Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
HoogeveenStaatscourant 2015, 48809Instelling gemeenschappelijke regelingen

GEMEENTE HOOGEVEEN

Logo Hoogeveen

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING ALESCON

HOOFDSTUK 1 : Begripsbepalingen

De colleges van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze, Assen, Hoogeveen, Midden-Drenthe, Tynaarlo en De Wolden, ieder voor hun eigen bevoegdheid,

overwegende,

dat het wenselijk is om de gemeenschappelijke regeling aan te passen vanwege onder andere wettelijke veranderingen, te weten:

  • -

    de wijziging van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) per 1-1-08, waarbij het mogelijk wordt gemaakt om alleen bevoegdheden van de colleges aan de regeling over te dragen;

  • -

    de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en de inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebestuur (Wdg);

  • -

    de wijziging van de Wgr per 1-1-2015, waarbij de wijzigingen in de bestaande regelingen per 1-1-2016 moeten zijn doorgevoerd.

b e s l u i t e n

de gemeenschappelijke regeling Alescon (gewijzigd) vast te stellen die als volgt komt te luiden.

Artikel 1.
  • 1.

    in deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:

    • a.

      de regeling: deze gemeenschappelijke regeling;

    • b.

      het samenwerkingsverband: het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2;

    • c.

      het bedrijf: het geheel van bedrijfsvoering en activiteiten dat in het kader van de verwezenlijking van de doelstelling als bedoeld in artikel 4 binnen en onder verantwoordelijkheid van het samenwerkingsverband wordt uitgeoefend;

    • d.

      de gemeenten: de gemeenten Aa en Hunze, Assen, Hoogeveen, Midden-Drenthe, Tynaarlo en De Wolden;

    • e.

      het algemeen bestuur: het algemeen bestuur als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

    • f.

      het dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

    • g.

      de voorzitter: de voorzitter als bedoeld in artikel 12 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

    • h.

      de algemeen directeur: de door het dagelijks bestuur aangestelde functionaris die belast is met de algehele leiding van het bedrijf;

    • i.

      gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van Drenthe;

    • j.

      de werknemers: natuurlijke personen die in een privaatrechtelijk of publiekrechtelijk dienstverband staan tot het samenwerkingsverband c.q. er gedetacheerd zijn;

    • k.

      college(s): het college of de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;

    • l.

      aja: arbeidsjaren;

    • m.

      bijdrage(n): de bijdragen van de gemeenten in de exploitatie van Alescon

voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening, bestaande uit de bijdragen van het rijk aan de gemeenten, aangevuld, indien nodig, met gemeentelijke bijdragen, al of niet gesplitst naar differentiatie in soort werkplekken, zodat de exploitatie op een kostendekkende wijze kan worden uitgevoerd. De rijkssubsidie en de eventuele gemeentelijke subsidie dienen uitsluitend om het opbrengstverlies te compenseren ten gevolge van de geringere arbeidsproductiviteit en de extra kosten die verband houden met het realiseren van aangepaste omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 5 van de Wet sociale werkvoorziening.

1.Waar in deze regeling artikelen van enige wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, treden in die artikelen, de gemeenschappelijke regeling, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter in de plaats van respectievelijk, de gemeente, de raad, het college en de burgemeester.

HOOFDSTUK 2 : Het openbaar lichaam

Artikel 2.
  • 1.

    Er is een openbaar lichaam, genaamd Alescon.

  • 2.

    Het openbaar lichaam is rechtspersoon en is statutair gevestigd in de gemeente Hoogeveen.

  • 3.

    Het werkgebied van het samenwerkingsverband omvat primair het grondgebied van de gemeenten.

Artikel 3.

[Vervallen]

HOOFDSTUK 3 : Doelstelling, activiteiten en bevoegdheden

Artikel 4.
  • 1.

    Het samenwerkingsverband heeft tot doelstelling, het bevorderen of uitvoeren van activiteiten welke gericht zijn op het creëren, bevorderen of in stand houden van werkgelegenheid voor natuurlijke personen die een afstand hebben tot de reguliere arbeidsmarkt.

    Voorts heeft het samenwerkingsverband tot doelstelling om natuurlijke personen (ongeacht de soort uitkering en/of wettelijke basis), door middel van persoonlijke begeleiding en ondersteuning (jobcoaching), te laten reïntegreren op de reguliere arbeidsmarkt, alles in de ruimste zin des woord.

  • 2.

    Het samenwerkingsverband onderneemt ter effectuering van de in lid 1 genoemde doelstelling onder meer de volgende activiteiten:

    • a.

      de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening voor de gemeenten;

    • b.

      in opdracht van of in samenwerking met de gemeenten en/of andere organisaties het uitvoeren van andere (wettelijke) regelingen in het kader van gesubsidieerde arbeid of anderszins regelingen welke dienstbaar kunnen zijn aan de doelstelling genoemd in lid 1 van dit artikel;

    • c.

      het bevorderen van reïntegratie van natuurlijke personen, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, in de reguliere arbeidsmarkt of in de gesubsidieerde arbeidsmarkt buiten Alescon door het aanbieden van arbeid en werkgerelateerde begeleiding, alles in de ruimste zin des woords;

    • d.

      het ontplooien van bedrijfsactiviteiten in uiteenlopende branches gericht op het effectueren van de werkgelegenheidsdoelstelling als bedoeld in lid 1 van dit artikel;

    • e.

      het deelnemen in privaatrechtelijke rechtspersonen gericht op het doen realiseren van werkgelegenheid voor natuurlijke personen als bedoeld in lid 1 van dit artikel;

    • f.

      samenwerking met organisaties en/of ondernemingen welke dienstbaar kunnen zijn voor de effectuering van de doelstelling als bedoeld in lid 1 van dit artikel;

    • g.

      alle overige activiteiten welke dienstbaar kunnen zijn aan de doelstelling als bedoeld in lid 1 van dit artikel, waaronder het aanbieden van stageplaatsen werk-/leerplekken en sociaal-maatschappelijke activeringtrajecten.

Artikel 5.
  • 1.

    Voor de uitvoering van de activiteiten in het kader van de Wet sociale werkvoorziening dragen de colleges van de gemeenten Aa en Hunze, Assen, Hoogeveen, Midden-Drenthe en Tynaarlo al hun bevoegdheden en verplichtingen uit die wet over aan het samenwerkingsverband.

  • 2.

    Overeenkomstig artikel 1 lid 2 van de Wet sociale werkvoorziening treedt het bestuur van het samenwerkingsverband in de plaats van de betrokken collegeszoals genoemd onder lid 1.

  • 3.

    De gemeente De Wolden neemt deel aan het samenwerkingsverband zonder bevoegdheden en verplichtingen uit de Wet sociale werkvoorziening over te dragen aan het samenwerkingsverband.

Artikel 6.

[Vervallen]

HOOFDSTUK 4 : Algemeen Bestuur

Artikel 7.
  • 1.

    De colleges wijzen ieder twee leden uit hun midden aan als vertegenwoordiger van de gemeente in het algemeen bestuur.

  • 2.

    De vergaderingen van het algemeen bestuur worden bijgewoond door de algemeen directeur. De algemeen directeur heeft een adviserende stem.

Artikel 8.

Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met het werknemerschap bij het samenwerkingsverband.

Artikel 9.

[Vervallen]

Artikel 10.
  • 1.

    Het collegevan een gemeente kan een door hem aangewezen lid van het algemeen bestuur ontslag verlenen als deze het vertrouwen van het collegeniet meer bezit.

  • 2.

    Het lidmaatschap eindigt op de dag waarop het ontslagbesluit als bedoeld in het vorige lid is genomen.

Artikel 11.

Het algemeen bestuur vergadert tenminste 2 maal per jaar en voorts zo dikwijls als de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig oordeelt, of indien tenminste één derde gedeelte van het aantal leden van het algemeen bestuur dit, onder opgaaf van redenen, schriftelijk verzoekt.

Artikel 12.
  • 1.

    Elk lid van het algemeen bestuur heeft één stem.

  • 2.

    Besluiten in een vergadering van het algemeen bestuur worden genomen met meerderheid van stemmen. Niet uitgebrachte stemmen worden hierbij niet mee geteld.

  • 3.

    Besluiten in een vergadering kunnen slechts genomen worden indien tweederde gedeelte van het aantal leden van het algemeen bestuur aanwezig is of aan het begin van de vergadering aanwezig was.

  • 4.

    Indien het onder lid 3 bedoelde besluitvormingsquorum niet aanwezig is, heeft de voorzitter de bevoegdheid een nieuwe vergadering van het algemeen bestuur bijeen te roepen, tenminste vijf werkdagen na de datum van verzending van de oproeping voor deze nieuwe vergadering; deze oproeping geschiedt schriftelijk en middels aangetekende post. In een op deze wijze bijeengeroepen vergadering worden besluiten genomen ongeacht het aantal aanwezige leden van het algemeen bestuur.

Artikel 13.
  • 1.

    Elk lid van het algemeen bestuur is aan het college van de gemeente die hem heeft aangewezen, verantwoording verschuldigd voor het door hem in het algemeen bestuur gevoerde beleid.

  • 2.

    Hij geeft het collegevan de gemeente de door één of meer leden gevraagde inlichtingen.

  • 3.

    Bij het afleggen van verantwoording en het verstrekken van inlichtingen aan een raad of een lid van een raad is het reglement van orde van die raad van toepassing.

Artikel 14-15A.

[Vervallen]

Artikel 16.

Het algemeen bestuur wijst de ombudscommissie van de gemeente Hoogeveen aan als organisatie belast met de onafhankelijke behandeling van klachten als in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 17-18.

[Vervallen]

Artikel 18a.
  • 1.

    Het algemeen bestuur kan een commissie instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen.

  • 2.

    Het algemeen bestuur regelt de bevoegdheden en de samenstelling van de door hem ingestelde commissies.

HOOFDSTUK 5 : Dagelijks Bestuur

Artikel 19.
  • 1.

    Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en vijf leden.

  • 2.

    Het dagelijks bestuur benoemt uit zijn midden een een secretaris.

  • 3.

    De vergaderingen van het dagelijks bestuur worden bijgewoond door de algemeen directeur. De algemeen directeur heeft een adviserende stem.

Artikel 20.
  • 1.

    Indien tussentijds een plaats in het dagelijks bestuur vrijvalt, wijst het algemeen bestuur binnen twee maanden een nieuw lid aan.

  • 2.

    Gaat het openvallen van een plaats in het dagelijks bestuur gepaard met het openvallen van een plaats in het algemeen bestuur, dan vindt aanwijzing eerst plaats, nadat in de plaats in het algemeen bestuur opnieuw is voorzien, tenzij deze benoeming meer dan 3 maanden zou uitblijven.

  • 3.

    Indien langdurige verhindering of ontstentenis van een lid van het dagelijks bestuur verwacht wordt, kan het algemeen bestuur op verzoek van het dagelijks bestuur in diens tijdelijke vervanging voorzien.

  • 4.

    Het tijdelijk benoemde lid treedt als zodanig af zodra degene die hij vervangt, de uitoefening van zijn taak hervat.

Artikel 21.

De leden van het dagelijks bestuur treden af op de dag van aftreden van het algemeen bestuur.

Artikel 22.
  • 1.

    Het dagelijks bestuur vergadert zo vaak als de voorzitter of tenminste twee leden van het dagelijks bestuur nodig achten.

  • 2.

    Elk lid van het dagelijks bestuur heeft in de vergadering van het dagelijks bestuur één stem.

  • 3.

    Besluiten in een vergadering van het dagelijks bestuur worden genomen met meerderheid van stemmen. Niet uitgebrachte stemmen worden hierbij niet mee geteld.

  • 4.

    Besluiten in een vergadering kunnen slechts genomen worden indien tweederde gedeelte van het aantal leden van het dagelijks bestuur aanwezig zijn of aan het begin van de vergadering aanwezig waren.

  • 5.

    Indien het onder lid 4 bedoelde besluitvormingsquorum niet van toepassing is, heeft de voorzitter de bevoegdheid een nieuwe vergadering van het dagelijks bestuur bijeen te roepen, tenminste vijf werkdagen na de datum van verzending van de oproeping voor deze nieuwe vergadering; deze oproeping geschiedt schriftelijk en middels aangetekende post. In een op deze wijze bijeengeroepen vergadering worden besluiten genomen ongeacht het aantal aanwezige leden van het dagelijks bestuur

Artikel 23.

De stukken die van het algemeen en het dagelijks bestuur uitgaan, worden door de voorzitter en de secretaris ondertekend.

Artikel 24.

[Vervallen]

HOOFDSTUK 6 : De voorzitter

Artikel 25

Het algemeen bestuur wijst in de eerste vergadering van elke zittingsperiode uit zijn midden de voorzitter aan.

Artikel 26

[Vervallen]

Artikel 27.

De voorzitter is belast met het leiden van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur. Hij zorgt voor de handhaving van de orde in de vergaderingen.

Artikel 28.

Indien de voorzitter behoort tot het bestuur van een gemeente die partij is in een geding waarbij het samenwerkingsverband is betrokken, vertegenwoordigt een ander, door het dagelijks bestuur uit zijn midden aan te wijzen lid, het samenwerkingsverband.

Artikel 29.

[Vervallen]

HOOFDSTUK 7 : Organisatie

Artikel 30-32a.

[Vervallen]

HOOFDSTUK 8 : Begroting en jaarrekening

Artikel 33.
  • 1.

    Het dagelijks bestuur zendt de kadernota voor 1 februari aan de deelnemers.

  • 2.

    Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting voor 1 mei aan de deelnemers.

Artikel 34.

[Vervallen]

Artikel 35.
  • 1.

    Jaarlijks komen de gemeenten en het samenwerkingsverband een bijdrage overeen voor de uit te voeren werkzaamheden in het kader van de Wsw. Dit is gerelateerd aan een bedrag per aja en is nader uitgewerkt in de raamovereenkomst en de uitvoeringsovereenkomst.

  • 1.

    In de begroting wordt een overzicht opgenomen van de per gemeente te begroten financiële bijdrage voor het jaar waarop de begroting betrekking heeft.

Artikel 36.
  • 1.

    Batige saldi van de verlies- en winstrekening worden toegevoegd aan de Algemene Bedrijfsreserve tot een maximum van 10% van de bruto-omzet van het samenwerkingsverband.

  • 2.

    Nadelige saldi van de verlies- en winstrekening worden gedekt uit de Algemene Bedrijfsreserve.

  • 3.

    De gemeenten verplichten zich tot een financiële bijdrage aan het samenwerkingsverband ter dekking van de kosten welke niet door de rijksbijdrage die de gemeente ontvangt en de netto-opbrengsten uit de bedrijfsuitoefening worden gedekt. Deze verrekening vindt plaats op basis van het aantal aja per gemeente.

  • 4.

    Indien de Algemene Bedrijfsreserve een voldoende omvang heeft bereikt dat de continuïteit van het bedrijf op langere termijn gewaarborgd is, worden de batige saldi van de verlies- en winstrekening in mindering gebracht op de overeengekomen bijdrage als vermeld in artikel 35 lid 1.

  • 5.

    De omvang van de Algemene Bedrijfsreserve als bedoeld in lid 4 wordt bepaald door het Algemeen Bestuur en wordt vastgelegd in de raamovereenkomst.

  • 6.

    Indien de Algemene Bedrijfsreserve is uitgeput verbinden de gemeenten zich de nadelige saldi van de verlies- en winstrekening aan het samenwerkingsverband te vergoeden overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 lid 2. Deze verrekening vindt plaats op basis van het aantal aja per gemeente.

  • 7.

    De gemeenten zullen er voor zorgdragen dat het samenwerkingsverband te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.

HOOFDSTUK 9 : Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Artikel 37.
  • 1.

    Toetreding, door een niet bij de regeling deelnemende gemeente kan plaatsvinden bij een besluit van het college, indien tenminste tweederde van het aantal colleges zich daarvoor hebben verklaard.

  • 2.

    Het algemeen bestuur regelt de gevolgen en kan aan de toelating voorwaarden verbinden.

  • 3.

    De toetreding gaat in op de eerste dag van de maand volgende op die waarin de toetreding wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

  • 4.

    Na toetreding wijst het college van de toetredende gemeente het lid en het plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur aan.

Artikel 38.
  • 1.

    Een gemeente kan uittreden uit de regeling door een daartoe strekkend besluit van het college.

  • 2.

    Het algemeen bestuur regelt binnen een periode van 6 maanden de financiële gevolgen en de overige gevolgen van de uittreding.

  • 3.

    Uittreding kan niet plaatsvinden gedurende de eerste vijf jaren na de inwerkingtreding van deze regeling of na de toetreding.

  • 4.

    Uittreding vindt plaats op 1 januari na de datum waarop de uitschrijving uit de registers als bedoeld in artikel 27 van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft plaatsgevonden, doch niet eerder dan twee jaren nadat het college van de betreffende gemeente, na verkregen toestemming van de raad, het besluit heeft genomen en is gepubliceerd in de Staatscourant.

Artikel 39.
  • 1.

    Het dagelijks bestuur en de collegesvan de gemeenten kunnen aan het algemeen bestuur voorstellen doen tot wijziging van de regeling.

  • 2.

    Indien het algemeen bestuur wijziging van de regeling wenselijk acht, doet het dagelijks bestuur een daartoe strekkend voorstel toekomen aan de colleges van de gemeenten.

  • 3.

    Een wijziging is tot stand gekomen wanneer:

    • a.

      het algemeen bestuur zich daarvoor heeft verklaard en

    • b.

      tweederde van het aantal colleges, na verkregen toestemming van de raden zich daarvoor hebben verklaard.

  • 1.

    De wijziging gaat in op de eerste dag na de publicatie in de Staatscourant of op een daarna in het besluit aangegeven tijdstip.

Artikel 40.
  • 1.

    De regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende besluiten van tenminste 2/3 van het aantal deelnemers.

  • 2.

    In geval van opheffing van de regeling regelt het algemeen bestuur de financiële gevolgen, alsmede de overige gevolgen daarvan bij een liquidatieplan. De bepalingen van de regeling blijven daarbij zoveel als mogelijk is, van kracht.

  • 3.

    Het liquidatieplan wordt niet vastgesteld dan nadat de colleges van de gemeenten zijn gehoord.

  • 4.

    In het liquidatieplan zijn bepalingen opgenomen omtrent de vereffening van het vermogen van het samenwerkingsverband naar de gemeenten toe. Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen die de opheffing heeft voor de werknemers en de archieven.

  • 5.

    De organen van het samenwerkingsverband blijven zo nodig, na het tijdstip van de opheffing van de regeling in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

HOOFDSTUK 10 : Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 41.
  • 1.

    Deze regeling treedt in werking op 1 december 1999 en wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

  • 2.

    De bepalingen van de regelingen van Howerco, Cewaco en Oostermoer blijven van kracht indien en voor zover dit noodzakelijk blijkt voor de afwikkeling van de overdrachten als bedoeld in dit artikel.

Artikel 42.
  • 1.

    Zo spoedig mogelijk na de vaststelling en goedkeuring van deze regeling wijzen de gemeenten de leden aan voor het algemeen bestuur als bedoeld in artikel 7 van deze regeling.

  • 2.

    De bestuursorganen van het samenwerkingsverband vangen met de uitoefening van hun taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden aan op 1 januari 2000.

Artikel 43.
  • 1.

    De in artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen voorgeschreven toezending van de regeling aan gedeputeerde staten zal geschieden door het college van Hoogeveen.

  • 2.

    Deze regeling kan worden aangehaald als gemeenschappelijke regeling voor Alescon.

Aldus besloten door de gemeenteraden en de colleges van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze, Assen, Hoogeveen, Midden-Drenthe, De Wolden en Tynaarlo, ieder voor hun eigen bevoegdheid.

Het voorbereidingsbestuur van Alescon,

J.M.M. Polman, G.D. Renkema, W. van der Zwaag,

gemeente Aa en Hunze gemeente Assen gemeente Hoogeveen

T.Hilberts, A. Damming, H. Kosmeijer,

gemeente Midden-Drenthe gemeente De Wolden gemeente Tynaarlo.

De Gemeenschappelijke Regeling werd gewijzigd vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van Alescon op 23 september 2005 (1e wijziging).

De Gemeenschappelijke regeling werd gewijzigd vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 23 november 2006 (2e wijziging).

De Gemeenschappelijke regeling werd gewijzigd vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 11 december 2008 (3e wijziging) te Hoogeveen.

De Gemeenschappelijke regeling werd gewijzigd vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 18 december 2015 (4e wijziging).

A.Smit, M.S. Pauwels-Paauw,

secretaris voorzitter