Besluit van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 16 december 2015, kenmerk 889356-145649-DMO, houdende verlening van mandaat en machtiging aan de voorzitter van de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank ter uitvoering van de Uitkeringsregeling backpay alsmede aanwijzing van de Sociale verzekeringsbank als uitvoeringsorganisatie bedoeld in artikel 1 onder b van de Uitkeringsregeling backpay (Mandaat- en aanwijzingsbesluit Uitkeringsregeling backpay)

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1, onder b, van de Uitkeringsregeling backpay;

Gelezen de brief van 16 december 2015 van de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank, waarin de instemming, bedoeld in artikel 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht, is vervat en het besluit d.d. 16 december 2015 van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waarin de goedkeuring, bedoeld in artikel 8, Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, is vervat;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. minister:

Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

b. mandaat:

bevoegdheid om in naam van de minister besluiten te nemen;

c. machtiging:

bevoegdheid om in naam van de minister handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;

d. Sociale verzekeringsbank:

De Sociale verzekeringsbank, genoemd in Hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisaties werk en inkomen;

voorzitter:

voorzitter van de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank;

f. uitkeringsregeling:

Uitkeringsregeling backpay.

Artikel 2

Als uitvoeringsorganisatie, bedoeld in artikel 1, onder b, van de uitkeringsregeling, wordt aangewezen de Sociale verzekeringsbank.

Artikel 3

De voorzitter wordt mandaat verleend tot:

  • a. het nemen van besluiten met betrekking tot het verstrekken van backpay, bedoeld in artikel 1, onder c, van de uitkeringsregeling;

  • b. het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld onder a, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen.

Artikel 4

  • 1. De voorzitter is gemachtigd tot het verrichten van alle feitelijke handelingen en het afdoen van alle stukken die betrekking hebben op de besluiten en beslissingen bedoeld in artikel 3.

  • 2. De voorzitter is gemachtigd ten aanzien van verweer- en beroepschriften in administratiefrechtelijke procedures, ten behoeve van het vertegenwoordigen van de minister in deze procedures en tot het afdoen van alle stukken en het verrichten van alle feitelijke handelingen die daarop betrekking hebben.

Artikel 5

  • 1. De voorzitter heeft mandaat en machtiging voor het toepassen van de hardheidsclausule, bedoeld in artikel 8 van de uitkeringsregeling.

  • 2. De voorzitter is gemachtigd tot het vaststellen van beleidsregels ten aanzien van de uitvoering van de Uitkeringsregeling.

Artikel 6

De voorzitter kan ondermandaat en machtiging verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen tot het geheel of gedeeltelijk uitoefenen van zijn op grond van de artikelen 3 en 4 toegekende bevoegdheden.

Artikel 7

De ondertekening van besluiten en stukken op grond van mandaat of machtiging vindt plaats op de volgende wijze:

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

namens deze,

gevolgd door handtekening en naam, functie en afdeling.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van afgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 9

Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaat- en aanwijzingsbesluit Uitkeringsregeling backpay.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. van Rijn

TOELICHTING

Met dit besluit is geregeld dat de voorzitter van de Raad van Bestuur van de Sociale verzekeringsbank (SVB) namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besluiten kan nemen en feitelijke handelingen kan verrichten die nodig zijn om backpay uit te keren krachtens de Uitkeringsregeling backpay. Tevens wordt in dit besluit de SVB aangewezen als uitvoeringsorganisatie, bedoeld in artikel 1 sub b, van de Uitkeringsregeling backpay. Het onderhavige besluit en de Uitkeringsregeling backpay treden beide in werking op de dag na publicatie in de Staatscourant.

Gelet op het feit dat er sprake is van een mandaatverlening aan een niet-ondergeschikte als bedoeld in artikel 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht, behoeft de mandaatverlening de schriftelijke instemming van de gemandateerde en degene onder wiens verantwoordelijkheid hij werkt. De schriftelijke instemming van de SVB blijkt uit de brief d.d. 16 december 2015. Voorts blijkt uit het besluit d.d. 16 december 2015 dat de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn goedkeuring aan de instemming heeft verleend, overeenkomstig artikel 8 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. van Rijn

Naar boven