Besluit opsporingsvergunning koolwaterstoffen L3, Ministerie van Economische Zaken

De Minister van Economische Zaken maakt bekend:

Op 1 september 2015 hebben Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. en ENGIE E&P Nederland B.V. een aanvraag ingediend ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet, voor het opsporen van koolwaterstoffen. De vergunningaanvraag betreft het opsporen van koolwaterstoffen in het blok L3, welk blok is aangegeven op de kaart, die als bijlage 3 is gevoegd bij de Mijnbouwregeling.

De Minister van Economische Zaken is bevoegd te beslissen op deze aanvraag.

Dit besluit doorloopt de uniforme openbare voorbereidingsprocedure overeenkomstig de Algemene wet bestuursrecht.

De Minister van Economische Zaken is voornemens de gevraagde opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen voor het blok L3 te verlenen aan Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. en ENGIE E&P Nederland B.V.

Op 12 mei 2016 legt de Minister de volgende documenten (met uitzondering van de vertrouwelijke bedrijfs- en fabricagegegevens en gegevens die betrekking hebben op de persoonlijke levenssfeer) ter inzage:

  • De aanvraag voor een opsporingsvergunning koolwaterstoffen L3,

  • het ontwerpbesluit,

  • het besluit,

  • de adviezen van Staatstoezicht op de Mijnen, TNO en de Mijnraad.

De stukken liggen met ingang van 12 mei 2016 tot en met 23 juni 2016 ter inzage in de centrale hal van het Ministerie van Economische Zaken, Bezuidenhoutseweg 73, te Den Haag.

Inzage is mogelijk op werkdagen tijdens kantooruren.

Tot en met 23 juni 2016 kan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag, tegen dit besluit beroep worden ingesteld door:

  • a. belanghebbenden die zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit;

  • b. de adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over het ontwerp van het besluit;

  • c. belanghebbenden die beroep willen instellen tegen wijzigingen die bij het nemen van het besluit ten opzichte van het ontwerp daarvan zijn aangebracht;

  • d. belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te hebben ingebracht tegen het ontwerp van het besluit.

Voor inlichtingen kunt u zich wenden tot mevrouw J.J. van Beek, tel: 070-379 63 26.

Naar boven