Ontheffing van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, houdende ontheffing ten behoeve van Dutch Rush Productions van het verbod VFR-vluchten uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen

Datum: 17 juni 2016

Nummer: ILT-2016/49732

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Gezien het verzoek om ontheffing ontvangen op 6 juni 2016 van Dutch Rush Productions, adres: Surmerhuizerweg 47, 1744 JB Sint Maarten, tel.: +316 511 66767, e-mail: info@dutchrush.nl;

Overwegende dat het doel van de vlucht is het uitvoeren van een langsvlucht op lage hoogte tijdens de TT-Assen te Assen;

Gelezen de veiligheidsanalyse van 6 juni 2016 van de heer F. van Houten waaruit blijkt dat de langsvlucht beneden de minimum VFR-vlieghoogte op een verantwoorde wijze kan worden uitgevoerd en dat de daaruit voortkomende risico’s kunnen worden gemitigeerd door de minimumvlieghoogte vast te stellen op 90 meter (300 ft) boven de grond of het water, doch ten minste 30 meter (100 ft) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig;

Gelet op artikel 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014 en paragraaf SERA.3105;

BESLUIT:

Artikel 1

Deze beschikking is van toepassing op een luchtvaartuig van het type Sukhoi SU26MX met registratie PH-SMX dan wel een gelijkwaardig vervangend luchtvaartuig, in gebruik bij Dutch Rush Productions waarmee een straight en level pass wordt gemaakt door het centrum van het circuitgebied van het tijdelijke gebied met beperkingen ‘TT-Assen B’.

Artikel 2

Aan de gezagvoerder van het luchtvaartuig, bedoeld in artikel 1, wordt op zaterdag 25 en zondag 26 juni 2016 ontheffing verleend van het verbod, genoemd in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012, om VFR-vluchten uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte, boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, gedurende de daglichtperiode, zoals gepubliceerd in de in artikel 26, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van het Besluit luchtverkeer 2014, bedoelde luchtvaartgids met inachtneming van de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. de gezagvoerder is in het bezit van een geldig CPL of ATPL;

  • b. de minimum toegestane vlieghoogte bedraagt 90 meter (300 ft) boven de grond, het water of de tribune, doch ten minste 30 meter (100 ft) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig;

  • c. de vliegroute, vlieghoogte en vliegsnelheid worden zodanig gekozen dat:

    • 1°. overlast voor derden zoveel mogelijk wordt vermeden;

    • 2°. ingeval van een noodlanding het risico voor inzittende en derden zoveel mogelijk wordt beperkt;

  • d. de vluchten vinden plaats binnen de activatietijden van het tijdelijke gebied met beperkingen Assen B;

  • e. er wordt uitsluitend gevlogen beneden de minimum VFR-vlieghoogte gedurende de straight en level pass door het centrum van het TT-circuit direct vóór en ná het uitvoeren van de vliegdemonstraties;

  • f. uitvoeren van aerobatic-bewegingen beneden de minimum VFR-vlieghoogte is niet toegestaan;

  • g. de gezagvoerder stelt zich van tevoren ter plaatse op de hoogte van de plaatselijke obstakelsituatie en plaatsen die geschikt zijn voor het uitvoeren van een noodlanding;

  • h. vóór aanvang van de vlucht wordt ingelicht:

    de meldkamer van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart (tel.: 020 5025693 of fax: 020 5025699 of e-mail: dlvplvt@klpd.politie.nl) en worden de volgende gegevens verstrekt:

    • 1°. de naam van de gezagvoerder, de registratie en het model/type luchtvaartuig;

    • 2°. de route en de periode van de voorgenomen vlucht.

Artikel 3

  • 1. Overtreding van de voorschriften van deze beschikking is een strafbaar feit.

  • 2. Bij het niet of niet volledig nakomen van de voorschriften en beperkingen, genoemd in artikel 2, kan dat aanleiding zijn deze beschikking in te trekken.

Artikel 4

Deze beschikking treedt in werking met ingang van 25 juni 2016 en vervalt met ingang van 27 juni 2016, tenzij deze voortijdig wordt ingetrokken.

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, namens deze, DE INSPECTEUR ILT/LUCHTVAART, M. van Velzen Senior Inspecteur

Bezwaarmogelijkheid

Indien u het niet eens bent met deze vergunning, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze vergunning is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de dagtekening;

  • een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht;

  • de gronden van het bezwaar.

Het bezwaarschrift kunt u richten aan:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

Is er sprake van onverwijlde spoed? Dan kunt u de rechtbank van uw woonplaats verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen.

Meer informatie over de voorlopige voorziening vindt u op www.rechtspraak.nl.

Naar boven