Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesStaatscourant 2016, 31591Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 13 juni 2016, nr. 2016-0000332921, houdende wijziging van de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden in verband met het beschikbaar komen van het product Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties en een wijziging van de vindplaats van de voorschriften over de terbeschikkingstelling van geconsolideerde regelingen

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op artikel 140, derde lid, van de Gemeentewet, artikel 137, derde lid, van de Provinciewet, artikel 73a, derde lid, van de Waterschapswet, de artikelen 26, tweede en vierde lid, 32ja, 32l, derde lid, 42, tweede en vierde lid, 45ba, 45d, derde lid, 50daa, 50dc, derde lid, 52, tweede en vierde lid, 56aa, 56c, derde lid, 62a, tweede en vierde lid, 65aa, 65c, derde lid, 75, tweede en vierde lid, 78aa, 78c, derde lid, 85, tweede en vierde lid, 88aa en 88c, derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, artikel 143, derde lid, van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba en de artikelen 5, tweede lid, en 5a van het Besluit bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden;

Besluit:

ARTIKEL I

De Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1a wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede lid, onderdeel b, komt te luiden:

  • b. levert het bestuur van het openbaar lichaam zijn teksten ter publicatie aan in een XML-indeling via de door het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties ter beschikking gestelde voorziening dan wel op een door het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties aangegeven wijze, en registreert het daarbij de in bijlage 2 vermelde gegevens over de teksten.

2. Het vijfde lid komt te luiden:

  • 5. Voor gebruik van de door het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties ter beschikking gestelde voorziening als bedoeld in dit artikel worden geen kosten in rekening gebracht.

B

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt ‘plaatsvindt met inachtneming van de delen III (Consolidatie), IV (Wetstechnische informatie) en VI (Metadata, XML-schema en Webservices) van het Internetpublicatiemodel Decentrale Regelgeving, versie 4.0, dat ter inzage is gelegd bij het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Wilhelmina van Pruisenweg 52 te Den Haag’ vervangen door: plaatsvindt in overeenstemming met de bijlagen 3 en 4 en op de door het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties aangegeven wijze.

2. In het tweede, derde, vierde, zesde en zevende lid wordt ‘de delen III (Consolidatie), IV (Wetstechnische informatie) en VI (Metadata, XML-schema en Webservices) van het Internetpublicatiemodel Decentrale Regelgeving, bedoeld in het eerste lid’ telkens vervangen door: de bijlagen 3 en 4.

C

Artikel 3 komt te luiden:

Artikel 3

De in artikel 2 genoemde bestuursorganen kunnen beschikbaar gestelde geconsolideerde teksten beschikbaar houden overeenkomstig de regels die golden ten tijde van de eerste beschikbaarstelling van de betreffende geconsolideerde tekst.

D

Bijlage 1, bedoeld in artikel 1a, tweede lid, onder a, van de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden, wordt vervangen door:

BIJLAGE 1, BEDOELD IN ARTIKEL 1A, TWEEDE LID, ONDERDEEL A

De door het bestuur van het openbaar lichaam te registreren gegevens over het openbaar lichaam

Gegeven

Toelichting

Invoerwijze

Officiële naam

De naam waaronder het openbaar lichaam officieel bekendstaat.

Handmatig in te vullen tekst.

Deelnemende organisaties en datum van toetreding

Alle gemeenten, provincies en waterschappen die in het openbaar lichaam participeren. Per deelnemende organisatie wordt vastgelegd wat de datum van toetreding is.

Selectie uit waardelijsten voor organisaties.

Bronhouder

De organisatie die eindverantwoordelijk is voor de registratie, het beheer en de kwaliteit van de geregistreerde gegevens over het openbaar lichaam.

Selectie uit waardelijsten voor organisaties.

Samenwerkingsvorm

De publiekrechtelijke samenwerkingsvorm, als bedoeld in artikel 8 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Vaste waarde uit waardelijst samenwerkingsvormen:

Openbaar lichaam (OL)

Bedrijfsvoeringsorganisatie

Instellingsbesluit

Verwijzing naar de gemeenschappelijke regeling waarmee het openbaar lichaam of de bedrijfsvoeringsorganisatie is ingesteld (een link naar de bekendmaking in een elektronisch publicatieblad of de geconsolideerde tekst in de decentrale regelgevingbank) of een PDF-document met de gemeenschappelijke regeling.

Vaste referentie (URI) of document in PDF-formaat.

Datum totstandkoming

Datum waarop het openbaar lichaam tot stand is gekomen.

dd-mm-jjjj

Contactpersoon (tekenbevoegde vertegenwoordiger)

Contactgegevens van degene die de tekenbevoegde vertegenwoordiger is.

Handmatig in te vullen tekst die ten minste bevat de naam, het e-mailadres en het telefoonnummer waarop de contactpersoon te bereiken is.

E

Bijlage 2, bedoeld in artikel 1a, tweede lid, onder b, van de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden, wordt vervangen door:

BIJLAGE 2, BEDOELD IN ARTIKEL 1A, TWEEDE LID, ONDERDEEL B

Gegevens over de te publiceren teksten

Gegeven

Toelichting

Invoerwijze

Informatietype

Het type publicatie. Dit veld bepaalt de rubrieksindeling op de publicatiewebsite www.officielebekendmakingen.nl.

Selectie uit waardelijst met informatietypen.

Maker

Organisatie die de eindverantwoordelijkheid draagt voor het creëren van het informatieobject.

Selectie uit waardelijst met organisatienaam gemeenschappelijke regelingen (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker).

Eindverantwoordelijke

Organisatie die de wettelijke verantwoordelijkheid draagt voor de inhoud (strekking) van het informatieobject.

Selectie uit waardelijst met organisatienaam gemeenschappelijke regelingen (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker).

Uitgever

De verantwoordelijke voor het publiceren van het informatieobject. Dit is altijd de eigenaar van het publicatieblad.

Selectie uit waardelijst met organisatienaam gemeenschappelijke regelingen (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker).

Gebiedsmarkering

Geografische aanduiding van de plek op aarde waar het informatieobject betrekking op heeft.

Keuze uit:

– 1 of meerdere puntlocaties volgens rijksdriehoeksstelsel

– 1 of meerdere gemeenten

– 1 of meerdere provincies

– 1 of meerdere waterschappen

Beleidsonderwerp

Het onderwerp van de publicatie.

Selectie uit een of meerdere waarden uit waardelijst met beleidsonderwerpen.

IMRO-nummer (alleen verplicht indien de publicatie een ruimtelijk plan betreft)

Bij ruimtelijke plannen dient een ruimtelijk plan-ID (IMRO-nummer) opgenomen te worden. Hierdoor wordt er een rechtstreekse koppeling tussen deze publicatie en het bijbehorende plan op ruimtelijkeplannen.nl gelegd.

Vaste vorm van een IMRO-nummer:

NL\.IMRO\.[0-9]{4}\.[A-Za-z0-9]{1,18}-[A-Za-z0-9]{4}

F

Na bijlage 2 worden twee bijlagen toegevoegd, luidende:

BIJLAGE 3, BEDOELD IN ARTIKEL 2

Consolidatie-instructies
De eerste stap bij het consolideren conform de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden

Vanaf de inwerkingtreding van de consolidatieverplichting in artikel 140, derde lid, van de Gemeentewet, 137, derde lid, van de Provinciewet en artikel 73a, derde lid, van de Waterschapswet op 1 januari 2011 geldt de wettelijke verplichting om algemeen verbindende voorschriften die op dat tijdstip in werking waren getreden of die na dat tijdstip in werking zijn getreden in geconsolideerde vorm op internet te publiceren en beschikbaar te houden, ook als die voorschriften zijn ingetrokken of vervallen. Het staat overheden uiteraard vrij om een vroegere cesuurdatum te kiezen. Alle (versies van) algemeen verbindende voorschriften die op of na 1 januari 2011 gelden, dan wel na 1 januari 2011 komen te vervallen, worden conform deze bijlage op internet ontsloten. Met ingang van 1 januari 2015 geldt deze verplichting eveneens voor een besluit tot instelling, wijziging of intrekking van een gemeenschappelijke regeling als dat besluit niet kan worden aangemerkt als een algemeen verbindend voorschrift.

Behalve algemeen verbindende voorschriften kunnen ook andere soorten besluiten in geconsolideerde vorm worden ontsloten. Deze consolidatie-instructies zijn dan van overeenkomstige toepassing.

Nieuw op te nemen algemeen verbindende voorschriften

Algemeen verbindende voorschriften die niet worden opgenomen in de collectie

Op grond van de artikelen 6 e.v. van het Besluit bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden zijn de regels omtrent beschikbaarstelling niet van toepassing op:

  • de algemeen verbindende voorschriften die vóór 1 januari 2011 zijn uitgewerkt of ingetrokken;

  • algemeen verbindende voorschriften die uitsluitend strekken tot de wijziging van een of meer andere algemeen verbindende voorschriften;

  • algemeen verbindende voorschriften die zijn bekendgemaakt op grond van de Wet ruimtelijke ordening (zoals bestemmingsplannen; let wel: deze uitzondering is niet van toepassing op een beheersverordening als bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening);

  • bijlagen bij algemeen verbindende voorschriften die zich naar hun aard niet lenen voor elektronische beschikbaarstelling.

Zelfstandige bepalingen

Een algemeen verbindend voorschrift dat naast een wijziging van andere algemeen verbindende voorschriften ook zelfstandige bepalingen (dat wil zeggen: tekst die niet een ander algemeen verbindend voorschrift wijzigt) bevat, wordt als een nieuw algemeen verbindend voorschrift in de collectie met geconsolideerde teksten opgenomen. Daarbij worden de wijzigingsinstructies vervangen door een redactionele opmerking als: [wijzigt de Verordening ...].

Instellingsbesluiten van gemeenschappelijke regelingen

Het besluit tot instelling van een gemeenschappelijke regeling wordt alleen door het daartoe aangewezen orgaan geconsolideerd. De overige deelnemers nemen dit besluit niet op in de collectie.

Opschrift, aanhef, slotformulier en ondertekening

Het opschrift, de aanhef, het slotformulier en de ondertekening van een algemeen verbindend voorschrift wordt opgenomen in de geconsolideerde tekst. In de regel worden deze elementen later niet meer gewijzigd.

Wijzigingen in algemeen verbindende voorschriften

De inwerkingtreding van een wijziging van de tekst van een algemeen verbindend voorschrift leidt tot een nieuwe versie van de geconsolideerde tekst van het algemeen verbindend voorschrift. De oude versie blijft opgenomen in de collectie. De datum waarop de oude versie vervalt, wordt opgenomen in de wetstechnische informatie of metadata van de oude versie.

Wijzigingen die niet leiden tot een nieuwe versie

  • 1. Algemeen verbindende voorschriften die na bekendmaking wijzigen voordat deze in werking treden.

  • 2. Indien een algemeen verbindend voorschrift wordt gewijzigd voordat het in werking is getreden, ontstaat er geen nieuwe versie. Bij “Opmerkingen m.b.t. de regeling” wordt aangegeven dat het algemeen verbindende voorschrift vóór inwerkingtreding reeds is gewijzigd. Hierbij wordt verwezen naar de beschikbare bronnen van de betreffende wijziging.

  • 3. Algemeen verbindende voorschriften die na wijziging geconsolideerd worden vastgesteld. In sommige gevallen worden niet de wijzigingsvoorstellen vastgesteld, maar worden de wijzigingen eerst verwerkt in een nieuwe geconsolideerde tekst die vervolgens wordt vastgesteld (onder formele intrekking van de oude geconsolideerde tekst). Deze nieuwe vastgestelde geconsolideerde tekst wordt beschikbaar gesteld als een nieuw algemeen verbindend voorschrift (en niet als een nieuwe versie van het gewijzigde algemeen verbindende voorschrift). Van het oude ingetrokken algemeen verbindende voorschrift wordt de datum van intrekking opgegeven bij de wettechnische informatie.

Terugwerkende kracht

Uitgangspunt is dat een algemeen verbindend voorschrift niet in werking treedt voor de bekendmaking. Van terugwerkende kracht is slechts sprake als daarin in het algemeen verbindende voorschrift in is voorzien. Indien in (een versie van) een algemeen verbindend voorschrift een bepaling over terugwerkende kracht is opgenomen, dan wordt:

  • in (deze versie van) het algemeen verbindende voorschrift in het ‘Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen’ de datum van terugwerkende kracht opgenomen, en

  • de terugwerkende kracht niet verwerkt in de geconsolideerde tekst(en) van (een eerdere versie of versies van) het algemeen verbindende voorschrift waarop de terugwerkende kracht van toepassing is.

Indien een algemeen verbindend voorschrift wordt bekend gemaakt op een tijdstip dat is gelegen na de in het algemeen verbindende voorschift opgenomen datum van inwerkingtreding, vormt de opgenomen datum van inwerkingtreding geen grondslag voor terugwerkende kracht.

Intrekken of vervallen van een algemeen verbindend voorschrift

Een algemeen verbindend voorschrift kan worden ingetrokken of vervallen van rechtswege. Intrekking kan op drie manieren geschieden:

  • met een algemeen verbindend voorschift;

  • in het algemeen verbindende voorschrift zelf als dit een tijdelijk karakter heeft, of

  • met een expliciete bepaling in regelgeving van een hogere bestuurslaag.

Van het vervallen van rechtswege is sprake:

  • bij het vervallen van de grondslag voor het algemeen verbindende voorschrift of

  • als regelgeving van een hogere bestuurslaag gaat voorzien in hetzelfde onderwerp, waardoor de bevoegdheid tot vaststelling van het algemeen verbindende voorschrift vervalt.

Bij het intrekken of vervallen van een algemeen verbindend voorschrift wordt in het ‘Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen’ van de meest recente versie een Datum uitwerkingtreding ingevuld. Onder ‘Redactionele opmerkingen’ is vermeld in welke gevallen een toelichting wordt gegeven.

Redactionele opmerkingen

Informatie die van belang is voor goed begrip van de geconsolideerde tekst, maar die niet uit de andere wetstechnische gegevens is af te leiden, wordt als redactionele opmerking toegevoegd.

Redactionele opmerkingen die moeten worden opgenomen onder ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’

Redactionele opmerkingen die betrekking hebben op de gehele regeling worden opgenomen in de wetstechnische informatie onder ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’.

In de volgende situaties moet een redactionele opmerking bij ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’ worden geplaatst:

  • indien de ‘Datum inwerkingtreding van (een versie van) de regeling’ of ‘Datum ondertekening van (een wijziging van) de regeling’ niet kan worden achterhaald en bij benadering een datum is ingevuld;

  • indien een apart inwerkingtredingbesluit van toepassing is op het algemeen verbindende voorschrift, moeten zowel de datum van ondertekening als de bron van bekendmaking van het inwerkingtredingbesluit vermeld worden;

  • indien er wijzigingen zijn in het opschrift, de citeertitel, de considerans en/of de grondslag;

  • indien er bijzonderheden zijn met betrekking tot de inwerkingtreding of terugwerkende kracht van het gehele algemeen verbindende voorschrift, bijvoorbeeld als de bekendmaking plaats vindt op een tijdstip dat is gelegen na de in het algemeen verbindende voorschift opgenomen datum van inwerkingtreding;

  • indien een nieuw algemeen verbindend voorschrift een ander algemeen verbindend voorschrift vervangt, dient om de relatie tussen beide algemeen verbindende voorschriften te borgen (het ‘Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen’ geeft in deze situatie de relatie namelijk niet langer weer) bij het nieuwe algemeen verbindend voorschrift in de wetstechnische informatie bij ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’ een verwijzing naar het andere (oude) algemeen verbindend voorschrift opgenomen te worden. De verwijzing luidt: ‘Deze regeling vervangt [officiële naam of citeertitel van het algemeen verbindende voorschrift]’. Indien uit de officiële naam van het algemeen verbindend voorschrift, bijvoorbeeld door het ontbreken van een jaartal, niet is op te maken welk algemeen verbindend voorschrift nu precies wordt vervangen, dan dient nadere informatie opgenomen te worden in de verwijzing. Eventueel bij het ingetrokken algemeen verbindend voorschrift een verwijzing naar het andere (nieuwe) algemeen verbindend voorschrift opnemen in ‘Opmerkingen m.b.t. de regeling’ in de trant van ‘deze regeling is vervangen door....’.

  • indien de regeling is ingetrokken bij regelgeving van een hogere bestuurslaag, wordt in de laatste versie opgenomen: ‘Deze regeling is per [Datum uitwerkingtreding] ingetrokken door (artikel ...van de) [citeertitel van de regeling]’;

  • indien de regeling van rechtswege is vervallen, wordt in de laatste versie opgenomen: ‘Deze regeling is op [Datum uitwerkingtreding] vervallen door [de inwerkingtreding /het vervallen] van (artikel ...van de) [citeertitel van de regeling]’.

Redactionele opmerkingen die moeten worden opgenomen in de tekst van het geconsolideerde algemeen verbindend voorschrift

Redactionele opmerkingen die betrekking hebben op een onderdeel van het algemeen verbindend voorschrift worden opgenomen in de geconsolideerde tekst van dat algemeen verbindend voorschrift. De opmerking wordt weergegeven tussen [blokhaken], ter onderscheiding van de eigenlijke tekst van het algemeen verbindend voorschrift.

In de volgende situaties moet een redactionele opmerking in het desbetreffende onderdeel van de geconsolideerde tekst van het algemeen verbindend voorschrift worden geplaatst:

  • indien op een artikel een overgangsbepaling van toepassing is, dan wordt bij het betreffende artikel via een redactionele opmerking:

    • de tekst of vindplaats van de overgangsbepaling vermeld;

    • aangegeven dat het een overgangsbepaling betreft voor zover dat niet reeds uit het algemeen verbindende voorschrift blijkt;

  • indien er sprake is van taalfouten of fouten, met inachtneming van het volgende:

    • taalfouten of verwijzingsfouten in de officiële tekst worden zonder correctie doorgevoerd in de geconsolideerde tekst. Als een besluit echter evident de verkeerde artikelen, leden of onderdelen van een algemeen verbindend voorschrift wijzigt, worden de wijzigingen doorgevoerd zoals deze bedoeld zijn, waarbij in de redactionele opmerking de doorgevoerde wijziging wordt verantwoord;

    • als een wijziging zo is geformuleerd dat deze niet mogelijk is, dan wordt deze in het geheel niet doorgevoerd (bijvoorbeeld wijziging van een artikel dat eerder vervallen is), waarbij in de redactionele opmerking wordt medegedeeld dat de wijziging niet kon worden verwerkt;

  • indien bij een lager algemeen verbindend voorschrift bedragen uit een hoger algemeen verbindend voorschrift worden gewijzigd waarbij de bevoegdheid tot wijzigen niet uitdrukkelijk is vormgegeven als een bevoegdheid tot wijziging van het hogere algemeen verbindend voorschrift, worden de gewijzigde bedragen als redactionele opmerking in de geconsolideerde tekst van het hogere algemeen verbindend voorschrift toegevoegd;

  • indien kaarten vanwege hun omvang niet bij het algemeen verbindend voorschrift zijn opgenomen, dan wordt de vindplaats daarvan opgenomen in een redactionele opmerking;

  • indien onderdelen vervallen, worden deze vervangen door de tekst: ‘[vervallen]’. Eventuele artikel- of hoofdstuknummers en artikel- of hoofdstuktitels blijven gehandhaafd.

Toelichtingen bij algemeen verbindende voorschriften

Een toelichting bij een algemeen verbindend voorschrift maakt geen onderdeel uit van het algemeen verbindend voorschrift. Indien het bestuursorgaan naast het algemeen verbindend voorschrift ook een toelichting bij dit algemeen verbindend voorschrift opneemt in de geconsolideerde versie, kan ook de toelichting bij een latere wijziging van het algemeen verbindend voorschrift worden geconsolideerd. De toelichting wordt direct onder de tekst van het algemeen verbindend voorschrift opgenomen.

Indien bij een wijziging alleen de toelichting wordt gewijzigd, leidt dit tot een nieuwe geconsolideerde versie.

BIJLAGE 4, BEDOELD IN ARTIKEL 2

Gegevens over de te consolideren teksten

Gegeven

Toelichting

Invoerwijze

Maker1

Organisatie die de verantwoordelijkheid draagt voor het creëren van het informatieobject.

Selectie uit waardelijsten met organisatienaam (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker)

Eindverantwoordelijke1

Organisatie die de wettelijke verantwoordelijkheid draagt voor de inhoud (strekking) van het informatieobject.

Selectie uit waardelijsten met organisatienaam (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker)

Uitgever1

De verantwoordelijke voor het publiceren van het informatieobject. Dit is altijd de eigenaar van het publicatieblad.

Selectie uit waardelijsten met organisatienaam (wordt ingevuld op basis van inloggegevens gebruiker)

Vastgesteld door1

Het bestuursorgaan dat het betreffende algemeen verbindende voorschrift heeft vastgesteld.

Selectie uit waardelijsten met bestuursorganen.

Officiële naam1

Het opschrift van het algemeen verbindende voorschrift (of een ander te consolideren document) zoals dit aan het begin van het algemeen verbindende voorschrift is opgenomen, dan wel de aanpassing van dat opschrift aan de voorgeschreven structuur.

Handmatig in te vullen tekst met als structuur [type besluit] van [bestuursorgaan] houdende [omschrijving inhoud] [indien aanwezig, aanduiding citeertitel]

Citeertitel

De citeertitel is de wijze waarop een algemeen verbindend voorschrift blijkens een bepaling in dat algemeen verbindend voorschrift zelf wordt aangeduid.

Handmatig in te vullen tekst.

Taal1

De taal waarin het algemeen verbindend voorschrift is gepubliceerd.

Selectie uit waardelijst met talen.

Onderwerp1

Het onderwerp van de regeling.

Selectie uit een of meerdere waarden uit waardelijst met beleidsonderwerpen.

Wettelijke grondslag1

De citeertitel en het artikel van de regeling waarop de bevoegdheid tot het vaststellen van het algemeen verbindend voorschrift berust. Voor beleidsregels wordt verwezen naar de grondslag van de bevoegdheid waar de beleidsregel betrekking op heeft. Let op: dit element kan meervoudig gebruikt worden.

Selecteer citeertitel en artikelnummer(s) uit het Basiswettenbestand of selecteer citeertitel uit de collectie decentrale regelgeving.

Bron bekendmaking van (een wijziging van) het algemeen verbindende voorschrift1

De uitgave waarin de bekendmaking verschijnt, veelal Blad gemeenschappelijke regeling, Gemeenteblad, Provinciaal blad of Waterschapsblad. Bij elektronische bekendmaking wordt ook een URL opgenomen.

Notatiewijze is:

– voor officiële publicatiebladen: [naam blad] [jaartal], [nummer]

– voor andere uitgaven: [naam uitgave], [datum]

Gedelegeerde regelgeving

Alle algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels die op het algemeen verbindend voorschrift zijn gebaseerd. Let op: dit element kan meervoudig gebruikt worden.

Selecteer citeertitel uit de collectie decentrale regelgeving.

Betreft1

De aard van de wijziging van een algemeen verbindend voorschrift (of een ander te consolideren document), of, in geval van een nieuw algemeen verbindend voorschrift: ‘nieuwe regeling’.

Toegestane waarden:

nieuwe regeling

– als het een nieuwe regeling betreft

[artikel/paragraaf/hoofdstuk/bijlage] [x], [y], [z]

– als een of meer onderdelen zijn toegevoegd, vervallen of gewijzigd, opsomming van deze onderdelen of bijlagen (geen onderscheid maken naar onderdelen binnen artikelen of bijlagen)

toelichting [...]

– als een toelichting is gewijzigd

Redactionele opmerkingen

Opmerkingen als bedoeld in Bijlage 3 bij de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden.

Handmatig in te vullen tekst conform de in bijlage 3 opgenomen consolidatie-instructies.

Datum ondertekening van (een wijziging van) het algemeen verbindende voorschrift1

De datum die bij de ondertekening in het algemeen verbindend voorschrift wordt genoemd.

dd-mm-jjjj

Datum inwerkingtreding van (een versie van) het algemeen verbindende voorschrift1

De datum waarop het algemeen verbindende voorschrift in werking treedt (let op: niet de datum tot en met wanneer het algemeen verbindend voorschrift eventueel terugwerkt)

dd-mm-jjjj, gelegen na de datum bekendmaking.

Datum terugwerkende kracht (t/m) van (een versie van) het algemeen verbindende voorschrift

De in het algemeen verbindend voorschrift genoemde voor de inwerkingtreding gelegen datum vanaf wanneer het algemeen verbindend voorschrift van toepassing is.

dd-mm-jjjj, gelegen vóór de datum inwerkingtreding, tot en met wanneer de regeling terugwerkt.

Datum uitwerkingtreding van (een versie van) het algemeen verbindende voorschrift

De dag vanaf wanneer een algemeen verbindend voorschrift is ingetrokken of vervallen, dan wel een versie van de algemeen verbindend voorschrift door een nieuwe versie is vervangen).

dd-mm-jjjj. De opgegeven datum dient later dan de datum opgegeven in ‘Datum inwerkingtreding van (een versie van) het algemeen verbindend voorschrift’ te zijn.

X Noot
1

Bij elke versie van een algemeen verbindend voorschrift verplicht in te vullen gegeven.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2016.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk

TOELICHTING

Wijzigingen in de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden

De Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden (hierna: de Regeling) bevat eisen omtrent de betrouwbaarheid en de beveiliging van de uitgifte en beschikbaarstelling van elektronische publicaties door decentrale overheden. Daarnaast worden in deze regeling nadere regels gesteld over de beschikbaarstelling van geconsolideerde teksten van decentrale overheden.

Het is voor decentrale overheden verplicht om te publiceren in een elektronisch publicatieblad dat voldoet aan de wettelijke voorschriften. Om dit te faciliteren kan gebruik worden gemaakt van de Gemeenschappelijke Voorziening Officiële Publicaties (GVOP). Voor openbare lichamen die kiezen voor het bekendmaken van algemeen verbindende voorschriften in een eigen Blad Gemeenschappelijke Regeling is gebruik van de GVOP verplicht.

Publicatie van het bestand met geconsolideerde regelgeving dient centraal plaats te vinden op de website: overheid.nl. Het gebruik van de hiervoor door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ter beschikking gestelde centrale voorziening decentrale regelgeving (CVDR) is wettelijk voorgeschreven in het huidige artikel 2 van de Regeling elektronische bekendmaking en beschikbaarstelling regelgeving decentrale overheden.

Op verzoek van de overheidsorganisaties die de voorzieningen gebruiken worden de functies van CVDR en GVOP op termijn geïntegreerd in een nieuwe voorziening Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties (DROP). Hierdoor behoeven nieuwe verordeningen of andere algemeen verbindende voorschriften niet langer in twee verschillende systemen en op twee manieren te worden ingevoerd, wat het werkproces minder foutgevoelig maakt. Daarnaast kunnen door de integratie van beide applicaties wijzigingsbesluiten eenvoudiger in geconsolideerde teksten worden verwerkt en kan beter worden bewaakt of dit laatste ook tijdig gebeurt. Overigens blijven de applicaties GVOP en CVDR voorlopig nog bestaan totdat de migratie van de decentrale overheden naar de applicatie DROP is afgerond. De verwachting is dat deze migratie uiterlijk in 2017 volledig voltooid zal zijn.

De wijziging van de Regeling ziet er in de eerste plaats op om deze in lijn te brengen met de integratie van de CVDR en de CVOP. De termen Gemeenschappelijke Voorziening Officiële Publicaties en Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving worden vervangen door een verwijzing naar een door het Kennis- en Exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties (KOOP) ter beschikking gestelde voorziening. KOOP is de baten- en lastendienst van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties die verantwoordelijk is voor de informatievoorziening op de websites die onderdeel uitmaken van overheid.nl.

In de tweede plaats brengt de komst van DROP (in eerste instantie naast GVOP en CVDR) met zich mee dat het bij de beschikbaarstelling van geconsolideerde teksten in acht te nemen Internetpublicatiemodel Decentrale Regelgeving (IPM) moet worden aangepast. Momenteel wordt in de regeling verwezen naar delen van de huidige versie (versie 4.0), die zal worden opgevolgd door versie 5.0. Deze technische standaard ligt thans ter inzage bij het KOOP en wordt regelmatig gewijzigd. Omwille van de flexibiliteit zal voor enkele onderdelen van het IPM (XML-schema en de beschrijving webservices) worden verwezen naar de door het KOOP aangegeven wijze. Andere, fundamentelere, onderdelen (Consolidatie-instructies en Waardelijst metadata structuur) worden voortaan als bijlagen (bijlage 3 en 4) bij de regeling opgenomen. De bijlagen bij de regeling bevatten inhoudelijke voorschriften die bij de publicatie in acht moeten worden genomen en dienen daarom onderdeel uit te maken van de regeling.

Gevolgenbeoordeling

De integratie van de twee applicaties GVOP en de CVDR in één nieuwe applicatie DROP maakt dat overheden doelmatiger aan hun verplichting kunnen voldoen om algemeen verbindende voorschriften bekend te maken en te consolideren. Dit zal naar verwachting tevens leiden tot een grotere kwaliteit en actualiteit van de informatie. De lasten voor decentrale overheden worden hierdoor verlaagd. De regeling heeft geen gevolgen voor de kosten die decentrale overheden maken.

De regeling heeft geen gevolgen voor burgers en bedrijven. Er zijn geen gevolgen voor het milieu.

Consultatie

Het ontwerp van deze regeling is ter consultatie voorgelegd aan het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen (UvW), die een advies hebben uitgebracht.

De VNG reageerde positief op het voorstel en vroeg daarbij aandacht voor de gebruiksvriendelijkheid van DROP, de vindbaarheid van besluiten tot instelling van een gemeenschappelijke regeling en voor de vraag of naast de term instellingsbesluit ook wijzigings- intrekkings- en opheffingsbesluiten genoemd moeten worden.

De gebruiksvriendelijkheid van DROP heeft de aandacht, onderhavige regeling beoogt de gebruiksvriendelijkheid juist te verbeteren. Bij de inrichting van de systemen in het algemeen worden de adviezen gevolgd van de Gebruikersraad en de Licentieraad waarin de deelnemende bestuursorganen vertegenwoordigd zijn. De gemeenschappelijke regelingen zullen na de komende herziening van het publicatieportaal van de decentrale regelgeving ook getoond worden bij andere deelnemende gemeenten dan de gemeente die de regeling consolideert. Waar gesproken wordt over het verwerken van besluiten tot instelling van een gemeenschappelijke regeling impliceert dit mede besluiten die een gemeenschappelijke regeling wijzigen of intrekken.

Het IPO adviseerde positief en gaf daarbij in overweging om DROP op te nemen in de Generieke digitale infrastructuur (GDI). Deze suggestie zal worden meegenomen bij de verdere gedachtevorming ten aanzien van de GDI, maar heeft voor onderhavige regeling geen gevolgen.

De UvW adviseerde eveneens positief en maakte daarbij nog enkele technische opmerkingen, die zijn verwerkt.

Daarnaast is het ontwerp voor internetconsultatie opengesteld1. Via deze weg zijn vier reacties ontvangen. Het voorstel om te expliciteren dat ook een bedrijfsvoeringsorganisatie als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen een publicatieblad kan uitgeven, is in bijlage 4 bij de regeling verwerkt. Een aantal suggesties van de Nederlandse Melkveehouders Vakbond kon thans niet worden verwerkt, maar zullen worden betrokken bij de ontwikkeling van een volgende versie van DROP. Twee reacties van bedrijven die decentrale oeverheden bij hun publicaties adviseren, Klevant Groen Juridisch advies en Daadkracht BV, zijn zoveel mogelijk in de bijlagen en de toelichting verwerkt. Klevant Groen wees terecht op een discrepantie tussen de voorgestelde regeling en de systemen waarmee de Regeling wordt uitgevoerd. Enige suggesties van Daadkracht zullen eveneens worden betrokken bij de ontwikkeling van een volgende versie van DROP.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel I, onderdelen A en B

In de artikelen 1a en 2 van de Regeling worden de verwijzingen naar het IPM versie 0.4 geschrapt. In plaats daarvan worden de onderdelen hieruit die algemeen verbindend zijn opgenomen in de Regeling.

Artikel I, onderdeel C

Van de decentrale overheden kan niet worden verwacht dat zij alle reeds eerder beschikbaar gestelde geconsolideerde teksten aanpassen aan bijvoorbeeld de nieuwe regels over de wijze van consolideren en metadatering. Een dergelijke aanpassing vormt een te grote last. Daarom wordt in het nieuwe artikel 3 van de Regeling bepaald dat reeds beschikbaar gestelde geconsolideerde teksten beschikbaar kunnen worden gehouden overeenkomstig de regels die golden ten tijde van de eerste beschikbaarstelling. Mocht echter een algemeen verbindend voorschrift of een andere tekst ten onrechte niet zijn geconsolideerd, dan dient dat alsnog te gebeuren overeenkomstig de thans geldende regels. Met de thans geldende regels wordt immers een betere ontsluiting van geconsolideerde teksten bereikt. Artikel 3 is geen verbod op het aanpassen van de consolidatie aan de gewijzigde regeling. Ter verbetering van de ontsluiting is een aanvulling van de metadata of een andere presentatie van de geconsolideerde tekst overeenkomstig de gewijzigde regeling altijd mogelijk.

Artikel I, onderdelen D en E

Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om enkele redactionele wijzigingen in bijlage 1 en 2 bij de Regeling door te voeren. Deze worden daartoe opnieuw vastgesteld.

Artikel I, onderdeel F

Aan de Regeling worden twee nieuwe bijlagen toegevoegd.

In bijlage 3 zijn verplichtingen neergelegd aangaande de wijze van consolidatie. Zo is bepaald in welke gevallen decentrale overheden moeten consolideren en hoe de wijzigingen in algemeen verbindende voorschriften in de geconsolideerde versie moeten worden verwerkt. Daarnaast bevat de bijlage voorschriften over hoe om te gaan met algemeen verbindende voorschriften die komen te vervallen, hoe redactionele opmerkingen in de geconsolideerde tekst moeten worden weergegeven en in welke gevallen een toelichting onderdeel uitmaakt van het algemeen verbindend voorschrift en derhalve kan leiden tot een nieuwe geconsolideerde versie. Er zijn geen inhoudelijke wijzigingen beoogd ten opzichte van het IPM versie 0.4. De verplichtingen om bestaande en nieuwe algemeen verbindende voorschriften in geconsolideerde vorm op internet te ontsluiten bestaat sinds januari 2011 en deze verplichting wordt met deze regeling niet gewijzigd.

Wel berust sinds 1 januari 2015 de verplichting om een gemeenschappelijke regeling te consolideren bij een in de regeling of de wet aangewezen deelnemer. Voor zover andere deelnemers in hun collectie nog een geconsolideerde gemeenschappelijke regeling hebben opgenomen, kunnen zij hieraan de einddatum 1 januari 2015 meegegeven.

Bijlage 4 behelst verplichtingen ten aanzien van het opvoeren van gegevens over de te consolideren teksten. Deze zogenaamde metadata zijn van belang om publicaties van teksten te kunnen duiden en om de vindbaarheid van informatie te vergroten. De verplichtingen over de wijze waarop de metadatavelden worden ingevuld, moeten bewerkstelligen dat alle decentrale overheden de informatie over de gepubliceerde algemeen verbindende voorschriften op een uniforme wijze weergeven en op een centrale plaats ontsluiten, en dat deze informatie zo toegankelijk mogelijk aan burgers en professionals kan worden getoond. Voor een aantal gegevens is de mogelijkheid om de waarde “onbekend” in te vullen vervallen, omdat deze gegevens van belang zijn voor de kwaliteit van de aan de burgers en professionals getoonde informatie. Het betreft hier onder andere de bron bekendmaking, de aard van de wijziging en de verplicht in te vullen datum van inwerkingtreding en andere data.

Met betrekking tot in de consultatie gemaakte opmerkingen over bekendmaking op een tijdstip na de in het algemeen verbindende voorschrift opgenomen datum van inwerkingtreding is in bijlage 3 opgenomen dat als uitgangspunt geldt dat de inwerkingtreding plaats vindt na de bekendmaking. Dat volgt uit artikel 139, eerste lid, van de Gemeentewet en vergelijkbare bepalingen. Indien de bekendmaking van een algemeen verbindend voorschrift later plaats vind dan de in dat voorschrift genoemde datum van inwerkingtreding, wordt niet aan artikel 139, eerste lid, van de Gemeentewet voldaan. Wat dan geldend recht is, is uiteindelijk aan de rechter, waarbij moet worden geconstateerd dat eenduidige jurisprudentie op dit punt ontbreekt. In ieder geval geldt niet automatisch dat het voorschrift terugwerkt tot de in het voorschrift genoemde datum van inwerking. Daaraan staat artikel 139, eerste lid, Gemeentewet in de weg, hoewel niet uitgesloten kan worden dat een rechter bij een begunstigende bepaling zou kunnen oordelen dat in een concreet geval wel van die datum mag worden uitgegaan. Voor terugwerkende kracht is een uitdrukkelijke bepaling in het algemeen verbindende voorschrift noodzakelijk. Een veilige weg is uitgaan van inwerkingtreding de dag na de bekendmaking, waarbij in een redactionele opmerking wordt verantwoord dat dit de vroegst mogelijke datum van inwerkingtreding is. Vanzelfsprekend dienen bestuursorganen bij de vaststelling van algemeen verbindende voorschriften te zorgen dat een tijdige bekendmaking haalbaar is om zo interpretatieproblemen als hierboven beschreven te voorkomen.

In de consultatie zijn tevens opmerkingen gemaakt over de officiële naam in relatie tot het opschrift van een algemeen verbindend voorschrift. Uit de thans opgenomen bijlage 4 volgt dat het opschrift in beginsel de structuur moet hebben als hier voorgeschreven. Indien het opschrift anders luidt, dient de officiële naam alsnog in die structuur te worden aangepast. In die structuur dient dan niet als bestuursorgaan “de gemeenteraad” opgegeven te worden, maar de “de gemeenteraad van de gemeente X”.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk