbeel t.h.v. huisnr. 2;
- 38.
parkeerplaats Landjonker-Houtvester t.h.v. Landjonker huisnr. 45;
- 39.
parkeerplaats Benedictijnenhove t.h.v. huisnr. 56;
- 40.
parkeerplaats Benedictijnenhove-Agnietenhove t.h.v. Benedictijnenhove huisnr. 9;
- 41.
parkeerplaats Clarenburg-Zuylenburg t.h.v. Clarenburg huisnr. 6;
- 42.
parkeerplaats Clarenburg-Sterkenburg t.h.v. huisnr. 29;
- 43.
parkeerplaats Clarenburg-Leeuwenburg t.h.v. Clarenburg huisnr 2;
- 44.
- 45.
parkeerplaats Hondsdraf-Vogelwikke t.h.v. huisnr. 37;
- 46.
parkeerplaats Esdoornhof t.h.v. huisnr. 13;
- 47.
parkeerplaats Meidoornhof t.h.v.huisnr. 1;
- 48.
parkeerplaats Prunuslaan t.h.v. huisnr. 2;
- 49.
parkeerplaats Pieter van Vollenhovenstraat t.h.v. huisnr. 19;
- 50.
parkeerplaats Jan Wagenaarlaan;
- 51.
parkeerplaats Jan Wagenaarlaan t.h.v. huisnr. 5;
- 52.
parkeerplaats Petri Markensteinstraat;
- 53.
parkeerplaats Rentinckstraat (Moespot);
- 54.
parkeerplaats Walter van Amersfoortstraat (sporthal);
- 55.
parkeerplaats Van Oldenbarneveltstraat t.h.v. huisnr. 50;
- 56.
parkeerplaats Ruurd Visserstraat-Van Geijnstraat t.h.v. Ruurd Visserstraat huisnr. 1;
- 57.
parkeerplaats Ruurd Visserstraat-Henri Schoutenstraat t.h.v. R Visserstraat huisnr. 3.
Met betrekking tot dit besluit zijn de bepalingen van de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer van toepassing.
Dit besluit is artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen betreffende het Wegverkeer na overleg met de politie (Eenheid Midden Nederland) genomen.
Bezwaar
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden gedurende zes weken vanaf de datum van deze publicatie schriftelijk bezwaar indienen tegen dit verkeersbesluit. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten de naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht, alsmede de gronden van het bezwaar. Uw bezwaarschrift kunt u indienen bij het college van Leusden, p/a secretariaat van de adviescommissie bezwaarschriften, Postbus 150, 3830 AD Leusden.
Datum: 21
januari 2016
het college van de gemeente Leusden,
de heer R. van Veen
teamleider afdeling Dienstverlening