De Staatssecretaris van Economische Zaken,
Gelet op de artikel 38, tweede lid, en 43 van de Meststoffenwet in samenhang met artikel
3:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
Maakt bekend:
In het vijfde actieprogramma Nitraatrichtlijn is door Nederland aangegeven dat er
grenzen zijn aan de milieuresultaten die nog kunnen worden geboekt met het bestaande,
generieke maatregelenpakket. Deze generieke maatregelen doen niet altijd recht aan
specifieke omstandigheden op bedrijfsniveau of aan de zeer diverse regionale omstandigheden
van bodem- en watersystemen en de belasting van milieu vanuit andere bronnen, zoals
rioolwaterzuiveringsinstallaties en industrie. De situatie komt op het punt dat het
onverkort opleggen van generieke maatregelen aan het landbouwbedrijfsleven als geheel
te weinig winst in termen van milieukwaliteit oplevert in verhouding tot de last voor
het bedrijfsleven.
In het door de Limburgse Land- en Tuinbouw Bond (LLTB), DLV Plant en enkele akkerbouwers
en melkveehouders geïnitieerde project ‘Slim Bemesten’ wordt volgens het projectplan
de ontwikkeling van ’een eenvoudig, betrouwbaar en door de overheid erkend systeem’
onderzocht ‘waarmee ‘akkerbouwers en melkveehouders voldoen aan de Nitraatrichtlijn
(<50 mg /l nitraat in bodemvocht). Binnen dit systeem kan afgeweken worden van de
generieke gebruiksnormen, zodat op maat kan worden bemest.’ Voor de overheid is het
hierbij van belang dat het systeem niet alleen bijdraagt aan het behalen van de doelen
van de Nitraatrichtlijn, maar ook dat afwenteling naar andere milieucompartimenten
wordt voorkomen. Daarnaast is het voor de overheid van belang dat het systeem goed
te borgen is zonder dat de uitvoerings- en handhavingslasten van de overheid toenemen.
In het project zal de veronderstelde milieuneutraliteit worden getoetst, zal ervaring
opgedaan worden met borging en handhaving van een dergelijk bedrijfsspecifiek systeem
en zullen de juridische en praktische mogelijkheden voor een eventuele wettelijke
verankering worden verkend. De projectleiding zal zorgdragen voor de wetenschappelijke
kwaliteit van het onderzoek.
Voor de deelnemers wordt gedurende het onderzoek elk jaar een bedrijfsspecifieke stikstofgebruiksnorm
bepaald en wordt jaarlijks voor elke deelnemer een te volgen actieplan opgesteld.
Doordat wordt afgeweken van de wettelijke gebruiksnormen zijn ontheffingen van de
stikstofgebruiksnormen nodig. Het gaat hier om ontheffingsaanvragen van de stikstoftotaalgebruiksnormen
voor maximaal 25 bedrijven.
De Staatssecretaris van Economische Zaken is voornemens de gevraagde ontheffingen,
onder voorwaarden, tot 1 januari 2019 te verlenen aan deelnemende bedrijven.
Gedurende zes weken na dagtekening van deze Staatscourant kunnen het ontwerp van de
ontheffingen en de daarop betrekking hebbende stukken tijdens kantoortijden worden
ingezien bij de receptie van het Ministerie van Economische Zaken, Bezuidenhoutseweg
73 te Den Haag.
Gedurende dezelfde termijn kan eenieder zijn zienswijze met betrekking tot de ontwerpontheffing
mondeling of schriftelijk kenbaar maken. Schriftelijke zienswijzen kunnen worden gericht
aan:
De Staatssecretaris van Economische Zaken, Directie Plantaardige Agroketens en Voedselkwaliteit,
Postbus 20401, 2500 EK Den Haag, onder vermelding van ‘Ontheffingen pilot ‘Slim Bemesten’.
Voor nadere inlichtingen over de procedure of voor het maken van een afspraak als
u een zienswijze mondeling kenbaar wilt maken, neemt u contact op met het secretariaat
van het Programma mest via telefoonnummer (070) 3798952.