Overwegingen ten aanzien van het besluit
Inleiding
Wij hebben twee schriftelijke aanvragen ontvangen voor het inrichten van een parkeerplaats invalide. Beide aanvragen voldoen aan de gebruikelijke eisen die de gemeente hieraan stelt.
Wettelijk en regelgevend kader
Wegenverkeerswet 1994, Besluit Administratieve Bepalingen inzake het wegverkeer en RVV. Artikel 15 WVW vormt de basis voor het nemen van verkeersbesluiten. Artikel 18 van deze wet regelt de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten. Hoofdstuk II van het BABW regelt de handelswijze voor de totstandkoming van een verkeersbesluit. Artikel 15 lid 1 behelst de plaatsing van verkeersborden. Artikel 8 van het BABW en artikel 67 van het RVV gaan over het plaatsen en aanbrengen van onderborden. In het RVV (Reglement Verkeerstekens Verkeersregels) van 1990 staan de verkeersborden specifiek omschreven.
Bevoegdheid
Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd om een verkeersbesluit te nemen.
Advisering
Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer heeft overleg plaatsgevonden met de verkeersadviseur van politie-eenheid Oost Nederland, district Twente. Hij bracht hierover een positief advies uit.
Motivering en belangen
ingevolge artikel 21 van het BABW is de verplichting opgenomen om verkeersbesluiten goed te motiveren. Tevens is in artikel 2 van de WVW 1994 de verplichting opgenomen belang(en) van het verkeersbesluit te noemen.
Doelstelling en belangen
De doelstelling van het besluit is gelegen in het (beter) reguleren van het verkeer. Met name voor invaliden. Het belang van het besluit is gelegen in het ‘in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid ervan’.
Beoordeling
De aanvragen voldoen aan de gebruikelijke eisen die de gemeente Twenterand hieraan stelt. Kopieën van rijbewijs, kentekenbewijs en gehandicaptenparkeerkaart, inclusief omschrijving of schets van de gewenste locatie, zijn bijgevoegd. In de “Uitgangspuntennotitie parkeerbeleid”, die door de gemeenteraad is vastgesteld op 11 september 2007, staan de belangrijkste voorwaarden voor het al dan niet toekennen van een parkeerplaats invalide omschreven. Daarnaast hanteert de gemeente al jaren de vaste gedragslijn dat uit moreel oogpunt vrijwel altijd aan een aanvraag om een parkeerplaats invalide tegemoet gekomen wordt. Een parkeerplaats invalide wordt alleen toegekend wanneer de bestuurder hiervoor een aanvraag indient. (Het gaat in beide gevallen om de bestuurder). Achterliggende gedachte is dat een invalide passagier door de gezonde bestuurder in de woning geholpen kan worden. Vervolgens kan de bestuurder de wijk in rijden om een parkeerplaats voor de auto te zoeken. In principe worden nu twee parkeerplaatsen aan het algemeen gebruik onttrokken. Het is echter niet onredelijk om van andere/gezonde weggebruikers te verlangen dat men desnoods enkele tientallen meters meer van- en naar de auto moet lopen. De zwakkeren in de samenleving moeten hier in bescherming genomen worden. Doorgaans hebben invalide mensen wat meer moeite om met de auto te manoeuvreren. De parkeerplaats aan de pres. Kennedystraat is daarom bewust aan het einde van een rij gelokaliseerd. De parkeerplaats aan Laagland is haaks op de rijbaan gesitueerd.
Uitvoering
Het inrichten van de parkeerplaatsen invalide gebeurt door de plaatsing van het bord RVV E6 (parkeerplaats invalide) inclusief onderbord met kentekenvermelding. Eén en ander conform de bij dit besluit behorende foto’s.
Eindconclusie.
De aanvragen om een parkeerplaats invalide voldoen aan de gebruikelijke voorwaarden. De veiligheid komt vanwege de gekozen situering niet in het geding. Er kan overgegaan worden tot inrichting van de twee parkeerplaatsen invalide.