Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 3 mei 2016, nr. IENM/BSK-2016/49824, tot wijziging van de Tijdelijke regeling implementatie artikelen 8 en 14 Richtlijn energie-efficiëntie

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Gelet op de artikelen 2, onder 12 en 13, en 8, zesde lid, van richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG (PbEU 2012, L 315) en de artikelen 21.6, zesde lid, jo. 8.40, eerste lid, van de Wet milieubeheer;

BESLUIT:

ARTIKEL I

In artikel 1 van de Tijdelijke regeling implementatie artikelen 8 en 14 Richtlijn energie-efficiëntie worden in de alfabetische rangschikking de volgende begrippen met bijbehorende begripsomschrijvingen ingevoegd:

Europese norm:

norm als bedoeld in artikel 2, onder 12, van de richtlijn;

internationale norm:

norm als bedoeld in artikel 2, onder 13, van de richtlijn;.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, S.A.M. Dijksma

TOELICHTING

De Tijdelijke regeling implementatie artikelen 8 en 14 Richtlijn energie-efficiëntie (hierna: Tijdelijke regeling) implementeert onder meer de in artikel 8 van de richtlijn energie-efficiëntie opgenomen plicht om ondernemingen die niet behoren tot de categorie kleine en middelgrote ondernemingen een energie-audit te laten ondergaan. Van deze auditplicht is vrijgesteld degene die een onderneming drijft en die een energiebeheersysteem als bedoeld in de richtlijn toepast dat volgens Europese of internationale normen is gecertificeerd en dat een energie-audit omvat die voldoet aan de in de richtlijn opgenomen minimum-criteria.

Met de implementatie van de auditplicht zijn twee begripsbepalingen, te weten de begripsbepalingen Europese norm en internationale norm van de richtlijn energie-efficiëntie, ten onrechte niet opgenomen in artikel 1 van de Tijdelijke regeling dat de begripsbepalingen bevat. De begrippen Europese norm en internationale norm worden in de Tijdelijke regeling wel gebruikt, namelijk in artikel 3 dat de vrijstelling van de auditplicht regelt. Met de onderhavige regeling worden voornoemde begrippen alsnog geïmplementeerd in de Nederlandse regelgeving.

De administratieve lasten die gepaard gaan met de Tijdelijke regeling wijzigen als gevolg van de onderhavige regeling niet.

Aangezien de onderhavige regeling ziet op een verbetering van de implementatie van een EU-richtlijn is er gekozen voor een tijdstip van inwerkingtreding en een invoeringstermijn die afwijken van de in de Aanwijzingen voor de regelgeving opgenomen vaste verandermomenten en minimuminvoeringstermijn.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, S.A.M. Dijksma

Naar boven